Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Hittestress, wateroverlast, droogte: deze startups maken onze steden klimaatbestendig

Voor het eerst is in Nederland code rood afgegeven vanwege de hitte, die onze steden de afgelopen dagen veranderde in betonnen sauna's. Om leefbaar te blijven zal de stad zich moeten aanpassen aan het veranderende klimaat. Startups werken al aan oplossingen.

The Urban Jungle Project
Een daktuin van The Urban Jungle Project in Amsterdam. Foto: The Urban Jungle Project

Code rood in Nederland. Voor het eerst heeft het KNMI het hoogste weeralarm afgegeven vanwege extreme hitte. Donderdag kroop het kwik op sommige plekken al naar de 37 graden, en vrijdag wordt het met temperaturen die tot 40 graden nog heter.

Vooral steden zuchten onder de hitte. Bebouwing houdt meer warmte vast dan open gebieden, waardoor het in de stad een stuk warmer is dan erbuiten. Vooral ‘s nachts – als baksteen, beton en asfalt de hitte die ze overdag hebben opgeslagen weer afgeven – is het verschil tussen stad en platteland groot. In steden als Rotterdam kan dat zomaar 8 graden schelen.

Door de klimaatverandering zal het aantal warme dagen alleen maar toenemen. Om leefbaar te blijven zal de stad zich moeten aanpassen, waarschuwde een coalitie van (non-profit)organisaties en woonverenigingen als Natuur & Milieu, ANWB, FNV en de Woonbond recent nog met het manifest Groene ruimte, koele steden. Het collectief wil dat er landelijke minimumnormen voor openbaar groen en bomen komen, en meer financiële steun voor gemeenten om straten, pleinen en buurten te vergroenen.

Hittestress is niet het enige probleem waarmee steden kampen. Ook water, of het gebrek daaraan, vormt een risico. Langdurige droogte kan leiden tot extra bodemdaling, met funderingsschade en knappende leidingen tot gevolg. En de steeds extremere regenbuien veroorzaken flinke overlast omdat het water in onze concrete jungles nauwelijks nog in de bodem kan zakken, waardoor het riool overbelast raakt.

Maar geen probleem of er is wel een slimme ondernemer die bezig is met een oplossing. Dit zijn vier startups die werken aan de klimaatbestendige steden van de toekomst.

The Urban Jungle Project – steden vergroenen met daktuinlego

Vergroening draagt bij aan verkoeling. Als woonwijken in steden van 10 naar 25 procent groen gaan, levert dat een winst van bijna een volle graad minder warmte op. Het probleem in onze volgebouwde steden is alleen: waar laat je dat groen?

Nou, op het dak bijvoorbeeld. Volgens ondernemer Daan Grasveld telt Nederland zo’n 600 vierkante kilometer aan platte daken. Die daken zijn meestal zwart, waardoor die kostbare ongebruikte ruimte de boel nog extra opwarmt ook. Met zijn bedrijf The Urban Jungle Project verandert Grasveld die loze ruimte om tot weelderige daktuinen.

Lees ook: Grijze stad? Daan Grasveld tovert grinddaken om tot ‘groene oases’ vol bomen

Hij zette het bedrijf op met vader Maarten, een landschapsarchitect, en boomkwekerij Ebben uit Cuijk. Want ja, in de visie van Grasveld kunnen er ook bomen op het dak. Hij ontwikkelde er een speciale constructie voor, een zogeheten ‘boomveer’, waarin de bomen worden ‘opgehangen’.

Een daktuin aanleggen is vooral een kwestie van slim omgaan met gewicht, weet de ondernemer. Veel daken kunnen het gewicht van een reguliere daktuin – soms wel 1.500 kilo per vierkante meter – namelijk niet dragen. Dat lost The Urban Jungle Project op met zogeheten ‘Jungle Blocks’: lichtgewicht blokken van gerecycled afval uit de 3D-printer, met planten of bomen erin, van maximaal 250 kilo per vierkante meter.

‘Daktuinlego’, zei Grasveld eerder tegen Quote. Inmiddels heeft The Urban Jungle Project al ruim zeventig van die daktuinen aangelegd.

FieldFactors – ondergrondse opslag en hergebruik van regenwater

Onder het Aarplein in Alphen aan den Rijn ligt sinds mei 2026 een ondergrondse opslag die tot 600 kubieke meter regenwater kan opvangen en vasthouden. Die waterbuffer moet het riool ontlasten tijdens stortbuien en de kans op wateroverlast verminderen – en vormt daarnaast letterlijk een appeltje voor de dorst in periodes van droogte.

Dat watersysteem is ontwikkeld door FieldFactors, het bedrijf van Karina Peña en haar partner Wilrik Kok. Het heet BlueBloqs en vangt regenwater op straatniveau op via goten. Het water wordt doorgeleid naar wadi’s, verlaagde groene zones, en zakt vervolgens door een ‘biofilter’ van zand, substraat en beplanting in de ondergrond, in een zogeheten aquifer.

Op straatniveau merk je daar niets van. De argeloze voorbijganger ziet ‘gewoon’ een bloemen- of plantenperk of, in het geval van het Aarplein, een kunstwerk met groen eromheen. FieldFactors heeft installaties in meerdere Nederlandse steden, waaronder Rotterdam en Den Haag, en werkte ook samen met Microsoft voor een systeem in Madrid. Vorig jaar haalde de Delftse startup 1,65 miljoen euro op om internationaal verder uit te breiden.

Heliotex – zonne-energie opwekken met schaduwdoeken

Misschien is het voorbijgekomen in je Linkedin-feed: de prachtige schaduwdoeken in de Spaanse plaats Alhaurín de la Torre, gehaakt door maar liefst driehonderd vrouwen. De gemeente wilde eerst een plastic zeil ophangen tegen de zon, maar bedacht zich gelukkig. Inmiddels hangt er bijna 500 vierkante meter aan crochet-zonnewering boven de winkelstraat.

Minstens zo bijzonder is het zonnescherm van Pauline van Dongen. Deze Nederlandse ontwerper begon met het verwerken van zonnecellen in kleding en accessoires, maar is inmiddels overgestapt op meer architectonische toepassingen. Vorig jaar presenteerde ze haar ‘zonnetextiel’ Heliotex tijdens de Dutch Design Week in Eindhoven: een lichtgewicht schaduwdoek waaronder je kunt schuilen voor de zon, terwijl je die zon tegelijkertijd voor je laat werken.

Lees ook: Dit zijn 5 van de meest opvallende duurzame innovaties op de Dutch Design Week

Van Dongen verwerkte namelijk lagen van flexibele zonnecellen in het doek. De opgewekte zonnestroom wordt overdag opgeslagen in een batterij en ‘s avonds teruggegeven in de vorm van (sfeer)verlichting. Wie het zonnedoek zelf wil bewonderen; dat kan. De installatie staat deze zomer op het Audrey Hepburnplein in Arnhem.

Blooming Buildings – vergroening verhoogt de waarde van vastgoed

Tanja van der Knoop werkte ruim dertig jaar in het bedrijfsleven, onder meer als consultant op het gebied van bedrijfsovernames. In haar vrije tijd was ze een enthousiast tuinier. Tot ze in 2017 afscheid nam van haar huis met tuin van drie hectare in Amersfoort, en in Amsterdam ging wonen. Daar besloot ze haar kennis van groen en tuinieren voor de binnenstad in te zetten.

Haar eerste klus was direct een bijzondere, zegt ze tegen vakblad Stad + Groen: de vergroening van de Reguliersdwarsstraat. Daar kwam een stichting uit voort, Green City Buzz, en toen er vervolgens steeds meer commerciële opdrachtgevers aan klopten ook een bedrijf: Blooming Buildings. Dat ‘kleedt’ gebouwen aan met groen, aan de binnen- en buitenkant.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Zo richtte Blooming Buildings de binnentuin van het hoofdkantoor van Prorail opnieuw in. Ook stadstuin Maaskant Park in Rotterdam komt uit de koker van het groenbedrijf. Blooming Buildings heeft vooral vastgoedontwikkelaars als klant. Die beginnen steeds meer door te krijgen dat investeren in groen loont, aldus Van der Knoop. Het verhoogt de waarde van de panden en de aantrekkingskracht voor huurders.

Logisch ook, want het weelderige groen ziet er niet alleen mooi uit, maar maakt de panden ook een stuk aangenamer om in en om te verblijven.