Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Advertorial Yacht

Wendbaarheid bepalend voor concurrentiekracht  

Yacht, detacheerder van hoger opgeleide professionals, heeft een heldere visie op de wereld van werken. Een wereld waarin organisaties vernieuwingen steeds sneller willen implementeren om hun concurrentiepositie te versterken en waarin arbeidsmobiliteit toeneemt. “Wendbaarheid wordt cruciaal voor organisaties”, stelt Peter Hulsbos, directeur van Yacht.

 

Juist de economische crisis heeft duidelijk gemaakt hoe kwetsbaar bedrijven zijn. “We zien het als onze verantwoordelijkheid om organisaties te helpen succesvol te zijn in een veranderende wereld van werken”, verklaart Peter Hulsbos. “Niet alleen deze economische neergang, maar juist ook langetermijnontwikkelingen, hebben we aangegrepen om de wereld van werk, de arbeidsmarkt van de toekomst en onze rol daarin eens goed te analyseren.”

Wendbaarheid

Het belangrijkste resultaat van die analyse is het besef dat wendbaarheid voor organisaties in de naaste toekomst een kritische succesfactor wordt. Hulsbos heeft daar twee argumenten voor. “Door de toenemende internationale concurrentie, onder meer veroorzaakt door het alomtegenwoordige internet, zullen organisaties voortdurend naar concurrentievoordeel moeten zoeken”, begint hij. “Cruciaal voor de innovatiekracht van organisaties is de beschikbaarheid van relevante kennis. Maar kennis is dynamisch, verandert voortdurend en veroudert. Het in huis halen, houden en ontwikkelen van kennis is echter kostbaar. Voor bedrijven en organisaties is het dan ook steeds minder logisch om zelf specialisten in dienst te houden. In plaats daarvan zullen zij zoeken naar mogelijkheden om steeds op het juiste moment de juiste kennis aan te trekken.”
Die ontwikkeling past naadloos bij Hulsbos’ tweede argument voor grotere wendbaarheid: veranderingen op de arbeidsmarkt. “Vooral onder hoger opgeleiden verandert het arbeidsethos”, legt hij uit. “Zij hebben behoefte aan meer balans tussen werk en privé, aan meer flexibiliteit, en zijn dus minder geïnteresseerd in een vast dienstverband. Illustratief daarvoor is de enorme groei van het aantal zzp’ers de laatste jaren.”
De twee ontwikkelingen leiden er volgens Hulsbos toe dat de rol van organisaties als werkgever gaat veranderen. “Zowel organisaties als hoger opgeleiden hebben behoefte aan dynamische relaties. Organisaties zullen dan ook steeds minder werkgever zijn, maar in toenemende mate ‘projectgever’. Afhankelijk van de specifieke behoefte zullen zij voor de duur van een project de benodigde expertise inhuren.” Een voorwaarde om innoverend en daardoor concurrerend te kunnen zijn, wordt voor veel organisaties dan ook het vermogen om op het juiste moment de juiste kennis beschikbaar te hebben. “Maar kennis zal, zeker op een aantal specifieke vakgebieden, onder andere door de gevolgen van ontgroening en vergrijzing, schaars worden. Juist daarom verwacht ik dat Yacht een belangrijke rol kan spelen in die nieuwe arbeidsmarktdynamiek.”

Portalfunctie

Voor de hoog opgeleide professionals die bij Yacht in dienst zijn, is die rol natuurlijk duidelijk. Dankzij Yachts intensieve contacten met aantrekkelijke opdrachtgevers kunnen zij bijdragen leveren aan innoverende projecten. Maar hoe zit het met zzp’ers en freelancers, die toch bewust voor het zelfstandig ondernemerschap hebben gekozen? Hulsbos: “Ook zzp’ers zijn welkom bij ons. Wij denken bovendien ook voor hen aantrekkelijk te zijn, omdat we ze faciliteiten kunnen bieden. Het belangrijkste is echter dat Yacht voor hen als portal kan fungeren.” Hulsbos bedoelt hiermee dat Yacht een veel grotere actieradius heeft dan een individuele zzp’er en dus een groter scala aan interessante en passende opdrachten kan bieden. Daarmee is de kans groter dat professionals betrokken raken bij projecten die optimaal bij hen passen.
Dat mes snijdt aan twee kanten. Want hoewel organisaties natuurlijk zelf de benodigde kennis en expertise kunnen zoeken, biedt Yacht als tussenpersoon belangrijke voordelen. “Wij hebben een groot arsenaal aan goed opgeleide en ervaren professionals. Bovendien kunnen wij voor de juiste match zorgen. Het is een complexe vaardigheid om de juiste professional op het juiste moment beschikbaar te hebben, maar het is onze meerwaarde dat we dit beheersen.”

Yacht Academy

Kennis en ervaring zijn belangrijk en vragen voortdurend om verversing. Dat geldt ook voor het werven en matchen van professionals. “We hebben dan ook onze eigen organisatie op dat punt weer eens onder de loep genomen”, vertelt Hulsbos. “Dat heeft geleid tot herinrichting van ons recruitmentcentrum. In deze markt zijn persoonlijke contacten altijd belangrijk geweest. Want professionals zoeken elkaar op en willen samenwerken met gekwalificeerde collega’s die ze kennen en vertrouwen. Yacht zorgt ervoor die contacten te kennen en deel uit te maken van de sociale netwerken van die professionals.”
Een belangrijk aspect is daarbij de aantrekkingskracht van Yacht. Een belangrijk ijzer in het vuur is daarvoor als vanouds de Yacht Academy, die de kennis van de interimprofessionals op de vakgebieden waarin Yacht opereert (HRM, ICT, finance, legal, technology, bouwkunde, civiele techniek & ruimtelijke ontwikkeling, marketing & communicatie en logistics) up-to-date houdt. “De medewerkers van onze Academy volgen de ontwikkelingen in de vakgebieden en branches op de voet. Van hieruit kunnen zij onze interimprofessionals adviseren over de opleidingsmogelijkheden om voorop te blijven lopen in het vakgebied.”

Yacht

Diemermere 25, 1112 TC Diemen
Telefoon: (020) 519 77 77
Fax: (020) 519 79 50
E-mail: [email protected]
www.yacht.nl
 

Met €100 miljoen wil betonrecycler SL Materials zijn duurzame betonproductie flink opschalen

Betonrecycler SL Materials scoort 100 miljoen euro om op te schalen. De technologie om betonpuin te recyclen tot hoogwaardig nieuw beton staat. Nu de hervorming van de bouwsector nog, zegt cco Sven Hiskemuller van der Zijden. ‘Als de regels veranderen, kan ons beton nóg duurzamer.’

SL Materials
In Zaandam wordt een paar honderd duizend ton betonpuin per jaar gerecycled. Foto: SL Materials

In Zaandam staat een fabriek die de bouwsector radicaal duurzamer kan maken. SL Materials − voorheen Urban Mine − reduceert daar betonpuin tot de oorspronkelijke ingrediënten: zand, grind en cement. Van deze grondstoffen kan nieuw beton gemaakt worden. Dat kan tot 80 procent CO2-besparing opleveren ten opzichte van gangbaar beton, belooft de scaleup.

Dat komt goed uit, want de bouwsector is een van de vervuilendste industrieën ter wereld. Vooral bij het verhitten van kalksteen tot klinker komt veel CO2 vrij. De Nederlandse bouwsector heeft weliswaar ambitieuze doelen voor verduurzaming, maar vorig jaar werd nog geen 15 procent van het sloopbeton gerecycled tot nieuw beton.

100 miljoen voor circulair beton

SL Materials, voortgekomen uit familiebedrijf Rutte Groep, heeft zijn technologie voor betonrecycling de afgelopen tien jaar ontwikkeld en geperfectioneerd. De ‘SL’ slaat op ‘Smart Liberator’, de naam van de machine waarmee het bedrijf zand, grind en cement uit betonpuin filtert. In Zaandam wordt op die manier een paar honderdduizend ton puin per jaar gerecycled.

Maar zo goed als de technologie werkt, zo langzaam gaat het opschalen ervan. SL Materials wil wel uitbreiden, maar de strenge stikstofnormen en het overvolle stroomnet gooien roet in het eten, zegt commercieel directeur Sven Hiskemuller van der Zijden. ‘Wij zijn een schoolvoorbeeld van die problemen in de praktijk. We hebben wel een dak vol zonnepanelen, maar de opwek daarvan is niet genoeg om in onze hele stroomvraag te voorzien.’

Toch gaat de opschaling er nu komen. Over een aantal maanden moet de bouw van een nieuwe fabriek beginnen, op een locatie die al een stikstofvergunning heeft. Daarnaast komt er een productiefaciliteit in het Verenigd Koninkrijk, waar SL Materials veel potentie ziet.

Maar zo goed als de technologie van SL Materials werkt, zo langzaam gaat het opschalen ervan, zegt cco Sven Hiskemuller van der Zijden. Foto: SL Materials

Een nieuwe financieringsronde maakt dat mede mogelijk. Het ABN AMRO Sustainable Impact Fund en de Britse verzekeraar Aviva steken samen 100 miljoen euro in SL Materials. Die miljoenen worden uitgekeerd op basis van prestaties. ‘En als we meer geld nodig hebben voor opschaling, is die mogelijkheid er ook’, zegt Hiskemuller.

Sneller opschalen in VK

De financiering van het Britse Aviva is geen toeval. SL Materials verwacht in het VK veel sneller te kunnen opschalen dan in Nederland, zegt Hiskemuller. Dat heeft alles te maken met de tegenwerking die hij hier ervaart. ‘In Nederland bepaalt de markt in grote mate de normen en richtlijnen rondom beton. Dat kan innovatie behoorlijk in de weg staan. Natuurlijk is het goed dat er strenge kwaliteitseisen zijn, maar niet dat die bepaald worden door vertegenwoordigers van grote marktpartijen. Dat is alsof je Shell en BP laat bepalen wat een duurzame brandstof is.’

Keurmerk Komo, waar Hiskemuller op doelt, ontkent dat het verduurzaming bewust zou tegenhouden om de gevestigde belangen te dienen. ‘De techniek van SL Materials is mooi en ze zijn er bijna, maar er is nog iets meer onderbouwing nodig dat het ook echt tegen dwarskrachten bestand is’, zei Edwin Vermeulen, voorzitter van het college van deskundigen van Komo, onlangs tegen de Volkskrant.

SL Materials weerspreekt dat en wijst als bewijs voor zijn prestaties naar onderzoek van Rijkswaterstaat en TU Delft.

Strengere duurzaamheidseisen voor gebouwen

Naast het Verenigd Koninkrijk wil SL Materials op termijn ook andere markten aanboren. Dicht bij huis, zoals België, maar ook verder weg, via licenties. Hiskemuller droomt van een stuk of tien productielocaties in binnen- en buitenland. Een omzetdoel zegt hij niet te hebben: ‘We willen vooral schalen, schalen, schalen.’

Nieuwe duurzaamheidseisen voor de bouwsector geven hem goede hoop. In Nederland zijn de milieuprestatie-eisen voor gebouwen recent aangescherpt en uitgebreid. ‘Dat is echt een katalysator.’ Hiskemuller ziet vooral de vraag naar zijn beton voor grote bouw- en infraprojecten toenemen. Grote bouwbedrijven worden niet alleen over de streep getrokken door de CO2-besparing, maar ook door de prijs van het materiaal. ‘Het is pas echt gaan lopen toen we ons beton voor een concurrerende prijs gingen aanbieden. Eerder hoopte ik nog dat duurzame voorlopers wel 10 procent meer wilden betalen, maar dat is echt een utopie.’

Door de prijsverlaging verdient SL Materials minder aan zijn producten. Het is soms ‘strijden’ om het verdienmodel rond te krijgen, zegt Hiskemuller. Hij hoopt dat een groter volume dat deels compenseert.

Wachten op nieuwe cementnormen

Hoewel de focus de komende jaren vooral ligt op professionalisering en opschaling, heeft ook de technologie meer potentie. Het beton van SL Materials zou nóg duurzamer kunnen als er meer gerecycled materiaal in wordt verwerkt, zegt Hiskemuller. ‘Het probleem is dat het dan niet meer aan de Europese richtlijnen voor beton voldoet. In het soort cement dat wij maken, moet 25 procent Portlandklinker zitten.’

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

De scaleup wacht dus met smart op vernieuwde Europese cementnormen. ‘Onder huidige normen kunnen we nog wel iets verduurzamen, maar we zijn bijna uit geïnnoveerd. Het is vooral wachten tot Europa eens met de vuist op tafel slaat en zijn normen aanpast aan de circulaire economie.’

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dit artikel verscheen eerder op Change Inc., dat net als MT/Sprout onderdeel is van MT MediaGroep.

Lees ook deze artikelen op Change Inc.:

Sinds Trump diversiteit de oorlog verklaarde, heeft DEI-adviesbureau House of Inclusion het drukker dan ooit

Met House of Inclusion helpen oprichters Danielle Jiskoot en Sacha Martina bedrijven inclusiever te worden. Een onzekere business in een tijd waarin diversiteit en inclusie met name in de VS onder vuur liggen, zou je zeggen. Integendeel: 'Het afgelopen jaar is onze omzet verdubbeld.'

Sacha Martina en Danielle Jiskoot
Go woke or go broke, is het motto van Sacha Martina (l) en Danielle Jiskoot. Foto: House of Inclusion

Begin dit jaar stond Sacha Martina voor een groep mannen van wie de meesten op dat moment overal liever hadden willen zijn dan bij de sessie over diversiteit en inclusie die ze moesten bijwonen. Haar opdrachtgever was een organisatie die vreesde dat een deel van de aanwezigen richting de manosfeer aan het afglijden was, een oerconservatieve online cultuur die ‘mannelijke dominantie’ viert en het feminisme verwerpt.

Dus vroeg de instelling Martina, samen met Danielle Jiskoot oprichter van advies- en consultancybureau House of Inclusion, om een ‘inspiratiesessie’ te geven. Bedoeld om te laten zien waar diversiteit en inclusie nu eigenlijk om draaien: geen ‘woke’ gedoe, maar gelijkwaardigheid, eerlijke kansen voor iedereen.

Tot de eerste break was het sleuren en trekken. Maar tijdens die pauze kwamen er ineens een paar mannen naar haar toe. ‘Eén van hen vertelde dat zijn vrouw chronisch ziek was’, vertelt Martina. ‘Ze was enorm helder, maar om te kunnen werken had ze op kantoor wel wat aanpassingen nodig. Veel bedrijven zagen dat niet zitten. Daarom had ze heel veel moeite met het vinden van werk.’

Ze zág het kwartje gewoon vallen. ‘Die man zei: “Ik wil gewoon dat mijn vrouw een leuke baan vindt, dat bedrijven haar die kans geven. Valt dat ook onder inclusie?”’

Aha-momenten

Zulke ‘aha-momenten’ maken Martina en Jiskoot vaker mee. Die momenten maken hun werk zo waardevol – en vol te houden, want praten over diversiteit en inclusie roept tegenwoordig niet alleen meer waardering, maar ook weerstand op. Vooral de term DEI (diversity, equity & inclusion, red.) is beladen geworden, waarover straks meer. Maar de onderliggende boodschap landt uiteindelijk altijd, is hun ervaring.

Het in 2023 opgerichte House of Inclusion verzorgt trainingen, workshops, keynotes en advies op het gebied van DEI en heeft inmiddels meer dan 150 bedrijven en instellingen als klant, waaronder Triodos Bank, Vinted, de Jaarbeurs en IT-dienstverlener Sopra Steria. ‘Hoe vaak we wel niet tijdens sessies hebben gehoord: “Dit zouden meer mensen moeten weten!”’, vertelt Jiskoot. ‘We wilden onze kennis ook buiten de businesswereld verspreiden, een bredere doelgroep bereiken. Dus besloten we een boek te schrijven.’

Lees ook: Is merkactivisme dood en begraven? ‘Het wordt wel moeilijker’

Dat boek, Doe eens normaal, ligt sinds 23 september in de winkels. Met het boek willen ze lezers uitdagen hun eigen ‘normaal’ te bevragen. Dat is uiteindelijk ook maar een optelsom van wat iemand vanuit opvoeding, cultuur en omgeving gewend is, en het normaal van de een is niet het normaal van de ander.

Geen bijbel voor diversiteit

‘Het boek is geen bijbel voor diversiteit en inclusie’, zegt Jiskoot. ‘Dat willen we juist niet. Het thema is zo groot dat het mensen een beetje kan verlammen. Maar bijna alle grote maatschappelijke veranderingen zijn klein begonnen. Die kleine veranderingen willen we met dit boek aanmoedigen. Maak die ene opmerking eens niet, of stel die ene vraag juist wel.’

Anders dan de titel doet vermoeden, is Doe eens normaal geen beschuldigend of boos boek. ‘We zien het belang van de activistische stem, maar zelf kiezen we voor een andere aanpak’, legt Jiskoot uit. ‘Wij willen verschillende mensen samenbrengen. Dat doen we met House of Inclusion ook. Dan helpt het niet als wij nadrukkelijk kleur bekennen of er hard ingaan als iemand een fout maakt. Wij maken ook nog steeds fouten. En wij zijn nota bene dagelijks met diversiteit en inclusie bezig.’

Jiskoot en Martina leerden elkaar vier jaar geleden kennen bij een panel waar ze beiden aanschoven. Ze hadden toen nog hun eigen ondernemingen. Jiskoot runde The Diverse Agency, een agentschap voor drag- en queer talent, en Martina Your Talent Agency, dat internationaal talent matcht met techbedrijven als Bol en Just Eat Takeaway.

‘We waren al actief als spreker over diversiteit en inclusie, maar het zat niet in de corebusiness van onze bedrijven’, vertelt Jiskoot. ‘Terwijl we er steeds meer vragen over kregen. Uiteindelijk besloten we: wat nou als we op die vragen een bedrijf bouwen?’

Verkiezingswinst van PVV en Trump

Directe aanleiding was de monsterzege van de PVV bij de Tweede Kamerverkiezingen drie jaar geleden. ‘In onze bubbel was dat een enorme schok’, vertelt Martina. ‘Intussen was DEI in het bedrijfsleven een steeds prominenter thema geworden, en ineens voelde het alsof dat er niet meer mocht zijn.’ Tegelijk kwam er direct een tegenbeweging op gang, vult Jiskoot aan. ‘Veel bedrijven zeiden: nu gaan we de mouwen opstropen en laten zien dat diversiteit en inclusie belangrijk zijn. Op die golf zijn we met House of Inclusion gesprongen.’

Sacha Martina Danielle Jiskoot
De verkiezingswinst van PVV was voor Sacha Martina (l) en Danielle Jiskoot de aanleiding om hun adviesbureau op te richten. Foto: House of Inclusion

De link met die andere verkiezingsuitslag is snel gelegd. Een jaar na de winst van de PVV werd Trump voor de tweede keer tot president van de Verenigde Staten verkozen. Eenmaal terug in het Witte Huis zette hij een streep door alle diversiteitsprogramma’s van de overheid.

Bedrijven die zaken wilden blijven doen met de federale overheid, konden maar beter hetzelfde doen, dreigde hij. Zelfs Nederlandse bedrijven kregen met de nieuwe regels te maken. Ondernemingen die voor de Amerikaanse ambassade in Den Haag werken, bijvoorbeeld.

Lees ook: Nederlandse bedrijven willen wel, maar kunnen Trumps ‘war on woke’ niet negeren

‘Zelf hebben we nauwelijks Amerikaanse klanten’, zegt Jiskoot. ‘In die zin hebben we er niet zoveel last van. En klanten met een Amerikaanse moederorganisatie hebben de autonomie om het in Nederland of Europa op hun eigen manier te doen.’

Diversiteit als scapegoat

Trumps ‘war on woke’ is een politieke strategie, zeggen ze. Een rookgordijn. ‘Autoritaire leiders hebben scapegoats nodig’, zegt Jiskoot. ‘Die heeft Trump met deze heksenjacht heel slim gecreëerd.’ Onbedoeld heeft hij daarmee ook de aandacht voor diversiteit en inclusie gevestigd. ‘Ineens stond het elke week in de krant’, zegt Martina. ‘Dat was nog nooit gebeurd. Bijna elk nieuwsmedium heeft gebeld met de vraag of we er iets over wilden zeggen.’

House of Inclusion profiteert zodoende eerder van Trumps strijd tegen DEI dan dat het bedrijf er last van heeft. Jiskoot: ‘We zien hetzelfde effect als na de winst van de PVV. Sinds Trump weer op zijn troon zit, hebben we het drukker dan ooit. Juist omdat bedrijven willen laten zien dat ze achter diversiteit en inclusie blijven staan.’

In 2025 verdubbelde zowel de omzet als het personeelsbestand ten opzichte van een jaar eerder. Het kernteam telt nu acht medewerkers, aangevuld met een groep freelancers. Omzet- of winstcijfers delen de ondernemers niet. Jiskoot: ‘We zijn een groeibedrijf, maar nog geen miljoenenbedrijf.’

Sinds de start winstgevend

Wel wil ze benadrukken dat House of Inclusion sinds de start winstgevend is. Hun motto? Go woke or go broke. ‘Als wij geen commercieel succes kunnen boeken met diversiteit en inclusie, gaan bedrijven het al helemaal niet doen. Maar het is zakelijk gewoon slim. Je kunt er geld mee verdienen: onderzoek toont aan dat diverse teams betere resultaten boeken.’

Lees ook: Ruben Brave (Dutch New Narrative Lab): ‘Ik wil af van dat zielige diversiteitsnarratief’

Een bekend voorbeeld is een studie van McKinsey uit 2023. Daaruit blijkt dat de onderzochte bedrijven met de meest diverse besturen, zowel qua man-vrouwverhouding als culturele diversiteit, 39 procent meer kans hadden om financieel beter te presteren dan bedrijven die qua diversiteit onderaan bungelden.

Zakelijk raakt Trumps heksenjacht de ondernemers dus niet, maar persoonlijk doet het wel degelijk pijn. ‘Zijn maatregelen raken ondergerepresenteerde communities in Amerika – mensen die tot groepen behoren waar voorheen extra aandacht aan werd besteed, waar rekening mee werd gehouden in beleid en waar budget voor was’, zegt Martina. ‘Dat dat allemaal is geschrapt, vind ik pijnlijk om te zien. Het druist zo enorm tegen onze waarden in: wij werken juist aan plekken waar iedereen welkom is.’

‘De ander’ zijn

Dat was drie jaar geleden een belangrijke persoonlijke drijfveer om House of Inclusion op te richten. ‘Als recruiter heb ik altijd hard gevochten voor mensen die ‘anders’ zijn, die niet aan het ideale plaatje voldoen’, vertelt Martina. ‘Maar dan had ik succes – bijvoorbeeld toen ik een developer uit Brazilië bij een Nederlands techbedrijf plaatste – en werd ik een halfjaar later gebeld omdat diegene daar doodongelukkig was. Dan hoorde ik: “Iedereen spreekt Nederlands en ze betrekken me niet echt. Niet bij de lunch, niet als ze donderdag na werk gaan poolen.”’

Dat gebeurde op steeds grotere schaal en ging haar steeds meer verdriet doen. Want Martina weet hoe het is om ‘de ander’ te zijn: ‘Ik ben opgegroeid in een dorp waar ik het enige meisje van kleur was. Op de middelbare school waren we met z’n drieën.’

Ook Jiskoot groeide op in een dorp waar ‘iedereen op elkaar leek en heteroseksualiteit de norm was’. ‘Zodoende ontdekte ik pas op mijn 28e dat ik queer was. In mijn dorp was je hetero – of homo of lesbisch, maar dan was je een beetje een gekkie. Ik heb lang niet geweten dat er meer was.’

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Jezelf zijn op werk

In haar eerste corporate banen ging het net zo. ‘Er heerste een heel duidelijk beeld van wat een vrouw moest zijn. Ik paste niet in die mal. Ik werkte als head of business development, was echt goed in mijn werk. En toch hoorde ik voortdurend dat ik te lief was, te bubbly, te schattig. Het gevolg was dat ik me ging aanpassen. Tot het punt dat ik er letterlijk ziek van werd.’ Uiteindelijk nam ze ontslag.

Martina herkent het. ‘Ik heb tatoeages en dreadlocks. Dat is wie ik ben. Maar op de Zuidas, waar ik heb gewerkt, kon dat echt niet. Daar moest ik mezelf verstoppen en in pak. Ik ben zelfs weleens naar huis gestuurd omdat mijn haar niet ‘professioneel’ zou zijn.’ Zo raken organisaties mensen kwijt. Doodzonde, vinden ze. Jiskoot: ‘De oplossing is zo makkelijk: laat mensen gewoon zichzelf zijn. Wij willen dat bedrijven dat ook inzien.’

KNMI-directeur Maarten van Aalst: ‘Klimaatverandering raakt nu al de hele economie’

De gevolgen van klimaatverandering zijn deze zomer in Nederland heel zichtbaar geworden. Met hittegolven en droogte die onder meer de scheepvaart hinderden en oogsten van boeren raakten. KNMI-directeur Maarten van Aalst ziet de noodzaak groeien om wetenschappelijke inzichten sneller te vertalen naar concrete actie. 'Zelfs lapmiddelen zijn hard nodig.'

maarten-van-aals-knmi
Foto: KNMI

‘Daar waar we lang van zeiden dat we er niet wilden komen − daar zitten we nu middenin.’ ‘Er’ is in dit geval: een zomer vol bosbranden, hitte en droogte. Maar ook: op de grens van 1,5 graden opwarming van de aarde ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. ‘Dat getal was niet uit de lucht gegrepen. Daar zat een heleboel wetenschap achter’, zegt hoofddirecteur Maarten van Aalst van het KNMI. Ook is hij hoogleraar aan de Universiteit Twente op het gebied van klimaatverandering en weerbaarheid tegen rampen.

Eind vorig jaar bracht het KNMI een rapport uit over extreem weer in tijden van klimaatverandering. Van Aalst: ‘Als je kijkt naar wat we dit jaar al hebben zien langskomen, voelt dat rapport bijna als een bingokaart.’

Als de natuur in vuur en vlam staat: check. Als de Rijnafvoer blijft dalen en de binnenvaart hindert: check. Als het westnijlvirus Nederland besmet: check. Als de oplopende temperatuur de gemoederen verhit: ook check.

Zo gaf het KNMI deze zomer voor het eerst code rood af voor hitte in situaties waarin ieders gezondheid gevaar loopt. Het aantal sterfgevallen was tijdens de ‘superhittegolf’ eind juni in alle leeftijdsgroepen hoger dan normaal, ook bij jonge mensen. ‘Ondanks dat we het halve land hebben platgelegd.’

En ja, dat kan mensen tot actie aansporen. ‘Maar dat is wel een cynische manier om ernaar te kijken’, vindt Van Aalst. ‘Want er gaan ook levens en ecosystemen onherstelbaar verloren.’

Lees ook: Nieuwe strengere EU-regels leggen groene claims onder het vergrootglas

Van wetenschap naar actie

Nederlanders zijn er altijd vanuit gegaan dat alle risico’s uit te sluiten zijn, zegt Van Aalst. ‘De overheid moet maar zorgen dat er nooit overstromingen zijn, dat we geen last hebben van hitte en dat we vergoed worden voor eventuele schade. Maar we kunnen er echt niet meer omheen dat we in een extremer klimaat komen.’

Ook de rol van het KNMI verandert daarmee. Van Aalst: ‘Eerder leverden we klimaatinformatie om ons voor te bereiden op een mogelijke toekomst. Nu moeten we ons ook veel meer richten op het vertalen van wetenschap naar actie. Het worst case scenario voor een wetenschapper: dat je iedereen waarschuwt, maar niemand luistert.’

Het KNMI is betrokken bij onderzoek naar onder meer de opwarming van de oceanen en risico’s op ook het stilvallen van de Golfstroom. Maar er ligt ook een andere taak: helpen bij het toepasbaar maken van de kennis die al bestaat. ‘We weten bijvoorbeeld dat hittegolven snel toenemen in ernst en frequentie. Hoe gaan we daarmee om? Deels kun je denken aan tegelwippen en zonweringen, maar er zijn ook protocollen nodig voor sportverenigingen en evenementen. Een marathon bij hittekracht tien? Zou ik niet doen.’

Van Aalst noemt de Koeltekaart van de gemeente Amsterdam een mooi voorbeeld van klimaatadaptatie. ‘Sommige mensen vinden dat je daarmee het signaal afgeeft dat je klimaatverandering accepteert. Maar ook de lapmaatregelen zijn keihard nodig. En die hoeven echt niet allemaal vervelend of kostbaar te zijn.’

Amsterdam zorgde met zijn koelteplekken bijvoorbeeld voor een ware sociale beweging. ‘Plekken met airco’s en water werden een soort ontmoetingsplekken in de buurt, allerlei winkels sloten zich aan. Ik denk dat veel mensen positief terugkijken op de hete dagen daar.’

Lees ook: Hittestress, wateroverlast, droogte: deze startups maken onze steden klimaatbestendig

Gevolgen steeds beter voor te stellen

Maar hoe zet je kennis om in actie? Dat de kosten van klimaatverandering − economisch én qua welzijn − deze zomer even extra zichtbaar waren, is daarvoor een eerste stap. Uit onderzoek blijkt dat ervaringen eerder aanzetten tot actie dan doemscenario’s, zegt Van Aalst. ‘De investeringen in de Deltawerken na de watersnoodramp in 1953 zijn daar een goed voorbeeld van.’

Dat heeft er simpelweg mee te maken dat mensen en bedrijven zich de gevolgen van klimaatverandering steeds beter voor kunnen stellen. ‘Het beeld was lang: iets doen aan klimaatverandering, dat is nodig voor een ijsbeer op de Noordpool in 2100. Ver weg in plaats en tijd, vooral iets altruïstisch. Maar klimaatverandering raakt ook nu al het hele functioneren van de economie. Infrastructuur die plat ligt, boeren die niet meer kunnen produceren… Je ziet dat bijvoorbeeld banken en verzekeraars daardoor hun werkwijze ook aanpassen.’

Daarbij gaat het wel vooral om het aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. Het tegengaan ervan, door minder broeikasgassen uit te stoten, is iets heel anders. ‘Wat daarvoor nodig is, is het gevoel dat jouw eigen gedrag een verschil kan maken. Als burger, maar ook als Nederland.’

Lees ook: Groene economie is al meer waard dan gezondheidszorg

Praktische toepassingen

Het KNMI moet niet proberen in z’n eentje de wereld te verbeteren, vindt Van Aalst. ‘Maar ik vind wel dat we moeten vertellen wat we nu zien, en waarom dat een reden zou zijn om gedrag te veranderen. Liefst samen met mensen die kunnen laten zien waar de kansen liggen, zowel voor het tegengaan van klimaatverandering als voor het omgaan met de gevolgen.’

Toen het KNMI drie jaar geleden zijn klimaatscenario’s presenteerde, was daar bijvoorbeeld ook een Nederlandse boer bij die nu kiwi’s teelt. En het instituut werkt ook samen met netbeheerder TenneT. Weersomstandigheden, met name wind en zon, spelen immers een veel grotere rol in een hernieuwbaar energiesysteem. ‘Als je informatie over het weer slim gebruikt, kun je file op het stroomnet tegengaan en dus de energietransitie versnellen.’

Van Aalst de klimaatwetenschapper maakt zich grote zorgen, maar Van Aalst de mens is ‘van nature optimistisch’. Kijk naar waar we nu staan met hernieuwbare energie, zegt hij. ‘Dat hadden we bij het tekenen van het Parijs-akkoord in 2015 niet durven dromen. De opwek is geëxplodeerd, de kosten zijn snel gedaald.’

‘Als we destijds onderschatten hoe snel hernieuwbare energie kon groeien, onderschat ik nu hopelijk ook hoeveel we in de komende jaren nog kunnen doen. Er is ongelooflijk veel nodig, maar ik hoop dat ik verrast blijf worden.’

Dit artikel verscheen eerder op Change Inc., dat net als MT/Sprout onderdeel is van MT MediaGroep.

Mud Jeans kan nog steeds een merk van €10 miljoen worden, zegt Nick de Ronde Bresser

Ondernemer Nick de Ronde Bresser kreeg het failliete schoenenmerk Van Lier in een jaar weer winstgevend. Nu waagt hij zich met Mud Jeans aan een nieuwe reddingsoperatie. De duurzame denimmaker verslikte zich in de ambitie om naar 10 miljoen euro omzet te groeien. Toch gelooft De Ronde Bresser nog steeds dat dat kan.

Mud Jeans
Foto: Mud Jeans

Zonde zeg, dacht Nick de Ronde Bresser (33) toen hij zag dat denimlabel Mud Jeans failliet was. ‘Ik draag de broeken zelf; het is een mooi merk met een mooie missie, en ze maken een fantastisch product.’

Een jaar eerder had De Ronde Bresser het failliete schoenenmerk Van Lier – specifieker: het deel van het bedrijf dat de schoenen verkoopt – en een doorstart gemaakt. Inmiddels is het schoenenmerk weer winstgevend, waarover straks meer. Dat zette hem aan het denken: kon hij die kennis en ervaring niet ook toepassen bij Mud Jeans? ‘Ik weet inmiddels hoe je een operatie redelijk snel en in afgeslankte vorm weer op de rit krijgt. Daarop heb ik Bert van Son, de oprichter, een bericht gestuurd met de vraag wat zijn plannen waren en of ik kon helpen.’

Van Son, die sinds begin 2026 niet meer operationeel betrokken was bij Mud Jeans, was volgens De Ronde Bresser behoorlijk door het faillissement geraakt. ‘Het was echt een klap. Logisch ook; hij heeft er jaren had voor gewerkt en echt een naam in de industrie gecreëerd. Ik kan je helpen bij de overname en de financiering, zei ik, maar alleen als jij het leuk vindt om door te gaan. Mijn expertise ligt bij de schoenen. Ik denk niet dat ik zonder Bert het vertrouwen had gehad om in denim te stappen.’

Oprichter komt in dienst

Van Son richtte Mud Jeans in 2012 op om het populairste kledingstuk ter wereld – de spijkerbroek – circulair te maken. Zijn visie: van oude jeans weer nieuwe maken, en dat op grote schaal.

De geestelijk vader en voormalig grootaandeelhouder van Mud is niet financieel bij de doorstart betrokken. Van Son treedt in dienst bij het nieuw opgerichte Mud Jeans B.V., waarin N5 Holding en Horizon Corporation elk 50 procent van de aandelen houden.

Lees ook: Na schoenenmerk Van Lier wil Nick de Ronde Bresser failliete denimpionier Mud redden

N5 is het bedrijf van De Ronde Bresser, Horizon de investeringsmaatschappij van Rick Schmitz en Martijn Migchelsen. De nieuwe eigenaren betaalden in totaal 255.000 euro voor de merkrechten, voorraden, domeinnamen en goodwill.

Schmitz en Migchelsen zijn ook de oprichters van zakelijk dienstverlener Firm24, de partij waarmee De Ronde Bresser in augustus 2025 Van Lier overnam.

Van Lier weer winstgevend

Van Lier boekte in het jaar van het faillissement (boekjaar 2024/2025) een nettoverlies van ruim 1 miljoen euro. Een jaar later zijn die rode cijfers omgebogen naar een winst van circa 440.000 euro op een omzet van 3,5 miljoen euro. Dat lukte door het businessmodel en de kosten op de schop te nemen. De eigen winkels van Van Lier gingen dicht, het personeelsbestand ging van twintig naar vijf mensen en marketing, e-commerce en logistiek werden uitbesteed.

Die ingreep betekende ook een flinke omzetval: in boekjaar 2023/2024 werd nog zo’n 15 miljoen euro omgezet, ruim vier keer zoveel als nu. De Ronde Bresser: ‘In de winkels werd een substantieel deel van de omzet gerealiseerd. Die klanten zijn we mondjesmaat naar de online shop aan het krijgen. Verder is een deel van de omzet ‘achtergebleven’ in de gefailleerde onderneming en hebben we in het afgelopen boekjaar maar één volledig verkoopseizoen kunnen draaien in plaats van twee. De cijfers geven dus een beetje een vertekend beeld.’

Voor het komende boekjaar (2026/2027) rekent hij op een omzet van ‘rond de 10 miljoen’ en een winst van een half tot een miljoen euro. ‘Afhankelijk van de investeringen die we nog gaan doen. Mijn stijl is om alles uit de cashflow te doen. We gaan ons voor investeringen niet in de schulden steken.’

Onderuit door groeiambities

De goede resultaten bij Van Lier gaven het vertrouwen om Mud Jeans over te nemen. De Ronde Bresser: ‘Met dit merk hebben we hetzelfde plan. Mud Jeans had een paar jaar geleden de ambitie om naar een omzet van 10 miljoen euro te gaan, maar bleef steken op 2,5 tot 3 miljoen euro, terwijl wel fors in die beoogde groei was geïnvesteerd. De bedrijfsstructuur was te zwaar voor de omzet die er werd gemaakt. Daarom waren ze verlieslatend.’

Lees ook: ‘Harde reset’ kon duurzame denim-pionier Mud Jeans niet behoeden voor faillissement

De collecties waren bovendien te breed. ‘Mud Jeans had 4.000 tot 5.000 verschillende stock keeping units (een unieke code die wordt gebruikt om een artikel in de voorraad te identificeren, red.). Ik snap het, van één spijkerbroek moet je al 21 maten op voorraad leggen. Maar dat is gewoon niet commercieel.’

Het vernieuwde Mud wordt ‘vanuit de omzet opgebouwd’ met een kernteam, onder leiding van De Ronde Bresser als ceo. Oud-ceo Jolanda Brink keert terug om hem operationeel te ondersteunen. Founder Van Son wordt verantwoordelijk voor de merkidentiteit en missie, productontwikkeling en het contact met de 180 retailpartners die Mud Jeans voor het faillissement had. ‘De meesten kent hij persoonlijk’, zegt De Ronde Bresser. ‘Hij is ze nu opnieuw aan het benaderen. Vooralsnog is iedereen superpositief.’

Gsus en Ontour flopten

De nieuwe eigenaren nemen de arbeidsovereenkomsten van de dertien voormalige medewerkers niet over. Voor functies die binnen de nieuwe organisatie nodig zijn, worden ‘afzonderlijk afspraken gemaakt’. De Ronde Bresser: ‘Net als bij Van Lier besteden we een deel van de taken voorlopig uit, in elk geval tijdens de herstart. In deze fase kunnen we nog niet te veel intern doen.’

De Ronde Bresser begon zijn carrière in de mode- en schoenenindustrie in 2013 als medeoprichter van het kleurrijke gympenmerk Mipacha, dat vandaag de dag nog steeds online verkrijgbaar is. Twee andere avonturen liepen minder fortuinlijk af. Voor Van Lier en Mud probeerde hij de Nederlandse modelabels Gsus en Ontour na een faillissement nieuw leven in te blazen – zonder succes, beide merken zijn niet meer actief.

‘Ik was toen 24’, zegt De Ronde Bresser. ‘Terugkijkend heb ik iets te veel hooi op mijn vork genomen. Gsus was al best groot en had een heel netwerk van winkels. Ik heb misschien iets te simpel gedacht: oké, we sluiten al die winkels en we kappen met de wholesale, en we maken er een online business van.’

Als dat al lukt, dan alleen als je continuïteit weet te bieden aan de klant. ‘Op alle gebieden: productontwerp, prijs, verhaal en service. Anders loop je het risico dat je vaste klanten afhaken. Dan kan het snel gaan.’

Lees ook: Nick de Ronde Bresser redt Van Lier, met de lessen uit de geflopte overname van Gsus

Oud-eigenaar Van Lier ontslagen

Bij Van Lier moest oud-eigenaar Geert van Spaendonck die continuïteit na de doorstart waarborgen. Hij bleef aan boord als aandeelhouder, niet-uitvoerend bestuurder en hoofd design, tot hij in juni van dit jaar werd ontslagen. Een besluit waar Van Spaendonck het niet mee eens is en zelfs nietig acht (zie kader).

Reactie Geert van Spaendonck

 

‘De situatie bij Mud is anders dan bij Van Lier. Via een vennootschap hebben Nick de Ronde Bresser en zijn partners begin augustus 2025 een groot deel van mijn aandelen in VANLIER b.v. verworven. Deze vennootschap, met een notering op NxChange, is nooit failliet gegaan. Ik heb bezwaar aangetekend bij de Beroepsaansprakelijkheidsverzekering (BAV) van de notaris en de Kamer voor het notariaat. Ik acht de overdracht nietig of vernietigbaar, en daarom acht ik ook mijn ontslag nietig of vernietigbaar. 

De moeder (VANLIER b.v.) was geen onderdeel van de fiscale eenheid ‘Van Lier Shoes’ en was ook geen partij in het bankenconvenant van Van Lier. Zij was solvabel, hield merkenregistraties en ontving royalties. Die moeder heeft later diverse activa verworven van haar eigen dochters, nadat die failliet zijn verklaard. Zij fungeert nu als operationeel bedrijf met een nieuwe website.’ 

Hij is de samenwerking niet gestart met het idee Van Spaendonck al na een jaar de laan uit te sturen, zegt De Ronde Bresser erover. ‘De eerste zes tot zeven maanden hebben we heel goed samengewerkt. We wilden de huidige business en de klanten behouden, en dat is gelukt. De grote uitdaging is nu om aansluiting te vinden bij de volgende generatie, jongens die nu in de twintig zijn. Er moest ruimte komen voor designers met nieuwe ideeën. En daarover beslissen de aandeelhouders. Maar dat ging lastig en is helaas niet heel leuk afgelopen.’

Bert van Son – die met een dienstverband de facto nog minder in de melk te brokkelen heeft – zal die berichten ongetwijfeld ook hebben gezien. De Ronde Bresser: ‘Ik kan geen beloftes doen, maar het is absoluut mijn intentie om hem lang aan boord te houden. Bert zit er ook iets anders in: minder economisch, meer idealistisch. Hij vindt het vooral belangrijk dat het merk en de missie worden voortgezet.’

Statiegeldsysteem voor kleding

De jeans van Mud bevatten al voor 20 tot 55 procent gerecycled textiel, maar de eerste spijkerbroek die volledig circulair én geschikt voor commerciële productie is, bestaat nog niet. Wil De Ronde Bresser die ambitie voortzetten? ‘100 procent’ zegt hij. ‘Niet alleen vanuit idealisme, maar ook omdat het zakelijk heel dom zou zijn om iets aan de missie te veranderen. De duurzame en circulaire identiteit vormt de absolute kern van het bedrijf.’

De missie wordt ook verder verdiept. Mud Jeans werkt met Route Circulair aan een landelijk statiegeldsysteem voor kleding, gekoppeld aan een digitaal productpaspoort. Dat paspoort bevat informatie over de herkomst, arbeidsomstandigheden en milieu-impact van een product en wordt vanaf 2027 verplicht voor verschillende sectoren, waaronder de modebranche.

Lees ook: Deze modeveteraan verkocht 35 jaar kleding, nu wil hij de textielberg helpen opruimen

Mud Jeans struikelde over de ambitie om een merk van 10 miljoen te worden. Toch denkt De Ronde Bresser dat dat nog steeds kan. ‘Nieuwe wetten dwingen de modemarkt steeds verder richting verduurzaming en recycling. Mud Jeans heeft veertien jaar ervaring op dit gebied en daarmee een enorme voorsprong.’

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Geen buy-and-built-strategie

En zijn eigen ambities? Kijken we hier naar een nieuwe modegroep in wording? ‘Ik heb niet per se een plan’, zegt De Ronde Bresser. ‘Ik heb geen buy-and-build-strategie en heb de merken ook niet gekocht om ze snel weer te verkopen. Zo zit ik er niet in.’

Hoe dan wel? Uiteindelijk is dat toch de lol van het ondernemerschap. ‘Ik vind het leuk om nieuwe structuren neer te zetten en aan merken te bouwen. Ik houd van hectiek. Ik had Van Lier best snel onder controle, en met Mud Jeans heb ik mijn handen nu weer meer dan vol. Heerlijk.’

Must reads week 40: batterijen bonanza, KNMI-directeur Maarten van Aalst en 3 routes naar groen staal

De redactie heeft voor jou de beste artikelen van afgelopen week geselecteerd. Dit keer: Tata Steel moet radicaler durven innoveren, waarom de echte run op thuisbatterijen nog moet komen en wie is verantwoordelijk als AI-agents op eigen houtje gaan hacken?

Thuisbatterij

In 2027 komt de batterij-boom: ‘Dan zien mensen op hun energierekening hoeveel het scheelt’

Vanaf 2027 mogen eigenaren van zonnepanelen de opbrengst daarvan niet meer salderen met hun elektriciteitsverbruik. Dat moet wel zorgen voor een run op thuisbatterijen. De verkoop daarvan is verdubbeld, vooral stekkerbatterijen zijn niet aan te slepen. Toch verwachten experts pas volgend jaar de echte klapper.

Waarom moet je dit lezen? Nu grijpen nog vooral liefhebbers van technische snufjes en early adopters naar de thuisbatterij. Redacteur Philip Bueters laat zien hoe deze niche vanaf volgend jaar kan veranderen in een massamarkt. En nee: die batterijen hoeven echt niet allemaal uit China te komen.

👉 Lees hier: Batterijen bonanza: thuisbatterij met stekker niet aan te slepen, maar de échte run komt volgend jaar

Klimaatverandering is geen theoretisch risico meer, waarschuwt het KNMI

De gevolgen van klimaatverandering zijn deze zomer heel zichtbaar geworden in Nederland. Hittegolven en droogte raakten de oogsten van boeren, lage waterstanden hinderden de scheepvaart. KNMI-directeur Maarten van Aalst ziet de noodzaak groeien om wetenschappelijke inzichten sneller te vertalen naar concrete actie.

Waarom moet je dit lezen? Redacteur Maaike Kooijman sprak Van Aalst over de veranderende rol van het weer- en klimaatinstituut, dat deze zomer voor het eerst code rood afgaf vanwege de hitte. Ook vertelt hij waarom hij voor inspiratie kijkt naar de Deltawerken en waar hij hoop uit put.

👉 Lees hier: KNMI-directeur Maarten van Aalst: ‘Klimaatverandering raakt nu al de hele economie’

3 routes voor groen staal in Europa: kiest Tata Nederland voor radicale innovatie?

Het kabinet heeft de beslissing om Tata Steel 2 miljard euro toe te schuiven voor verduurzaming uitgesteld tot 1 maart 2027. Daarmee loopt de regering in de pas met de rest van Europa, waar investeringen op de lange baan worden geschoven en innovatieve projecten worstelen. Wat zijn nog de routes naar groener staal, en welke kansen laat Tata nu liggen?

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Waarom moet je dit lezen? Redacteur Karin Swiers schetst drie routes naar verduurzaming: van een compleet nieuwe fabriek tot een omweg via gas (en mogelijk ook blauwe waterstof) en experimentele technieken. Met inzichten van voormalig Milieudefensie-directeur Donald Pols, die één dag directeur duurzaamheid bij Tata Steel was en een duidelijke visie heeft op de toekomst van de staalfabrikant uit IJmuiden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

👉 Lees hier: Groen staal komt traag op gang in Europa, maar zelfs daarbij is Tata meer volgend dan leidend

Wie is verantwoordelijk als AI-agents op eigen houtje gaan hacken?

OpenAI is in de VS aangeklaagd voor de hack door AI-agents bij Hugging Face. Legal Advocates for Safe Science and Technology (Lasst) is de eerste partij die het aandurft. OpenAI is verantwoordelijk, vindt deze non-profit. Het gaat niet om geld, wel om het veiliger maken van kunstmatige intelligentie.

Waarom moet je dit lezen? Kunnen AI-bedrijven zich verschuilen achter het ‘autonome gedrag’ van hun agents? Lasst denkt van niet, en baseert zich daarbij op bestaande Californische wetgeving. Redacteur Karin Swiers brengt in beeld hoe deze aanklacht de hele AI-sector kan raken.

👉 Lees hier: AI-hack bij Hugging Face krijgt toch nog een staartje: aanklacht tegen OpenAI ingediend

Hier vind je het belangrijkste nieuws van week 40 2026:

  • Tienduizenden incidenten met losgeslagen AI en opeenstapeling knelpunten remt Nederlandse startups (maandag 28 september)
  • Gemeenten besteden 185 miljoen euro aan Microsoft en Anthropic waarschuwt voor ‘catastrofale AI’ (dinsdag 29 september)
  • General Intuition haalt 220 miljoen dollar op en OpenAI ziet af van release nieuw AI-model (woensdag 30 september)
  • Nieuwe Zelfstandigenwet belooft duidelijkheid en OpenAI aangeklaagd voor Hugging Face-hack (donderdag 1 oktober)
  • Damen eist miljarden van Duitsland na geschrapte order en failliet SeaO2 verder in andere handen (vrijdag 2 oktober)