Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Oud-bankier Sergio Panday (Roots Inspire) helpt nu talent van kleur naar de top

Achttien jaar werkte Sergio Panday in de bankenwereld en vrijwel die hele periode was hij een van de weinige mensen van kleur. De dood van George Floyd was voor hem een kantelpunt. Nu werkt hij met Roots Inspire aan een missie: de 'vicieuze cirkel van ondervertegenwoordiging' in het bedrijfsleven doorbreken.

sergio panday roots inspire
Diversiteit is eigenlijk heel onnatuurlijk, zegt Sergio Panday, medeoprichter van Roots Inspire. 'Daarom moet je er gericht op sturen.' Foto: Claudia Sanches

De moord op George Floyd, op 25 mei 2020, verandert alles voor Sergio Panday. Hij werkt als head of logistics clients voor ABN Amro in Singapore, als de zwarte Amerikaan in Minneapolis door de politie wordt verstikt.

Floyds dood veroorzaakt een wereldwijde schokgolf. In tientallen landen gaan mensen de straat op tegen politiegeweld en racisme. Ook in het bedrijfsleven komt meer aandacht voor discriminatie en uitsluiting. Corporates spreken hun steun uit voor de Black Lives Matter-beweging en nemen hun eigen bedrijfsvoering onder de loep.

Zo ook ABN Amro. Niet lang daarna krijgt Panday een mail van Robert Swaak, de toenmalige ceo. ‘Hij wilde van mensen binnen de bank weten hoe ze naar de Black Lives Matter-beweging keken en wat de organisatie beter kon doen’, vertelt hij. ‘En of ik weleens iets had meegemaakt waarvan hij kon leren. Ik heb een bericht teruggestuurd, waar ik goed over had nagedacht, maar daar heb ik nooit reactie op gehad.’

Dat vond hij wel een beetje teleurstellend. ‘Al was het tegelijkertijd ook de trigger om zelf actie te ondernemen.’

Zwart vierkantje op Instagram

Achttien jaar werkte Panday in de financiële sector en vrijwel die hele periode was hij de enige, of een van de weinige personen van kleur. ‘Hoe hoger je klimt, hoe erger het wordt. Dat zag ik niet alleen in het bankwezen, maar ook bij onze corporate klanten.’

In 2020 heeft hij er genoeg van. Hij stapt uit de financiële wereld en richt Roots Inspire op, samen met co-founder Melvin Spalburg. De twee leren elkaar in Singapore kennen. Naast het feit dat ze daar allebei als expat werken, hebben ze nog iets gemeen: hun Caribische wortels.

De dood van George Floyd raakt ze diep. ‘De Black Lives Matter-beweging bereikte Azië niet echt’, zegt Panday. ‘Mensen postten een zwart vierkantje op Instagram en dat was het wel. Wij wilden meer doen. De corporate wereld van binnenuit veranderen.’

Systeem houdt zichzelf in stand

Met Roots Inspire brengen ze etnisch-cultureel talent – etnocultureel, zeggen ze zelf, naar het Britse ethnocultural – in contact met de rolmodellen die ze in hun carrière zelf zo hebben gemist. ‘De discussie wordt vaak gekaapt door het gebrek aan kleur in het bedrijfsleven meteen als discriminatie of racisme te bestempelen’, vertelt Panday. ‘Maar het echte probleem, en dat heb ik ook in die mail aan Robert Swaak geschreven, is het feit dat ondervertegenwoordiging een systeem is dat zichzelf in stand houdt.’

Lees ook: Waarom diversiteit en inclusie zo moeilijk voor elkaar te boksen zijn

Homogene groepen hebben de neiging zichzelf te bestendigen. ‘Mensen voelen zich nu eenmaal aangetrokken tot mensen die op ze lijken. Dat heeft iedereen, mijn vriendengroep bestaat ook grotendeels uit mensen van kleur.’ Diversiteit is eigenlijk heel onnatuurlijk, vervolgt hij. ‘Je kunt niet verwachten dat het zichzelf op natuurlijke wijze oplost, je moet er gericht op sturen.’

Geen hoodie, maar een pak

Gevolg: wie afwijkt van de heersende norm, komt er maar moeilijk tussen. Dat merkte Panday ook toen hij als 21-jarige in de corporate wereld begon. ‘Ik had compleet het gevoel dat ik er niet thuishoorde’, vertelt hij. ‘Na een werkdag nam ik de metro naar huis. Dan zat ik weer tussen mijn eigen mensen, zo voelde dat, maar dan in een pak in plaats van in een hoodie. Dat voelde zó raar.’

Het was navigeren tussen twee werelden, blikt hij terug. Thuis was hij de succesvolle bankier, terwijl hij maar een ‘heel junior mannetje’ was, op zijn werk was hij de ‘odd one out’. ‘Het idee dat we geen huidskleur mogen zien, zit diep in de Nederlandse cultuur verankerd. Maar in de praktijk maakt het wel degelijk uit. Als je niemand ziet die op je lijkt, ga je dat internaliseren. Hoor ik hier wel, zit ik wel op de goede plek?’

Sergio Panday
Sergio Panday (Roots Inspire): ‘Als talent na een paar jaar weer uitstapt, is het dweilen met de kraan open.’ Foto: Claudia Sanches

Die ‘vicieuze cirkel van ondervertegenwoordiging’ willen Panday en Spalburg met Roots Inspire doorbreken. Hun platform voor leiderschapsontwikkeling richt zich specifiek op de doorstroom van talent van kleur naar senior posities.

Panday: ‘Er zijn al goede initiatieven om etnocultureel talent op instapniveau te werven, zoals Global People, Omek en Wrokko. Maar als die mensen vervolgens allemaal binnen een paar jaar weer uitstappen, is het dweilen met de kraan open.’

Push & pull-strategie

Roots Inspire biedt zowel talentontwikkeling als sponsorshiptrajecten aan. Een push & pull-strategie, zegt Panday. De eerste is gericht op individuele ontwikkeling van toptalent (push). Gedurende een zes maanden durend programma worden talenten persoonlijk begeleid door leiders uit het netwerk van Roots Inspire. Ze kunnen zichzelf individueel aanmelden of via hun werkgever deelnemen.

De sponsorshiptrajecten zijn bedoeld om senior leiders binnen organisaties te activeren en ze te trainen op inclusief leiderschap. Deze topmanagers worden begeleid als sponsor, iemand die zijn invloed binnen het bedrijf inzet om deuren te openen voor talenten (lager) in de organisatie. Zij krijgen een concrete opdracht mee: hun sponsee aan de volgende stap in zijn of haar carrière helpen (pull).

Roots Inspire begeleidt inmiddels sponsorshiptrajecten bij ABN Amro, Van Lanschot Kempen, Allen & Overy, C&A, CBRE, Freshfields, De Brauw en Unilever. Dat moeten er ‘absoluut’ meer worden, al maakt de anti-DEI-koers van de Amerikaanse president Donald Trump dat er niet altijd eenvoudiger op (zie kader).

Voor blijvende impact moet de bedrijfscultuur veranderen. Panday: ‘Die verander je niet met cursussen of trainingen, maar door verschillende perspectieven aan de tafels te krijgen waar de belangrijke beslissingen worden genomen.’

Lees ook: Mews-ceo Matthijs Welle: ‘Amerikaanse collega’s vragen: zijn we nog wel veilig?’

Carrièrestap binnen een jaar

Roots Inspire gaat richting het vijfjarig bestaan. In die tijd hebben Panday en Spalburg zo’n 120 mentoren aan het platform weten te verbinden, waaronder Ference Lamp, country executive Benelux bij Bank of America, en Sue (Suraimy) Stephens, emerging business lead bij Meta in Australië en Nieuw-Zeeland.

‘Ze doen het allemaal vrijwillig’, vertelt Panday. De redenen die hij vaak hoort: ‘Omdat ze deze specifieke begeleiding zelf nooit hebben gehad en dat wel hadden gewild. Of omdat ze juist wel begeleiding hebben gehad en ze die ervaring willen doorgeven.’

Van de alumni – dat zijn er inmiddels meer dan 250 – zet 70 procent binnen een jaar een volgende carrièrestap. In vergelijking met andere leiderschapsprogramma’s is dat veel, zegt Panday. ‘Meestal schommelt het tussen de 50 en 60 procent.’ Een aantal is nu zelf actief als mentor, zoals Seref Koca, regiomanager Verzekeren bij Rabobank. ‘Een supermooie vent.’

Jezelf niet verliezen

Zij leren hun mentees de ongeschreven regels van de corporate wereld. Dat je er met hard werken alleen niet komt, dat je zult moeten werken aan je zichtbaarheid, en hoe je bij de juiste mensen op de radar komt. Hoe je omgaat met corporate politics, hoe je relaties met sponsors opbouwt. En vooral: hoe je dat allemaal doet zonder jezelf te verliezen.

‘Een mooi voorbeeld: een van onze alumni is een moslima, die geen alcohol drinkt’, vertelt Panday. ‘Tegelijkertijd begrijpt ze heel goed dat de vrijdagmiddagborrel het moment is waar de relaties worden gesmeed. Zij heeft een manier gevonden toch om deel te nemen aan de borrel én tegelijkertijd haar eigen grenzen te bewaken. Ze gaat altijd mee, bestelt een kop thee, blijft een half uur en praat met zoveel mogelijk mensen. En als iedereen aangeschoten begint te raken, is dat haar cue om naar huis te gaan.’

Welk advies zou hij zichzelf hebben gegeven? Panday denkt even na. ‘Aim higher’, zegt hij. ‘Dat was altijd het grote verschil tussen mijn niet-diverse peers en ik. Qua talent en toewijding deden we niet voor elkaar onder. Maar zij hadden de volle overtuiging dat ze uiteindelijk in de raad van bestuur zouden komen, terwijl dat voor mij onbereikbaar leek.’

Puur voor de paycheck

De kansen waren niet in zijn voordeel, blikt hij terug. Panday werd geboren in Suriname, als kind van een Curaçaose moeder en een Hindostaans-Surinaamse vader. Zijn ouders scheidden niet lang daarna. Hij was twee toen zijn moeder met haar kinderen naar Nederland kwam.

‘Ze heeft ons alleen opgevoed’, vertelt hij. ‘Zodra het kon, ging ze fulltime werken. Ze heeft ons altijd op het hart gedrukt: school is belangrijk, werken is belangrijk. In ons gezin draaide het niet om doen waarvan je gelukkig wordt, maar om je rol in de maatschappij te vervullen en geld te verdienen. Zo kwam ik ook in de bankenwereld terecht. De eerste jaren zat ik er puur voor de paycheck.’

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Als sociaal ondernemer verdient hij ongeveer een zesde van wat hij maandelijks als bankier kreeg bijgeschreven. Mist hij het geld? ‘Een beetje’, lacht Panday. ‘Het heeft me ook veel geleerd over wat we als maatschappij waarderen. Dat er een enorme kloof gaapt tussen geld verdienen en waarde toevoegen.’

Lees ook: Ruben Brave (Dutch New Narrative Lab): ‘Ik wil af van dat zielige diversiteitsnarratief’