Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Advertorial – KPMG Meijburg & Co

Overheden slijpen de messen in de strijd tegen begrotingstekorten. Gevolg is dat ze meer belasting moeten heffen en agressiever zullen gaan innen. De belastingadviseurs van KPMG Meijburg & Co bieden cliënten bescherming tegen te grote inhaligheid en dubbele heffing. Een goed netwerk en internationale ervaring is daarbij onontbeerlijk.
 

De Griekse crisis zette de financieringsproblemen van overheden in de eurozone begin dit jaar in de schijnwerpers. Maar het probleem van overheden die kampen met hoge schulden en forse begrotingstekorten speelt wereldwijd, zegt Jaap Rog bestuursvoorzitter van KPMG Meijburg & Co Belastingadviseurs. “Belastingheffing krijgt hierdoor een andere positie in de samenleving. Hij komt meer op de voorgrond. Het dichten van tekorten en het terugdringen van de staatsschuld heeft voor veel landen de hoogste prioriteit. Ze zetten alle zeilen bij om hun inkomsten te verhogen. Het ligt voor de hand dat er dan meer strijd gaat ontstaan tussen belastingplichtigen en overheden. Vooral multinationals zullen dat gaan merken, niet per definitie de grote ondernemingen, ook de kleine die over de grens werken. Overheden zullen geneigd zijn het eigen bedrijfsleven te ontzien, maar ook daar zal meer druk ontstaan. Denk in Nederland bijvoorbeeld aan het opschroeven van de WOZ-waarde van winkelpanden waarmee lokale overheden hun inkomsten willen verhogen. Overigens mogen we ons in Nederland nog gelukkig prijzen met een goede en professionele belastingdienst.”

Protectionisme

De trend van hogere heffingen en agressievere inning speelt vooral bedrijven parten die grensoverschrijdend werken. De eerste tekenen daarvan zijn al zichtbaar, zegt Marc Temme, partner en lid van de Task Force Commercie. “We merken dat belastingdiensten de grenzen van de wet verkennen. Bijvoorbeeld bij de regels voor interne verrekenprijzen tussen vestigingen in verschillende landen. Soms gaat dat zo ver dat de fiscus een standpunt inneemt dat haaks staat op bestaande wetgeving. Ook zien wij dat bedrijven die hun buitenlandse vestiging hebben opgezet als vaste inrichting opeens extra belasting moeten gaan betalen.”
De situaties die Temme schetst doen zich voor ondanks internationale belastingverdragen. Zelfs in de Europese Unie, weet Rog. “De afgelopen twintig jaar heeft in Europa een enorme harmonisatieslag plaatsgevonden. Nu het economische tij tegenzit, zie je dat landen zich protectionistisch gaan gedragen. Overheden worstelen met de wetgeving uit Brussel in hun streven de opbrengsten te verhogen.” Maar de meeste conflicten ontstaan met overheden in opkomende markten, vervolgt hij, ook al zijn daar vaak belastingverdragen van toepassing.

Internationale ervaring

Bedrijven die tegen een inhalige overheid aanlopen, kunnen drie dingen doen. Alles voor lief nemen en de extra belastingdruk aanvaarden. De zaak laten escaleren en aansturen op een confrontatie voor de rechter. Of een conflict in de kiem proberen te smoren en zo snel mogelijk rechtszekerheid krijgen. De derde mogelijkheid is het aantrekkelijkst, maar tegelijkertijd het ingewikkeldst, weet Temme. Belastingwetgeving is immers zeer complex en per land verschilt de interpretatie van de wet en de houding van de belastingdienst. “Bedrijven hebben een adviseur nodig die hen daarin bijstaat. Vakkennis is voor een goede adviseur een eerste en absolute voorwaarde. Maar het is onmogelijk een conflict snel en doeltreffend in de kiem te smoren zonder een uitgebreid netwerk en voldoende ervaring. Als sprake is van schending van een internationaal verdrag, dan moeten de verschillende autoriteiten daarover discussiëren. Je kunt die autoriteiten alleen bij elkaar brengen als je daar de juiste contacten hebt.”
Een belastingadviseur heeft dus pas echt meerwaarde voor een cliënt als behalve diens vakkennis, zijn netwerk in orde is en hij voldoende praktische ervaring heeft. KPMG Meijburg & Co heeft beide. “Van oudsher staan onze adviseurs bekend om hun vaktechniek. Tel daarbij op dat wij wereldwijd aanwezig zijn en het is duidelijk dat bedrijven hier voor fiscaal advies aan het juiste adres zijn. Wij staan altijd voor onze cliënten. Met verstand en binnen de wet. Als adviseurs bieden we rechtsbescherming tegen buitensporige inhaligheid van overheden en zorgen we dat cliënten zo snel mogelijk zekerheid hebben over hun fiscale positie”, zegt Rog.

Flexibel

De veranderende opstelling van overheden vergt van belastingadviseurs dat zij daarop kunnen inspelen. Anders gezegd: ze moeten zich flexibel aanpassen aan nieuwe omstandigheden. Andere trends vereisen dat eveneens. Temme wijst op de overstap van papieren naar elektronische aangiften. De digitalisering heeft de basis gelegd voor horizontaal toezicht, de verschuiving van controle achteraf naar overeenstemming vooraf. “Waar we cliënten in het verleden hielpen bij het invullen van hun aangifte, daar adviseren we nu over de totstandkoming van de aangifte. Het proces van gegevensverwerking wint aan belang. Bedrijven moeten kunnen aantonen dat ze dit proces beheersen, zodat de fiscus geen twijfel hoeft te hebben over de output. Van ons vraagt dat meer kennis van IT-systemen. Daarom nemen we nu EDP-auditors in dienst die we intern fiscaal trainen.” Een derde trend appelleert vooral aan de maatschappelijke verantwoordelijkheid van KPMG Meijburg & Co, vertelt Rog. “Via de beroepsorganisatie geven wij input in het wetgevingsproces waarmee we hopen heldere wetten en verdragen te krijgen. Ik vind het onze maatschappelijke taak daaraan bij te dragen. Dat samenspel tussen overheid en private sector loopt hier in Nederland beter dan ooit.”

KPMG Meijburg & Co

Laan van Langerhuize 9, 1186 DS Amstelveen
Postbus 74600, 1070 DE Amsterdam
Telefoon: (020) 656 16 56
Fax: (020) 656 11 00
E-mail: [email protected]
www.kpmg.meijburg.nl
 

RAMageddon: zo maakt AI je volgende laptop en smartphone honderden euro’s duurder

De onstilbare chiphonger van AI zorgt voor een wereldwijd tekort aan geheugenchips. Dat zorgt voor een prijsexplosie die nu ook Apple laptops en spelcomputers fors duurder maakt. Wen er maar aan, zeggen analisten, want het wordt allemaal nog veel duurder.

Het blijft wennen. Als koper van een laptop of smartphone was je gewend dat die apparaten elk jaar meer rekenkracht en meer geheugen boden voor ongeveer hetzelfde geld.

Apple ziet zich nu gedwongen dat om te draaien. Het vraagt sinds vorige week méér geld voor laptops waar onder de kap weinig of niets aan is veranderd. De Macbook Pro van 2.229 euro is exact dezelfde als het ding dat een paar dagen eerder nog 300 euro goedkoper was. Ook de razend succesvolle budgetserie MacBook Neo is 100 euro duurder geworden en ging van 599 naar 699 euro. De iPad werd zelfs 30 procent duurder: van 389 euro/voor 509 euro.

RAMageddon slaat toe

Nu voelen consumenten pas goed de gevolgen van wat Amerikanen al smakelijk ‘RAMageddon’ of ‘RAM-pocalypse’ noemen (RAM staat voor random access memory). Een enorm tekort aan geheugenchips drijft de prijzen op, pc- en gadgetfabrikanten worstelen daardoor met hoge kosten die onvermijdelijk tot hogere eindprijzen moeten leiden. In sommige gadgets is de kostprijs van het geheugen al hoger dan de totale verkoopprijs.

Lees ook: De volgende generatie belastingontduikers is op komst: AI-agents

Dat Apple, met al zijn inkoopkracht een wereldkampioen in het regisseren van zijn toeleveringsketen, komt met een prijsverhoging is veelzeggend. Op dezelfde dag dat Apple zijn prijzen verhoogde, maakte Microsoft bekend dat zijn Xbox-spelcomputer 100 tot 150 dollar duurder wordt. De topversie met 2 terabyte geheugen is niet eens meer te koop. Eerder hadden concurrenten Sony (PlayStation 5) en Nintendo (Switch 2) al aangekondigd dat hun spelconsoles duurder zouden worden.

AI is de boosdoener

Ook Dell, HP, Lenovo en Asus hebben prijzen verhoogd of de hoeveelheid geheugen in hun producten verminderd. Inmiddels maken geheugenchips eenderde van de prijs van een laptop uit, en moeten we er rekening mee houden dat de simpele schoollaptop van 500 euro in 2028 niet meer bestaat.

Lees ook: Hoe Nederlands is Nebius, dat met Nvidia-miljarden zijn AI-cloud bouwt?

Boosdoener is – dat valt wel te raden – AI. Althans, de gigantische investeringen in de datacenters waarin OpenAI, Anthropic, Google en de rest hun AI-modellen laten draaien. Dat Nvidia stinkend rijk wordt van de grafische chips voor AI-fabrieken is wel bekend. Maar geavanceerde geheugenchips die enorme hoeveelheden data kunnen opslaan en snel serveren zijn even onmisbaar in de AI-revolutie.

AI-chips krijgen voorrang

Terwijl big tech honderden miljarden uitgeeft aan de bouw van datacenters, proberen de chipmakers ze zo goed mogelijk te bedienen met de snelle geheugenchips van het type HBM (high bandwidth memory). Die bestaan uit meerdere lagen en verbruiken daardoor ongeveer 3 keer meer basismateriaal – wafers – dan conventioneel geheugen.

Er zijn eigenlijk maar drie grote leveranciers, Samsung, SK Hynix en Micron. Samen zijn ze goed voor meer dan 90 procent van de markt en zij geven voorrang aan de chips met hogere marges. Micron meldde al in december plompverloren dat het stopt met het maken van chips voor de consumentenmarkt. Daardoor zijn er minder wafers over voor de doorsnee chips in onze telefoons, laptops, auto’s en wat al niet.

Tot 2027 nog hogere prijzen

De wet van vraag en aanbod heeft intussen zijn werk gedaan. DRAM-chips (dynamic random access memory) die als werkgeheugen dienstdoen en de SSD-variant waarop we data opslaan, werden sinds afgelopen herfst al 3 tot 4 keer zo duur, maar volgens een rapport van Gartner en investeerder Jefferies gaan de prijzen de komende kwartalen nog doodleuk met 30 tot 50 procent omhoog. Tot eind 2027 rekenen ze met een plus van 150 tot 205 procent.

Lees ook: Zitten we in een AI-bubbel? Dit maakt 2025 anders dan de internetzeepbel van eind jaren 90

Tja, het aanbod past zich duidelijk niet snel genoeg aan aan de vraag. Het bouwen en operationeel krijgen van een fabriek voor geheugenchips duurt dan ook twee tot drie jaar – als de grote fabrikanten al toekomen aan iets anders dan dat zo gevraagde geavanceerde geheugen voor AI-berekeningen. Tot overmaat van ramp zat de chipmarkt in 2023 in een dal, waardoor juist in die periode veel minder nieuwe fabrieken werden gepland.

Rechtszaak tegen grote drie

De chipcrisis kent niet alleen verliezers. Zuid-Korea zag zijn export vorige maand spectaculair stijgen, met 70 procent tot ruim honderd miljard dollar, vooral dankzij de explosief gestegen handel in geheugenchips. Deze week toonden Samsung en SK Hynix hun goede wil. Samen met de Zuid-Koreaanse overheid investeren ze 590 miljard dollar in nieuwe fabrieken, genoeg om de productiecapaciteit van het land nog eens te verdubbelen.

Dat gebaar van goede wil kwam nét te laat voor een paar particulieren en kleine pc-bedrijven die juridische actie ondernemen tegen de grootste drie chipmakers. In Californië worden ze aangeklaagd voor het moedwillig en in overleg beperken van de productie en het opschroeven van hun prijzen, iets wat al sinds 2022 aan de gang zou zijn.

Lees ook: Eindhovense Nvidia-uitdager haalt $250 miljoen op

Voordat de rechter aan een beoordeling toekomt, zijn de prijsstijgingen misschien al voorbij. Maar of ze na 2027 zullen dalen, daarin hebben analisten een hard hoofd. Misschien is er nóg een winnaar temidden van alle chip-ellende. Duurdere laptops en smartphones kunnen leiden tot uitgestelde aankopen en een impuls geven aan de markt voor tweedehands apparaten. Voor de aarde is wat minder e-waste meer dan welkom.

Deze startup uit de VS zoekt $350 miljoen om het hart van ASML’s chipmachine te vervangen

ASML bouwt de enige machines ter wereld waarmee de meest geavanceerde chips worden gemaakt. Een Amerikaanse startup denkt een cruciaal onderdeel te kunnen verbeteren. Is dat een bedreiging of juist een kans voor de grootmacht uit Veldhoven? 4 vragen.

ASML
ASML's chipmachines gebruiken EUV-licht om microscopisch kleine ontwerpen op wafers te printen. Foto: ASML

1. Wat is er volgens xLight mis met de lichtbron die ASML gebruikt?

xLight-oprichter Nicholas Kelez ontwikkelt een alternatief voor een onmisbaar onderdeel in de machines van ASML: de lichtbron. Voor zijn meest geavanceerde machines gebruikt de chipmachinefabrikant extreem ultraviolet licht (EUV). Dat wordt gegenereerd via een proces dat laser-produced plasma wordt genoemd.

Dat gaat zo. In een vacuümkamer worden aan een stuk door minuscule druppeltjes tin afgeschoten, 50.000 keer per seconde. Die druppeltjes worden met lasers platgeslagen en tot ontploffing gebracht. Bij deze ‘mini-supernova’s’ worden fotonen uitgezonden met een golflengte van 13,5 nanometer (een miljoenste van een millimeter), het EUV-licht.

Dat licht wordt via een serie spiegels het lithografiesysteem in gestuurd, waar het wordt gebruikt om patronen op een chip te ‘printen’.

Klinkt ingewikkeld? Dat is het ook. Het kostte ASML meer dan vijftien jaar voordat het systeem betrouwbaar genoeg was voor commerciële chipproductie. Het is de enige partij ter wereld die deze EUV-lithografiemachines kan maken, die op hun beurt weer essentieel zijn voor de productie van de meest geavanceerde (AI-)chips.

Lees ook: Recordfunding van 330 miljoen: is Nearfield Instruments straks even onmisbaar als ASML?

xLight-oprichter Kelez is ervan overtuigd dat de lichttechnologie die ASML gebruikt tegen grenzen aanloopt. Hoe kleiner de patronen, hoe meer transistors – de kleinste bouwstenen – er op een vierkante centimeter kunnen worden gedrukt. En hoe meer transistors, hoe krachtiger en efficiënter de chip wordt. Dat is belangrijk voor het zware rekenwerk dat nodig is voor AI-modellen. ASML heeft er dus baat bij om ‘fijnere lijntjes’ te tekenen.

Dat kan door het EUV-licht met grotere spiegels scherper te ‘focussen’, waarop ASML nu inzet. Volgens Kelez komt er bij die methode een moment dat de grens bereikt is, omdat de spiegels dan te groot en te zwaar worden, en de machines zodoende te duur. Hij denkt dat het effectiever is om de golflengte van het EUV-licht zelf te verkorten, en dat die kan worden teruggebracht tot 2 nanometer.

2. Oké, en waaraan sleutelt xLight dan precies in Silicon Valley?

Aan een externe ‘lichtfabriek’. In plaats van in de machine wil de startup het EUV-licht daarbuiten opwekken. Dat doet xLight met een vrije elektronenlaser (Free Electron Laser of FEL). Het gaat om een deeltjesversneller waarbij elektronen in bundels worden versneld tot dichtbij de lichtsnelheid en vervolgens door een reeks magneten gestuurd. Daardoor gaan ze slingeren en creëren ze EUV-licht.

Door de ruimte tussen de magneten aan te passen kan de golflengte van dat licht worden ‘ingesteld’. Het systeem moet zo’n 100 bij 50 meter groot worden en kan bijvoorbeeld naast een chipfabriek worden geïnstalleerd. De laser kan zoveel EUV-licht opwekken dat deze volgens xLight zo’n zestien tot twintig lithografiemachines tegelijk van licht kan voorzien. Light as a service, aldus Kelez.

99 procent van de energie die daarvoor nodig is kan worden teruggewonnen, zegt de oprichter tegen The Economist. Terwijl er volgens correspondent Shailesh Chitnis in de machines van ASML bij elke spiegelreflectie juist zo’n 30 procent verloren gaat. ‘Tegen de tijd dat de fotonen de wafer bereiken, is er minder dan 2 procent van de oorspronkelijke energie over.’

Een EUV-lithografiemachine van ASML. xLight werkt aan een alternatieve lichtbron. Foto: ASML

3. Klinkt allemaal heel mooi, maar hoever is xLight daarmee?

De deeltjesversneller van xLight bestaat alleen nog op papier. De technologie werkt in het lab, maar moet nog op grote schaal worden bewezen. De startup bouwt nu een eerste prototype, in het Albany Nanotech-complex in de staat New York. Die moet in 2028 klaar zijn.

Het bedrijf zou volgens techsite The Information al (niet-bindende) overeenkomsten voor 4,2 miljard dollar aan projectfinanciering hebben gesloten, bedoeld voor de bouw van de eerste zeven installaties. Waar die moeten komen, en wanneer, is niet bekend.

Ook voor het prototype is geld nodig. De Amerikaanse overheid stak eind vorig jaar 150 miljoen dollar in de startup via de Chips and Science Act, een subsidieprogramma van ruim 50 miljard dollar om de binnenlandse chipproductie in de VS te versterken.

Veelzeggend is dat voormalig Intel-ceo Pat Gelsinger bestuursvoorzitter bij xLight is. Intel was ooit leidend op de wereldwijde chipmarkt, maar raakte die dominante positie kwijt aan spelers als TSMC, Samsung en Nvidia.

Lees ook: Waarom de nieuwe ceo de droom van een leidend Intel alvast kan opbergen

In ruil voor die zak geld kreeg het Witte Huis volgens The Wall Street Journal een onbekend belang in xLight, waarmee de overheid waarschijnlijk de grootste aandeelhouder is geworden. Daarnaast zouden er volgens The Information gesprekken lopen om nog eens 350 miljoen dollar aan privaat kapitaal op te halen, met Boardman Bay Capital en Bain Capital in de lead.

4. Moet ASML zich zorgen maken?

Ja en nee. xLight doet volgens techsite The Next Web een poging om het ‘monopolie’ van ASML te doorbreken. Maar in plaats van uitdager stelt de startup zich juist als partner op. De twee bedrijven werken zelfs samen om de technologie te demonstreren. Het plan is om de elektronenlaser te integreren in de machines van ASML; xLight zou de tech volgens The Information aan de Veldhovense grootmacht willen verkopen.

Dan moet de startup eerst aantonen dat de technologie werkt, zegt ceo Christophe Fouquet tegen TechCrunch. Volgens de ASML-topman kan de eigen lichttechnologie bovendien nog ‘jarenlang’ verder worden ontwikkeld. ‘We weten hoe we die kunnen opschalen. Waar xLight aan werkt, is een nieuwe lichtbron die nog gebouwd en bewezen moet worden. De enige vraag is of die uiteindelijk betere prestaties levert of goedkoper is dan onze huidige oplossing. Ik denk dat daar het laatste woord nog niet over is gezegd.’

Waarom ASML dan met de startup samenwerkt? ‘We vinden dat we daarin een verantwoordelijkheid hebben.’

Als ASML zich al zorgen moet maken om uitdagers uit Silicon Valley, dan volgens NRC eerder over Substrate. Ook deze Amerikaanse startup werkt aan een alternatieve lichtbron, met röntgenstralen. Daar blijft het niet bij; het bedrijf wil ook eigen lithografiemachines en chipfabrieken bouwen, en claimt dat die voor 2028 operationeel zijn.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

PayPal-oprichter Peter Thiel gelooft erin; die stak al 100 miljoen dollar in de startup. Maar Fouquet moet het nog zien. ‘Ik heb al veel ambitieuze claims voorbij zien komen’, zegt hij tegen TechCrunch. ‘Wij beschikten dertig jaar geleden al over ons eerste EUV-beeld. Vervolgens kostte het twintig jaar intensief ontwikkelingswerk om daar een systeem van te maken dat geschikt was voor chipproductie.’

Lees ook: Waarom ASML 3.000 managers wipt: ‘Hoe meer bureaucratie, hoe minder innovatie’

Kapperszoon Luca Ferrari werd multimiljardair met de bikkelharde opkoopstrategie van Bending Spoons

Luca Ferrari koopt met Bending Spoons aan de lopende band bekende techbedrijven als WeTransfer en AOL op. Zijn aanpak is meedogenloos: massaal personeel ontslaan en prijzen verhogen. De spectaculaire beursgang van zijn bedrijf op de Nasdaq maakt Ferrari ruim 3,3 miljard dollar waard.

bending spoons luca ferrari
Luca Ferrari wil met bedrijvenopkoper Bending Spoons uiteindelijk naar de beurs, waarschijnlijk in New York. Foto: Bending Spoons

De beursgang van het Italiaanse Bending Spoons, opkoper van online bedrijven als WeTransfer, Eventbrite, Vimeo en AOL, zorgde woensdag voor spektakel. Op de Nasdaq spoot de koers bijna 40 procent de hoogte in, tot 40,50 dollar. Dat maakt het bedrijf dat Luca Ferrari en zijn vrienden in 2013 oprichtten, 25 miljard dollar waard.

Het clubje is daarmee officieel multimiljardair, waarbij ceo Ferrari zelf op basis van de aandelen die hij volgens het beursprospectus bezit ruim 3,3 miljard dollar waard is. De IPO van Bending Spoons geldt als de grootste voor een Europees techbedrijf sinds ARM. En dat beleggers de koers flink opjoegen, mag je zien als bewijs van hun vertrouwen in het model erachter.

Maar hoe is die Ferrari (41) eigenlijk miljardair geworden? Daarvoor moeten we terug naar 2010. De Italiaan doet dan een opmerkelijke mededeling voor iemand die net is aangenomen bij McKinsey, een van de meest prestigieuze adviesbureaus ter wereld. Hij is pas afgestudeerd aan de Technische Universiteit van Denemarken en heeft met twee anderen een startup opgericht: Evertale.

‘Ik vertelde mijn toenmalige baas dat ik zou stoppen met mijn baan zodra we financiering zouden krijgen’, vertelt Ferrari in de podcast Dealmakers. Zijn leidinggevende gaat akkoord.

Ferrari woont met zijn twee medeoprichters in een klein appartement in Kopenhagen. Hij werkt bij McKinsey om de huur te kunnen betalen, terwijl zij fulltime aan hun startup bouwen.

Na ruim een jaar is het zover: Evertale, een app die automatisch een dagboek bijhoudt van je leven op basis van AI, haalt een half miljoen euro op bij Mangrove Capital Partners. Ferrari neemt ontslag.

Van Evertale naar Bending Spoons

Lang duurt het avontuur niet. Evertale gaat in 2013 op de fles. ‘Ik kwam net op tijd om de ondergang van ons bedrijf flink te versnellen’, grapt Ferrari daar inmiddels over.

Maar die mislukking brengt hem wel iets. Met 40.000 euro op de rekening begint hij samen met zijn twee co-founders en twee teamleden aan een tweede avontuur. Dat wordt Bending Spoons, de Italiaanse softwareontwikkelaar die techbedrijven verzamelt alsof het Pokémonkaarten zijn.

Laatste prooi was AOL, de gevallen internetreus die ooit de grootste provider van de Verenigde Staten was. Bending Spoons nam het bedrijf eind oktober over van Yahoo voor naar verluidt zo’n 1,4 miljard dollar. Eerder kwamen het Nederlandse WeTransfer, Vimeo, Evernote en Komoot al in Italiaanse handen.

En Bending Spoons weet de online diensten, vaak over hun hoogtepunt heen, goed af te stoffen en er winst uit te peuren. Het maakte in het eerste kwartaal een omzet van 601 miljoen dollar en een winst van 27,4 miljoen. Beleggers vreten het Italiaanse succesverhaal: de introductiekoers van 29 dollar was al een tikje hoger geprikt dan de eerder afgegeven maximale prijs.

Zoon van twee kappers

Het verhaal van Ferrari begint in Settimo, een dorp van 1.500 inwoners bij Verona. Zijn ouders zijn beiden kapper van beroep. Niemand in zijn familie heeft een universitaire opleiding gedaan. ‘Ik groeide op met veel dromen, maar zonder veel voorbeelden van hoe je die waarmaakt’, aldus Ferrari in de Dealmakers-podcast.

Als kind wil hij dolgraag ‘alles weten’. Die honger naar kennis brengt hem naar de bachelor information engineering aan de Universiteit van Padua. Maar het is pas in Denemarken, waar hij als student een masteropleiding volgt, dat zijn wereld opengaat. Daar ontdekt hij hoe hij impact kan maken.

‘Sinds mijn vijfde of zesde wist ik al dat ik iets groots en blijvends wilde bouwen — iets uitzonderlijks. Pas tijdens mijn studietijd begreep ik dat ondernemerschap daarvoor mijn pad was’, zei Ferrari tegen Forbes.

Die roeping leidt tot Evertale, zijn eerste startup. Een ambitieus idee, maar de markt is dan nog niet klaar voor een AI-dagboek.

Gestaag groeien

Tweede poging Bending Spoons is genoemd naar de scène uit The Matrix waarin hoofdpersoon Neo leert om een lepel te buigen met zijn geest. Het onmogelijke is mogelijk. Dat is nog steeds het motto van het bedrijf: ‘Impossible. Maybe.’

In 2014 verhuist Bending Spoons van Kopenhagen naar Milaan. Dat jaar doet het bedrijf zijn eerste, bescheiden overname. Voor 10.000 dollar koopt het een iOS-app om het toetsenbord op iPhones te personaliseren.

Die kleine investering zet een patroon in gang dat Ferrari later perfectioneert. Koop een bestaand product, maak het winstgevender en investeer de opbrengst in de volgende overname. Die aanpak werkt. Groeien doet Bending Spoons geleidelijk. ‘Er was nooit een jaar waarin we ineens tien keer zo groot werden’, blikt Ferrari terug in de podcast Neon Show. ‘Het was altijd stapsgewijs. Elk jaar een beetje beter dan het vorige.’

Gas geven met Evernote, Vimeo en WeTransfer

De eerste échte mijlpaal komt in 2018 met de overname van Splice, een video-editor die is ontwikkeld door actiecameramaker GoPro. ‘Dat was voor onze begrippen een behoorlijk groot bedrijf’, zegt Ferrari in de Neon Game-podcast. Met de deal zijn ‘enkele miljoenen dollars’ gemoeid. ‘Dat zou je kunnen zien als een keerpunt.’

Het markeert de transitie van klein appbedrijf naar techconglomeraat. Vanaf dat moment versnelt het tempo waarin Bending Spoons overnames doet. In 2021 gaat het om foto-app Remini, in 2022 om camera-app Filmic Pro en in 2023 volgt Evernote, de bekende app voor notities en lijstjes. En 2024 is het jaar waarin Ferrari echt gas geeft: Meetup, Mosaic Group, StreamYard, WeTransfer, Issuu. Het jaar erop volgen Brightcove, Komoot, Vimeo en AOL.

bending spoons oprichters luca Ferrari
Vlnr, de vier oprichters van Bending Spoons: Matteo Danieli, Luca Ferrari, Francesco Paternello en Luca Querella. Foto: Bending Spoons

Het zijn stuk voor stuk bekende namen, maar ook bedrijven die hun beste tijd vaak al achter zich hebben liggen. Video-app Vimeo is sinds de beursgang in 2021 zo’n 85 procent in waarde gedaald. De gewenste notering van documentendeeldienst WeTransfer aan de Amsterdamse beurs Euronext draaide eerder uit op een sof en notitie-app Evernote worstelt al jaren met concurrentie van onder meer Notion.

Ferrari ziet dat niet als zwakte, maar als kans. Hij koopt bedrijven die hun potentie niet helemaal hebben waargemaakt en probeert ze effectiever en efficiënter te runnen. ‘Ik omschrijf Bending Spoons graag als het kind van Google, Amazon en Berkshire Hathaway’, zegt hij in de Dealmakers-podcast. ‘Van Google hebben we de liefde voor technologie, van Amazon de liefde voor efficiëntie en van Berkshire Hathaway de liefde voor slimme investeringen en overnames.’

Schulden als brandstof

Maar hoe financiert Bending Spoons de ene aankoop na de andere? Simpel: door zich in de schulden te steken. In oktober sluit het bedrijf een lening af van 2,8 miljard dollar bij een consortium van grote banken, waaronder JP Morgan, Goldman Sachs en BNP Paribas. Daarbovenop komt een venture capital-ronde van 710 miljoen dollar, die het bedrijf waardeert op 11 miljard dollar.

De vier oprichters bezitten samen 55 procent. De rest is in handen van investeerders als T. Rowe Price, maar ook van bekende namen als oud-tennisser Andre Agassi, acteur Bradley Cooper en zanger The Weeknd.

In totaal heeft Bending Spoons sinds de oprichting bijna 5 miljard dollar aan financiering opgehaald, een combinatie van durfkapitaal en leningen. ‘We zijn elk jaar winstgevend geweest’, zegt Ferrari in de Dealmakers-podcast. ‘Dat maakt het mogelijk om schulden aan te gaan.’

Keihard saneren, prijzen verhogen

Hoe haalt hij die winst uit de overgenomen bedrijven, die vaak nauwelijks winstgevend waren of zelfs verlies draaiden? Door rigoureus te snijden in de kosten. En dat betekent vooral: personeel ontslaan.
Bij WeTransfer moet driekwart van de medewerkers vertrekken kort na de overname. Bij Komoot gebeurt hetzelfde. Ook bij Evernote, Meetup, Issuu en Brightcove volgen massale ontslagen. Het team achter Filmic Pro is zelfs volledig op straat gezet.

‘We denken dat we met een kleiner team vol talent in staat zijn om veranderingen sneller en beter door te voeren’, legt Ferrari uit aan Follow the Money. ‘Met minder managementlagen en bureaucratie gaat er minder tijd verloren aan coördineren en communiceren.’

luca ferrari bending spoons ceo
Luca Ferrari. Foto: Bending Spoons

Om te voorkomen dat cruciale kennis verdwijnt, screent Ferrari van tevoren welke expertise onmisbaar is. Medewerkers met specialistische vaardigheden die Bending Spoons zelf niet in huis heeft, maken meer kans om te mogen blijven. Bij WeTransfer leverde het management vooraf al namen aan van zulke specialisten, aldus een oud-medewerker tegen Follow the Money.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Naast personeelsreducties volgen na overnames vaak prijsverhogingen. Evernote werd in 2023 bijna 30 procent duurder. WeTransfer-klanten zagen hun abonnement vorig jaar bijna verdubbelen in prijs – en dat zonder waarschuwing. Ferrari benadrukt dat alle keuzes gericht zijn op het toekomstig succes van de overgenomen bedrijven.

De machine draait door

Ondertussen blijft de overnamemachine draaien. Ferrari analyseert naar eigen zeggen tien bedrijven per maand en het prospectus meldt zelfs meer dan 1.000 potentiële overnamekandidaten. Die zijn niet allemaal te koop, maar dankzij de beursgang heeft hij nu een verse 1,7 miljard dollar op zak.