Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Deze 6 hardnekkige mythes houden vrouwen buiten de boardroom

Na tientallen jaren investeren in meer vrouwelijk leiderschap schiet het nog niet echt op. Dat ligt niet aan de vrouwen zelf. Het zijn vooral hardnekkige mythes en achterhaalde denkwijzen die ze buiten de boardroom houden. Deze zes zijn alvast rijp om definitief ontmanteld te worden.

vrouwelijke leiders
Zeven op de tien Nederlanders vinden dat vrouwen net zo effectief zijn als mannen in leiderschapsrollen. Foto: Kelly Sikkema/Unsplash

De Female Board Index telt 17 procent vrouwen onder de bestuurders in Nederland. EW telt 27 procent vrouwelijke ceo’s, financiële en andere directieleden, executives en managementboards. Dat wordt gebracht als goed nieuws, als vooruitgang.

Maar na tientallen jaren van investeringen in meer vrouwelijk leiderschap valt die return on investment eigenlijk best tegen. Aan wie ligt dat? Aan de vrouwen zelf, wordt vaak geroepen (en meestal door mannen).

Nou nee. Hardnekkige mythes en achterhaalde denkwijzen zijn een veel groter en structureler probleem. In de aanloop naar Internationale Vrouwendag gaat bij MT/Sprout de rem eraf en halen we er zes onderuit met recent onderzoek.

#1 Vrouwen zijn niet zo ambitieus als mannen

Voor het eerst in jaren zijn vrouwen minder geïnteresseerd in promotie dan mannen. 84 procent van de vrouwen op senior niveau wil promotie, tegenover 92 procent van de mannen. Het is een trend die eind 2025 wordt opgemerkt in het Women in the Workplace-rapport van McKinsey.

Dat heeft niets te maken met hun ambitie, benadrukt het rapport. Vrouwen en mannen zijn even toegewijd aan hun carrières. Het zijn de bedrijven die barrières opwerpen voor vrouwen. Zij krijgen de laatste jaren steeds minder steun van hun werkgevers.

Zo zijn het werken op afstand, flexibele werkuren, trainingen tegen vooroordelen en specifiek op vrouwen gerichte loopbaanontwikkeling flink teruggeschroefd.

Geen verschil

Uit het rapport: ‘Wanneer vrouwen en mannen evenveel steun krijgen van managers en meer ervaren collega’s, zijn ze even enthousiast om door te groeien naar het volgende niveau. Het verschil in ambitie om door te groeien verdwijnt op alle carrièreniveaus.’

Hogan Assessments, wereldwijd actief in leiderschapsevaluatie, heeft de resultaten van 12.000 leiders onder de loep genomen, waarvoor tientallen jaren aan data zijn doorgeploegd. Deze experts zien geen grote verschillen in ambitie tussen mannen en vrouwen. Op hun ambitieschaal scoren vrouwen 90,87 en mannen 91,83.

‘Wat we wél zien, is dat veel organisaties nog steeds varen op achterhaalde ideeën over potentieel die simpelweg niet worden gestaafd door de feiten.’

Lees ook: Nederland doet te weinig met female power: ‘Zo zonde’

#2 Een carrière en een gezin zijn onverenigbaar

Alumni van de Franse businessschool Insead hebben een eigen initiatief gelanceerd, Balance in Business, om de mythes rond vrouwelijk ceo-schap te doorbreken. Zo hebben ze onder meer dertig vrouwelijke ceo’s van miljardenbedrijven geïnterviewd over de keuze rond carrière of gezin.

De mythe is dat een gezin en leiderschap onverenigbaar zijn. Daar gaan vooral anderen van uit, schrijven ze. De werkelijkheid is dat 28 van deze topvrouwen kinderen hebben en dat de meesten getrouwd zijn of een langdurige relatie hebben. ‘Deze vrouwen zijn succesvol geworden dankzij ondersteunende partners, duidelijke grenzen en weloverwogen keuzes.’

Lees ook: De economie draait op onbetaald werk van vrouwen

Waarom zijn er dan nog steeds zo weinig vrouwelijke ceo’s? Er is talent genoeg. De ondervraagden gaven daarvoor twee redenen. Vrouwen vinden zichzelf daar nog niet klaar voor. Of ze haken zelf af, omdat ze vrezen dat ze hun gezinsleven moeten opofferen.

Bestuurders die vrouwen tot ceo benoemen maken zich bewust of onbewust zorgen over minder betrokkenheid. Ze vrezen dat vrouwen meer vrij moeten nemen voor familiezaken. Ook verwachten ze dat vrouwen hun carrière vroegtijdig zullen verlaten om kinderen te krijgen. En dus kiezen ze liever voor een man.

#3 Vrouwen zijn te aardig voor een leiderschapsrol

Voor de één het ultieme carrièreboek voor vrouwen, voor de ander de bevestiging van klassieke stereotypen. De in 2018 uitgebrachte bestseller Nice girls don’t get the corner office van Lois P. Frankel beschrijft 133 fouten die vrouwen belemmeren om de top te bereiken. Aardig gevonden willen worden, is er zo één. En geen appeltaart meebrengen voor de collega’s.

De overkoepelende boodschap is dat vrouwen moeten ophouden zich te gedragen als een lief meisje. Daarmee komen ze over als te zwak, besluiteloos of incompetent. Al heeft dat advies ook een keerzijde: als ze zich wat mannelijker opstellen, kunnen ze feedback verwachten dat ze te agressief zijn, te intimiderend of te bazig.

Hoe dan ook is de boodschap aangekomen. Vrouwen zijn dominanter, meer bezig met zelfontwikkeling en schatten zichzelf ook hoger in op hun werkprestaties dan mannen. Dat blijkt uit het Nationaal Leiderschapsonderzoek 2024, uitgevoerd door Ixly, de Erasmus Universiteit Rotterdam en de Nederlandse Vereniging voor Commissarissen en Directeuren.

Ook zien de onderzoekers een stijgende trend in persoonseigenschappen als psychopathie en machiavellisme bij vrouwelijke leiders. ‘Het is opvallend dat vrouwen steeds meer van deze eigenschappen laten zien en het verschil met hun mannelijke collega’s kleiner is geworden.’

Lees ook: Een man is daadkrachtig, een vrouw een bitch

#4 Voor topfuncties onderschatten vrouwen zichzelf

Vrouwen solliciteren minder snel voor topfuncties. Ze onderschatten zichzelf en vinden dat ze voor minstens 100 procent aan alle eisen moeten voldoen. Mannen nemen die eisen vaak met een korrel zout.

Een recente studie van onderzoeksinstituut van Capgemini onder 2.750 leiders wereldwijd – inclusief Nederland – laat zien dat mannen en vrouwen hun vaardigheden en prestaties grotendeels hetzelfde beoordelen.

Zeven op de tien Nederlanders vinden dat vrouwen net zo effectief zijn als mannen in leiderschapsrollen. Dit is een verschuiving ten opzichte van eerdere trends, waarbij vrouwen hun eigen capaciteiten vaak onderschatten. 64 procent van de Nederlandse vrouwen geeft aan vertrouwen te hebben in zichzelf (bij mannen is dat precies evenveel).

Ook bij AI-vaardigheden, automatisering, innovatie, wendbaarheid en data-analyse claimen vrouwen steeds meer hun rol. Mannen zien die vaardigheden vaak als mannelijk, terwijl vrouwen deze juist als genderneutraal of zelfs als vrouwelijk beschouwen.

#5 Vrouwelijke leiders raken sneller opgebrand

Het McKinsey-rapport ziet dat vrouwen op senior managementniveau meer uitgeput raken dan ooit tevoren. Maar liefst 60 procent laat weten zich regelmatig opgebrand te voelen, ten opzichte van 50 procent bij de mannen. Ze geven aan harder te moeten werken om zich te bewijzen. Maar dat is het niet alleen.

Traditionele maatschappelijke normen zetten vrouwen in leidinggevende functies ook onder druk. De verwachting is dat ze zorgzaam zijn en het welzijn van werknemers boven productiviteit stellen. Ook zouden ze zich volgzamer en flexibeler moeten gedragen dan hun mannelijke leidinggevende collega’s.

Minder zorgzaam

Die verwachtingen maken het voor vrouwen moeilijker om anderen te vertellen wat ze moeten doen en direct te zijn in hun feedback. ‘Medewerkers gaan er soms vanuit dat vrouwelijke leidinggevenden minder effectief of minder sympathiek zijn, wat het geven van leiding bijzonder vermoeiend maakt’, zegt Joanna Lin, hoofdonderzoeker bij vier recente verschillende studies over dit onderwerp van de University of Georgia.

Uit die studies is bovendien gebleken dat vrouwelijke leiders zich beperkt voelen door hun eigen perceptie van hoe vrouwen zich zouden moeten gedragen.

Vrouwen die zich assertiever gedragen, en daarmee afwijken van die gendernormen, voelen zich vaak uitgeput en overweldigd door hun werk. Daardoor hebben ze juist minder tijd en energie om voor hun medewerkers te zorgen. En voldoen ze weer niet aan de verwachtingen. Inderdaad, vermoeiend.

Lees ook: Voor elke vrouw zitten nog steeds 5 mannen in de boardroom

#6 Leiderschapsrollen zijn te stressvol voor vrouwen

Een van de oudste en hardnekkigste vooroordelen is dat vrouwen te emotioneel zijn voor een stevige leiderschapsrol. Ze raken overweldigd door hun emoties en nemen vervolgens irrationele beslissingen.

Drie onderzoekers beschrijven in Harvard Business Review dat vrouwelijke leiders het in stressvolle tijden eigenlijk beter doen dan mannen. Ze hebben daarbij gekeken naar Europese, voornamelijk Nederlandse leiders, en hun gedrag tijdens de coronapandemie.

Mannen laten zich overweldigen door hun angsten en dat resulteert vanuit hun machtspositie in onbeschoft gedrag ten opzichte van de anderen. Vrouwen zijn misschien wel angstiger, maar ze dealen er veel beter mee. Zij blijven begripvol en blijven hun mensen ondersteunen.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Emotioneel even instabiel

Hogan Assessments heeft bij hun onderzoek van vorig jaar naar verschillende indicatoren van stress gekeken. De eerste is hoe leiders in assessments scoren op emotionele stabiliteit. Op deze schaal scoren mannen en vrouwen op executive niveau bijna precies hetzelfde (109.09 voor vrouwen en 109.91 voor mannen).

Andere indicatoren zijn: in hoeverre is iemand emotioneel explosief, hoe wordt er gereageerd op en gehandeld onder druk en stress. Mannen en vrouwen verschillen niet in hun scores op deze punten. Beide sekses zijn even stabiel, of gezien de lage scores eerder instabiel.

AI zal er niets aan veranderen

Tot slot deze uitsmijter. Wie denkt dat deze mythes in de toekomst wel worden weggewerkt door objectieve en neutrale AI-systemen vergist zich. Uit Iers onderzoek blijkt dat AI-managers dezelfde genderverwachtingen overnemen bij hun beoordelingen van mensen.

En omgekeerd werkt het net zo. Medewerkers zijn sceptischer en negatiever over AI-managers wanneer die het etiket vrouwelijk krijgen opgeplakt.

Lees ook: Waarom middelmatige mannen promotie krijgen (en vrouwen niet)