Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Bob de Manager

Bob is divisiedirecteur bij een groot concern. Bob doet zijn best. In aflevering 14 zoekt hij uit hoe het zit met de begeleiding van allochtone werknemers.

from: Bob
to: Sonja
subject: Inburgering

Dag Sonja,
Ik hoor dat jullie binnen het bedrijf bezig zijn met het opzetten van een inburgeringsklasje. Klinkt goed. Hoe loopt het?
Groet,
Bob

Hoi Bob,
Ja, het leek ons een goed idee dat HRM eens kijkt hoe het er met de inburgering van onze eigen allochtonen binnen ons bedrijf voor staat en ze zo nodig een duw in de goede richting te geven. Wel jammer dat we na een eerste inventarisatieronde tot de conclusie moesten komen dat we slechts één allochtoon in dienst hebben: Thomas Snowcroft, je weet wel, die jonge accountant uit Engeland die onlangs door HQ bij ons is neergezet. Met hem zijn we deze week aan de slag gegaan.

Thomas strubbelde eerst tegen, zei dat hij erg busy was met Q2, maar we hebben hem uitgelegd dat deelname aan onze inburgeringsworkshop priority heeft. We wijzen hem op allerlei dingen die nieuw zijn voor deze Amerikaan, zoals het belang van onze coffee corner, toch binnen elk Nederlands bedrijf de key tot de info flow, dé plek waar de werkelijke verbal value zit – en zien we Thomas daar ooit rondhangen? Nope. Hij verklaarde desgevraagd onze koffie erg weak te vinden vergeleken met de espresso van Starbucks, maar hij beloofde beterschap. Ook zal hij voortaan aanwezig zijn op onze vrijmibo.

Ons is ook gebleken dat Thomas nauwelijks bekend is met onze vakantie- en ATV-regelingen, onze 36-urige werkweek en onze life curve development-programs. Hij zei twee weken vakantie per jaar meer dan voldoende te vinden, en dat hij niet zou weten wat hij met al die leisure time moet doen, maar wij hebben hem erop gewezen dat hij op deze manier om een burnout vráágt en hem een goede Nederlandse hobby geadviseerd (hij is natuurlijk van harte welkom bij ons cricketteam!). Wel was hij nu bang zijn Q2 niet tijdig af te hebben. In Londen, zei hij, word je dan meteen op straat gezet, zonder enige regeling en heb je een flinke smet op je resume. Kijk, dat hebben wij hem goed kunnen uitleggen: hier dus niet, hier laat je de boel af en toe lekker de boel, ken je je priorities, hou je je worklife in balance, let je op je body en regelmatig gewoon even chillen en dan maar eens een keertje geen Q2 op tijd. Die jongen leert razendsnel, Bob: hij is meteen even twee weken gaan ontstressen in Dubai.

De Nederlandse taal blijkt Thomas niet te beheersen. Hij zei daartoe ook nauwelijks de kans te krijgen, aangezien elk businessplan en elk budget in ons concern verplicht in het Engels dient te worden opgesteld en dat ook de bakker en de slager hem enkel en alleen in de Engelse taal willen bedienen. Zo krijgt die jongen natuurlijk nooit close contact met onze Nederlandse fte’s en kan hij volgende maand als enige van het middle management ook niet meedoen aan de cursus Ontdek De Hyena In Jezelf.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Sowieso is Thomas niet zo bekend met managementcursussen. Hij zei dat hij zich eigenlijk heel graag verder wilde verdiepen in US GAAP, maar van die cursus hebben wij nog nooit gehoord en het lijkt ons bovendien beter als hij eerst z’n eigen negs en inner walls leert kennen en zo een stuk personal growth bereikt. Na z’n vakantie zal hij dan ook eerst een week participeren in het U!R!U! program. Dat vindt dit keer plaats aan de Ierse westkust, zodat hij meteen even lekker kan uitwaaien. Daarna gaat hij rechtstreeks naar Vught, om bij de nonnen aldaar in uptempo Nederlands te leren. Hij neemt in elk geval Pluk van de Petteflet mee om de basics zovast onder de knie te krijgen.

Je ziet, Bob, het is een heel program. Maar we denken dat Thomas zijn inburgeringsproces nog net kan hebben voltooid voordat hij in november naar Singapore wordt detached.
Groetjes,
Sonja

Glazen plafond doorbroken? Voor vrouwen dreigt daarna de glazen klif

Bedrijf in de problemen? Grote kans dat er een vrouw naar voren wordt geschoven om de crisis op te lossen – en ze de schuld krijgt als dat niet lukt. Dat is geen toeval. Het fenomeen heeft zelfs een naam: de glazen klif.

Glazen klif
Foto: Getty Images

Quizvraag: wat hebben Linda Yaccarino, Sue Gove en Stephanie Pope met elkaar gemeen? Alle drie werden ze als ceo aangesteld op het moment dat hun organisatie in zwaar weer zat.

Yaccarino kreeg in juni 2023 de leiding over X, dat toen nog Twitter heette. Dat was kort na de overname door Elon Musk in april 2022. Musk haalde direct de bezem door het bedrijf, een week later was de helft van het personeel al ontslagen. In de nasleep van al die onrust moest Yaccarino de nieuwe naam en koers neerzetten, en ondertussen de exodus van adverteerders stoppen – dezelfde adverteerders aan wie haar nieuwe baas doodleuk vertelde: ‘Go fuck yourself.’

Lees terug: Waarom de nieuwe ceo van Twitter het beter zal doen dan Elon Musk

Sue Gove had waarschijnlijk ook geen leuke tijd bij Bed Bath & Beyond. De winkelketen stevende bij haar komst in juni 2022 – het eerste halfjaar was ze interimmer – af op een faillissement. Ze begon direct met reorganiseren en sloot 150 winkels, maar het mocht niet baten. Nog geen jaar later ging het bedrijf op de fles.

Gove zat ongeveer een jaar op haar post en Yaccarino twee jaar. Stephanie Pope houdt het intussen alweer bijna tweeënhalf jaar vol als ceo van Boeing. Terwijl zij ook niet bepaald op een lekker moment instapte, namelijk twee maanden nadat een deurpaneel van een Boeing-toestel op bijna 5 kilometer hoogte losschoot.

Een ‘classic corporate move’, schreef Business Insider destijds. ‘Boeing stelt een vrouw aan om de rotzooi op te ruimen.’

Van grote hoogte vallen

Het past in een patroon dat de ‘glazen klif’ wordt genoemd. De term doet denken aan het glazen plafond. Dat is geen toeval; beide fenomenen hangen met elkaar samen.

Het glazen plafond gaat over de onzichtbare barrières die mensen uit ondervertegenwoordigde groepen – vrouwen, maar ook mensen van kleur – tegenkomen op weg naar de top. De glazen klif beschrijft wat er gebeurt als ze dat plafond doorbreken: wanneer ze de top bereiken, lopen ze ook een groter risico om van grote hoogte te vallen.

De term werd in 2005 gemunt door de Britse onderzoekers Michelle K. Ryan en S. Alexander Haslam, nadat ze hadden ontdekt dat bedrijven die slecht presteerden op de beurs vaker vrouwelijke bestuurders en commissarissen benoemden. Dat was The Times ook opgevallen, waarop de krant in een vilein stuk suggereerde dat vrouwelijke leiders voor deze bedrijven eerder een ‘hindernis dan hulp’ waren.

Verkeerde conclusie, wierpen Ryan en Haslam tegen. De beurskoers was onder hun mannelijke voorgangers al aan het zakken. Als je al iets uit de cijfers kon afleiden, dan was het dat vrouwen juist vaker werden gepromoveerd wanneer de resultaten onder druk stonden.

Breken met het verleden

Vrouwen worden vaker geselecteerd voor leiderschapsposities in tijden van crisis, concludeerden ook onderzoekers van de University of Exeter en de Rijksuniversiteit Groningen in 2020. In hun studie moesten proefpersonen in verschillende scenario’s kiezen tussen een mannelijke en vrouwelijke leider. Wat bleek: in een crisissituatie was de kans dat zij voor een vrouw kozen ongeveer 45 procent groter dan in een stabiele situatie.

Hoe komt dat? Om te beginnen toetsten de wetenschappers of er in crisistijd meer behoefte is aan feminien leiderschap. Daar horen eigenschappen bij die, hoewel stereotyperend, vaak met vrouwelijke leiders worden geassocieerd: tactvol, zorgzaam, gericht op samenwerking en verbinding.

Lees ook: Zijn we kritischer op vrouwelijke leiders? Nee hoor, vinden veel mannen

Voor die hypothese werd weinig bewijs gevonden. Aannemelijker is dat organisaties in crisis hun aandeelhouders en de buitenwereld willen laten zien dat ze breken met het verleden en het nu echt anders gaan doen – kijk maar, we hebben een vrouw als ceo.

Dat is eerder een onbewust patroon dan een bewuste keuze. Bestuurders en toezichthouders zoeken de ‘beste leider’ voor dat moment. Dat is vaak iemand die (visueel) afwijkt van de voorganger – meestal een witte man – die de organisatie in de problemen heeft gebracht.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Op zoek naar ‘redders’

Een negatievere verklaring is dat mannen deze banen simpelweg niet willen, omdat ze te risicovol zijn en het afbreukrisico te groot is. Daardoor ontstaat er meer ruimte voor vrouwen om door te stromen. Als het vervolgens misgaat – en die kans is in zulke precaire situaties reëel – zien de onderzoekers dat het falen vaak wordt toegeschreven aan de vrouwelijke leider, en niet aan de crisis zelf.

Daarop treedt een volgend mechanisme in werking: het Savior-Effect, waarbij wordt teruggegrepen op een ‘traditionele’ leider (lees: man en wit), de redder.

Al is de glazen klif geen universele wetmatigheid. Het effect is sterk afhankelijk van de context en het sterkst in landen met een grotere genderongelijkheid. Zo kwamen de VS en het VK in het onderzoek slechter uit de bus dan Duitsland en Zwitserland. Nederlandse deelnemers hadden in crisissituaties juist een lichte voorkeur voor mannelijke leiders.

In ons land drukt het glazen plafond een groter stempel dan de glazen klif. Bij de raden van commissarissen van beursgenoteerde ondernemingen was in 2025 44 procent vrouw, blijkt uit de meest recente Female Board Index, mede dankzij het vrouwenquotum. Daarentegen blijft het percentage vrouwelijke bestuurders, hoewel iets gestegen ten opzichte van een jaar eerder, nog altijd steken op 17 procent.

Lees ook: Nee Pierre, cultuur is geen excuus om Sarina Wiegman als bondscoach te passeren

Xpeng-oprichter voorspelt bloedbad auto-industrie: ‘Helft van onze mensen focust volledig op R&D’

Xpeng wil veel meer worden dan een autofabrikant. Oprichter He Xiaopeng bouwt aan een AI-bedrijf dat ook humanoids, robotaxi's en vliegende auto's ontwikkelt, maar weet dat succes in Europa eerst afhangt van één ding: vertrouwen. 'Mensen geloven soms simpelweg niet hoe snel een Chinese startup geavanceerde technologie kan ontwikkelen.'

He Xiaopeng noemt zijn Xpeng liever 'een leerling van de gevestigde auto-industrie' dan een uitdager. Foto: Getty Images

Dit is bedrog, klonk het massaal op sociale media. De Chinese automaker Xpeng presenteerde vorig jaar op een techbeurs humanoid Iron. Het is geen robot, maar een vrouw in pak, was de teneur.

Ceo, oprichter en merknaamgever He Xiaopeng reageerde op het Chinese social platform Weibo eerst nog laconiek, maar het wantrouwen bleek zo hardnekkig dat hij een dag later en public het been van Iron liet openknippen, om het ijzeren binnenwerk te tonen. ‘Ik hoop dat dit de laatste keer is dat we moeten bewijzen dat Iron echt is’, zei He ten overstaan van de pers, ogenschijnlijk geraakt door het wantrouwen.

Wantrouwen

Dat wantrouwen tegenover Chinese merken en hun technologische innovaties is er nog altijd, zegt He in gesprek met een internationale groep journalisten, waaronder uw verslaggever van MT/Sprout. ‘Mensen geloven soms simpelweg niet hoe snel een Chinese startup geavanceerde technologie kan ontwikkelen.’ Een patroon dat hij eerder heeft gezien. ‘Tien jaar terug betwijfelden velen ook of Chinese elektrische voertuigen wel van goede kwaliteit konden zijn.’

Wie is He Xiaopeng?

He Xiaopeng (1977) is mede-oprichter en ceo van Xpeng en behoort tot een nieuwe generatie Chinese techondernemers die de overstap maakten van software naar mobiliteit. Na een studie computerwetenschappen richtte hij in 2004 UCWeb op, dat uitgroeide tot een van de populairste mobiele browsers van China met zo’n 500 miljoen gebruikers. De overname door Alibaba maakte hem miljardair en gaf hem de financiële ruimte om in 2014 Xpeng op te richten.

He was ervan overtuigd dat de auto van de toekomst niet alleen elektrisch, maar vooral ook softwaregedreven en intelligent zou zijn. Sinds 2017 staat hij als ceo aan het roer van Xpeng. Onder zijn leiding groeide het bedrijf uit tot een internationale EV-fabrikant die in 2025 wereldwijd 430.000 auto’s verkocht, een verdubbeling ten opzichte van het jaar daarvoor. In het vierde kwartaal van 2025 draaide Xpeng voor het eerst winst.

Inmiddels kijkt He verder dan auto’s alleen: met robotaxi’s, humanoïde robots en vliegende auto’s wil hij van Xpeng een bredere AI- en mobiliteitsspeler maken, Xpeng is volgens de ondernemer niet langer een automaker, maar een physical AI company.

Een uur voor het groepsinterview staat He op een immens podium in München, thuis van BMW en de stad waar Xpeng zijn Europese R&D-centrum heeft. Tegenover zo’n tweeduizend mensen geeft hij tijdens een merkevent voor het eerst een keynote in het Engels. Het maakte zijn mensen nerveus, grapt hij.

Die keuze is veelzeggend. Xpeng wil niet alleen auto’s – en straks ook humanoids en vliegende auto’s – verkopen in Europa, maar ook laten zien dat het de westerse markt begrijpt en serieus neemt.

He Xiaopeng behoort tot een nieuwe generatie Chinese techondernemers die de overstap maakten van software naar mobiliteit.

Leerling

He grossiert niet in de bravoure die veel Chinese techmiljardairs typeert. De topman van Xpeng noemt zijn bedrijf liever ‘een leerling van de gevestigde auto-industrie’ dan een uitdager. Europese autofabrikanten lopen volgens hem nog altijd voorop als het gaat om productie, kwaliteitscontrole en het bouwen van wereldwijde organisaties.

Het is een van de redenen waarom Xpeng in 2023 een samenwerkijng beklonk met Volkswagen (VW). De Duitse autoreus nam dat jaar voor 700 miljoen dollar een belang van 5 procent in het bedrijf. ‘Het heeft ons specifieke inzichten gegeven in het opbouwen van een internationale organsiatiecultuur en  een internationaal management, gebieden waar wij minder ervaring mee hadden.’

VW op zijn beurt kreeg de beschikking over Xpengs AI-chips en geavanceerde rijassistentiesystemen voor hun nieuwe modellen voor de Chinese markt. Ondertussen wordt er gesproken over een verdere uitbreiding van de samenwerking naar de Europese markt, voor onder meer een tweede productiefaciliteit in Europa, waarschijnlijk in Duitsland.

Chinese voorsprong

Hoewel He zich bescheiden opstelt laat hij weinig twijfel bestaan over waar de technologische voorsprong tegenwoordig ligt. ‘De auto-industrie wordt niet langer gedreven door mechanica, maar door software en kunstmatige intelligentie. Precies de terreinen waarop Chinese merken zijn groot geworden’, constateert hij.

‘Europese autofabrikanten zijn opgegroeid vanuit hardware en proberen software aan hun auto’s toe te voegen. Xpeng en andere Chinese nieuwkomers bewandelden de omgekeerde route’, stelt hij. ‘Zij komen uit de software- en internetwereld en beschouwen de auto vanaf het begin als een intelligent apparaat dat voortdurend nieuwe functies krijgt, slimme computers op wielen. Daardoor kunnen ze sneller vernieuwen en beter inspelen op de wensen van gebruikers.’

Hoeveel Europese merken zullen de huidige concurrentiestrijd overleven?
‘Dat is een vraag voor hun eigen ceo’s. Ik voorspel in ieder geval een bloedbad waarin uiteindelijk vooral schaalgrootte en technologische voorsprong bepalen wie overeind blijft. Daarbij denk ik dat Chinese merken hun voorsprong, hun first-mover advantage, voorlopig alleen maar verder uitbouwen.

Van de bijna 32.000 Xpeng-medewerkers houdt grofweg de helft zich bezig met R&D en van die groep is meer dan de helft dagelijks bezig met het verbeteren van onze software. De gevestigde automerken komen niet in de buurt van deze percentages.

De cijfers spreken voor zich. In China is inmiddels de helft van alle verkochte auto’s elektrisch, tegenover ongeveer een kwart in Europa en ruim één op de tien in de Verenigde Staten. Bovendien beschikt meer dan de helft van de Chinese EV’s over geavanceerde zelfrijdende functies. China bepaalt momenteel het tempo van innovatie. Wij blijven met Xpeng fors investeren in kunstmatige intelligentie terwijl concurrenten juist bezuinigen op onderzoek.’

De grootste uitdaging in Europa is misschien niet technologie, maar het vertrouwen van de Europese consumenten.
‘Wij hebben niet het erfgoed van de Europese merken, dus het is logisch dat dat tijd kost. We zitten erin voor de lange termijn en er is ons dus alles aan gelegen om die onzekerheid weg te nemen. We houden onze prijzen bewust stabiel en via regelmatige software updates krijgen auto’s voortdurend nieuwe functies, waardoor ze langer modern blijven en hun waarde beter vasthouden.

Maar we realiseren ons dat technologie alleen niet genoeg is. Om te laten zien dat Xpeng voor de lange termijn naar Europa is gekomen, investeren we ook in een lokale infrastructuur. Vanuit een centraal onderdelenmagazijn in Amsterdam worden Europese dealers bevoorraad, aangevuld met nationale distributiecentra in onder meer Duitsland en Frankrijk.

Uiteindelijk wil Xpeng zoveel mogelijk local for local werken: met lokale productie, lokale marketing en een eigen Europees ecosysteem. We willen niet worden gezien als een Chinese importeur, maar als een automerk dat blijvend onderdeel wordt van de Europese markt.’

Apple vergelijking

Xpeng heette tot voor kort Xpeng Motors. Sinds 1 april is dat Xpeng Group, een naamswijziging die het bedrijf zelf vergelijkt met die van Apple Computer naar Apple Inc. in 2007. De boodschap: we zijn niet langer een fabrikant van één product, maar een platform. Een physical AI company, noemt He dat.

De ambitie van Xpeng reikt daarmee veel verder dan auto’s. ‘Wij zien onszelf niet als een autofabrikant’, zegt He. ‘We ontwikkelen kunstmatige intelligentie die de fysieke wereld begrijpt, ermee kan interacteren en die uiteindelijk ook kan veranderen.’

Volgens hem is de auto slechts het eerste zichtbare product van die strategie. Dezelfde AI-technologie moet straks ook humanoïde robots, robotaxi’s en vliegende auto’s aansturen. ‘Een slimme auto is uiteindelijk een rijdende robot.’

Dat is volgens He geen vergezocht toekomstbeeld. Ongeveer 90 procent van de AI-software die Xpeng ontwikkelt voor zijn auto’s kan ook worden gebruikt in humanoïde robots, beweert hij. Ook aan de hardwarekant is de overlap groot: sensoren, chips en batterijen zijn voor meer dan de helft identiek. Beide systemen draaien op hetzelfde Vision-Language-Action-model, dat machines leert hun omgeving te begrijpen en zelfstandig beslissingen te nemen.

Humanoids in massaproductie

De eerste humanoïde robot van Xpeng moet eind dit jaar in serieproductie gaan. In eerste instantie zal Iron klanten ontvangen in showrooms en winkels, later moeten ook huishoudelijke toepassingen volgen. Daarnaast werkt Xpeng aan een vliegende auto, waarvan de productie volgend jaar moet starten.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

He denkt dat juist daar de grootste economische kans ligt. ‘De wereldwijde automarkt vertegenwoordigt ongeveer 10 biljoen dollar. De robotmarkt wordt uiteindelijk twee keer zo groot. Over tien jaar verkopen we mogelijk meer robots dan auto’s.’

Voor He is dat een  logische volgende stap. Waar traditionele autofabrikanten auto’s bouwen die steeds slimmer worden, ziet Xpeng auto’s, robots en vliegende voertuigen als verschillende verschijningsvormen van dezelfde technologie: fysieke AI.

Droogt het pre-seed kapitaal op? Rabobank gaf 850 startups een innovatielening – en dat hielp

Loopt het aantal investeringen in de allerprilste startups van Nederland terug? Niet bij Rabobank. De bank heeft de afgelopen jaren voor 128 miljoen euro aan innovatieleningen verstrekt aan meer dan 850 startups. 'We nemen iets meer risico omdat we dit maatschappelijk nodig vinden.'

ioiny martin vossebeld
De driewielige scootmobiel Joiny, ontwikkeld mede dankzij een Rabo Innovatielening. Foto: Tragar BV

Een startup zonder bewezen product of cashflow, zonder voorraad, bedrijfspand, facturen of andere zekerheden? De gemiddelde founder zal het niet eens proberen: naar de bank stappen met je businessplan voor een lening.

Toch nodigt de Rabobank ze expliciet uit om dat wel te doen. De bank verstrekt sinds 2017 de Rabo Innovatielening, voor startups die impact maken met een bijdrage aan bijvoorbeeld betaalbare zorg of de energietransitie. De lening van 25.000 tot 200.000 euro heeft soepele voorwaarden, bedoeld voor de fase waarin een startup wél kosten maakt maar nog nauwelijks inkomsten heeft: de befaamde Valley of Death.

Lees ook: Hoe overleef je de Valley of Death? ‘Een week van tevoren hoorden we dat de deal niet doorging’

Lenen zonder onderpand of borg

Peter Smit, hoofd startup- en scaleupteam Rabobank.

De lening heeft een looptijd van 7 jaar en is de eerste twee jaar aflossingsvrij. Daarna moet de helft van het bedrag in 5 jaar tijd worden afgelost, en pas aan het eind van de rit de totale leensom. De founder hoeft ook niet persoonlijk borg te staan.

Voor founders die hun aandelen liever niet meteen weggeven, is dat aantrekkelijk, zegt Peter Smit, hoofd van het landelijke startup- en scaleupteam dat zijn bank in 2019 opzette. ‘Vergeleken met een converteerbare lening of een vroege aandelenronde is dit relatief founder-friendly.’

De rente lijkt met 10 procent dan wel weer fors, maar is in verhouding met het risico nog steeds redelijk, zegt Smit. ‘Wij nemen voor deze startups iets meer risico, en hanteren andere acceptatiecriteria dan bij andere afdelingen van de bank. Daar is het ‘computer says no’ als een bedrijf een historisch negatieve cashflow heeft. Mijn team kijkt vooral hoe waarschijnlijk het is dat een startup succesvol wordt.’

Startups met een overtuigend verhaal

Het team kijkt niet primair naar mogelijk financieel rendement, zoals een angel-investeerder, maar hanteert wel vergelijkbare criteria: wat is de kwaliteit van het team en het businessplan? Is er een uniek technologisch- of concurrentievoordeel, is er enige vorm van validatie of vroege omzet?

‘Positieve signalen van eerste klanten, een pilot die ergens toe leidt: dat soort bewijs helpt enorm’, zegt Smit. ‘Hoe verder een startup is, hoe overtuigender het verhaal wordt. Als het gaat om technologie, moet het dicht bij de marktintroductie zijn, dus meer dan alleen tekentafelwerk.’

Meer dan 850 Innovatieleningen

Rond de 40 procent van de aanvragen krijgt groen licht. De meer dan 850 bedrijven die inmiddels een Rabo Innovatielening hebben gekregen, vormen een dwarsdoorsnede van het Nederlandse startuplandschap. Wel zijn bedrijven in de healthsector met 29 procent behoorlijk aanwezig in vergelijking met de investeringen die Dealroom volgt. Voorbeelden zijn Momo Medical, dat via een app en bedsensoren de bewegingen van bewoners in verpleeghuizen volgt, en Joiny, dat een nieuw type scootmobiel ontwikkelt. Ook agri is met 11 procent van alle startups relatief oververtegenwoordigd.

Smit verklaart dat deels uit de historie van de bank. ‘Food en agri zijn van oudsher sterke thema’s voor Rabobank, waardoor de bank in die sectoren veel kennis en een netwerk heeft opgebouwd. Daarnaast hebben we een speciaal team voor medtech, met veel kennis van dat ecosysteem.’

Startups in ‘agri’ en zorg zijn flink vertegenwoordigd in het portfolio van Rabobank.

Omzetgroei en milestones

Uit het onderzoek van Rabobank blijkt dat de Innovatielening ze vooruithelpt. Om dat te meten, gebruikte de bank het StartupFramework van Gritd, dat de levensfase van een startup opknipt in vier stadia en twaalf mijlpalen.

Bedrijven die de lening ontvingen, zaten op dat moment gemiddeld net op milestone 2 (‘product-solution fit’). Nu, gemiddeld twee jaar en acht maanden later, zit diezelfde groep op milestone 5 (‘repeatable sales’). In andere woorden: ze bereikten ongeveer één milestone per jaar.

Lees ook: 1 miljard aan fundingdeals voor startups en scaleups, maar voor de vroegste fase loopt de financiering terug

Ook in harde cijfers is de groei goed te zien. Van de startups die al omzet draaiden toen ze de lening kregen, is de omzet met 86 procent per jaar gegroeid – meer dan het landelijk gemiddelde van zo’n 50 procent dat het CBS en RVO eerder becijferden. Het personeelsbestand groeide gemiddeld van 3,2 naar 8,5 fte.

Krediet helpt direct en indirect

De vraag is hoe onmisbaar het bancaire krediet was voor dat succes. Voor zeker 10 procent van de ondervraagde startupklanten was de Innovatielening de enige financieringsbron, maar de meeste startups combineerden het met andere bronnen van financiering, zoals subsidies of een aandelenuitgifte. Daar droeg de Rabolening volgens ruim de helft van de founders wel indirect aan bij. Dankzij de Innovatielening wisten ze ook aanvullende financiering van andere partijen op te halen.

Ruim de helft van de ondervraagde startups (55 procent) zegt ook niet-financiële ondersteuning te hebben ontvangen, vooral via de kennis en het netwerk van de bank. Dat onderscheidt de Innovatielening vooral van een regulier krediet, vindt Smit. Zijn bank brengt kleine en grote klanten bij elkaar, werkt samen met regionale investeringsmaatschappijen, met incubators als Yes!Delft, Utrecht Inc en Novel T in Enschede.

Zichtbaar in het ecosysteem

‘We willen deze strategisch en commercieel relevante doelgroep gewoon goed bedienen. Dat betekent dat we zichtbaar en actief aanwezig zijn in het regionale ecosysteem, en de laatste jaren coördineren we dat landelijk, om te voorkomen dat het bij losse initiatieven blijft.’

En vergeet ook niet de sessies van Money Meets Ideas, zegt Smit, waar een keer of twintig per jaar startups pitchen voor particuliere investeerders. ‘Daar komt ook in 30 procent van de gevallen succes uit voort.’

Lees ook: Seed Capital-regeling hielp 831 startups groeien, tijd voor een variant voor scaleups?

Waarom de Rabobank zo te zien wat soepeler geld leent aan jonge startups dan andere grootbanken? ABN Amro en ING waren in het verleden wel actief met accelerators, venture capital en vormen van crowdfunding voor startups. De aandacht voor vroegefasefinanciering lijkt er inmiddels toch wat weggezakt.

Volgens Smit past het bij zijn coöperatieve bank. ‘We hebben geen aandeelhouders maar maken wel winst. Een deel van die winst zetten we in voor wat we maatschappelijk nodig vinden. Impactvolle innovatie ontstaat vaak bij startups, en die spelen een sleutelrol in de transities waar we als samenleving voor staan, op het gebied van energie en voedsel, bij het betaalbaar houden van de zorg en een grotere digitaliseringsgraad. Die ondernemers willen we een duwtje in de rug geven, ook als dat wat meer risico met zich meebrengt.’

Van de startups overleeft 75 procent

Smit neemt inderdaad een flinke default rate voor lief – het percentage leningen dat zijn bank moet afschrijven omdat startups geen succes worden. Ongeveer 75 procent van de bedrijven die ooit een Rabo Innovatielening kregen, bestaat nog steeds, zo’n 20 tot 25 procent ging binnen de leentermijn van 7 jaar over de kop. ‘Maar we kijken bij een dreigend faillissement altijd naar de individuele situatie: is er nog levensvatbaarheid, kan een aflossing tijdelijk worden uitgesteld? Dat soort dingen bekijken we per geval.’

Over de voor- en nadelen ten opzichte van financiering tegen aandelen of met een convertible, een lening die later wordt omgezet in een aandelenbelang, kun je eindeloos debatteren met elke founder en financier. Feit is dat die 850 leningen voor een totaalbedrag van 128 miljoen euro helpen bij een probleem waar Nederland al jaren mee worstelt: de investeringen in startups concentreren zich op de wat rijpere fasen. Voor oprichters die maar net zijn begonnen, is het worstelen om geld aan te trekken buiten de bekende friends, family and fools.

Geen terugloop in nieuwe startups

Vorige week nog bleek uit het Quarterly Startup Report dat de Dutch Startup Association liet opstellen dat het aandeel van pre-seedrondes (met geïnvesteerde bedragen van minder dan 1 miljoen euro) vergeleken met een jaar eerder ruimschoots was gehalveerd, tot 12 procent. In absolute termen ging het van twintig naar zeven deals.

Lees ook: Investeringen in de prilste startups drogen op, hoe krijgen we angels (weer) aan het investeren?

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Hoewel de makers van het rapport toegeven dat niet elke deal op hun radar verschijnt, is de trend duidelijk neerwaarts in de vroegste ronden. Zijn er te weinig angel-investeerders met lef of zijn er minder ondernemers met ambitie? Van dat laatste is volgens Smit geen sprake.

‘Wij zien al jaren een constante stroom van aanvragen’, zegt hij. ‘Het afgelopen halfjaar waren dat er 171, in de tweede helft van vorig jaar 193. Dus als je vraagt of ik het aantal beginnende startups zie afnemen? Nee, dat zie ik totaal niet.’ Zijn bank doet er zelfs een schepje bovenop: dit jaar is de maximale lening opgetrokken van anderhalve ton naar twee ton.

Duitse dronebouwer Helsing is de nieuwe darling van de Europese defensie-industrie

Investeerders staan te dringen om geld te steken in de Duitse AI-dronebouwer Helsing. Na een megaronde van 1,8 miljard dollar is het bedrijf van Torsten Reil nu 18 miljard dollar waard, al doet die ‘krankzinnige’ waardering analisten fronsen.

Helsing HX-2
De kamikaze-drone van Helsing: de HX-2. Foto: Helsing

Het is een van de grootste investeringen in een Europese defensie-scaleup ooit. Het Duitse Helsing kondigde deze week aan dat het 1,8 miljard dollar heeft opgehaald in een Series E-financieringsronde, waarmee het bedrijf een waardering van 18 miljard dollar krijgt opgeplakt.

Aan de ronde namen zowel nieuwe als bestaande investeerders deel. Het Amerikaanse Dragoneer Investment Group had als nieuwkomer de lead, samen met huidige aandeelhouder Lightspeed Venture Partners. Ook de Amerikaanse grootbanken JPMorgan Chase en Goldman Sachs en het Canadese pensioenfonds CPP Investments stapten in.

Toch blijft Helsing ook na deze (Noord-)Amerikaanse megaronde grotendeels in Europese handen, meldt de Financial Times. Bijna 80 procent van de aandelen is in Europees bezit, met Prima Materia, het durfkapitaalfonds van Spotify-oprichter Daniel Ek, en het Zweedse concern Saab als belangrijke aandeelhouders.

Ronde overtekend, niet voor het eerst

Het was al langer bekend dat de miljardendeal in de maak was, en die bleek bovendien een stuk hoger uit te vallen dan het bedrag van 1,2 miljard dollar dat eerder rondzong. Zoveel interesse was er; de ronde is overtekend, en niet voor het eerst.

Het maakt het Duitse bedrijf tot een van de meest waardevolle Europese startups van het moment en het posterchild van de Europese deftech-sector – in het bijzonder de florerende drone-industrie.

Lees ook: Nederland droneland: 125 defensiestartups, een fabriek in Born en orders voor honderden miljoenen euro’s

Helsing, opgericht in 2021, is het geesteskind van de Duitse ondernemer en Oxford-onderzoeker Torsten Reil. Hij verdiende zijn sporen – en zijn fortuin – in de gamingindustrie met NaturalMotion. Zijn onderzoek naar algoritmes die biologische evolutie kunnen nabootsen, werd de basis voor zijn bedrijf.

Die technologie kon je namelijk ook heel goed inzetten voor animaties, ontdekte hij. We hebben zijn werk allemaal weleens gezien; de technologie werd gebruikt in blockbusters als The Lord of the Rings- en Harry Potter-films, en bij videogames als Grand Theft Auto en Red Dead Redemption.

Europese obsessie met hardware

In 2014 verkocht Reil NaturalMotion voor 527 miljoen dollar aan de Amerikaanse gamegigant Zynga. Met Helsing bouwt hij voort op zijn ervaring in de software- en gamingindustrie. Europa was tot een paar jaar geleden ‘geobserdeerd door hardware’, zegt de ondernemer tegen de Financial Times: tanks, gevechtsvliegtuigen, oorlogsschepen.

Ondertussen kwamen in Amerika deftechbedrijven als Palantir en Anduril op, waarover straks meer, en kon Europa daar niets tegenover stellen. ‘Ik vond dat een enorme kwetsbaarheid.’

De oprichters van Helsing (v.l.n.r.): Gundbert Scherf, Torsten Reil en Niklas Köhler. Foto: Helsing

Hij startte Helsing met twee medeoprichters: Gundbert Scherf, eerder adviseur bij het Duitse ministerie van Defensie en voormalig partner bij McKinsey, en AI-onderzoeker Niklas Köhler. Helsing begon als softwarebedrijf, dat AI inzette om grote hoeveelheden data vanaf het slagveld te analyseren, bedoeld om militairen sneller en betere beslissingen te laten nemen.

Drie jaar later volgde een pivot, omdat de oprichters geen geschikte leveranciers konden vinden om die software goed te laten landen.

Ze besloten hun eigen hardware te gaan produceren. Daarvoor haalde het bedrijf in juni 2025 600 miljoen euro op in een ronde geleid door Daniel Ek. De oprichter van Spotify is al sinds het begin bij Helsing betrokken; bij de start in 2021 legde hij ook al 100 miljoen in.

Lees ook: Spotify-baas Daniel Ek vertrekt: hoe de redder van de muziekindustrie een omstreden figuur werd

Eerste grootschalige droneoorlog

Een paar maanden later viel Rusland Oekraïne binnen in wat de eerste grootschalige droneoorlog in de wereldgeschiedenis zou worden. De drones van Helsing vliegen aan het front. Het belangrijkste product van de scaleup is de HX-2. Dat is een zogeheten kamikaze-drone: een onbemand luchtvaarttuig dat autonoom naar een doel vliegt en daar ontploft.

Helsing levert er 6.000 aan Oekraïne en heeft daarnaast een deal met de Duitse defensie met een initiële waarde van 269 miljoen euro, die kan oplopen tot bijna 1,5 miljard euro.

Reil wil de mens uit de frontlinie halen. Oorlog wordt volgens hem steeds meer een strijd van ‘materieel tegen materieel’ – en hoewel dat een mooie gedachte is, is het nog ver van de realiteit. Op het slagveld lopen nog steeds mensen rond, en het gebruik van autonome wapensystemen die met AI zelfstandig kunnen beslissen over leven en dood roept veel morele en juridische vragen op.

‘Killer robots’

Al is niet Helsing, maar vooral zijn Amerikaanse tegenhanger Anduril Industries het middelpunt geworden van de discussie over ‘killer robotos’. Oprichter Palmer Luckey maakte eerder VR-brillen, maar rust nu in de VS het leger en veiligheidsdiensten uit met drones en andere autonome systemen. Zijn nieuwste project is een gevechtsvliegtuig zonder piloot, de Fury.

Naast dat ze beide autonome wapensystemen produceren, hebben de ondernemingen ook andere overeenkomsten. Ook Luckey verruilde gaming- voor defensietechnologie, en hij gaf zijn bedrijf net als Reil een literaire naam mee. Anduril is vernoemd naar het machtige zwaard uit The Lord of the Rings, terwijl Helsing een verwijzing is naar Abraham van Helsing, de vampierjager uit Dracula.

Lees ook: Hij werd miljardair met een VR-bril, nu levert de ‘War King’ van Silicon Valley AI-wapens aan het Amerikaanse leger

In Europa klinkt er ook kritiek, maar die is met name gericht op investeerder – en inmiddels medebestuursvoorzitter – Ek. Zijn investeringen in Helsing leidden in de zomer van 2025 tot een kleine exodus van artiesten. Bands als Massive Attack, Xiu Xiu en King Gizzard and the Lizard Wizard haalden hun muziek van het platform.

‘We willen niet dat onze muziek bijdraagt aan het vermoorden van mensen’, verklaarde de Amerikaanse rockband Deerhoof. King Gizzard and the Lizard Wizard hield het korter: ‘Fuck Spotify.’

‘Krankzinnige’ waardering

Kritische geluiden over Helsing gaan dan weer vooral over de ‘krankzinnige’ waardering van het bedrijf. De Financial Times zag de documenten voor investeerders in en rekende voor dat de waardering van 18 miljard dollar neerkomt op 32 keer de verwachte jaaromzet in 2026 van 441 miljoen euro (502 miljoen dollar).

Ter vergelijking: Anduril werd bij zijn meest recente financieringsronde gewaardeerd op 13 keer de verwachte jaaromzet, terwijl het Amerikaanse Shield AI – dat drones en vliegtuigen kan laten opereren in omgevingen zonder gps-signaal – uitkwam op 21 keer.

Europese bedrijven komen er nog bekaaider vanaf. Quantum Systems, een Duitse maker van AI-gestuurde drones, wordt gewaardeerd op 8,5 keer de verwachte omzet. Helsing wijst in een reactie op de omzetverwachting voor 2027: bij een omzet van 753 miljoen euro komt de waardering volgens het bedrijf neer op een volgens hen redelijker veelvoud van negentien.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Hoe dan ook zal de scaleup nog flink moeten groeien om de hoge waardering te rechtvaardigen. Analisten vragen zich af of dat lukt met de verkoop van militaire technologie alleen. ‘Ik weet niet zeker of de Europese defensie-uitgaven op termijn hoog genoeg zullen blijven’, zegt de Duitse defensie-investeerder Johannes von Borries tegen de Britse zakenkrant.

Een andere bron maakt de vergelijking met de dotcom-bubbel. ‘Quantum, Stark, Helsing… ze halen allemaal als gekken geld op. Simpelweg omdat het er nu is.’

Deze Amsterdamse AI-hoogleraar bouwt een scaleup waarin Nvidia, Samsung en nu ook Bezos investeren

Het Brits-Nederlandse CuspAI haalt 450 miljoen dollar op in een door Jeff Bezos medegefinancierde Series B-ronde. Medeoprichter Max Welling, hoogleraar machine learning aan de Universiteit van Amsterdam, wil met zijn scaleup twee urgente kwesties tegelijk aanpakken: Europa's achterstand in de AI-race en klimaatverandering.

Max Welling
Max Welling werkte niet alleen met de besten in zijn veld, hij heeft zelf ook een neus voor talent, zeggen mensen om hem heen. Foto: UvA

Onlangs viel Max Welling de ‘hoogste eer ten deel die een wetenschapper kan krijgen’ – zijn eigen woorden. De hoogleraar machine learning aan de Universiteit van Amsterdam (UvA) doelde daarbij niet op de Nederlandse AI-Award die hij dit voorjaar ontving, of zijn kersverse lidmaatschap van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW).

Nee, hij had het over het feit dat er een koffie naar hem is vernoemd. Cafe Neo, in het Matrix Innovation Center in Amsterdam, heeft een nieuwe special: de ‘Welling’. Een latte macchiato met een extra shot koffie – en dat is iets heel anders dan een flat white. Dat we het even weten.

Het zegt iets over hoe bescheiden – en hoe geestig – de 57-jarige Welling is. Over de loftuitingen die hij van de jury van de AI-Award en de KNAW kreeg, hoor je hem niet. Dat zijn publicaties tot de meest geciteerde binnen machine learning horen, bijvoorbeeld. Of dat hij een van de kartrekkers is in de strijd om Europa in de AI-race te houden, nu de VS en China steeds meer geld aangooien tegen de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie.

‘Digitale kolonie’

Welling is een van de oprichters van een instituut dat daar tegenwicht aan moet bieden: het European Lab for Learning & Intelligent Systems (Ellis), een netwerk dat topwetenschappers en het bedrijfsleven verenigt voor onderzoek naar kunstmatige intelligentie.

Daarover praat hij wel graag, en veel. Sinds een paar jaar mengt Welling zich actief in het publieke debat met een duidelijke boodschap: wil Europa technologisch en economisch zelfstandig blijven, dan moet het nú investeren in AI. Anders wordt ons continent een ‘digitale kolonie’.

Welling verkondigt die boodschap waar hij maar de kans krijgt, zegt medepleitbezorger Jelle Prins, co-founder van biotech-AI-startup Cradle. ‘Bij vrijwel elk belangrijk AI-evenement is hij aanwezig. Daar verdient hij niks aan, dat doet hij echt uit liefde voor Nederland. Als onze regering experts nodig heeft, komen ze al snel uit bij Max.’

Prins zelf trouwens ook; Welling schreef mee aan een door hem en MIT-onderzoeker Michiel Bakker geïnitieerd nationaal ‘Deltaplan’ om de AI-transitie in goede banen te leiden. Daarin is onder meer het voorstel opgenomen om naast de Europese variant ook een Nederlands Ellis-instituut op te richten.

Ronde van 450 miljoen

Europa moet het spel leren spelen dat in Silicon Valley al heel lang wordt gespeeld, vindt Welling. ‘Vechten om talent, goed betalen en grote investeringen durven binnenhalen’, zegt hij tegen De Telegraaf. ‘Anders worden we opgegeten.’

Dat zijn geen lege woorden. CuspAI kondigde maandag een Series B-financieringsronde van 450 miljoen dollar aan, die de twee jaar oude scaleup op 2,6 miljard dollar waardeert. Prins is er blij mee. ‘Bij elk succesbericht over CuspAI staan wij hier te juichen. Goed nieuws voor CuspAI is goed nieuws voor heel Europa.’

Het gerucht dat de megaronde in de maak was, deed al langer de ronde, al werd eerder over een bedrag van 400 miljoen dollar gesproken. CuspAI gaat al sinds de oprichting hard; de scaleup verzekerde zich bij de start in april 2024 direct van 30 miljoen dollar, en haalde een jaar later nog eens 100 miljoen dollar op.

Lees ook: CuspAI scoort 100 miljoen om sneller nieuwe materialen te ontwikkelen voor CO2-opslag en batterijen

Niet alleen zijn het bedragen die niet zouden misstaan in de States, de vingerafdrukken van Silicon Valley zitten bovendien all-over de deal. De ronde werd geleid door Kleiner Perkins en (opnieuw) NEA, twee van de bekendste durfkapitaalfirma’s in de Bay Area. Daarnaast – ook dat gerucht zong al langer rond – stapt Jeff Bezos in met zijn investeringsvehikel Bezos Expeditions.

Samen met nog een hele zwik andere Amerikaanse investeerders, nieuwe en bestaande, en ook het Singaporese Temasek is weer van de partij. Al heeft de deal ook een Europees tintje. Staatsinvesteerders Invest-NL en het Britse Sovereign AI Venture Fund stapten eveneens in.

AI for science

Tegelijk kondigt CuspAI een samenwerkingsverband aan met 45 grote bedrijven en instellingen om de ontdekking van nieuwe materialen te versnellen, de AI Materials Foundry. Onder die bedrijven zijn giganten als Nvidia, Meta en de Hyundai Motor Group, maar ook de TU Eindhoven en het Nederlandse onderzoeksinstituut voor energie Differ.

Even een stap terug. CuspAI is net als Cradle in het relatief jonge domein dat AI for science heet, de inzet van kunstmatige intelligentie voor het versnellen van wetenschappelijk onderzoek. Maar waar de AI-modellen van Cradle eiwitten ‘ontwerpen’ voor onder meer de farmaceutische en chemische industrie, die bijvoorbeeld als basis kunnen dienen voor betere medicijnen, speurt de moleculaire ‘zoekmachine’ van CuspAI juist naar nieuwe materialen.

Materialen voor industriële en bij voorkeur groene toepassingen, zoals betere batterijen of het op grote schaal afvangen van CO2 – waarover straks meer. Maar ook materialen om efficiëntere en goedkopere AI-chips te produceren, zodat er minder energie en schaarse grondstoffen nodig zijn. Dat verklaart het enthousiasme van de techgiganten die het bedrijf mede financieren, en nu samen sleutelen aan het verbeteren van dat proces.

Menselijke versus artificiële intelligentie

Welling is van huis uit natuurkundige. Hij studeerde theoretische natuurkunde aan de Universiteit Utrecht en promoveerde in 1998 onder begeleiding van de vooraanstaande natuurkundige en Nobelprijswinnaar Gerard ‘t Hooft op een proefschrift over quantumzwaartekracht. Hij was toen 29 jaar.

‘Hij was een erudiete en serieuze student’, blikt ‘t Hooft terug. ‘Zeer gemotiveerd en net als ik gedreven door de wens om de wereld om ons heen fundamenteel te willen begrijpen.’

Welling dacht toen al na over kunstmatige intelligentie. ‘Daar spraken we vaak over’, zegt ‘t Hooft. ‘We vonden het allebei fascinerend dat uit de natuur, zonder directe sturing, intelligente wezens zijn ontsproten. Tegelijk verbaasden we ons over hoe die intelligentie in het dagelijks leven wordt gebruikt. Zou dat niet beter kunnen? Max en ik deelden de filosofie dat we robots zouden kunnen maken die intelligenter zijn dan mensen.’

Toch was ‘t Hooft verrast toen Welling na zijn promotie naar de Universiteit van Toronto vertrok, om daar te gaan werken met Geoffrey Hinton, een pionier op het gebied van artificiële neurale netwerken. Durk Kingma, die in 2017 onder begeleiding van Welling promoveerde, kan de overstap daarentegen wel plaatsen.

‘Ik denk dat het futuristische aspect hem aantrok, het idee van een intelligente computer’, zegt hij. ‘In ons veld is zijn natuurkundige achtergrond een kracht gebleken. Max is wiskundig rigoureus, en verwachtte dat ook van zijn studenten. Onze meetings verliepen ongeveer als volgt: je hebt een half uur, hier is een whiteboard, bewijs maar dat je idee correct is. De lat ligt hoog. Tegelijkertijd is Max sociaal en super slim; discussies zijn altijd leuk.’

Neus voor talent

Kingma werd in AI-kringen later wereldberoemd als Nederlandse medeoprichter van OpenAI. Welling weet niet alleen de grootheden in zijn vakgebied feilloos te vinden – naast zijn voormalige mentor Hinton heeft ook AI-pionier Yann LeCun een stoel in de raad van advies van CuspAI – maar heeft zelf ook een neus voor talent, zeggen mensen om hem heen.

Lees ook: Durk Kingma, de Nederlandse co-founder van OpenAI, is wereldberoemd (binnen de AI-wereld)

Omgekeerd wil dat talent ook graag met hem werken. ‘Ik was op zoek naar een PhD-plek op het vlak van neurale netwerken en probabilistisch redeneren, een tak van machine learning waarbij kansmodellen leren over de data. Ik kende in Nederland alleen geen enkele professor die zich daarmee bezighield’, vertelt Kingma. ‘Tot ik hoorde dat Max een onderzoeksgroep in Amsterdam ging starten en één PhD’er mocht aannemen. Hij had toen nog niet eens een kantoor, ik had mijn sollicitatiegesprek in de stationsrestauratie in Bussum.’

Het is geen toeval dat veel van de bekendste Nederlandse AI-onderzoekers uit de ‘stal’ van Welling komen, zegt ook AI-specialist Michiel Bakker, zelf verbonden aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT). ‘Max is de grootste AI-onderzoeker van Nederland. Logisch dat mensen zich aan hem willen verbinden, zowel studenten also co-auteurs.’

Hij somt op: ‘Durk natuurlijk, maar ook Taco Cohen, Thomas Kipf, Emiel Hoogeboom en Rianne van den Berg.’ Cohen landde daarna bij Meta, Kipf bij Google Deepmind, Van den Berg bij Microsoft en Hoogeboom bij Anthropic. Bakker: ‘Daardoor reikt Max’ invloed inmiddels veel verder dan zijn eigen werk alleen.’

Nog een keer, maar dan groter

Met Cohen richtte Welling in 2013 zijn eerste bedrijf op, AI-startup Scyfer. Ook oud-studiegenoot Jörgen Sandig en UvA-student Tijmen Blankevoort maakten deel uit van het foundersteam. Het idee achter Scyfer was dat de deep learning-modellen uit het lab van nut konden zijn voor het bedrijfsleven; voor Tata Steel ontwikkelde de startup bijvoorbeeld een algoritme dat defecten in staalplaten bij de kwaliteitsinspectie sneller hielp te spotten.

Vergeleken met CuspAI was het eigenlijk kinderspel, blikt Welling in gesprek met EW terug. ‘We hebben bijvoorbeeld nooit investeringen opgehaald. Toen ik Scyfer had verkocht, dacht ik: dit wil ik nog een keer, maar dan groter.’

Vier jaar na de oprichting lijfde Qualcomm de startup in. De Amerikaanse chipgigant stak niet onder stoelen of banken dat de overname óók bedoeld was om het ‘getalenteerde team’ binnen te halen. Welling werd vicepresident technologies bij Qualcomm. Dat bleef hij vier jaar, daarna ging hij bij Microsoft meebouwen aan het AI4Science-onderzoekslab in Amsterdam. Dat lab werd opgezet om oplossingen voor klimaatvraagstukken te vinden.

‘Idealistische missie’

Naast de Europese achterstand op AI-gebied heeft Welling een tweede zorg. Nog te weinig mensen, zegt hij tegen het FD, begrijpen de ‘gigantische impact’ die klimaatverandering gaat hebben. De bedreiging die de opwarming van de aarde voor de wereldwijde voedselproductie vormt bijvoorbeeld, die de voedselzekerheid van grote groepen mensen bedreigt.

Lees ook: ‘Klimaatgeneraal’ Tom Middendorp: ‘Klimaatcrisis is ook een veiligheidscrisis’

Alleen vloeiden het geld en de rekenkracht van Microsoft na de lancering van ChatGPT in 2022 nou juist de andere kant op. Naar large language models (LLM’s), terwijl er volgens Welling wel belangrijker zaken waren om aan te werken. Het ontwikkelen van technologie om op grote schaal CO2 uit de lucht te filteren, om maar iets te noemen. Het werd de missie waarmee CuspAI werd opgericht.

Het bedrijf doet ook ‘commerciëlere’ klussen, waaronder je het onderzoek naar nieuwe materialen voor halfgeleiders kunt scharen. Maar CuspAI heeft ook klanten buiten de techscene. Met het Finse chemiebedrijf Kemira wordt gewerkt aan moleculen die PFAS en andere stoffen uit verontreinigd water kunnen halen en met het Zuid-Koreaanse Hyundai, tevens investeerder in het bedrijf, sleutelt de scaleup aan materialen voor de volgende generatie elektrische auto’s.

Daarmee wordt het geld verdiend, zei Welling eerder tegen MT/Sprout. Aan de ‘idealistische missie’ werkt de scaleup op eigen kosten. ‘Zolang niemand door overheden wordt gedwongen om CO2 uit de lucht te halen, is er geen echte markt voor carbon capture. Maar zodra dat moment komt, en dat gaat gebeuren, kun je daar maar beter goed op voorgesorteerd zijn.’

Meer wetenschapper dan ondernemer

Wellings zorgen zijn oprecht, zeggen mensen om hem heen. Zoals Kingma, die bij de ronde van september 2025 als investeerder instapte. ‘Ik ben fan van de missie van CuspAI, en ik geloof in Max’, zegt hij. ‘De ontwikkeling van nieuwe materialen voor betaalbare CO2-afvang zou enorm positief zijn voor de wereld.’

Zijn co-founder, Chad Edwards, liep in 2024 met hetzelfde idee als Welling. Als AI tekst en plaatjes kon maken, waarom dan niet ook materialen en moleculen waaraan de wereld echt iets heeft? De technologie die daarvoor nodig was, zegt hij tegen investeerder Northzone, was ‘deels door Max uitgevonden’. ‘Toen ik hem benaderde, bleek hij over exact hetzelfde concept na te denken.’

Lees ook: Hoe bouw je Europese kampioenen? CuspAI en LeydenJar gaan voorop (en leggen het uit)

Welling werkt nu vier dagen per week als cto voor CuspAI, één dag is hij hoogleraar. Toch voelt hij zich nog steeds meer wetenschapper dan ondernemer. ‘Op het nerderige af’, zegt hij tegen EW. ‘Ik zit veel in mijn hoofd. Ik houd van wandelen, maar zelfs dan ben ik nog aan het nadenken.’

De commerciële strategie en het ophalen van financiering laat hij dan ook grotendeels aan Edwards over, zei hij eerder tegen MT/Sprout. Grijnzend: ‘Ik word er alleen bijgeroepen als er een technisch verhaal moet worden gehouden.’

Dit artikel is op 24 juni 2026 gepubliceerd, en op 20 juli geüpdatet.