Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Ze kwamen onze banen pikken, nu zijn robots de laatste kans om de Nederlandse maakindustrie te redden

Als de Nederlandse maakindustrie niet 50 procent productiever wordt dankzij robotisering en automatisering, is het binnen tien jaar afgelopen. Alleen 'versnelde robotisering en automatisering' kan de industrie nog overeind houden, aldus TNO. Ooit vreesden we de komst van robots, nu blijkt dat we al jaren te weinig investeren hightech handjes.

Foto: BMW

De onderzoekers van TNO hadden niet eens tijd om een dichterlijke titel te bedenken voor hun rapport: ‘Zonder Robotisering verdwijnt de Nederlandse Maakindustrie: Urgente actie is noodzakelijk‘, heet het.

Er lijkt dan ook geen tijd te verliezen als je de bevindingen van TNO volgt. Binnen twee jaar leidt tekort aan personeel door vergrijzing tot stijgende kosten en een productie die minder efficiënt wordt. Binnen vijf jaar loopt Nederland naar verwachting verdere productiviteitswinst mis en groeien verouderde productielijnen uit tot een structureel concurrentienadeel.

Op lange termijn, binnen tien jaar, dreigt onomkeerbare schade: bedrijven die niet meer kunnen concurreren met internationale spelers, fabriekssluitingen, banenverlies en toenemende afhankelijkheid van buitenlandse leveranciers.

Solide case voor robotisering

De enige uitweg uit dit sterfhuis voor de maakindustrie, nu nog goed voor 7 procent van het bruto binnenlands product: fors investeren in automatisering en robotisering. ‘Robotisering is geen luxe maar een voorwaarde om onze maakindustrie te behouden’, zegt Mark Courage, directeur Smart Industry TNO, in een toelichting. Hij pleit daarom voor een nationale robotiseringsagenda.

De case voor fors grotere investeringen in robots klinkt ook vrij solide. Er is immers een chronisch tekort aan technisch personeel dat snel moet worden ingevuld. Robots zijn langer inzetbaar dan de standaard menselijke werkdag van acht uur. Ze kunnen bovendien vies, saai, zwaar of langdurig werk overnemen van werknemers. Dat verkleint hun fysieke en mentale belasting, waardoor de mensen langer gezond blijven en de kans op uitval afneemt.

Robots verlagen kosten

Robots maken bedrijven op meer manieren concurrerender. Ze verbeteren de productkwaliteit door het terugdringen van menselijke fouten en verlagen daarmee de kosten, stelt TNO. Moderne robots worden ook steeds slimmer en flexibeler inzetbaar dankzij AI: ze worden tegenwoordig on the job getraind door hun collega’s van vlees en bloed, met wie ze als cobots samenwerken.

Lees ook: Nederlandse metselrobot gaat met 25 miljoen funding het tekort aan metselaars oplossen

De intelligente hardware verbruikt ook minder energie dan bestaande machines, wat de kosten verder drukt. Sterker nog: volgens TNO kunnen ‘in sommige gevallen’ de verkoopprijzen van producten 10 tot 20 procent lager uitkomen dan die van concurrenten die niet robotiseren.

Nederland loopt achter (op de voorhoede)

Klinkt goed, maar Nederland loopt intussen achter op een reeks andere landen met de inzet van robots in productiebedrijven. We staan momenteel op de twaalfde plek wereldwijd qua robotdichtheid, ver achter koplopers als Zuid-Korea, China en Duitsland. Die hebben inmiddels 400 tot meer dan 1000 robots per 10.000 werknemers in hun industrie, vergeleken met 264 in Nederland. Binnen Europa valt Nederland trouwens minder uit de toon: de gemiddelde robotdichtheid is er 219 robots per 10.000 werknemers.

Minstens zo interessant is het tempo waarin de verschillende landen doorgaan met de robotisering. China was in 2023 alleen al goed voor meer dan de helft (54 procent) van de nieuwe industriële robots, en installeerde er dat jaar 276.000, aldus een overzicht uit het World Robotics Report van IFR (International Federation Robotics). Japan, de VS, Zuid-Korea en Duitsland volgen op grote afstand:

Dark factories in Azië

Azië maakt veel meer vaart om hogere lonen en vergrijzing te bestrijden met robots. Inmiddels legendarisch is de opkomst van het fenomeen dark factory in China, Japan en Zuid-Korea. Het zijn fabrieken waar het werk zo vergaand geautomatiseerd is, dat er geen enkele werknemer meer aan te pas komt. Verlichting is dan ook niet meer nodig, wat de kosten verder drukt.

En lights-out manufacturing is allang geen toekomstdroom meer. Techfabrikant Xiaomi heeft een fabriek waar elke seconde een smartphone van de band rolt zonder menselijke tussenkomst.

Als de Nederlandse maakindustrie niet 50 procent productiever wordt dankzij robotisering en automatisering, is het binnen 10 jaar afgelopen.
In deze dark factory van Xiaomi komen nauwelijks mensen.

Europa investeert minder in robots

Zo ver zal het in Europa en Nederland niet snel komen. Alleen al omdat hier de afgelopen jaren het aantal nieuw geïnstalleerde robots, ondanks het tekort aan arbeidskrachten, ongeveer op hetzelfde peil bleven of zelfs daalde. In 2024 zette Europa 8 procent minder robots aan het werk dan het jaar ervoor, vooral door de worstelende auto-industrie:

Dat Nederland achterblijft met het inzetten van meer robots, heeft volgems TNO verschillende oorzaken. Veel bedrijven vinden dat hun productieproces te complex is om over te laten aan robots. Vaak maken ze namelijk in relatief lage volumes vele verschillende producten.

Dat laatste is inderdaad minder geschikt voor de grote robotarmen die in de automotive domineren, maar de veel kleinere adaptieve cobots kunnen er wel mee overweg. Die kleinere robotarmen tref je vaker aan in het mkb, maar grootschalige toepassing blijft nog uit. In de Nederlandse high-tech groeit de inzet van robots wel flink, maar in andere branches zou de concurrentiedruk nog onvoldoende nijpend zijn om te investeren in robotisering.

Ze kwamen onze banen pikken, nu zijn robots de laatste kans om de Nederlandse maakindustrie te redden
Robots maken circulaire matrassen bij Auping.

Auping robotiseerde matrasproductie

Het TNO-rapport neemt wel een belangrijke slag om de arm: de relatie tussen robotisering en productiviteit is lastig in algemene cijfers uit te drukken. Er is Amerikaans onderzoek, dat stelt dat 1 procent toename in robotiseringsgraad bijdraagt aan 0,5 procent productiviteitsstijging, maar dat resultaat verschilt sterk per sector. Er is wel casuïstiek met veelbelovende uitkomsten.

Zo robotiseerde beddenfabrikant Auping de productie van matrassen op zo’n manier, dat elk matras op bestelling en op maat kan worden geleverd. Voor 2024 werden de matrassen nog grotendeels met de hand gemaakt, nu stampen robots er 1 per minuut uit. Ze lijmen polyster en staal, jongleren met de toch flinke matrasdelen en doen het zware en eentonige werk, met voor hun menselijke collega’s nieuwe rollen in kwaliteitscontrole en procesbewaking. Cijfers over de Auping-case staan helaas niet in het rapport.

Die staan wel bij de casus Gooskens Hout, een grote leverancier van vurenhout in de Benelux. Tien jaar geleden verwerkte dat bedrijf 90.000 kuub hout met 45 productiemedewerkers, nu gaat het om 230.000 kuub, met maar 80 medewerkers. Een toename van 156 procent in volume met 78 procent meer mensen. Een kwestie van moderne schaaf-, zaag- en lijmmachines die deels autonoom draaien.

Robots zouden onze banen pikken

De tijden zijn wel veranderd. Nu vrezen we het einde van werk door AI, ruim tien jaar geleden maakte Nederland zich nog zorgen om robotisering die onze banen zou inpikken. Toenmalig staatssecretaris Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid waarschuwde in 2014 zelfs voor ‘technologische werkloosheid’, Bill Gates en anderen pleitten zelfs voor een robotbelasting om banen te beschermen.

Lees ook: Komen de robots? Nederlandse roboticabedrijven werken nog altijd aan de doorbraak

In werkelijkheid is de afgelopen periode juist weinig terechtgekomen van die invasie van robots. ‘Het probleem ligt bij de overheid, die niet inzet op de transitie van mkb-bedrijven’, stelt Thijs Dorssers, die zich met brancheorganisatie NLrobotics inzet om robotisering en automatisering te versnellen. De maakindustrie bestaat voor het grootste deel uit mkb-bedrijven en inderdaad, die worstelen met een wurgend gebrek aan personeel.

Ondernemers meenemen in robotisering

‘Maar door corona missen ze de middelen om te investeren in automatisering, terwijl het ook heel moeilijk is om als ondernemer met een paar man personeel eens twee stappen terug te doen en te reflecteren over hoe je de productie heel anders kunt aanpakken.’

Als mkb’er weet je ook niet zo gauw waar je de kennis haalt. ‘En een halve ton of twee ton investeren lijkt veel geld, terwijl als je een robot zou kunnen leasen je vaak al direct minder kosten maakt. Dat is een manier van denken waarin je ondernemers mee moet nemen.’

En dat is dus ook een taak van de overheid: zorg dat er meer kennis beschikbaar is, en regel subsidies voor mkb-bedrijven om ten minste een haalbaarheidsonderzoek te doen. ‘De overheid investeert veel in onderzoek en innovatie, maar te weinig in de toepassing van wat we bedenken. Wat vooral ook ontbreekt is een langetermijnstrategie, zoals die wel in China en Duitsland is ontwikkeld.’ Duitsland lanceerde in maart nog de KI-Robotikbooster, een ambitieus programma om de toepassing van robotica een zwieper te geven.

Nationale Robotica Agenda

Dorssers schrijft intussen samen met onder meer ondernemersorganisatie FME aan een Nationale Robotica Agenda met voorstellen hoe Nederland het zou moeten aanpakken. Er zijn veel overeenkomsten met wat TNO voorstelt. TNO ziet een taskforce voor zich, die aan de slag gaat om meer kennis te delen, te zorgen dat meer mensen worden opgeleid als robotexpert en dat Nederland beter wordt gepositioneerd als proeftuin voor robotisering.

De vraag naar robots en de dienstverlening eromheen moet ook een push krijgen, mede door startsubsidies voor maakbedrijven en subsidies voor toegepast onderzoek.

Humanoid robots bij Tesla en BMW

De nieuwste trend in robotica waar zowel TNO als NLrobotics veel van verwachten is de humanoid, de menselijke robot die zo lijkt weggelopen uit sciencefiction. Elon Musk bouwt er de voormalige Model S- en Model X-fabrieken van Tesla voor om, en in China zijn ze al te koop voor 20.000 dollar. Ook BMW verwelkomde in maart humanoids in zijn fabriek in Leipzig.

En het is echt meer dan een gimmick, verzekert Dorssers. ‘Ik heb er zelfs een hier op kantoor zitten!’ Oké, vooral voor demonstratiedoeleinden. ‘Maar de business case gaat al snel vliegen als je weet dat je ze voor 20.000 of 50.000 dollar in huis hebt. De ontwikkeling gaat nu sneller dan ooit dankzij AI, ik denk dat de eerste mkb-bedrijven binnen een jaar een humanoid aanschaffen en dat ze over drie jaar echt waarde gaan toevoegen.’

Een Nederlandse humanoid

Die humanoid revolutie zou Nederland ook niet moeten overlaten aan Elon Musk of China. ‘Er zullen genoeg partijen zijn die geen behoefte hebben aan Chinese robots. Dat schept een kans voor Nederlandse spelers als ASML, VDL en NXP, die zouden bijvoorbeeld samen met energiebedrijven een humanoid kunnen ontwikkelen die is gespecialiseerd in gevaarlijk werk aan installaties. Het is nog lang niet te laat voor humanoids die goed zijn in werk met explosiegevaar, of die bijvoorbeeld hygiënisch met voedsel kunnen werken.’