Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Brandstofcel op waterstof breekt door

De brandstofcel op waterstof wordt een doorslaand succes in 2011. Dat voorspelt Deloitte in zijn jaarlijkse TMT Predictions-rapport. Niet in auto's zullen we de brandstofcel vaker vinden, maar in stationaire generatoren en in heftrucks.

 

Volgens de consultants van Deloitte, die in TMT Predictions 2011 hun licht laten schijnen over de ontwikkelingen in 2011 op het gebied van technologie, media en telecommunicatie, is waterstof op bepaalde plekken en voor specifieke behoeften een uitkomst, ondanks de hoge kosten en gebrek aan goede infrastructuur.

Waterstofauto

Een jaar of tien geleden gold waterstof, in combinatie met de brandstofcel die het spul zou omzetten in elektriciteit, als dé toekomst voor de voortbeweging van auto's. Het alternatief voor de verbrandingsmotor is er in 2010 niet in miljoenen aantallen gekomen, vanwege de technische complexiteit en het uitblijven van een dramatische prijsstijging van olie.

Energie opslag

Bovendien is waterstof nergens in grote hoeveelheden te winnen: in de regel moet je er via elektrolyse met  net zoveel energie instoppen als eruit te halen valt. Het denken over de brandstofcel is daardoor ook veranderd: het dient meer en meer als alternatief voor een accu, als opslag van energie. Voor dat doel is er voldoende emplooi, denkt Deloitte.

Heftrucks

Vorkheftrucks die in opslagloodsen rondrijden zijn gebaat bij een schoon alternatief voor LPG of een accu met beperkt utihoudingsvermogen en een lange laadtijd. De waterstofcel laad je in een paar minuten bij, de terugverdientijd zou oko maar 2 á drie jaar bedragen. Verschillende modellen zien er best veelbelovend uit, WalMart gebruikt ze al in Canada.

Internetcentrales

Ook de enorme loodaccu's en dieselgeneratoren die in internet- en telecomcentrales permanent standby staan, zouden met een veel efifciëntere brandstofcel met waterstof beter af zijn. Zeker in gebieden waar diesel stoken geen optie is, of waar de temperaturen zó laag zijn, dat conventionele batterijen het niet volhouden. First National Bank in de Amerikaanse staat Omaha heeft al brandstofcellen op waterstof voor dit doel in gebruik.

Groei: 200 procent

Samen met andere toepassingen zoals de batterijlader hiernaast creëert dit een markt voor brandstofcellen, die volgens Deloitte een omvang zou hebben van 10.000 stuks en een waarde van 250 miljoen dollar. Dat is 200 procent groei ten opzichte van 2009. Ook in de automotive komen de investeringen in de ontwikkeling van de brandstofcel weer op gang. Maar de kostprijs van een auto – nu nog 300.000 dollar – en de kwetsbaarheid zal de marktintroductie nog jaren ophouden.

Lees ook uit het rapport:

Download TMT Predictions 2011

Schuim van schimmels en zonnepanelen op kerken: deze innovaties spotten we op Dutch Design Week

De duurzame innovaties van morgen zijn vandaag al zichtbaar op Dutch Design Week. MT/Sprout licht enkele veelbelovende technologieën uit tijdens een bezoek aan Eindhoven.

Foto: Maaike Kooijman

Tijdens de Dutch Design Week is Eindhoven het stralende middelpunt van een bonte mengeling van ontwerpideeën. Innovatief design varieert tussen exposities die naar kunst neigen en meer toegepaste concepten van startups en scaleups. Daar tussendoor tonen ook grotere bedrijven hun innovatiekracht, zag MT/Sprout tijdens een rondgang door de stad.

Biodesign: schuim van schimmels

Op de tafels pruttelen kleine fermentoren. We zijn in het Biodesign Warehouse, waar alles gemaakt is met behulp van fermentatie. (Precisie)fermentatie staat steeds meer in de belangstelling omdat er vernieuwende plantaardige voedselingrediënten mee kunnen worden gebrouwd, maar je kunt er óók materialen mee maken.

Foamlab maakt duurzaam schuim op basis van fermentatie. Foto: Maaike Kooijman voor MT/Sprout

Neem de startup Foamlab, deze maand verhuisd van Delft naar een grotere ruimte in Bleiswijk. Daar moet over twee jaar een proeffabriek draaien met een capaciteit van 100 tot 1.000 kubieke meter. Foamlab maakt duurzaam schuim van zogenoemde bio-nanocellulose: een laag cellulose die op een bacteriecultuur groeit. In tegenstelling tot schuim op basis van fossiele grondstoffen is deze variant volledig composteerbaar.

Lees ook: The Protein Brewery mag eindelijk Europa in: ‘Niet de verkoop, maar de productie is nu onze grootste uitdaging’

‘Het schuim is voor heel veel dingen geschikt, van verpakkingen tot schoudervullingen’, vertelt een medewerker. ‘Het is niet alleen duurzamer, maar het presteert ook beter.’ Het groeien van het materiaal kost ongeveer tien dagen, gevolgd door drie dagen drogen. Binnen twee weken is het klaar.

Een circulaire energietransitie

De energietransitie laat onze omgeving er heel anders uitzien: daken liggen vol zonnepanelen, weilanden staan vol windmolens. Die zijn nuttig als ze in gebruik zijn, maar na hun levensduur vaak moeilijk te recyclen.

Biosphere Solar doet het daarom radicaal anders: met demontabele, recyclebare zonnepanelen. PV-modules worden dan niet dichtgelijmd, maar geseald, waardoor ze gemakkelijk uit elkaar kunnen worden gehaald. Dat is niet alleen handig als de onderdelen gerecycled moeten worden, maar kan ook al eerder helpen bij bijvoorbeeld reparatie of upgrades.

Ook Alliander werkt aan ideeën om de energietransitie circulairder te maken. Op Dutch Design Week presenteerde de netbeheerder een transformatorhuisje gemaakt van hout in plaats van beton, met gevelbekleding van gebroken dakpannen en andere restmaterialen. Het is een ontwerp van Rademacher de Vries Architecten. ‘De netbeheerder kennende duurt het nog een aantal jaar tot ze er echt staan, maar dan komen ze wel meteen met tienduizenden tegelijk’, zegt een medewerker.

‘Popcorn’ in de bodem

Planten hebben water en zuurstof nodig om te kunnen groeien, maar op beschadigde landbouwbodems krijgen ze die steeds minder. Vooral zware machines gooien roet in het eten. Boeren lossen dat op door te ploegen. ‘Maar dat vernielt veel van de biologische structuren in de bodem’, zegt Ifeoluwa Afolayan, medeoprichter van de Britse startup Muju Earth Technologies.

Lees ook: Eindhovense startup wil met ‘bliksemwater’ afrekenen met gifaardbeien

Muju ontwikkelde daarom de Aeropod: een kleine capsule van biobased materiaal die boeren samen met zaden in hun bodems kunnen stoppen. Eenmaal in de aarde ‘poppen’ de capsules open en zorgen ze op die manier voor meer zuurstof. ‘Dat is niet alleen beter, maar ook goedkoper dan ploegen’, zegt Afolayan.

Eenmaal in de aarde ‘poppen’ de capsules van Muju open en zorgen ze voor meer zuurstof. Foto: Maaike Kooijman

Muju werkt al met klanten in het VK en wil nu ook uitbreiden naar Nederland. Nederlandse boeren op de DDW zijn enthousiast, zegt Afolayan, vooral door de belofte dat de Aeropod ook de opbrengst per hectare opstuwt. ‘Normaal gaat die juist iets omlaag als boeren regeneratief gaan werken.’

Zonnepanelen op kerken

Op gebouwen die al honderden of duizenden jaren oud zijn, mag je niet zomaar zonnepanelen plaatsen. Soluxa heeft een oplossing om monumentale gebouwen en beschermde stadsgezichten toch te verduurzamen: terracotta zonnepanelen. Het Nederlandse bedrijf ontwikkelde een gekleurd laagje voor bestaande zonnepanelen. Dat maakt de panelen makkelijker in te passen in de omgeving, zonder veel rendement in te leveren.

Lees ook: Elke voorspelling over ‘magische’ zonne-energie blijkt te voorzichtig, concludeert deze expert

Soluxa zegt zonnepanelen te kunnen produceren in alle mogelijke kleuren. Die zijn bovendien niet alleen voor daken, maar ook voor gevels geschikt. Op de zijkant van een Stadskantoor in Zwolle prijken bijvoorbeeld zonnepanelen in dezelfde kleur als de rest van het gebouw.

Bouwen met vezelhennep en koeienpoep

Op DDW wordt duidelijk dat je met van alles kunt bouwen, van vezelhennep tot koeienpoep. Interessant is bijvoorbeeld BLOK, een prefab houten huis waar allerlei duurzame materialen in zijn verwerkt. Het wekt zijn eigen stroom op en kan dus ook off-grid gebouwd worden.

Als het aan de overheid ligt, worden zulke prefab gebouwen grotendeels de norm. Een woning wordt dan in een fabriek geproduceerd en kan op de bouwplaats soms binnen een week in elkaar worden gezet. Dat zorgt voor minder bouwafval, minder vervoersbewegingen en een hogere arbeidsproductiviteit. En waar woningbouw gemiddeld 340 kilo CO2 per vierkante meter uitstoot, is dat bij fabrieksmatig gebouwde woningen slechts 187 kilo CO2 per vierkante meter.

Het Eindhovense TAM wil prefab bouwen combineren met architectonische vrijheid. Foto: Maaike Kooijman

Tegelijkertijd zorgt prefab bouwen ervoor dat alles op elkaar gaat lijken, zegt Tijn Hoyng. En dat is nou net wat hij níet wil. Daarom richtte hij TAM op, dat prefab bouwen wil combineren met artistieke vrijheid voor architecten. Het geheim: een grote ruimte in Eindhoven die vol 3D-printers staat.

Op DDW presenteert TAM het ‘House of Lights’: een 3D-geprint tuinhuisje van gerecycled plastic.

Dit artikel verscheen ook op Change Inc., dat net als MT/Sprout onderdeel is van MT MediaGroep.

Lees ook deze artikelen op Change Inc.: