Europa doet niet meer mee, de technologische achterstand is niet meer in te halen, de Amerikanen of de Chinezen hebben gewonnen. Europa heeft alleen nog toekomst als openluchtmuseum voor toeristen.
Wat een negatief sentiment toch over Europa. Al die kritiek is vaak afkomstig van binnen de eigen grenzen. Hoogste tijd voor een breder perspectief. Wordt er buiten Europa hetzelfde over die achterstand gedacht? MT/Sprout doet een rondje langs Europeanen op andere continenten.
Midden-Oosten: Europa voorop met duurzame technologie
Nelleke de Heer begeleidde deze zomer een delegatie uit de Golfregio bij een bezoek aan Nederland. Daarbij zijn onder meer de projecten voor het transport en de opslag van CO2 in lege gasvelden bezocht, Porthos en Aramis. ‘Ze waren diep onder de indruk’, vertelt ze tegen MT/Sprout.
Ze waren ook zeer enthousiast over de RDM in Rotterdam. ‘Al die innovatieve bedrijven in combinatie met technisch onderwijs, dat vonden ze een superinteressant concept. Nederland, maar ook Europa, is heel sterk in dat soort concepten bedenken. Wellicht wordt dit idee gevolgd in de Golfregio.’
De Heer woont sinds 2017 weer in Dubai en is managing director van het Rotterdamse reclamebureau Nosuch in het Midden-Oosten. Daarnaast is ze liaison officer voor de Holland Hydrogen Hub. Dat is een door de Nederlandse overheid gesteund initiatief dat Nederlandse waterstofbedrijven en -initiatieven verbindt met organisaties en investeerders in Oman, Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten. Het doel is samen de energietransitie versnellen.
Minpunt: de trage besluitvorming
Europa wordt vaak nog als een voorbeeld gezien voor technologie. De baggeraars, de agritech, duurzame technologie, somt ze op. Daarvoor wordt echt naar Europa gekeken. ‘Ze werken hier in de Golfregio graag met Europese bedrijven en expats. Alle kennis die binnenkomt, betekent hier vooruitgang.’
Het behouden van die positie wordt wel een uitdaging, denkt De Heer. Dat komt ook omdat het lang duurt voor er in Europa belangrijke knopen worden doorgehakt. De Golfregio beweegt veel sneller.
‘Als de sjeik hier zegt “we gaan ervoor”, dan is het daarna snel gebeurd. In die zin is het goed dat Europa zich daar bewuster van wordt. Dat we wat te lang doen over beslissingen, dat het veel gepraat is en geen snelle actie.’
China: gigantisch veel technologie en innovatie in Europa
Mark Greeven is hoogleraar innovatie en strategie, Azië-decaan voor business school IMD en top voice als het over China gaat. Hij woont in de bruisende metropool Shenzhen, beter bekend als het Chinese Silicon Valley.
‘China kijkt in het algemeen nog steeds naar Europa als een plek waar gigantisch veel innovatie en technologie ontwikkeld wordt. Al hangt dat wel een beetje af van de sector’, laat hij weten. AI, daar kan Europa de Chinezen niet veel over leren.
Over elektrische auto’s evenmin, dat gaat meer over toegang tot de markt dan over technologie. Maar de farmaceutische sector, de biotechnologie, cryptovaluta en blockchain, daar kijken de Chinese bedrijven en de overheid best een tikkeltje jaloers naar. ‘Op dat gebied gebeurt hartstikke veel in Europa.’
Re:Europe

Europa wankelt? Tijd voor een nieuw perspectief.
Er wordt veel gesproken over de kwetsbare positie van Europa. Innovatie lijkt elders sneller te gaan. Geopolitieke verschuivingen zorgen voor onzekerheid.
Maar laten we niet vergeten: onze eigen economie heeft alles in zich om te concurreren op wereldschaal. Daarom introduceren we Re:Europe – een dossier over de kracht van Europese innovatie.
Hierin brengen we de verhalen van ondernemers, wetenschappers en denkers die laten zien dat Europa wél vooruitgaat. Dat we hier oplossingen creëren die ertoe doen. En die Europa minder afhankelijk maken van de rest van de wereld met haar economie, (digitale) infrastructuur, energie en industrie.
‘We hebben in Nederland ons mooie ASML, NXP en Philips. Bedrijven die allemaal heel belangrijke technologie maken. Vooral in de wereld van semiconductors en chips zit echt nog veel kennis in Europa.’
Lees ook: Peter Wennink (ex-ASML) ziet nog kansen genoeg voor Europa
Minpunt: opschalen is moeilijk
De hoogleraar wijst ook op de universiteiten en technische hogescholen, waar enorm veel technologie wordt uitgevonden en ontwikkeld. En waar ook heel wat interessante startups uit voortkomen. ‘Het verschil zit ‘m in dat wat er ontwikkeld wordt, vaak niet opgeschaald wordt in Europa vanwege allerlei beperkingen.’
‘Europa is een ingewikkelde markt, want het zijn allemaal kleine markten bij elkaar. Er is ook ingewikkelde regelgeving. En daarbij is Europa best wel op principes gebaseerd, meer dan op groei en pragmatisme. Dat is dus ook hoe er in Azië naar Europa gekeken wordt.’
Het beeld dat we technisch achterlopen in Europa klopt niet voor Azië, vindt Greeven. ‘We lopen achter met implementeren en opschalen van technologie, met groot denken en het snel naar de markt brengen. Maar Europa heeft meer dan voldoende talent en technologie in huis. Daar ligt ook de opportunity.’
Canada: Europese mkb-sector is heel innovatief
Net als Europa begint Canada te beseffen dat het meer op eigen benen moet gaan staan. De afhankelijkheid van de VS is te groot. ‘Met alle ontwikkelingen zie je dat Canada het vizier veel meer naar buiten heeft gericht, met name naar Europa.’
Aan het woord is Jan Willem Gille, head of the Americas voor Ace, dat overal in de wereld bedrijven helpt met hun buitenlandse uitbreidingen. Hij woont in Toronto, maar pendelt regelmatig naar het Amerikaanse kantoor in New York.
Canada vindt Europa interessant, omdat ze het continent zien als een ‘betrouwbare partner’. Europa heeft sowieso al een goede naam als het gaat om technologie en design. ‘Duitse auto’s worden hier nog steeds heel goed ontvangen, net zoals Italiaans design. Als iets in Duitsland of Nederland is ontwikkeld, dan is het per definitie goede kwaliteit voor ze. Canada ziet dat veel beter dan de VS.’
Europa heeft dan wel niet de grote en sexy technamen, zoals een Meta, Google of OpenAI, maar er gebeurt wel veel, geeft Gille aan. Medtech, fintech, agritech en circulaire economie, daar scoort het mee in Canada én in de VS. ‘Al staat green tech nu op een laag pitje, we ontkomen er niet aan dat klimaatverandering een enorme impact gaat hebben.’
Minpunt: zichzelf verkopen lukt minder
‘Er is nog zoveel innovatie in Europa en er gebeuren zoveel goede dingen. Alleen moet je dat niet langs dezelfde meetlat leggen als de VS. De Amerikanen hebben die grote namen, omdat ze makkelijk en snel kunnen groeien. Ze hebben schaalgrootte, terwijl Europa juist goed is in het midden- en kleinbedrijf. Die worden gedwongen om toch heel innovatief te zijn.’
Juist die Europese innovatieve mkb-sector is zeer belangrijk voor de technologische ontwikkeling. ‘Alleen verkoopt Europa zich niet zo geweldig wat dat betreft. Hetzelfde probleem heeft Canada eigenlijk. Je hoeft jezelf niet op de borst te kloppen als het goed gaat. Zowel de Europeanen als de Canadezen zijn een beetje te bescheiden.’
‘Wat ik belangrijk vind, is die sense of urgency die we in Europa en Canada eigenlijk altijd gemist hebben. Nu moeten ze wel, dus nu komen ze ook in beweging. En ik heb er alle vertrouwen in dat het helemaal goed gaat komen.’
Lees ook: Ceo van Nextcloud vindt een Europese cloud niet nodig
Singapore: Europese hoogwaardige dienstverlening scoort
Veel Nederlandse en Europese bedrijven investeren in Singapore. Het fiscale klimaat is dan ook uiterst aantrekkelijk. JP Koolmees is founder van BlueMeg in Singapore en woont sinds 2007 in de stadstaat.
Met zijn startup is hij actief in het automatiseren van de internationale governance voor vennootschappen, multinationals of andere dienstverleners. ‘Dat is buiten Europa vaak nog een trage papierwinkel, heel ouderwets’, legt hij uit. Hoogstaande dienstverlening en de automatisering daarvan, dat is waar Europa mee scoort in Singapore, weet hij.
Verder hoort Koolmees vooral veel clichés. Italianen kunnen goed van het leven genieten, Nederlanders zijn recht voor z’n raap en in Duitsland maken ze goede auto’s. ‘Maar waar zijn die Duitse auto’s gebleven? Ik zie hier merken voorbijkomen waar ik vijf jaar geleden nog nooit van had gehoord. Europa staat erbij en kijkt ernaar, dat is de indruk die Aziaten hebben.’
Minpunt: keuzes maken lijkt onmogelijk
‘Natuurlijk ligt het genuanceerder, want het is ook een kwestie van keuzes maken. Maar in Europa zijn zoveel verschillende visies en meningen. Niemand wil de ander voor het hoofd stoten. Daardoor gebeurt er dus eigenlijk niks. En als je geen besluit neemt, dan wordt het besluit voor je genomen.’
Waar scoort Europa dan nog wel mee? ‘Weg- en waterbouw, Vopak, Mammoet, dat soort bedrijven. Zeg maar de oude, Hollandse glorie. Philips, maar de consumententak is nu van Chinese private equity, en Shell, maar dat is ook al niet meer Nederlands.’
‘Zo wordt er ook naar Frankrijk en Engeland gekeken, de oude koloniale machten. Maar dat sentiment neemt wel af. Als ik kijk naar de generaties onder mij, die hebben daar nul boodschap aan. Europa is gewoon niet zo relevant, en dat is gedeeltelijk onterecht’, vindt hij.
Dat oude continent heeft volgens Koolmees nog wel degelijk een troefkaart in handen. Er is heel veel geld in Europa, alleen wordt dat te weinig ingezet om in bedrijven te investeren. Een kans om dat anders te gaan doen, is de generation shift.
De overdracht van dat kapitaal naar de volgende generatie, daar ziet hij een enorm potentieel voor Europa. ‘Als het geld wat dan vrijkomt niet kapot wordt belast. Als het wordt aangewend om productief te investeren, zoals in de VS, dan kan het veel activiteit en initiatief openbreken.’
Mexico: Europa is top in foodtechnologie
De opa van Mark Holthuizen had al een fabriek voor plastic ballen in Mexico staan. Dat bedrijf is al lang verkocht, maar de band met dat land is gebleven. Holthuizen heeft zich na zijn studie in Nederland en enkele buitenlandse omzwervingen toch gevestigd in Guadalajara.
‘Dat wordt ook wel het Silicon Valley van Mexico genoemd. Je hebt hier wel een goed klimaat voor softwareontwikkeling. Oracle zit hier bijvoorbeeld, HP, IBM, en de grote contractfabrikanten. Er zit hier ontzettend veel automotive, medische industrie en electronics.’
Zelf is hij er actief als ceo en partner van verschillende bedrijven. Met Nearshore Mexican Sourcing helpt hij Europese (tech)bedrijven aan leveranciers in Mexico. Via Genox México haalt hij machines uit China voor de recyclingindustrie. Als eigenaar van Tetra Technology Group importeert hij Europese machines voor de levensmiddelenindustrie.
‘Voor de Mexicanen is Europa het geweten van de businesswereld. Zakendoen met Europa is veiligheid. Je kiest voor een dure oplossing, maar je weet dat het goed komt.’ Dat is een kracht van Europa die volgens Holthuizen vaak onderschat wordt. ‘De normen die we hebben in Europa worden wereldwijd gewaardeerd.’
Minpunt: prijzen zijn te hoog
‘Bedrijven doen hier zelfs liever zaken met Europa dan met de VS. Er is altijd een beetje een haat-liefdesrelatie met de Verenigde Staten.’ Dat neemt niet weg dat de VS enorm aanwezig is in Mexico, ook op technologisch vlak. En daar is Europa terrein aan het verliezen, ziet hij.
Niet alleen met AI en de auto-industrie, maar ook met de maakindustrie. ‘Het wordt steeds moeilijker om Europese machines te verkopen. De prijzen voor die machines zijn te hoog, soms het vijf- tot tienvoudige van een Chinese machine, die dan wel van mindere kwaliteit is.’
Wat volgens Holthuizen ook meespeelt, is het ‘verdwijnen van het langetermijndenken’. Onvoorspelbare politici, zwalkend beleid, handels- en echte oorlogen… Samen zorgen ze ervoor dat het plannen op de lange termijn steeds moeilijker wordt.
Dat bewustzijn groeit ook in Mexico. ‘Daarom zie ik klanten soms kiezen voor een goedkope machine die minder lang meegaat. En niet voor een Europese machine waar ze twintig jaar lang profijt van hebben.’
Chinezen kopen Europese namen op
Europese multinationals, zoals bijvoorbeeld een Siemens, zijn nog altijd in trek. ‘Die bedrijven hebben niet zozeer een technologische voorsprong, maar wel een naamsbekendheid die nog decennialang een voordeel geeft.’
‘Al zie je nu dat de Chinezen veel Europese bedrijven opkopen, vooral in business-to-business. Daarbij gaat het ze helemaal niet om de technologie, wel om het netwerk en om die naamsbekendheid.’
Waar ziet Holthuizen nog kansen? ‘Met duurzame oplossingen. Voor circulaire economie is Europa gewoon wereldwijd dé referentie. Ook in foodtechnologie is Europa heel sterk. Op het gebied van kwaliteit, op wat in de schappen ligt, maar ook in de flexibiliteit van de machines, dat is echt top. Daar kunnen de Verenigde Staten en China nog veel van leren.’
Lees ook: Dit zijn de 7 innovaties met de grootste impact op de energietransitie



