Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Hoogste tijd voor hervorming

Nederland heeft een dosis visie, een snufje industriepolitiek en een ongebruikte pot van 600 miljoen euro nodig. Alleen dan komen we beter uit de crisis.

De crisis maakt de zwakke plekken zichtbaar. Nederland heeft grote moeite om zich aan te passen. Juist nu is het ideale moment om met een lange termijnvisie de structurele problemen op de arbeidsmarkt aan te pakken. We moeten een voorbeeld nemen aan de Denen. Die hebben de noodzakelijke arbeidshervormingen wel doorgevoerd en profiteren nu van een hoge werknemersmobiliteit; om precies te zijn 13 procent hoger dan in Nederland. Rendement: 15 procent lagere instroom in de WW.

Betalen de prijs
Er is in Nederland een mismatch tussen vraag en aanbod op de markt. Oorzaak: structurele problemen dankzijde rigide vorm van de arbeidsverhoudingen. Voor het gebrek aan lef en visie in de polder betalen we nu de prijs en de best practices op dit gebied komen allang niet meer uit Nederland.

Miljarden besparen
In januari van dit jaar melden zich in Nederland naar schatting 13.000 mensen per week aan voor een WW-uitkering. Dat zou dus omlaag kunnen met een kleine 2.000 mensen per week, oftewel honderdduizend mensen per jaar. Een reintegratietraject kost gemiddeld 69.000 euro. Het is niet zo dat iedereen in de WW een duur reintegratietraject doorloopt. Als een kwart van die honderdduizend mensen geen dure reintegratie nodig zou hebben, zoude we al 1,7 miljard euro besparen.

Geen vakbond
Doekle Terpstra benadrukt de noodzaak van regie. Hij pleit voor het instellen van een crisisteam van onafhankelijke en gezaghebbende mensen, om op die manier "over de grenzen van het eigen gelijk te kijken". En saillant detail: de oud-vakbondsman pleit ervoor om de sociale partners juist niet in dit team te zetten: "Ik zou de geijkte deelnemers juist niet in zo'n team willen hebben. De vakbond, en dat zeg ik met alle respect, is niet in staat om in deze discussie de effectieve slagkracht te tonen die nodig is."

Industriepolitiek
De bestrijding van de crisis tot nu toe heeft het karakter van ad hoc maatregelen. Strategische keuzes zijn nodig om de bedrijven en sectoren te ondersteunen die de kansen van de toekomst leveren. "Vroeger zouden we dat misschien industriepolitiek noemen", zegt Terpstra, een besmet woord uit de kast halend. "Ik noem het liever een investeringsagenda."

De boodschap
Als we deze maatregelen op tijd implementeren, profiteert Nederland maximaal van de komende hausse én zijn we alvast klaar voor de recessie van 2021.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Lees het hele verhaal vanaf aanstaande vrijdag in Management Team. Klik hier om het artikel alvast in de online epaper te lezen.

Generatie Z en Babyboomers zitten niet te wachten op dezelfde behandeling

Bedrijven stemmen hun aanbod steeds slimmer af op individuele klanten, maar geven medewerkers nog altijd hetzelfde pakket arbeidsvoorwaarden. Vooral Gen Z wil niet per se méér, maar vooral zelf kunnen kiezen, schrijft Gen Z-kenner Laura Bas. 'Hoog tijd dat werkgevers hun eigen mensen net zo goed leren bedienen als hun klanten.'

Sporten onder werktijd, extra vakantiedagen of een vierdaagse werkweek. Dat waren de antwoorden die ik verwachtte toen ik jongeren bij tientallen organisaties vroeg welke arbeidsvoorwaarden zij het liefst zouden toevoegen. Maar geen van die populaire arbeidsvoorwaarden won.

Wat jongeren wél massaal aantrekkelijk vonden? Flexibele arbeidsvoorwaarden, oftewel: niet de werkgever die bepaalt wat goed voor je is, maar werknemers die zelf inspraak hebben in hun secundaire arbeidsvoorwaarden.

Hoe langer ik daarover nadacht, hoe vreemder ik het vond dat we op de werkvloer nog zo vasthouden aan uniformiteit. We leven in een wereld waarin bijna alles wordt gepersonaliseerd: ons algoritme, abonnementen en zelfs onze vliegticketprijzen. Maar zodra we een arbeidscontract tekenen, schakelen we ineens terug naar een one size fits all. Onder het mom van eerlijkheid behandelen we iedereen gelijk. Maar is dat ook de uitkomst van deze aanpak?

Verschillende generaties, verschillende behoeften

Organisaties hebben decennialang geprobeerd werknemers zo veel mogelijk gelijk te behandelen via uniforme pensioenvoorwaarden, ontwikkelingsbudgetten en grotendeels hetzelfde pakket aan secundaire arbeidsvoorwaarden. Dat klinkt eerlijk, maar een twintigjarige starter, een alleenstaande veertiger met mantelzorgtaken en iemand van 62 die langzaam wil afbouwen, hebben natuurlijk nauwelijks dezelfde behoeften.

Bij een belastingkantoor zag ik hoe goed zo’n flexibel systeem kan werken. Een jonge medewerker vertelde mij dat hij zijn keuzebudget gebruikte om zo veel mogelijk van zijn studieschuld af te lossen, omdat zijn werkgever dat fiscaal aantrekkelijk had gemaakt, terwijl zijn vrouwelijke collega dat geld liever besteedde aan korting op boodschappen en een all in sportschoolabonnement.

Lees ook: De meeste Gen Z’ers zijn binnen een jaar weg, en het ligt zelden aan hen

Bij een andere organisatie kreeg een jonge vrouw juist standaard vijf extra vakantiedagen. Alleen zat zij daar helemaal niet op te wachten. Ze had die dagen veel liever gewerkt en laten uitbetalen, zodat ze sneller kon sparen voor een huis. Op papier boden beide organisaties aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden, maar alleen in het eerste geval kon de medewerker zelf bepalen wat voor haar op dat moment waardevol was.

Gelijke behandeling versus identieke behandeling

Daar zit een belangrijke verschuiving. We verwarren gelijke behandeling op het werk te vaak met identieke behandeling. Terwijl gelijkheid niet hoeft te betekenen dat iedereen hetzelfde krijgt. Het kan ook betekenen dat iedereen ongeveer dezelfde waarde krijgt, maar zelf meer invloed heeft op hoe die waarde eruitziet.

Nog interessanter wordt het als je ziet dat veel bedrijven dit buiten hun eigen personeelsbeleid allang doodnormaal vinden. Spotify begrijpt dat niet iedereen dezelfde muziek wil horen. Netflix laat twee mensen binnen hetzelfde huishouden compleet verschillende aanbevelingen zien. Banken, webshops en verzekeraars stemmen hun aanbod steeds verder af op individuele voorkeuren en levensfases.

Personaliseren hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn. Er zijn platforms die het bijvoorbeeld al mogelijk maken om medewerkers binnen één budget zelf te laten kiezen wat op dat moment het beste bij hen past.

Lees ook: Generatie Z te gevoelig? Het ligt eerder aan jouw lompe feedback

Mismatch behoeften en arbeidsvoorwaarden

De crux is dat organisaties hierdoor waarde laten liggen. Uit The Great Employee Study blijkt dat slechts 37 procent van de Nederlandse werknemers vindt dat hun arbeidsvoorwaarden daadwerkelijk aansluiten bij hun behoeften en wensen. Tegelijkertijd heeft maar 36 procent de mogelijkheid om zelf te kiezen welke arbeidsvoorwaarden het beste bij hen passen.

Daar ligt een gemiste kans, want veel organisaties investeren flink in arbeidsvoorwaarden, maar bepalen vervolgens zelf waar medewerkers behoefte aan zouden moeten hebben. Maar wat als je niet méér aanbiedt, maar mensen méér laat kiezen?

Jongeren vragen namelijk niet per se om méér arbeidsvoorwaarden, ze willen vooral voorwaarden die aansluiten bij hun levensfase zodat ze zelf kunnen kiezen. Dat is niet alleen prettig voor de medewerker, maar uiteindelijk ook slimmer voor de organisatie. De ene medewerker wil extra vrije dagen, de ander extra geld, een derde wil investeren in ontwikkeling of juist minder gaan werken. Het budget hoeft dus helemaal niet omhoog. Je kunt alleen wel veel slimmer omgaan met wat je toch al uitgeeft.

Lees ook: Ja, Gen Z verwacht een hoog salaris – en dat is niet meer dan terecht

Gehoord worden

Zo haal je hier als werkgever niet alleen meer waarde uit, maar vergroot je ook de kans dat medewerkers echt gebruik gaan maken van hun benefits en hier wat aan hebben. En juist dat gevoel van keuzevrijheid en gehoord worden, kan bijdragen aan meer betrokkenheid binnen de organisatie.

We hebben inmiddels geaccepteerd dat geen twee klanten hetzelfde zijn. Hoogste tijd om dat inzicht ook op medewerkers toe te passen. In een tijdperk van AI en hyperpersonalisering voelt one size fits all niet langer eerlijk, maar vooral achterhaald.