Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Waarom jij opbrandt terwijl je collega floreert (en wat leiders daaraan kunnen doen)

Termen als bore-out, burn-out en quiet quitting domineren de krappe arbeidsmarkt. Het antwoord volgens vitaliteitsonderzoeker Sandra Klijn: meer kennis over energiegevers en energievreters op de werkvloer, maar vooral goed leiderschap. 'Wees er in de eerste plaats voor je team in plaats van voor het MT.'

energiemanagement medewerkers werkgeluk
Getty Images
Je leest nu: Waarom jij opbrandt terwijl je collega floreert (en wat leiders daaraan kunnen doen)

Sandra Klijn (43) werkte zeventien jaar in marketing- en hr-functies bij grote corporates zoals Danone en Philips. Daar vroeg zij zich steeds vaker één ding af: hoe komt het dat de ene persoon floreert onder bepaalde werkomstandigheden en de ander een burn-out of een bore-out krijgt?

Heeft dat puur te maken met onze eigen karaktereigenschappen? Of heeft de manager daar ook invloed op?

Klijn gooide het roer om, deed onderzoek aan de Vrije Universiteit Amsterdam naar energie op de werkvloer en startte een bedrijf voor trainingen op het gebied van energiemanagement en loopbaanontwikkeling.

4 energiegevers en energievreters op de werkvloer

Volgens Klijn bestaat energie op het werk uit vier dimensies: fysieke, emotionele, mentale en spirituele energie. ‘Fysieke energie zit in ons lichaam, denk aan eten, slapen en bewegen. Emotionele energie heeft te maken met gevoel, zoals frustratie of verdriet. Denk aan een werksituatie waarin jij verantwoordelijk was, maar geen knopen door mocht hakken.’

Mentale energie draait om focus en concentratie. ‘Als jij alleen maar afspraken achter elkaar hebt, sta je continue aan. En dat is lastig, want je hebt ook voldoende ontspanning nodig om scherp en creatief te blijven. Spirituele energie heeft te maken met zingeving. Geeft jouw werk voldoening, betekenis? Dan geeft dat energie. Zo niet? Dan slurpt dat energie.’

Lees ook: Quiet quitting: tijdperk van de anti-ambitie of toxische werknormen?

Volgens Klijn staan alle vier de dimensies in verbinding met elkaar. Voorbeeldje: als je weinig geslapen (fysieke energie) hebt, kun jij je minder makkelijk concentreren (lage mentale energie), heb je een korter lontje en reageer je sneller geïrriteerd (lage emotionele energie).

Waarom jij opbrandt terwijl je collega floreert

Maar hoe kan het dan dat je collega, onder dezelfde omstandigheden, vol energie aan het werk is, terwijl jij de minuten op je beeldscherm aftelt? Dat heeft volgens Klijn te maken met persoonlijke en contextuele factoren en inspanning en herstel.

‘Wie ben jij als persoon? Ben je introvert, extravert, taak- of mensgericht? Waar loop jij warm voor? Dat verschilt per persoon en maakt dat jij in de ene omgeving floreert en in de andere setting struggelt.’

Medewerkers doen niet wat jij zegt, maar wat jij doet

Tegelijkertijd moet je in je werk-privébalans voldoende ruimte krijgen om jezelf op te laden. ‘Je kunt niet altijd aanstaan, dan brand je op. Al die factoren zijn van invloed op jouw unieke situatie.’

Geef als leidinggevende het goede voorbeeld

Je energiek voelen op het werk is volgens Klijn een gedeelde verantwoordelijkheid: van medewerker én manager. ‘Het is de verantwoordelijkheid van de medewerker om zichzelf te kennen: waar zitten mijn energiegevers en -vreters? De andere helft van de verantwoordelijkheid ligt bij de leidinggevende. Hij moet nagaan hoe het met jou gaat en of werkzaamheden wel of niet bij je passen.’

Lees ook: Wanneer is het tijd om ontslag te nemen?

Daarnaast moet een leidinggevende volgens Klijn vooral ook zelf het goede voorbeeld geven. ‘Toen ik bij Philips tegen mijn team zei: “Jongens, het is kwart over vijf, we gaan naar huis”, maar vervolgens zelf bleef zitten, vertrok niemand om kwart over vijf.’

Dus stond ze altijd als eerste op om naar haar spullen te pakken om naar huis te gaan. ‘Medewerkers doen niet wij jij zegt, maar wat jij doet. Dus ga zelf op tijd naar huis, stuur geen e-mails in het weekend en wees er in de eerste plaats voor je team in plaats van voor het MT. Durf die druk naar boven terug te geven.’

Leiders hebben onvoldoende tijd voor het team

Vooral op dat laatste punt ziet Klijn het vaak misgaan. ‘In Nederland hebben veel leidinggevenden, naast een team, ook nog eens een heleboel taken en projecten lopen. Dat heeft te maken met onze structuren en culturen.’

Lees ook: Waarom werken voor een baas onnatuurlijk is: ‘Ons brein is zo niet geprogrammeerd’

Het gevolg? De leidinggevende loopt over en heeft onvoldoende tijd om er voor zijn team te zijn. ‘En dat terwijl het zijn primaire taak is om zijn medewerkers te begeleiden, in plaats van eigen projecten te leiden. Niet alleen voor het belang van de medewerkers, maar ook voor het belang van de organisatie, want energieke medewerkers verzuimen minder en zijn een stuk productiever.’

Vechten om kandidaten

Gelukkig dringt dit besef bij steeds meer bedrijven door, zegt Klijn. ‘Sinds de coronaperiode staat het welzijn van medewerkers hoger op de agenda dan ooit. En daar doet de krappe arbeidsmarkt nog een schepje bovenop.’

Het is vechten om kandidaten. Dat betekent dat bedrijven verschil moeten maken. ‘Zo zie je nu ineens overal happiness en health and wellbeing managers opduiken. Dat vind ik een positieve trend. Ik hoop dat mijn onderzoek leiders wakker schudt. Energie op de werkvloer is essentieel: niet alleen voor het geluk van je medewerkers, maar ook voor hun productiviteit en duurzame inzetbaarheid. En dat helpt jouw organisatie weer vooruit.’

Lees meer over werk-privébalans en productiviteit: