Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Brief aan Balkenende

In deze rubriek worden managers, ondernemers en wetenschappers uitgenodigd om premier Balkenende in een persoonlijke brief te adviseren hoe we de Nederlandse economie weer aan de praat kunnen krijgen. Deze keer Carmen Breeveld .

Geachte excellentie, beste Jan Peter,

Van 1 juli tot en met 31 december 2004 is Nederland voorzitter van de Europese Unie. Dat biedt een uitgelezen mogelijkheid om bij uitstek Nederlandse thema’s als kenniseconomie, gidsland, internationalisering etc. op de beleidsagenda te zetten.

In 2000 hebben de EU-lidstaten afgesproken dat de Europese Unie in 2010 de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie van de wereld moet zijn.

Prachtig proza. Echter, wat komt er van terecht? Zolang de (ongeschreven?) norm blijft gelden dat vrouwen er vooral zijn om kinderen op te voeden schrijven we de helft van ons arbeidspotentieel vervroegd af.

Mijn ervaring als zwarte vrouw in een business die door blanke mannen gedomineerd wordt, is dat er in de business veel ruimte is voor initiatieven vanuit een zakelijke overweging; diversiteit in plaats van positieve actie. Positieve is eenzijdig gericht op het wegwerken van een achterstandssituatie terwijl diversiteitbeleid een win-win situatie beoogt op basis van business gerichte argumentatie.
Ik werk voor zowel Amerikaanse, Japanse als Europese multinationals en wat Nederland volgens mij moet onderkennen is dat wij ons de onszelf toebedeelde luxe positie de vrouwen thuis te laten zitten niet langer kunnen permitteren in een demografische context van vergrijzing; Er dient een cultuurverandering tot stand gebracht te worden waardoor Nederlandse mannen en vrouwen gaan beseffen dat het de hoogste tijd is om een beroep te doen op alle beschikbare potentieel in Nederland.
Blanke mannen klagen over het feit dat een open gesprek over aangaande loopbaanplanning bij vrouwen niet mogelijk is als een privacy wetgeving verbiedt door te vragen op het gebied van gezinsplanning. Als basale gesprekken als deze al worden belemmerd door wetgeving, valt het niet te verwachten dat wij op korte termijn kunnen uitzien naar een constructieve oplossing voor vrouwenparticipatie.
Blanke en zwarte vrouwen klagen bij mij over het feit dat het z ogenaamdeglazenplafond het hen onmogelijk maakt om door te stromen naar de topfuncties, terwijl de meeste aangeven in deeltijd te willen werken. Mijn indruk is dat wij ook af moeten van de typisch Nederlandse cultuur trekjes dat vrouwen zowel carrière, opvoeding van kinderen, als het zijn van een goede echtgenote in deeltijd kunnen combineren.
De cultuur van “alles een beetje” te willen doen moet doorbroken worden en de overheid dient faciliteiten te scheppen die dit bevordert. Het schoolsysteem moet aangepast worden aan de wensen van deze tijd in combinatie met professionele, flexibele en betaalbare dag-, middag-, en avondopvang voor kinderen in een soort “kinderhotel” volgens Litouws concept, waar buitenschoolse opvang ook huiswerkbegeleiding, sportfaciliteiten en overnachtingsmogelijkheden biedt, waardoor bij kinderen ook een sociaal saamhorigheidsgevoel wordt bijgebracht.
Wij zijn nu in Nederland te ver doorgeschoten in de individualisering en raken daardoor onze grip kwijt op het collectieve belang.
Persoonlijk merk ik dat het maatschappelijke en het business klimaat klaar is voor diversiteit. Als ondernemer en Zwarte Zakenvrouw van het jaar speel ik daar op in door het aanbieden van een bemiddelingsplatform aan hoger opgeleide (zwarte en witte) vrouwen die bemiddelt willen worden naar een management positie met training en coaching gedurende de eerste 2 jaar na plaatsing om uitstroom achteraf te voorkomen.

Opvallend is dat 22 procent van de vrouwen uit etnische minderheden zich in een maatschappelijk succesvolle positie bevindt. Deze groep succesvolle allochtone vrouwen is goed opgeleid en economisch zelfstandig. Ze zouden een voorbeeldfunctie kunnen vervullen bij emancipatie en integratie van alle vrouwen in een mannencultuur.

Ik wil ervoor pleiten dat we het beschikbare menselijk kapitaal in Nederland optimaal benutten. Dus: organisaties niet straffen voor het niet naleven van repressief beleid, maar gaan belonen voor het definiëren van beleid dat erop gericht is de economie van Nederland te bevorderen door het doorvoeren van bovengenoemde adviezen door middel van fiscale voordelen voor organisaties die laten blijken uit hun gevoerde beleid dat zij snappen waar het om gaat.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Ik ben benieuwd hoe Nederland er in 2010 uitziet als we deze punten snel invoeren.

Carmen Breeveld is directeur van werving – en selecitebureau voor hr-managers Team Care en was Zwarte Zakenvrouw van het jaar 2003

‘Shitstorm’ op de arbeidsmarkt: straks vecht iedereen om dezelfde 200.000 kandidaten

De strijd om talent wordt de komende jaren nog harder. Arbeidsmarkt- en gedragsexperts Arjan Elbers en Nicol Tadema omschrijven het als een 'shitstorm'. Met flitsende campagnes en dure headhunters zullen bedrijven die storm niet overleven. Waarmee dan wel? 'Het enige wat telt, is je mensen een goed gevoel geven.'

arbeidsmarkt-shitstorm
De potentiële beroepsbevolking telt nu 13,6 miljoen mensen tussen de 15 en 75 jaar. Daar komen er tegen 2030 slechts 200.000 bij. Foto: Getty Images

Al jaren wordt er geklaagd over de vergrijzing, maar eigenlijk begint die nu pas. Nederland telt meer 65-plussers dan jongeren onder de twintig jaar. De potentiële beroepsbevolking telt nu 13,6 miljoen mensen tussen de 15 en 75 jaar. Daar komen er tegen 2030 slechts 200.000 bij.

Die nieuwe werkenden gaan linea recta naar de zorg, defensie en techniek. Met 1,7 miljoen mensen is de zorg al de grootste werkgever, en alleen al in die sector komen meer dan 200.000 vacatures bij. Defensie wil snel opschalen naar 100.000 mensen, en dan doorgroeien naar 200.000.

De technieksector staat de komende jaren voor een dubbele uitdaging. Naast de uitstroom van gepensioneerde babyboomers zal ook generatie X moeten worden vervangen. Daar komt de energietransitie bovenop, waarvoor nu al 30.000 mensen nodig zijn. En voor de bouw van de broodnodige 100.000 woningen per jaar? Daarvoor zijn nog eens 60.000 mensen nodig.

Werkgeverschap bepalend voor overleven

Voor arbeidsmarkt- en gedragsexperts Arjan Elbers en Nicol Tadema is na deze cijfertjes de conclusie duidelijk: de shitstorm op de arbeidsmarkt zal bedrijven van hun sokken blazen.

Niet de Chinezen, niet het gejojo van de Amerikaanse president Donald Trump, niet AI, laat staan de klimaatverandering. Wie er niet in slaagt om mensen aan te trekken en te behouden, zal deze storm niet overleven.

Daarom moet goed werkgeverschap op de agenda van de boardroom komen, schrijven ze in Het geheim van de meest aantrekkelijke werkgevers. In hun nieuwe boek pellen Elbers en Tadema via interviews en adviezen van experts af waar dat echt over gaat.

Het zijn niet de flitsende campagnes, employer brandingbureaus of slimme headhunters die het verschil maken. Bedrijven die investeren in cultuur, menselijk gedrag en leiderschap zullen de winnaars zijn. De auteurs vatten de kern van hun boek zelf nog bondiger samen: ‘Het enige wat telt, is dat je mensen een goed gevoel geeft.’

Lees ook: Startersbanen verdwijnen razendsnel, maar Gen Z vindt een uitweg

A-spelers melden zich vanzelf aan

Begint het al te jeuken? Diverse onderzoeken bevestigen hoe belangrijk dat is. Werkgevers die erin slagen mensen het juiste gevoel te geven, worden beloond met 56 procent hogere werkprestaties, de helft minder risico op verloop en 75 procent minder ziekteverzuim.

Met het directieteam op een zesdaagse heisessie gaan is niet eens nodig. Geef de hr-afdeling een vaste plek aan tafel en luister serieus naar wat ze zeggen. Bekijk het pad dat medewerkers afleggen in de organisatie, van start tot vertrek, en welk gevoel dat oproept.

Als dat niet klopt bij het gevoel dat werknemers op dat moment nodig hebben, onderneem dan actie. ‘Zodra je mensen het juiste gevoel laat ervaren, word je onweerstaanbaar aantrekkelijk als werkgever en melden A-spelers zich sneller aan.’

Elbers en Tadema geven bijna honderd tips die meteen toegepast kunnen worden. Tegelijk waarschuwen ze dat ‘een veelgemaakte fout van organisaties is dat ze te veel willen’. Daarom zoomen we voor MT/Sprout in op twee ondergeschoven kindjes: on- en offboarding. De impact daarvan is namelijk enorm.

Onboarding is een megagrote kans

Volgens onderzoek vertrekt 20 tot 30 procent van de nieuwe medewerkers alweer binnen negentig dagen. Natuurlijk zijn daar meer redenen voor dan de manier waarop iemand start – denk aan het mooie verhaal dat is voorgespiegeld en waar in de praktijk niets van blijkt te kloppen.

Maar ook de manier waarop een nieuwe kracht binnen wordt gehaald, de onboarding, telt mee. Dat wil zeggen: alles wat iemand helpt om zich snel thuis te voelen, zeker en productief te zijn in de nieuwe werkomgeving.

Werkgevers moeten er niet van uitgaan dat, zodra het contract eenmaal is getekend, alles koek en ei is. Maar liefst 80 procent van de mensen voelt zich dan nog niet volledig aan het bedrijf gebonden. En 1 op de 25 nieuwe collega’s gaat weg op basis van hun ervaring op de eerste werkdag.

Vier fases

Wie de onboarding niet goed aanpakt, is veel meer geld kwijt dan de wervingskosten. Alleen worden het verlies van productiviteit, de impact op de collega’s en de reputatieschade niet meegerekend, schetsen de auteurs.

Zij onderscheiden vier fases in de onboarding: pre-boarding, de eerste weken, de eerste honderd dagen en het eerste jaar. Elke fase brengt nieuwe onzekerheden en vaak niet-gestelde vragen met zich mee. Daarbij moet de focus liggen op de behoeften van de nieuwkomer. Weet wat hem of haar drijft, dan is de kans op succes veel groter.

Reken niet op de tools, middeltjes of processen. Met oprechte aandacht voor het individu valt veel meer winst te behalen. Hoe? Bol organiseert bijvoorbeeld een new-hire day, een lunch met de directie, een sessie waarin medewerkers kunnen meeluisteren met de klantenservice en een aparte afsluitsessie. Het traject duurt drie maanden met veel live-sessies.

Google heeft buddy’s die doorlopend 1-op-1-gesprekken voeren. LinkedIn doet het met teambuilding, netwerkkansen en persoonlijke ontwikkelworkshops. Microsoft maakt persoonlijke onboardingsplannen. ‘Zie onboarding niet als noodzakelijk kwaad’, schrijven Elbers en Tadema. ‘Zie het als een megagrote kans om te laten zien wie jij bent als aantrekkelijke werkgever.’

Lees ook: Geef Gen Z een carrièreplan, anders vertrekken ze

Slechte offboarding verpest alles

Offboarding wordt nog het meest onderschat, weten de auteurs uit ervaring. Dat is alles wat een werkgever doet wanneer iemand besluit te vertrekken. 71 procent van de organisaties heeft dat proces niet gestructureerd. Maar het is geen administratief proces, het is een strategisch moment dat veel beter benut kan worden.

Elbers en Tadema wijzen op de peak-end rule: een psychologisch principe over ervaringen van mensen. Wat daarbij wordt onthouden, zijn de goede en slechte hoogtepunten én het einde. Daarbij weegt het einde vaak het zwaarst, omdat dit het verst in het geheugen zit.

‘Dus verpest je het einde, dan kan dat gevoel een prima dienstverband van jaren overschaduwen’, waarschuwen ze. ‘Of andersom: een sterk afscheid kan een middelmatig dienstverband alsnog laten voelen als goed.’

Geen eindpunt

Veel werkgevers maken er een praktisch dingetje van: accounts afsluiten, laptop en leasebak inleveren. Het eindpunt, klaar. Daarin vergissen ze zich. Hier begint namelijk iets nieuws, geven Elbers en Tadema aan. Deze m/v/x is misschien wel een potentiële klant, een ambassadeur of boemerangmedewerker.

‘Offboarding is je laatste kans op een eerste indruk’, schrijven ze. Vertrekkende werknemers delen hun ervaring op sociale media en andere platforms. 84 procent van de kandidaten leest reviews voor ze solliciteren. En de verhalen van ex-medewerkers worden veel meer vertrouwd dan de opgepoetste communicatie vanuit het bedrijf.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Wie een goed vertrek heeft gehad, blijft de oud-werkgever ook aanbevelen aan anderen. En als blijkt dat het gras elders toch niet groener is, dan keren ze als boemerangmedewerker sneller terug. 44 procent van de werknemers heeft al in de eerste week spijt of twijfels over die nieuwe baan.

Zorg voor oprechte erkenning

Elbers en Tadema onderscheiden vier fases in de offboarding: het moment van opzeggen, de laatste weken, de laatste werkdag en de periode na vertrek. Zet in plaats van het proces de beleving centraal. Sluit het netjes af, maar zorg ook voor aandacht, oprechte erkenning en een afscheid dat past bij die persoon.

Bij Afas krijgen mensen die vertrekken een complete afscheidsdoos. Met goodies, zoals een reisbeker, drop en een gelukspoppetje. Ook een exitgesprek, een afscheidsspeech, een LinkedIn-aanbeveling en een open uitnodiging voor events maken deel uit van het afscheid. En op de eerste dag bij de nieuwe werkgever wordt een bos bloemen bezorgd.

Airbnb moest tijdens de coronacrisis afscheid nemen van een kwart van het personeelsbestand. Een snoeiharde ingreep die 1.900 mensen hun baan kostte. Ceo en co-founder Brian Chesky verzachtte de pijn met een persoonlijke en warme ontslagbrief en actieve hulp bij het vinden van een nieuwe baan. Ook mochten ze hun werklaptop houden. Hij liet niemand vertrekken als dossier, maar als mens.

Lees ook: Werkgevers overschatten de rol van salaris in welzijn op het werk

Wall Street? Londen? Shein moet het doen met een beursgang in Hongkong – en ook nog met een flinke korting

Shein gaat nog deze maand naar de beurs. In Hongkong, want op Wall Street en in Londen liep een beursnotering stuk op de controverse rond de Chinese fast fashiongigant. Inmiddels wordt het e-commercebedrijf van Chris Xu ook geplaagd door een tegenvallende groei.

Foto: Getty Images

Het is ‘Terug naar school-feest’ bij Shein, en in verband daarmee is een ‘Populaire keuzes-alert’ van kracht. Een linnen poloshirt voor 17,49 euro? Klinkt inderdaad niet slecht – wel jammer dat het 100 procent polyester is. Of laten we anders echt in stijl terugkeren, in een geruit 3-delig herenpak van Officeau. Met een prijs van 123,49 euro is dat het duurste item op de hele herenafdeling.

Verwacht geen linnen, wol of katoen; hier is 20 procent viscose toegevoegd aan het polyester, waarvan volgens onderzoek 64 procent van alle 2 miljoen-plus items op de Chinese website is gemaakt. Zelfs mensen die hun kleding nooit online kopen, weten het inmiddels: bij Shein staat kwaliteit niet op nummer één. Prijs wel, al zijn de prijzen niet meer zo schokkend laag als enkele jaren geleden.

Lees ook: Miljardenwinsten met spotgoedkope spullen: hoe Shein en Temu de e-commerce ontregelen

Dat houdt de wereldwijde opmars van de kledinggigant, die zijn hoofdkantoor inmiddels heeft verplaatst naar Singapore, niet tegen. En bij werelddominantie hoort een beursgang. Na een lange, lange aanloop lijkt die er deze maand dan eindelijk van te gaan komen. Persbureau Bloomberg heeft van ‘ingewijden’ gehoord dat de bel op 28 augustus klinkt voor het e-commercebedrijf.

Groei vertraagt, winst onder druk

Bij zo’n beursgang hoort ook een prospectus, waarin Shein voor het eerst zijn cijfers prijsgeeft. Met de aanvankelijk onstuitbare opmars van de modedisrupter gaat het niet meer zo erg hard. In 2025 groeide de omzet nog maar met 8 procent tot 41,8 miljard dollar. De omzetgroei was het jaar ervoor nog 21 procent.

De nettowinst liep in 2025 ook terug, met ruim een derde tot 2 miljard dollar. Deels komt dit door eenmalige boekhoudkundige afwaarderingen, maar Shein-watchers krijgen ook kriebels van de marketingkosten die maar blijven stijgen. In het eerste kwartaal van 2026 werd er 1,4 miljard dollar gepompt in het op gang houden van de machine, tegenover 1,1 miljard een jaar eerder.

Importtarieven in de VS, douaneheffing in de EU

In het eerste kwartaal is zelfs een verlies van 99 miljoen dollar gedraaid, waarbij in de VS de omzet daalde. Importheffingen en de oorlog in het Midden-Oosten dreven de materiaal- en consumentenprijzen op, wat de kooplust dempte.

Een kwart van zijn omzet haalt Shein uit de VS. Europa was vorig jaar goed voor een derde van de totale omzet. De kwartaalomzet steeg in Europa nog minimaal, maar EU voerde in juli een douanetarief van 3 euro in voor kleine pakketten met een waarde tot 150 euro. Dat zal omzet en winst hier de komende tijd zeker drukken.

Meer omzet buiten textiel

Is de muziek er een beetje uit? Zelf gaat Shein ervan uit dat de winst zich volgend jaar weer zal herstellen. Het bedrijf claimt 273 miljoen actieve klanten die samen meer dan een miljard bestellingen deden en ook blijven terugkomen. De onderliggende brutomarge blijft bovendien maar stijgen, van 60,2 procent in 2023, via 64,5 procent in 2024 tot 67,9 procent vorig jaar.

Dat is te danken aan een groeiend aandeel in verzorgingsproducten en huishoudelijke artikelen in de winkel. Een toiletrolhouder van 4,55 euro, bluetooth oortjes voor 12,78 euro: Shein haalt inmiddels meer dan 38 procent van zijn omzet van buiten de textiel.

Lange gang naar de beurs

Toch trekken de matige groeicijfers en marketingkosten meer aandacht. En ze komen bovenop de controverses die al spelen rond de verkoper van goedkope, snel gemaakte kleding. Dat was ook de reden voor de ellenlange gang naar de beurs, die uiteindelijk tot Hongkong leidt.

Lees ook: Shein probeert zijn imago op te krikken, maar doet dat niet erg handig

Oprichter Chris Xu – hij hanteert sinds een tijdje ‘Sky’ als voornaam – had al in 2020 plannen voor een beursnotering op Wall Street, maar moest gezien de broze betrekkingen tussen China en de VS daarvoor het juiste moment afwachten.

In 2023 volgde de officiële aanvraag, maar zijn ambitie strandde op de grote controverse rond het e-commercebedrijf.

Ophef rond dwangarbeid

Tientallen Amerikaanse parlementsleden (zowel Republikeinen als Democraten) riepen de SEC op om de IPO blokkeren totdat Shein kon aantonen dat er geen dwangarbeid in de toeleveringsketen voorkwam – specifiek in verband met katoen uit de regio  Xinjiang.

De Chinezen profiteerden destijds nog van een vrijstelling van invoerrechten voor zendingen tot 800 dollar, wat Amerikaanse concurrenten zagen als concurrentievervalsing. Die ‘de minimis’-vrijstelling is vorig jaar geschrapt.

Xu gaf zijn Amerikaanse missie op en zette het jaar erop koers naar Londen, waar zijn plan ook op weerstand stuitte. De Britse beurstoezichthouder gaf desondanks in april 2025 wel groen licht, maar dit keer weigerde de Chinese toezichthouder CSRC goedkeuring. Het prospectus bevatte verwijzingen naar de risico’s rond Oeigoerse dwangarbeid die niet door de beugel konden.

Geen woord over Oeigoeren

Shein heeft dan wel in 2022 zijn hoofdkantoor verplaatst van Guangdong naar Singapore, vanwege zijn roots is het nog altijd onderworpen aan Chinees toezicht. Vorige maand kreeg het alsnog toestemming van die toezichthouder, en het zal niet verrassen dat de prospectus met geen woord rept over Oeigoeren. Die spreekt alleen heel algemeen over risico’s rond het niet naleven van arbeidswetgeving in de keten.

Lees ook: Zijn Shein en Temu nog te stoppen? ‘Europa is veel te lief geweest, of eigenlijk te traag’

Die mogelijke dwangarbeid is een van de meest naargeestige consequenties van het model waarmee Shein de lat voor het ‘fast’ in fast fashion hoger heeft gelegd dan ooit. Fast fashion stoorde zich al niet aan seizoenen en produceerde elke zes weken nieuwe collecties.

Xu ging nog een stap verder en maakte het concept van realtime mode groot.

4.700 nieuwe ontwerpen per dag

Bij Shein draait alles om het LATR-model (Lean Agile & Test and Repeat). Het bedrijf introduceert daarbij aan de lopende band nieuwe designs die het eerst test in oplages van 100 tot 200 stuks, voordat het ze op grote schaal laat produceren door de 7.500 fabrikanten die zijn aangesloten op zijn digitale keten.

Dagelijks gaat het om 4.700 ontwerpen, deels van in-house designers, deels door de ontwerpafdelingen van honderden partnerfabrieken. Ter vergelijking: bij Zara zijn dat er 40.000 – per jaar.

Shein weet onder meer dankzij TikTok precies wat bij zijn (relatief jonge) doelgroep populair is en wil zich ook nog weleens laten inspireren door ontwerpen van anderen. Modebedrijven H&M, Levi’s, Ralph Lauren en Dr. Martens sleepten Shein al voor de rechter wegens schending van hun intellectuele eigendom.

Enorme volumes, lage prijzen

Behalve voor het spotten van trends gebruikt Shein alle digitale kanalen ook meesterlijk om zijn waren te slijten. Influencers, beroemdheden, social media en gamification: alles wordt uit de kast getrokken om de kooplust – of is het koopverslaving? – bij jongere klanten aan te jagen.

De lage prijzen zijn te danken aan het feit dat Shein geen eigen winkels heeft en vrijwel alles verkoopt, met een doorloopsnelheid van de voorraad van slechts 36 dagen (bij Zara en H&M zijn dat respectievelijk 88 en 138 dagen).

Lees ook: Deze 89-jarige modemagnaat is rijker dan Bill Gates, toch kent bijna niemand zijn naam

En natuurlijk kan het door de enorme volumes zijn toeleveranciers in de strak geregisseerde toeleveringsketen behoorlijk uitknijpen. Met de eerste kleine orders spelen ze vaak net quitte of maken ze zelfs verlies, hopend op de grote bestellingen die komen zodra een item viraal gaat.

Shein begon als Sheinside

Het model van Shein is in feite de perfectionering op gigantische schaal van het model waar oprichter Xu in 2008 startte. Met twee zakenpartners begon hij een webwinkel in alles van telefoons tot theepotten, om al snel uit te komen bij kleding. Ook toen al schakelden ze kleine fabrikanten in snel in te spelen op de laatste trends waar ze online naar speurden.

In 2011 begon Xu voor zichzelf met Sheinside, een online winkel in bruidsjurken, waarvan hij het laatste deel van de naam wijselijk liet vallen toen hij die internationaal uitrolde. Inmiddels waren drie partners aan boord die nu als medeoprichters en C-level directieleden in de prospectus staan: Maggie Gu, Molly Miao en Tony Ren.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Van 100 miljard  voor 40 miljard dollar

De rest is, zoals dat heet, geschiedenis. Shein groeide tegen de klippen op en met een jaaromzet van 42 miljard dollar is het inmiddels groter dan Inditex, eigenaar van onder andere Zara (39,9 miljard euro in 2025). Inmiddels voelt het wel de hete adem in de nek van andere Chinese spelers als Temu en AliExpress. Samen met de douane- en importheffingen in de EU en de VS drukken die het groeitempo.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Met het oog daarop waardeerden investeerders het imperium van Xu in 2022 nog op 100 miljard dollar. Eind deze maand mag hij blij zijn als beleggers het 40 miljard waard vinden, de bovenkant van de bandbreedte waarvoor de aandelen worden aangeboden.

Managers overschatten de rol van salaris in welzijn op het werk. Er staat iets anders op één

Verrassing: een hoger salaris staat niet bovenaan de lijst met wensen als het over welzijn op het werk gaat. En nee, het zijn ook geen yogalessen of fruit op kantoor.

welzijn medewerkers
Managers zien het salaris ten onrechte als de belangrijkste factor voor welzijn op het werk. Foto: Getty Images

Begint het al te jeuken als het over wellbeing gaat, wellness, welzijn of werkgeluk? Zie je dan goeroes in witte jurken voor je of overenthousiaste personal trainers in de gym? Dan behoor jij tot de grote groep managers die in de war is over welzijn op het werk.

Jan-Emmanuel De Neve, hoogleraar en directeur van het Wellbeing Research Centre aan de Universiteit van Oxford, wil met zijn collega George Ward een einde maken aan die verwarring. Die remt namelijk de vooruitgang bij bedrijven.

De meeste leiders geloven wel dat welzijn op de werkplek een belangrijke bron is voor zakelijk succes. Toch heeft maar 19 procent er een duidelijke strategie voor, schrijven ze in Why Workplace Wellbeing Matters.

Lippendienst

Werknemers zijn onze belangrijkste assets, het is een bekende uitspraak van topmanagers. Maar dat is vooral lippendienst, merken ze op. ‘Leidinggevenden praten veel meer over klanten dan over werknemers – ongeveer acht keer zoveel.’ De auteurs zien dus nog veel ruimte voor verbetering.

Bij werknemers stijgen ondertussen de verwachtingen over welzijn op de werkplek. Zij vinden dat werkgevers niet genoeg doen, vooral de jongere generaties haken daardoor af. Hoogste tijd dat bedrijven dit onderwerp serieus nemen en omzetten in daden die ertoe doen.

Lees ook: Gen Z wil geen manager, maar iemand die de weg wijst

Dat begint met begrijpen wat er met welzijn op de werkplek nou eigenlijk wordt bedoeld. De Neve en Ward splitsen dat begrip op in drie onderdelen: wat denken mensen over hun werk, hoe voelen ze zich dagelijks op hun werk en welke voldoening krijgen ze van hun werk?

Dat is relatief simpel, maar de praktijk laat vooral chaos zien. Alles wordt onder de paraplu van welzijn gestoken: het salaris, wellness, de werk-privébalans, betrokkenheid van werknemers, flexibiliteit, werkgeluk, de net promotor scores of nps, werknemerstevredenheid, stress… Allemaal goedbedoeld, maar daardoor wordt er ‘van alles en niets gemeten’.

De auteurs maken echter gebruik van de data van meer dan 20 miljoen werknemers via het online vacatureplatform Indeed. Hiervoor is welzijn op de werkplek gedefinieerd als tevredenheid over het werk, een gevoel van betekenis hebben, de mate van geluk en van stress.

Met hun onderzoek helpen De Neve en Ward ook meteen hardnekkige misverstanden bij managers en bedrijven de wereld uit. Voor MT/Sprout zoomen we in op vijf ervan.

#1 Welzijn is vooral iets persoonlijks

Managers denken dat ze nul invloed kunnen uitoefenen op het welzijn op de werkplek. Ze wijzen vooral naar werknemers zelf, van hun genetische erfenis tot de files waar ze elke ochtend mee worstelen. Daar zit een kern van waarheid in, bevestigen de auteurs, maar het is tegelijkertijd ‘gevaarlijk misleidend’ om zo te denken.

Werknemers schrijven iets meer dan de helft van hun welzijn wel degelijk toe aan het werk, blijkt uit de data van Indeed. Daarbij gaat het vooral over het managen en organiseren van het werk, en dit van hoog tot laag in het bedrijf.

Nu niet meteen wijzen naar het hoofdkantoor dat het beleid bepaalt. Werknemers schrijven daar maar een kwart van hun welzijn aan toe. Lokaal beleid en managers hebben ‘net zoveel impact, of zelfs meer’.

Zes drivers

De auteurs raden aan om eerst aan werknemers te vragen wat ze van hun werk vinden en hoe ze zich daarbij voelen. ‘Niemand die meer weet van het herinrichten en verbeteren van werk dan de mensen die er meer dan een derde van hun actieve leven doorbrengen’, schrijven de auteurs.

‘Een recent experiment heeft al aangetoond dat alleen al het vragen van feedback aan werknemers over de arbeidsomstandigheden en de prestaties van het management het personeelsverloop en ziekteverzuim aantoonbaar verminderen.’

Wie vervolgens duurzaam vooruitgang wil boeken op het vlak van welzijn moet inzetten op het analyseren en verbeteren van de drijvende krachten. De Neve en Ward onderscheiden zes ‘drivers’ waar leiders wel degelijk invloed op kunnen uitoefenen:

  • Persoonlijke ontwikkeling en baanzekerheid
  • Relaties met collega’s en managers
  • Autonomie en flexibiliteit
  • Afwisseling en voldoening
  • Inkomen en arbeidsvoorwaarden
  • Gezondheid en veiligheid

#2 Een hoger salaris verbetert het welzijn

Managers zien het salaris als de belangrijkste factor voor welzijn op het werk, op de tweede plaats zetten ze flexibiliteit. Uit het onderzoek van de auteurs blijkt dat het om een veel bredere mix gaat. Bovenaan de lijst staat het gevoel om erbij te horen. Slechts 6 procent van de managers heeft dat element goed.

Op de tweede plaats staat het bereiken van doelen en op drie het vertrouwen in de mensen van de organisatie. Geld maakt dus ook de werkvloer niet gelukkig. Wie al veel verdient, maakt het niet zoveel uit of er wat bijkomt.

Voor deze groep werknemers werken maatregelen als een betere werk-privébalans, meer flexibiliteit of meer opleiding beter. De impact van loonsverhoging op het welzijn is groter bij mensen die een laag inkomen hebben.

Eerlijkheid speelt ook een belangrijke rol. Het kan werknemers niet zoveel schelen dat een manager meer verdient, maar een collega daarentegen… Dat levert een flinke daling in het welzijn op.

Lees ook: Jongeren willen gewoon een vaste baan met goed salaris

#3 Hr is hiervoor verantwoordelijk

Hoe het werk is ontworpen, georganiseerd en gemanaged heeft een flinke impact op alle facetten van welzijn. Nog veel te vaak wordt welzijn gezien als extraatje, als iets waar human resources zich maar mee bezig moet houden.

De auteurs vinden het ‘niet eerlijk’ om hr-professionals volledig verantwoordelijk te maken voor welzijn op de werkplek. Het is een gedeelde verantwoordelijkheid die juist een ‘fundamenteel onderdeel moet zijn van de strategie van een bedrijf’.

welzijn op het werk boek

In Why Workplace Wellbeing Matters The Science Behind Employee Happiness and Organizational Performance leggen Jan-Emmanuel De Neve en George Ward uit dat echt werkgeluk draait om erbij horen, niet om salaris of yogalessen. Het boek is te bestellen via managementboek.nl.

#4 Wellnessprogramma’s zijn een zinvolle bijdrage

Het verbeteren van de conditie, stoppen met roken, afvallen, stress leren managen, screenen van de gezondheid… dat zijn vaak onderdelen van wellnessprogramma’s. Alleen stapelen de bewijzen zich op dat dergelijke welzijnsprogramma’s ‘niet bijzonder effectief’ zijn.

Het zijn namelijk vaak de medewerkers die al een stuk gezonder en gelukkiger zijn dan de rest die zich voor dit soort programma’s aanmelden. Persoonlijke interventies die niets te maken hebben met de werkomstandigheden zijn ‘geen wondermiddel’ voor meer welzijn op de werkplek. ‘Je kunt met yoga nu eenmaal geen structurele uitdagingen op het werk oplossen.’

Programma’s die werknemers de kans geven om vooruit te gaan in hun carrière maken meer impact. Investeer in trainingen, in leer- of mentorprogramma’s, of geef mensen een eigen opleidingsbudget.

Lees ook: Werkgeluk is meer dan een teamuitje organiseren

#5 Welzijn wordt al jarenlang goed gemeten

Werknemerstevredenheid wordt jarenlang onderzocht bij bedrijven. Eigenlijk doen ze het verkeerd, vinden De Neve en Ward, waardoor ze nooit het volledige plaatje krijgen. Bovendien doen ze het veel te weinig.

Met een jaarlijks of tweejaarlijks werknemerstevredenheidsonderzoek lopen leiders achter de feiten aan. Een eventueel probleem kan dan al ‘onherstelbare schade’ hebben aangericht in de organisatie. Bovendien benutten bedrijven de gegevens die zo’n enquête oplevert niet goed. Waardoor uiteindelijk niets verandert.

Investeren levert veel op

De ‘ongemakkelijke waarheid’ is dat leiders serieus moeten nadenken over hoe werk is ontworpen en georganiseerd. Geen symptoombestrijding, maar nadenken over meer structurele zaken, zoals roosters, flexibiliteit, veiligheid, hoe werknemers dagelijks worden behandeld. ‘Het is vaak niet de werknemer die moet veranderen, maar eerder de werkplek en het werk zelf’, schrijven de auteurs.

Nu niet meteen de handdoek in de ring gooien. Wie slim genoeg is om serieus te investeren in welzijn, wordt beloond met een hogere productiviteit, meer tevreden klanten, het vinden en het behouden van talent en betere financiële resultaten.

De Neve en Ward hebben onder meer het effect van welzijn op de productiviteit bestudeerd bij een callcenter van British Telecom. Het verschil in wekelijkse verkopen tussen heel gelukkige en ongelukkige werknemers is 13 procent.

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Minder personeelsverloop

Via het platform van Indeed hebben de auteurs ook data verzameld over hoe vaak er wordt gesolliciteerd. Ongelukkige werknemers doen dat 60 procent meer dan gelukkige werknemers. Bedrijven die gemiddeld scoren op welzijn verliezen op jaarbasis een kwart minder werknemers.

Ander onderzoek is gedaan naar hoeveel salaris kandidaten willen inleveren om bij een bedrijf te werken waar werknemers iets gelukkiger zijn. Dat is zo’n 13 procent. Bij een bedrijf met veel meer gelukkige werknemers is dat bijna 17 procent. Dat zijn dus best overtuigende cijfers.

Must reads week 32: AI wordt steeds duurder, Revolut-ceo Nik Storonsky en wat ging er mis bij Mud Jeans?

De redactie heeft voor jou de beste artikelen van afgelopen week geselecteerd. Dit keer: reconstructie van het faillissement van Mud Jeans, waarom we bij het kiezen van leiders structureel naar de verkeerde kenmerken kijken en hoe houd je de kosten van AI in bedwang?

Revolut-ceo Nik Storonsky onderhandelt over wat weleens de grootste bonus in de Europese geschiedenis kan worden. Foto: Getty Images

De AI-rekening van je medewerkers kan straks hoger zijn dan hun salaris

Voor intensieve AI-gebruikers loopt de rekening snel op: voor bedrijven kunnen de tokenkosten voor AI-agents als Claude Code tegen 2028 zelfs hoger uitvallen dan het salaris van een gemiddelde programmeur. En wil je wel afhankelijk blijven van Amerikaanse techbedrijven die je hun prijzen kunnen opleggen?

Waarom moet je dit lezen? MT/Sprout-redacteur Philip Bueters brengt in kaart hoe je als organisatie grip krijgt op exploderende AI-budgetten. De situatie is zeker niet hopeloos, zeggen experts: er zijn genoeg AI-modellen die als alternatief kunnen dienen voor de gangbare Amerikaanse modellen.

👉 Lees hier: AI duurder dan personeel? Zo helpen open – Chinese – modellen de kosten te drukken

Bij het kiezen van leiders kijken we structureel naar de verkeerde kenmerken

Bedrijven kiezen leiders nog steeds vooral op basis van zelfvertrouwen, ambitie en een passende achtergrond. Volgens Tomas Chamorro-Premuzic, hoogleraar businesspsychologie en auteur van diverse managementboeken, zijn dat de verkeerde kenmerken. Ze zeggen niets over effectief leiderschap en zorgen er soms zelfs voor dat écht potentieel over het hoofd wordt gezien.

Waarom moet je dit lezen? Zelfverzekerd en overtuigend overkomen is niet hetzelfde als goed leidinggeven. MT/Sprout-redacteur Karin Swiers laat aan de hand van onderzoek van Chamorro-Premuzic zien waarom we daar toch massaal voor vallen, en op welke eigenschappen we eigenlijk zouden moeten letten bij het kiezen van leiders.

👉 Lees hier: Zelfvertrouwen, ambitie en het juiste cv: waarom dat allemaal weinig zegt over goed leiderschap

Duurzame denimpionier Mud Jeans kwam ver, maar redde het toch niet

Een pionier. Dat was Mud Jeans, met het idee om van afgedankte spijkerbroeken op grote schaal 100 procent circulaire jeans te maken. Oprichter Bert van Son wilde laten zien dat het kon. Het liep anders: het bedrijf is deze week failliet verklaard.

Waarom moet je dit lezen? MT/Sprout-redacteur Wilke Wittebrood reconstrueert wat er misging bij de duurzame denimmaker. Na een investering in 2019 maakte Mud Jeans een groeispurt door. Maar het bedrijf wist die groei niet vast te houden, terwijl het wel fors had geïnvesteerd. Een verhaal over de spanning tussen het bereiken van een donkergroene niche en een breed publiek, en de lessen die daaruit te trekken zijn voor elk impactmerk.

👉 Lees hier: ‘Harde reset’ kon duurzame denim-pionier Mud Jeans niet behoeden voor faillissement

Revolut-founder kan weleens de grootste Europese bonus ooit opstrijken

Nik Storonsky, medeoprichter en ceo van Revolut, onderhandelt over een prestatiebonus van Elon Musk-achtige proporties die wordt uitgekeerd zodra de neobank 500 miljard dollar waard is. Zijn bedrijf begon tien jaar geleden als een simpele reisapp om valuta’s te wisselen en is inmiddels meer waard dan grootbank ING. Hoe flikte Storonsky dat?

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Waarom moet je dit lezen? Redacteur Philip Bueters dook in het verhaal achter Revolut: hoe een gefrustreerde derivatenhandelaar uitgroeide tot fintechmiljardair, waarom investeerders als Jared Kushner instappen én welke schandalen de opmars begeleiden, waaronder een ruzie over een superjacht van 350 miljoen euro.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

👉 Lees hier: Revolut-oprichter Nik Storonsky op weg naar recordbonus (zodra zijn bedrijf 500 miljard waard is)

Waarom je collega’s veroordeelt voor gedrag dat je bij jezelf goedpraat

Die collega die pas binnenkomt als de vergadering al is begonnen? Die neemt de meeting vast niet serieus. Maar zijn we zelf te laat, dan ligt dat aan de omstandigheden. We veroordelen anderen voor gedrag dat we bij onszelf goedpraten. Deze denkfout is niet onschuldig, waarschuwt columnist Simone van Neerven.

Waarom moet je dit lezen? De denkfout die Simone van Neerven beschrijft heeft een naam: het wordt de fundamentele attributiefout genoemd en kan op de werkvloer voor onnodige irritaties en wantrouwen zorgen. Ze laat zien hoe dat mechanisme werkt en met welke simpele vraag je kunt voorkomen dat je zelf in deze valkuil stapt.

👉 Lees hier: De collega die te laat komt, vinden we laks — maar doen we het zelf, dan zijn het de omstandigheden

Hier vind je het belangrijkste nieuws van week 32 2026:

  • Megafusie farmabedrijven in de maak en Nederland te laat met recht op reparatie (maandag 3 augustus)
  • 38 miljoen euro funding voor Ore Energy en Rabobank investeert 2 miljard in opschalen AI, data en it (woensdag 5 augustus)
  • Klantgegevens Bol, Bijenkorf en ING mogelijk op straat en Revolut-oprichter onderhandelt over miljardenbonus (vrijdag 7 augustus)

Snelstgroeiende softwarestartup ooit komt niet uit Silicon Valley, maar uit Stockholm

Het Zweedse Lovable werd de snelstgroeiende softwarestartup ooit met een tool waarmee zelfs leken moeiteloos websites en apps bouwen, gewoon door ertegen te kletsen. Met 400 miljoen dollar vers groeigeld en een waardering van 13,3 miljard dollar is de decacorn inmiddels een van Europa's meest veelbelovende techbedrijven.

Fabian Hedin en Anton Osika, de founders van de Zweedse startup Lovable.
Fabian Hedin (L) en Anton Osika, de oprichters van Lovable. Foto: Lovable

Het snelstgroeiende softwarebedrijf ter wereld komt niet uit Silicon Valley, maar uit Zweden. Het Zweedse Lovable schreef in juli 2025 geschiedenis door in slechts acht maanden een jaarlijks terugkerende omzet (annual recurring revenue, of ARR) van 100 miljoen dollar te bereiken.

Daarmee verpulverde de startup – inmiddels een flinke scaleup – het vorige record, dat op naam stond van de Israëlische cloudbeveiliger Wiz. Die had achttien maanden nodig om die mijlpaal te bereiken. De recordhouder daarvoor, het Amerikaanse HR-platform Deel, deed er twintig maanden over.

Lees ook: Het snelst groeiende softwarebedrijf ooit: in acht maanden van nul naar 100 miljoen omzet

Vier maanden later, in november 2025, rondde Lovable de ARR-kaap van 200 miljoen dollar. Afgelopen maart stond de teller op 400 miljoen dollar. Het bedrijf ligt op koers om tegen het einde van deze maand de 600 miljoen dollar aan te tikken.

In gewone-mensentaal

Wat doet Lovable zo goed? Oprichters Anton Osika (ceo) en Fabian Hedin (cto) ontwikkelden een zogeheten vibe coding-platform, waarmee gebruikers kunnen programmeren zonder ook maar een regel code te schrijven. In plaats daarvan typen of zeggen ze in gewone-mensentaal wat ze willen en gaat Lovable dat voor ze bouwen.

Al kletsend kunnen gebruikers alles maken wat ze willen: blogs, websites, apps of complete webshops, inclusief nieuwsbrieven en betaalsystemen (via Stripe).

De crux zit ‘m in de laagdrempeligheid. Veel AI-codeertools zijn bedoeld voor professionele programmeurs, terwijl Lovable zich expliciet richt op de enorme groep mensen die niet of nauwelijks kan programmeren. Het platform kan uit de voeten met simpele instructies. Met resultaat: sinds de livegang, in november 2024, zijn er volgens Lovable al 60 miljoen projecten gebouwd.

Niet gek dus dat investeerders staan te trappelen om in te stappen. Afgelopen woensdag werd bekend dat Lovable 400 miljoen dollar heeft opgehaald in een series C-ronde die het bedrijf op 13,3 miljard dollar waardeert – een ruime verdubbeling ten opzichte van de 6,6 miljard dollar die de Zweden bij de vorige fundingronde in december 2025 kregen opgeplakt. Waarmee Lovable direct de status van decacorn bereikte, een (meer dan) tienvoudige unicorn.

Europees scaleup-fonds aan boord

Net als bij de vorige ronde had de bekende durfinvesteerder Menlo Ventures uit Silicon Valley de leiding, maar dit keer haakte ook het gloednieuwe Scaleup Europe Fund aan als co-lead.

Lovable is een van de eerste bedrijven die geld ontvangt uit dit publiek-private fonds van de Europese Commissie, dat wordt beheerd door de Zweedse investeringsmaatschappij EQT en zo’n 5 miljard euro in kas heeft. Het fonds is opgezet om het financieringsgat met Amerika in elk geval voor een deel te dichten, en de ‘meest veelbelovende en strategische bedrijven’ van eigen bodem in Europa te houden.

Lees ook: Financieringskloof jaagt Europese deeptech naar VS, een exodus die al €1200 miljard heeft gekost

Voor Menlo is de zak geld voor Lovable de grootste investering voor het durfkapitaalbedrijf na Anthropic, het bedrijf achter AI-model Claude. ‘Dat laat wel zien hoeveel vertrouwen we hebben in de toekomst van Lovable’, zegt Matt Murphy, partner bij Menlo, tegen de Wall Street Journal. Ook het Britse durfkapitaalbedrijf Balderton Capital, het Amerikaans-Japanse World Innovation Lab en het Chinese technologiebedrijf Tencent haakten aan.

Sinds de start in november 2024 haalde Lovable in totaal ruim 950 miljoen dollar aan funding op, in rondes die snel groter werden, blijkt uit gegevens van Dealroom. Het Belgische durfkapitaalfonds Hummingbird Ventures leidde de seedronde van 8 miljoen dollar, en ook het Zweedse Creandum was een vroege geldschieter.

Klarna en Nvidia als investeerder en klant

Bij de series A-ronde van 200 miljoen dollar stapte onder meer Klarna-oprichter Sebastian Siemiatkowski in, ook een Zweed, en met de series B-ronde kwamen de investeringsfondsen van Alphabet (CapitalG) en Nvidia (NVentures) aan boord.

Siemiatkowski is een grote fan van de technologie, die bij Klarna onder meer wordt gebruikt voor productontwikkeling en om prototypes ‘in minuten’ uit de grond te stampen. Lovable heeft meer zakelijke klanten; medewerkers van Nvidia bouwen er bijvoorbeeld software mee om interne werkprocessen te verbeteren en innovaties sneller van de grond te krijgen, en Adidas gebruikt het platform om verouderde tools te vervangen.

En dan is er nog de trits aan startups en scaleups die indirect uit het platform zijn voortgekomen, omdat het zoveel sneller en goedkoper wordt om het fundament te bouwen. Een voorbeeld is Airweave, een startup die software ontwikkelt waarmee AI-agents informatie die ze nodig hebben voor hun taken uit verschillende apps kunnen plukken.

Voor de Nederlandse oprichters Lennert Jansen en Rauf Akdemir was een met Lovable gebouwd prototype genoeg om een plek te bemachtigen bij de vermaarde accelerator Y Combinator, schrijft Forbes.

Lees ook: Nederlandse founders scoren bij Y Combinator met Airweave

‘Verspilling van menselijk potentieel’

Lovable begon als sideproject van medeoprichter Osika. De 36-jarige is van huis uit natuurkundige: hij studeerde technische natuurkunde aan het KTH Royal Institute of Technology in Stockholm en begon zijn carrière bij CERN. Osika hield het er volgens Forbes vijf maanden uit. Hij kon er niet bij dat duizenden van de beste natuurkundigen ter wereld hun tijd verdeden aan ‘onmogelijke projecten’ als de zoektocht naar donkere materie.

Wat een verspilling van menselijk potentieel, zegt hij. ‘Ik realiseerde me dat je veel, veel meer impact hebt als je in het bedrijfsleven zit en bedrijven bouwt.’

Osika bleef nog twee jaar in loondienst, bij beleggingsfirma Ampfield, maar het duurde niet lang voor hij zijn eigen bedrijven ging oprichten. Voor Lovable was hij medeoprichter en cto van Depict AI, een algoritme voor e-commercebedrijven dat hun klanten aanbevelingen van ‘Amazon-kwaliteit’ beloofde.

Minimum lovable product

In zijn vrije tijd sleutelde Osika aan een AI-codeertool die hij GPT Engineer noemde, een vroege voorloper van Lovable. Geen bedrijf, maar een open-source project dat bij de publicatie op softwareontwikkelaarsplatform GitHub, in juni 2023, direct trending werd.

De ondernemer voelde direct dat hij goud te pakken had. Ook collega Fabian Hedin (27) geloofde in het idee: ze verlieten Depict AI in de zomer van 2023 en richtten niet lang daarna Lovable op. Met 8 miljoen dollar aan seedfinanciering bouwden ze GPT Engineer om tot een zogeheten AI full-stack engineer, die complete en gebruiksklare producten levert.

Met een nieuwe, aaibare naam, bedoeld om uit de niche te breken: in plaats van een minimum viable product wilden de twee een minimum lovable product bouwen. Het hoofdkantoor kwam in Stockholm, al heeft Lovable inmiddels ook kantoren in Londen, San Francisco en Boston.

Overgeven aan de ‘vibes’

Het stempel van ‘vibe coding-platform’ kreeg Lovable pas een paar maanden na de lancering, toen Andrej Karpathy de term op X muntte. De medeoprichter van OpenAI schreef in februari 2025 dat programmeren een proces wordt waarbij je je ‘overgeeft aan de vibes’. Het ging direct een eigen leven leiden. ‘Vibe coding’ werd opgenomen in het Cambridge Dictionary en door het Britse Collins Dictionary uitgeroepen tot woord van het jaar.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Zelf is Karpathy alweer klaar met de term. ‘Vibe coding’ is alweer verouderd, meldde hij bij het 1-jarig jubileum van de term. Hij is alweer een niveau verder met ‘agentic engineering’, waarbij je niet steeds zelf aanwijzingen hoeft te geven, maar AI-agenten dat werk voor je doen.

Is vibe coding already dead? kopte Forbes afgelopen juni. Als dat al zo is, heeft de industrie er in elk geval nog geen last van. Lovable is het Europese boegbeeld, maar in Amerika zijn concurrenten actief die nog een flinke maat groter zijn. Zoals AI-codeerplatform Cursor, dat deze zomer is overgenomen door SpaceX in een aandelendeal van 60 miljard dollar. De deal werd vorige week officieel afgerond.