Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

MT-deskundige beantwoordt brandende vragen

MT-deskundige Yvonne Berkhoff, klinisch, arbeids- en organisatiepsycholoog van Berkhoff Consult te Amsterdam, beantwoordt brandende vragen van managers.

“Ik ben directeur van mijn eigen adviesbedrijf waar elf consultants werken en ben vijf jaar geleden voor het laatst op vakantie geweest. Dat is altijd goed gegaan, maar ik merk dat ik er nu graag even een paar weken tussenuit wil. Hoe kan ik met een gerust gevoel weggaan?”


Ik ga ervan uit dat uw consultants het vertrouwen genieten van uw opdrachtgevers. Nu uw vertrouwen nog. Ga met uw senior consultants rond de tafel zitten en bespreek hoe zij u op effectieve wijze gaan vervangen. Maak duidelijke afspraken zodat ze ook van elkaar goed weten wie wat gaat doen. Er bestaat een uitdrukking die luidt: ‘een mens is alleen onmisbaar bij zijn begrafenis’. Een fijne vakantie gewenst en probeer niet vaker dan om de dag even te bellen.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Generatie Z en Babyboomers zitten niet te wachten op dezelfde behandeling

Bedrijven stemmen hun aanbod steeds slimmer af op individuele klanten, maar geven medewerkers nog altijd hetzelfde pakket arbeidsvoorwaarden. Vooral Gen Z wil niet per se méér, maar vooral zelf kunnen kiezen, schrijft Gen Z-kenner Laura Bas. 'Hoog tijd dat werkgevers hun eigen mensen net zo goed leren bedienen als hun klanten.'

Sporten onder werktijd, extra vakantiedagen of een vierdaagse werkweek. Dat waren de antwoorden die ik verwachtte toen ik jongeren bij tientallen organisaties vroeg welke arbeidsvoorwaarden zij het liefst zouden toevoegen. Maar geen van die populaire arbeidsvoorwaarden won.

Wat jongeren wél massaal aantrekkelijk vonden? Flexibele arbeidsvoorwaarden, oftewel: niet de werkgever die bepaalt wat goed voor je is, maar werknemers die zelf inspraak hebben in hun secundaire arbeidsvoorwaarden.

Hoe langer ik daarover nadacht, hoe vreemder ik het vond dat we op de werkvloer nog zo vasthouden aan uniformiteit. We leven in een wereld waarin bijna alles wordt gepersonaliseerd: ons algoritme, abonnementen en zelfs onze vliegticketprijzen. Maar zodra we een arbeidscontract tekenen, schakelen we ineens terug naar een one size fits all. Onder het mom van eerlijkheid behandelen we iedereen gelijk. Maar is dat ook de uitkomst van deze aanpak?

Verschillende generaties, verschillende behoeften

Organisaties hebben decennialang geprobeerd werknemers zo veel mogelijk gelijk te behandelen via uniforme pensioenvoorwaarden, ontwikkelingsbudgetten en grotendeels hetzelfde pakket aan secundaire arbeidsvoorwaarden. Dat klinkt eerlijk, maar een twintigjarige starter, een alleenstaande veertiger met mantelzorgtaken en iemand van 62 die langzaam wil afbouwen, hebben natuurlijk nauwelijks dezelfde behoeften.

Bij een belastingkantoor zag ik hoe goed zo’n flexibel systeem kan werken. Een jonge medewerker vertelde mij dat hij zijn keuzebudget gebruikte om zo veel mogelijk van zijn studieschuld af te lossen, omdat zijn werkgever dat fiscaal aantrekkelijk had gemaakt, terwijl zijn vrouwelijke collega dat geld liever besteedde aan korting op boodschappen en een all in sportschoolabonnement.

Lees ook: De meeste Gen Z’ers zijn binnen een jaar weg, en het ligt zelden aan hen

Bij een andere organisatie kreeg een jonge vrouw juist standaard vijf extra vakantiedagen. Alleen zat zij daar helemaal niet op te wachten. Ze had die dagen veel liever gewerkt en laten uitbetalen, zodat ze sneller kon sparen voor een huis. Op papier boden beide organisaties aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden, maar alleen in het eerste geval kon de medewerker zelf bepalen wat voor haar op dat moment waardevol was.

Gelijke behandeling versus identieke behandeling

Daar zit een belangrijke verschuiving. We verwarren gelijke behandeling op het werk te vaak met identieke behandeling. Terwijl gelijkheid niet hoeft te betekenen dat iedereen hetzelfde krijgt. Het kan ook betekenen dat iedereen ongeveer dezelfde waarde krijgt, maar zelf meer invloed heeft op hoe die waarde eruitziet.

Nog interessanter wordt het als je ziet dat veel bedrijven dit buiten hun eigen personeelsbeleid allang doodnormaal vinden. Spotify begrijpt dat niet iedereen dezelfde muziek wil horen. Netflix laat twee mensen binnen hetzelfde huishouden compleet verschillende aanbevelingen zien. Banken, webshops en verzekeraars stemmen hun aanbod steeds verder af op individuele voorkeuren en levensfases.

Personaliseren hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn. Er zijn platforms die het bijvoorbeeld al mogelijk maken om medewerkers binnen één budget zelf te laten kiezen wat op dat moment het beste bij hen past.

Lees ook: Generatie Z te gevoelig? Het ligt eerder aan jouw lompe feedback

Mismatch behoeften en arbeidsvoorwaarden

De crux is dat organisaties hierdoor waarde laten liggen. Uit The Great Employee Study blijkt dat slechts 37 procent van de Nederlandse werknemers vindt dat hun arbeidsvoorwaarden daadwerkelijk aansluiten bij hun behoeften en wensen. Tegelijkertijd heeft maar 36 procent de mogelijkheid om zelf te kiezen welke arbeidsvoorwaarden het beste bij hen passen.

Daar ligt een gemiste kans, want veel organisaties investeren flink in arbeidsvoorwaarden, maar bepalen vervolgens zelf waar medewerkers behoefte aan zouden moeten hebben. Maar wat als je niet méér aanbiedt, maar mensen méér laat kiezen?

Jongeren vragen namelijk niet per se om méér arbeidsvoorwaarden, ze willen vooral voorwaarden die aansluiten bij hun levensfase zodat ze zelf kunnen kiezen. Dat is niet alleen prettig voor de medewerker, maar uiteindelijk ook slimmer voor de organisatie. De ene medewerker wil extra vrije dagen, de ander extra geld, een derde wil investeren in ontwikkeling of juist minder gaan werken. Het budget hoeft dus helemaal niet omhoog. Je kunt alleen wel veel slimmer omgaan met wat je toch al uitgeeft.

Lees ook: Ja, Gen Z verwacht een hoog salaris – en dat is niet meer dan terecht

Gehoord worden

Zo haal je hier als werkgever niet alleen meer waarde uit, maar vergroot je ook de kans dat medewerkers echt gebruik gaan maken van hun benefits en hier wat aan hebben. En juist dat gevoel van keuzevrijheid en gehoord worden, kan bijdragen aan meer betrokkenheid binnen de organisatie.

We hebben inmiddels geaccepteerd dat geen twee klanten hetzelfde zijn. Hoogste tijd om dat inzicht ook op medewerkers toe te passen. In een tijdperk van AI en hyperpersonalisering voelt one size fits all niet langer eerlijk, maar vooral achterhaald.

De grootste salesfout van startups begint bij de founder

Veel ondernemers behandelen sales als bijzaak: ze zetten er een salesmedewerker op en denken dat het daarmee geregeld is. Pas op voor die valkuil, zegt columnist Ineke Kooistra. Sales is van iedereen in het bedrijf, maar niet iedereen opent dezelfde deuren.

Ik kom de laatste tijd bij veel bedrijven met een echt goed product. Gebouwd op een gat in de markt, of op een vraag die iemand eindelijk eens goed oploste. Alle energie gaat naar het product en de marketing, naar alles wat groei belooft. En sales? Dat is vaak niet meer dan een sluitpost.

Meestal wordt er één salescollega aangenomen, in de hoop dat het daarmee is geregeld. Maar sales is geen vacature die je even invult. De echte vraag is hoe je het organiseert. En vooral: wie wie belt.

Founder op de verkoop

Veel startups worden groot doordat de founder vanaf dag één zelf vol op de verkoop zit. Dat werkt: bedrijven schakelen graag met de eigenaar of eindverantwoordelijke. Daarom is loslaten ook zo lastig. Je weet immers door en door hoe je klanten binnenhaalt. Maar als je niet op tijd een salesorganisatie opbouwt, laat je die afhankelijkheid te lang duren en gaat het mis.

Eigenlijk zijn het twee zijden van dezelfde medaille. Of sales nu blijft liggen als sluitpost of de eigenaar er te krampachtig aan blijft vasthouden, het komt op hetzelfde neer. Er komt geen salesorganisatie, en uiteindelijk loopt de groei vast.

Lees ook: Van startup naar scaleup lukt maar 5 procent en dit is waar het voor de rest misgaat

Sales is bovendien niet altijd makkelijk. Keer op keer moet je een overtuigend verhaal brengen, terwijl je soms zelf niet eens helemaal overtuigd bent. Je hoort vaker ‘nee’ dan ‘ja’ – tot het punt dat je aan jezelf gaat twijfelen.

Maar als je de juiste persoon belt, wordt sales opeens wél leuk. Succes maakt het leuk, en dat begint bij wie je aan de lijn krijgt.

Uit de eerste hand

Toen ik in 2013 als ceo bij YoungCapital binnenkwam, dachten oprichters Bram Bosveld, Hugo de Koning en Rogier Thewessen eerst: zij komt het overnemen. Ik dacht juist het tegenovergestelde: nee, jullie zijn hier het belangrijkst.

Hugo, Bram en Rogier hadden alle drie hun eigen talent en focus. Ik was juist de allrounder, van vele markten thuis. Zij concentreerden zich op hun eigen terrein, en ik hield me bezig met alles wat nodig was om te schalen: van cultuur en organisatie-inrichting tot PR. Complementair zijn én kunnen loslaten, daar zit de winst.

Maar sales gaf niemand van ons uit handen. Of je nu een startup of een corporate runt: een oprichter of ceo doet sales. Op dat niveau moet je uit de eerste hand weten wat je klanten en prospects willen.

Sales is van iedereen

Tegelijkertijd kun je sales niet alleen aan de top overlaten. Hier zit voor mij de kern: sales is van iedereen in het bedrijf. Elke medewerker bepaalt mee of een klant voor je kiest én wil blijven. Van degene die de telefoon opneemt tot degene die de offerte maakt.

Dat is voor mij altijd het credo geweest: maak iedereen verantwoordelijk voor groei. Kom je op een feestje iemand tegen, dan is het een kleine moeite om de link te leggen met de business waarin je actief bent. Dat kan iedereen – medewerkers, maar ook oprichters en bestuurders.

Lees ook: Hoe Rogier Thewessen (YoungCapital) na een stationsbroodje met een cold call de NS als klant binnenhaalde

Maar niet iedereen opent dezelfde deuren. Ik zie het vaak gebeuren: een verkoper belt de afdeling inkoop of de hr-manager en daar stagneert het gesprek. Een telefoontje tussen twee oprichters zet dezelfde deur wél open. In de dienstverlening wil de klant nog steeds de oprichter of de ceo spreken. C-suite praat met C-suite, dat is niet veranderd.

Ontspannen telefoontjes

Ik heb zelf altijd sales gedaan. Vroeg in de ochtend of laat op de dag zit ik vaak in de auto. Dat zijn voor mij de mooiste momenten om klanten te bellen, meestal gewoon om even bij te praten. Juist die ontspannen telefoontjes laten de business groeien. Jij legt het contact en zorgt dat er iemand staat die het daarna van je kan overnemen. En ja, dat is iets anders dan er een losse verkoper bij zetten.

Ik weet het, heel veel kan online. Waanzinnig veel zelfs, en steeds meer geautomatiseerd. Wat AI inmiddels voor je kan doen, is soms echt verbluffend. Ik bouw zelf van alles, dus ik weet hoeveel er mogelijk is. Maar sales in dienstverlening blijft persoonlijk. En daarvoor heb je die telefoon nodig.

Laat dat nou net het ingewikkelde zijn. Opnemen is het probleem niet. De telefoon gaat minder vaak dan een paar jaar geleden, dus de meeste mensen zijn best nieuwsgierig als hij overgaat – zolang het nummer maar niet anoniem is. Zelf bellen, daar moet weer wat aan gebeuren. Dat zijn we een beetje verleerd.

Dus voordat je nog iemand op sales zet of een funnel bouwt, kijk eerst wie er bij jou belt. En of die persoon de juiste aan de lijn krijgt. Sales is van iedereen, maar dat gesprek begint vaak gewoon bij jou.

Lees ook deze columns van Ineke Kooistra:

Je bedrijf draait als een trein, maar jij loopt leeg

De omzet is goed, het team groeit en toch kost je bedrijf steeds meer energie. Misschien ligt het probleem niet bij je mensen of klanten, schrijft leiderschapsexpert Kirsten de Roo, maar bij de rol die je zelf bent blijven spelen.

Foto: Getty Images

Het bedrijf draait, je omzet is prima of zelfs super goed en je agenda zit vol. Maar ergens onderweg is het plezier stilletjes verdwenen of je merkt aan alles dat het steeds minder wordt.

Je merkt het ’s ochtends al. Je begint de dag met een lichte irritatie. Wéér veel mails, wéér gedoe in het team, wéér een klant die iets wil waar niemand tijd voor heeft. En voor je het weet zit je opnieuw midden in de operatie.

Vol hoofd

Brandjes blussen, knelpunten oplossen en mensen achter de broek aan zitten. Aan het eind van de dag ben je moe. Terwijl je eigenlijk vooral hebt gereageerd op problemen van anderen. Toch voelde het vooral als jouw probleem. Het is immers jouw bedrijf.

Dat is natuurlijk ook zo, maar je hebt ook mensen aangenomen die voor jou dit zouden regelen en dit ook goed kunnen doen. Anders had je ze niet aangenomen, toch? Alleen voelt dat niet zo.

En thuis? Daar ben je er wel, maar ook niet echt. Je bent kortaf. Je hebt minder geduld en echte aandacht heb je eigenlijk niet voor je partner of kinderen. Je zou dat wel heel graag willen, maar het lukt je simpelweg niet. Je hoofd zit vol en is eigenlijk nog op kantoor te vinden.

Veel ondernemers denken op dat moment dat het probleem ligt bij hun team of hun klanten. ‘Want waarom moet ik alles altijd doen? En hoezo hebben die klanten zoveel eisen?’ Maar vaak zit het ergens anders. Je bent vastgelopen in je rol. Met veel frustratie.

De stille frustratie van veel ondernemers

In gesprekken met ondernemers hoor ik vaak dezelfde dingen. ‘Ik moet overal bovenop zitten, anders gebeurt er niks.’ Of: ‘Mijn team neemt te weinig verantwoordelijkheid.’

Wat hier meestal onder zit is een manier van werken die ooit werkte of leek te werken, maar nu tegen je begint te werken. Zeker als je bedrijf verder groeit en er meer mensen bijkomen.

In de beginfase van een bedrijf is het logisch dat je overal bovenop zit. Jij bent degene met de visie, de drive en je hebt je richting duidelijk. Maar zodra je bedrijf groeit, verandert jouw rol. Alleen gebeurt dat natuurlijk niet automatisch.

Veel ondernemers blijven de beste medewerker van hun eigen bedrijf. Terwijl ze eigenlijk die leider zouden moeten zijn. Of de juiste persoon zouden moeten aannemen die deze leidersrol op zich kan nemen. Maar dat gebeurt niet en daar gaat het mis.

Lees ook: Te snel ‘ja’ zeggen tegen leidinggeven is vragen om problemen

Wat er vaak gebeurt? Je neemt nog steeds de meeste belangrijke beslissingen. Je team wacht op jou voordat ze in actie komen. En problemen komen altijd weer bij jou terecht.

Afhankelijkheid kost energie

Je bedrijf, je mensen, je klanten zijn gewoon afhankelijk van jou. En afhankelijkheid kost energie. Heel veel energie.

Wanneer je bedrijf, je mensen en je klanten afhankelijk van je zijn, lijkt dat op het eerste gezicht misschien een teken dat je belangrijk bent. Dat jij degene bent die het verschil maakt. Maar in de praktijk betekent het vaak iets heel anders. Het betekent dat jouw bedrijf niet meer zelfstandig beweegt.

Voor jou als ondernemer vertaalt die afhankelijkheid zich vrijwel altijd in hetzelfde patroon: je staat continu ‘aan’. Je bent degene die knopen doorhakt, conflicten oplost, klanten geruststelt en beslissingen neemt die anderen ook zouden kunnen nemen. Je agenda raakt voller, je hoofd ook. Je reageert vooral op wat er op je afkomt in plaats van dat je richting geeft.

En ondertussen gebeurt er iets met je mensen. Wanneer medewerkers merken dat jij toch altijd de eindverantwoordelijkheid naar je toe trekt, stoppen ze langzaam met hun volledige talent in te zetten. Niet bewust, maar het gebeurt wel. Waarom initiatief nemen als jij als ondernemer het toch anders beslist? Waarom risico nemen als jij uiteindelijk het antwoord geeft?

Lees ook: Te vaak blijven leidinggevenden zitten, terwijl iedereen ziet dat het misgaat

Dan verdwijnt precies datgene wat je als ondernemer nodig hebt: betrokkenheid en eigenaarschap. Je krijgt medewerkers die hun werk doen, maar niet echt meedenken. Die uitvoeren wat je zegt, maar niet meebouwen. Die wachten op instructies in plaats van verantwoordelijkheid nemen. Niet omdat ze het niet kunnen. Maar omdat jij hen dat nooit echt hebt gevraagd. En klanten? Die leren hetzelfde gedrag.

Wanneer jij altijd degene bent die beschikbaar is, problemen oplost, uitzonderingen maakt en meedenkt tot in detail, dan raken klanten daar snel aan gewend. Ze bellen direct jou. Ze verwachten snelle oplossingen. Ze onderhandelen vaker en ze leggen meer druk op de relatie. Omdat jij ze onbewust zo hebt opgevoed.

Meer rust en regie

Ondernemers die weer (meer) rust en regie ervaren, doen iets heel bewust. Ze voeden hun omgeving opnieuw op. Hun team leren ze dat eigenaarschap een verwachting is. Problemen mogen op tafel komen, maar altijd samen met een voorstel. Resultaten krijgen een eigenaar. Verantwoordelijkheid wordt niet meer automatisch teruggelegd bij de ondernemer. En klanten leren ze hetzelfde principe.

Dat betekent dat niet elke vraag direct een antwoord krijgt van jou. Niet elk probleem vraagt om persoonlijke hulp van jouzelf. Je laat zien dat jouw team competent is, dat processen werken en dat je bedrijf groter is dan alleen jijzelf.

In het begin voelt dat spannend. Voor jou, voor je team en zelfs voor klanten. Maar daarna gebeurt er iets wat een wezenlijk verschil maakt voor iedereen. Medewerkers gaan hun talent weer gebruiken. Ze nemen initiatief, denken mee en voelen dat hun bijdrage ertoe doet. Dat vergroot betrokkenheid enorm. En klanten? Die krijgen vertrouwen in jouw bedrijf als geheel, niet alleen in jou.

Lees ook: Veel leidinggevenden durven niet duidelijk te zijn, en dat is een stille productiviteitskiller

Dat verandert alles, want zodra een bedrijf niet meer leunt op één persoon, ontstaat er ruimte. En misschien wel het belangrijkste: ruimte voor jou als ondernemer om weer energie te krijgen van het bedrijf dat je ooit begon.

Doe jezelf dus een lol en stop met overal tussen te zitten. Als jij steeds antwoord geeft, stopt je team met nadenken. Maak je team verantwoordelijk voor resultaten. Stuur niet (alleen) op taken, maar (zo veel mogelijk) op resultaat.

In plaats van ‘Kun je dit oppakken?’ zeg je: ‘Dit resultaat moet er over vier weken liggen. Jij bent verantwoordelijk. Wat heb je nodig?’ Dat ene verschil verandert de dynamiek van een team enorm. En jij krijgt ruimte terug.

En durf te kiezen. Wat doen we wel en wat doen we niet? Dus niet: Nieuwe ideeën, extra klanten of meer projecten, maar prioriteiten vanuit de juiste focus. Focus geeft rust en regie. Voor jou én voor je team.

Zelfvertrouwen groeit niet uit controle

Veel ondernemers proberen grip te krijgen door harder te werken, meer te controleren of meer beslissingen zelf te nemen, maar dat vergroot het probleem juist. Echt leiderschap ontstaat wanneer het bedrijf ook goed draait als jij er niet bent. Wanneer je team verantwoordelijkheid neemt en wanneer klanten merken dat er duidelijkheid is. En wanneer beslissingen niet meer alleen op jouw schouders rusten.

Dan verandert er iets. Je agenda voelt niet meer als een druk op je borst en je hoofd is rustiger. En thuis komt er ook weer ruimte. Je bent er echt weer in plaats van alleen fysiek. Niet omdat je minder betrokken bent bij je bedrijf, maar omdat je eindelijk weer de rol vervult die je bedrijf nodig heeft. Niet als brandweerman, maar als leider. En geloof me: dat voelt een stuk beter.

Lees ook: We juichen bij de start van een nieuwe collega, maar vier ook het vertrek