Lessen uit de praktijk bieden organisaties nieuwe slagkracht Ernst & Young Advisory baseert zijn dienstverlening op specialistische sectorkennis en een internationaal netwerk. Dit resulteert in een consistente, snelle en effectieve aanpak van prestatieverbetering en risicomanagement. Dankzij eigen internationaal onderzoek zijn de belangrijkste succesfactoren geïdentificeerd waarmee goede performers in roerige tijden het verschil maken.
Onder het motto ‘We help to keep our clients out of trouble and improve their performance’ richt Ernst & Young Advisory zich op risicobeheersing en prestatieverbetering binnen zeven sectoren: Power & Utilities, Telecom Media Technology, Oil & Gas, Public Sector, Life Sciences, Consumer Products Wholesale & Retail en Financial Services. De consultancytak is onderdeel van een internationale organisatie die 87 landen in Europa, het Midden-Oosten, India en Afrika (EMEIA) beslaat. Hier werken bijna tienduizend professionals, waarvan vijfhonderd in Nederland en België. “De afgelopen anderhalf jaar hebben we onze eigen werkwijze in de praktijk gebracht”, vertelt managing partner Gijs de Vries. “Ondanks de crisis hebben we in Nederland en België onze prestaties verbeterd en zijn we gegroeid. En naast onze IT Risk- en Assurancepraktijk zijn we gestart met IT Advisory, om complexe IT-projecten te begeleiden.” Thomas Sileghem, partner Ernst & Young Advisory België: “Die groei is mede te danken aan onze focus op specifieke accounts en industriekennis, door alle benodigde deskundigheid rondom de gekozen prioriteitssectoren te groeperen. Dankzij deze structuuraanpassing kunnen we onze klanten nog beter bedienen.” De Vries: “Onze filosofie is klip-en-klaar: we bundelen internationale kennis en ervaring die ook lokaal toepasbaar is, bijvoorbeeld in het publieke domein, de telecom- of energiemarkt. We maken voor een cliënt binnen enkele dagen een concreet ‘plan to act’ en kunnen tegelijkertijd een internationaal team samenstellen. Zo hebben we tijdens de bankencrisis een internationale klant binnen twee dagen een team aangereikt om dealing-roomrisico’s te inventariseren. Onze inbreng blijkt bepalend te zijn geweest voor het voortbestaan van de bank.”
Kritische prestatie-indicatoren
De Vries: “Binnen het EMEIA-netwerk zijn vorig jaar 45 duizend klantbesprekingen gevoerd en kregen 876 directieleden de vraag voorgelegd ‘Hoe moet je de crisis bezweren’. Vervolgens is alle verzamelde kennis en ervaring samengebracht in ons zogeheten ‘Performance Wheel’ dat bestaat uit acht prestatiedoelstellingen. Elke specifieke doelstelling is relevant voor een van de acht ontwikkelingsfasen waarin een organisatie zich kan bevinden. “Daarna hebben we kritische prestatie-indicatoren geïnventariseerd: wat doen winstgevende organisaties met betrekking tot die prestatiedoelstellingen anders dan organisaties die geen winst maakten? Daaruit bleek bijvoorbeeld dat winstgevende organisaties ten aanzien van optimalisatie van hun marktbereik elf procent beter of sneller presteerden. De doelstellingen zijn vervolgens vertaald in concrete adviezen per ontwikkelingsfase.” Sileghem: “Uit ons onderzoek blijkt dat goede presteerders allemaal dezelfde prestatieagenda hebben. Zij werken aan een breder en dieper inzicht in hun huidige en toekomstige marktkansen. Ze pakken strategie en structuur innovatiever aan dan hun concurrenten. Ze werken meer samen met businesspartners en kijken kritischer naar zichzelf en hun mogelijkheden. Ten opzichte van hun medewerkers hanteren ze een meer holistische langetermijnaanpak. Ze communiceren transparanter met interne en externe stakeholders. Ze hebben een breder begrip van de risico’s in hun markt en van de invloed van hun handelen, waarbij ze risico’s beperken door de uitvoering en de belangrijkste ondersteuningsprocessen aan te scherpen. Ten slotte streven ze altijd naar een snellere besluitvorming en -uitvoering om van hun veranderende markt te profiteren. Dit zijn letterlijk lessen uit de praktijk, die leiden tot nieuwe slagkracht in organisaties. Het onderzoek vormt daarmee voor onze adviseurs een geweldige basis voor effectief klantcontact.”
Samenwerking
“Ten aanzien van verschillende succesfactoren hebben de vestigingen in Nederland en België vorig jaar zeer effectief samengewerkt”, vertelt De Vries. “Een van de grootste Belgische telecomaanbieders verzocht ons de transparantie en communicatie rondom zijn prestaties te verbeteren en zijn organisatie zo klaar te stomen voor de audit die de telecomautoriteit had aangekondigd. Jarenlange samenwerking met en kennis van de organisatie vanuit België, aangevuld met specifieke regulatoire ervaring vanuit Nederland, leverde een sterk gewaardeerde dienstverlening op. Een ander voorbeeld betreft een grote speler op de Belgische energiemarkt, die ons vroeg interne audits uit te voeren rondom het fenomeen ‘energy trading’, met als doel het bedrijfsmodel te herijken. Omdat hierbij zeer specifieke processen moesten worden geauditeerd, deden onze Belgische collega’s een beroep op de deskundigheid binnen de Nederlandse sector ‘Power & Utilities’. De cliënt was tevreden en tegelijkertijd werd er kennis overgedragen aan onze Belgische collega’s. Zo hebben we elkaar goed gecoacht.”
Coach
Ernst & Young is in Nederland Partner in Sport van NOC*NSF en in België van het BOIC. “In het kader van de Olympische Winterspelen hebben we onze campagne ‘De coach verdient ook een medaille’ opgestart”, vervolgt De Vries. Deze metafoor gebruiken we zowel extern als intern. Wij zijn de coach achter succesvolle organisaties, doordat we cliënten met een breed palet aan diensten helpen bij risicomanagement en prestatieverbetering. Daarnaast hechten we veel waarde aan de opleiding van onze eigen mensen, zodat ze up-to-date en up-to-speed zijn. Iedereen binnen het EMEIA-netwerk, van adviseur tot partner, heeft een coach die het carrièrepad en de ontwikkeling van zijn ‘pupil’ in de gaten houdt. Onze consistente kwaliteit zou immers niet haalbaar zijn zonder zeer gemotiveerde en hoogopgeleide adviseurs. “Dat staat bovenaan op onze eigen prestatieagenda.”
Ernst & Young Advisory Services
Cross Towers, Antonio Vivaldistraat 150, 1083 HP Amsterdam
Postbus 7925, 1008 AC Amsterdam
Telefoon: (088) 407 10 00
Fax: (088) 407 10 05
E-mail: [email protected]
www.ey.nl
The Protein Brewery mag eindelijk Europa in: ‘Niet de verkoop, maar de productie is nu onze grootste uitdaging’
Na meer dan vijf jaar mag The Protein Brewery zijn myceliumpoeder dan eindelijk in Europa verkopen. De eiwitbrouwer zocht lang naar de juiste toepassing voor zijn schimmeleiwit Fermotein, en vond die uiteindelijk bij sportvoeding. Een klant wil nu de volledige jaarcapaciteit afnemen. De holy grail in startup-land, zegt ceo Thijs Bosch.
De carrière van The Protein Brewery-ceo Thijs Bosch is nauw verknoopt met de eiwittransitie. Foto: The Protein Brewery
Bij The Protein Brewery gebeurt het echte werk niet in de fabriek, maar daarbuiten. Tegen het pand staan drie chroom-glimmende silo’s van zo’n twintig meter hoog geplakt. Hier kweekt de scaleup zijn hero product, het eiwit- en vezelrijke myceliumpoeder Fermotein.
Dat gebeurt, die naam geeft het al een beetje weg, via fermentatie: de techniek die ons zuurkool, kimchi en tempeh bracht. Maar The Protein Brewery brouwt iets anders in zijn glanzende ketels. Hier zetten schimmels de koolhydraten die ze te ‘eten’ krijgen om in mycelium, het dradennetwerk dat we van paddenstoelen kennen.
Kijk’, wijst ceo Thijs Bosch, die ons rondleidt. ‘Via die buizen voegen we zuurstof en suikerstromen toe, in dit geval tarwesiroop. En aan de onderkant tappen we het mycelium af.’ Dat lijkt dan nog in niets op het zakje poeder dat we bij ontvangst hebben gekregen. Hij grijnst: ‘Nee, uit die ketels komt een troebel mengsel van water en schimmel. Eerst onttrekken we dat water aan de schimmeldraden, dan drogen we ze en verwerken we ze tot poeder.’
Het is een continu proces. ‘Zo’n tank is binnen twaalf uur vol. We kunnen meerdere keren achter elkaar oogsten en steeds de overbleven schimmel in de tank verder laten groeien.’
De fermentatietanken bij de fabriek in Breda, waar doorlopend nieuw schimmeleiwit wordt gebrouwen. Foto: The Protein Brewery
Fabriek in badkamershowroom
Bosch is nu een jaar ceo van The Protein Brewery. Hij volgde Sue Garfitt in juni 2025 op. Zij werd vier jaar geleden de eerste externe ceo; oprichter Wim de Laat, die het bedrijf in 2020 begon, voelde zich naar eigen zeggen meer thuis in een ‘witte stofjas dan in nette directiekledij’. Aan zijn opvolgers de taak om de wereld te veroveren met het door hem bedachte nieuwe voedingsingrediënt, een plantaardig alternatief voor dierlijke eiwitten.
Onder leiding van Garfitt transformeerde The Protein Brewery van startup naar scaleup. Naast het laboratorium en de pilotplant in een rij omgebouwde garageboxen in Breda kwam er een commerciële fabriek in dezelfde stad, zo’n tien minuten verderop. Alleen de hoge ramen over de hele voorzijde verradden nog dat het pand van 2.700 vierkante meter eigenlijk een showroom voor een badkamerverkoper zou worden.
Het gebouw is The Protein Brewery nu nog een maatje te groot. Van de twee kantoorhallen staat er een grotendeels leeg, al zijn daar – heel inventief – met lichtgrijze schotten van geluidsdempend materiaal wat vergaderzalen en stiltewerkplekken gemaakt.
Hoofdinvesteerder haakte af
Die vierkante meters zullen waarschijnlijk niet lang ongebruikt blijven. Drie maanden na zijn aantreden, in september 2025, kon Bosch een series B-financiering van 30 miljoen euro aankondigen. Afgelopen maandag werd bekend dat die ronde onder leiding van nieuwe investeerder ABN Amro Sustainable Impact Fund met 18 miljoen euro wordt uitgebreid, waarmee de totale finaciering sinds de oprichting uitkomt op ruim 70 miljoen euro.
De series B-ronde had nogal een aanloop. De deal had eigenlijk al in april 2025 moeten worden gesloten, maar de lead investor haakte een week van tevoren af. Met nog voor twee maanden geld in de kas moest The Protein Brewery razendsnel nieuwe geldschieters vinden. ‘Ik had nét mijn contract getekend’, vertelt Bosch. ‘Dat was midden maart, en twee weken later gebeurde dit. Ik was toen nog in dienst bij mijn vorige werkgever, Cosun. Maar ik wist er wel van.’
En hij dacht niet: wat heb ik gedaan? ‘Ik ben er rustig onder gebleven. Ik dacht: het is wat het is. Ik had wel al contact met de partijen die uiteindelijk nieuw zijn ingestapt, Invest-NL en de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij (BOM) (naast de bestaande investeerders Novo Holdings, Unovis Asset Management en family office Madeli, red.). Die wilden natuurlijk weten wat ik met het bedrijf van plan was. Dat werd mijn eerste job toen ik in juni 2025 begon. Voor de zomervakantie moest er een duidelijk plan liggen.’
Thijs Bosch op LEVEL UP
Thijs Bosch is keynote speaker op LEVEL UP 2026, het tech-startup-event dat startup-founders helpt versnellen en jaarlijks zo’n 1.500 ondernemers en investeerders trekt uit het startup-ecosysteem. LEVEL UP vindt plaats op maandag 28 september in het Evoluon in Eindhoven. Wil je erbij zijn? Registreren is gratis voor startupfounders.
Carrière maken in eiwittransitie
Van rustig inkomen was dus geen sprake. Niet erg, zegt Bosch. ‘Ik ben mijn carrière begonnen in de consultancy. Die achtergrond kwam me goed van pas: ik weet hoe ik zaken snel kan doorgronden en me eigen kan maken.’ Het bedrijf was misschien nieuw voor hem, de sector was dat niet. ‘Ik werk al vijftien jaar in de voedingsindustrie. Ik ken de markt en ik ken de klanten.’
Bosch’ loopbaan is nauw verknoopt met de eiwittransitie waar The Protein Brewery zich zo hard voor maakt. Na zijn studie Financiële Economie ging hij bij Bain & Company werken, om zo in korte tijd bij veel bedrijven en sectoren onder de motorkap te kunnen kijken. ‘Ik wist dat ik niet mijn hele leven in de consultancy wilde blijven’, vertelt Bosch. ‘Hoe hoger je op de ladder komt, hoe meer je gaat verdienen, maar hoe moeilijker het ook wordt om daar nog uit te breken. Ik wilde mezelf niet opsluiten in die gouden kooi.’
Thijs Bosch (tweede van rechts) is nu een jaar ceo bij de scaleup. ‘Ik wist dat het een hoog-risicobaan was.’ Foto: The Protein Brewery
Bovendien: in plaats bedrijven te adviseren, wilde hij zelf ergens aan bouwen. Dat kon bij de Nieuw-Zeelandse coöperatie Fonterra, ‘s werelds grootste exporteur van zuivel, die mensen zocht om een Europese productietak op te zetten.
‘Het was best een opportunistische overstap’, blikt Bosch terug. ‘Het project zat in de beginfase. Er waren niet alleen veel kansen om te bouwen, maar ook om op te klimmen.’ Dat lukte meer dan aardig; na tien jaar was hij verantwoordelijk voor alle activiteiten en fabrieken van Fonterra in Europa.
Vegetariër bij zuivelbedrijf
Van dierlijke eiwitten maakte Bosch in 2022 de overstap naar de plantaardige variant. ‘Ik was toen al zo’n vijf jaar vegetariër. Als een van de weinige mensen bij Fonterra’, zegt hij. ‘Een vegetariër bij een zuivelbedrijf, op een gegeven moment ging dat schuren. Wat meespeelde: het begon me op te vallen dat de grenzen voor de traditionele melkveehouderij in zicht kwamen, door de stikstofproblematiek en strengere milieuregels. En ik werk liever in een sector die groeit, dan een die moet consolideren.’
Bij suikerbieten- en aardappelverwerker Cosun, waar hij als managing director van de nieuwe plant protein business aan de slag ging, kon wel worden gebouwd. Het bedrijf wilde een tak met eiwit-ingrediënten opzetten. ‘We ontdekten dat je hele mooie eiwitten uit veldbonen kunt halen. Voor in zuivelalternatieven, bijvoorbeeld.’
Het was een startup binnen een bedrijf. Die mentaliteit lag hem wel, ontdekte hij toen hij er toezichthoudende rollen bij ging doen voor bedrijven waarin Cosun investeerde, zoals een commissariaat bij eiwitvervanger-producent Revyve.
En toen klopte The Protein Brewery aan; de scaleup zocht een nieuwe ceo. Bosch ziet het als de volgende stap. ‘Eiwitten uit veldbonen of andere eiwitrijke gewassen zijn al veel en veel duurzamer dan dierlijke’, zegt hij. ‘Maar voor de teelt is nog steeds relatief veel grond en water nodig, terwijl dat bij fermentatie niet zo is. Onze voornaamste grondstof is suiker, en daarvoor gebruiken we reststromen uit de voedingsindustrie.’
Hoog-risicobaan
Voor 1 kilo Fermotein heeft The Protein Brewery slechts drie kilo suiker nodig. ‘Onze technologie is 25 keer efficiënter dan de productie van dierlijk eiwit en 2 tot 3 keer zo efficiënt als de productie van eiwitten uit plantaardige gewassen.’ Lachend: ‘De rode draad: bij elke stap wordt het een beetje duurzamer, én een beetje moeilijker.’
Waar zijn hart ook sneller van ging kloppen: met de commerciële fabriek, de eerste klanten in Amerika en Singapore en een Series B-ronde in de maak, waren alle ingrediënten aanwezig om op te kunnen schalen. Bosch: ‘Al wist ik óók dat het een hoog-risicobaan was. Ha, en anders had ik dat in die eerste maanden wel geleerd.’
Na de (alsnog geslaagde) investeringsronde in september volgde een paar maanden later een volgende mijlpaal. Bij Bosch’ aantreden wachtte de scaleup al vijf jaar op een positieve beoordeling van de European Food Safety Authority (EFSA), die zogeheten novel foods toetst op veiligheid. Afgelopen december kreeg het schimmeleiwit groen licht, waarmee de weg vrij lag voor officiële goedkeuring van de Europese Commissie om het product hier op de markt te mogen brengen. Dat stempel volgde afgelopen juni.
Complex product
Alleen: hoe verkoop je het? The Protein Brewery heeft lang gezocht naar de juiste toepassing voor zijn poeder. Het is een ‘complex product’, knikt Bosch: een voedingsingrediënt dat naast eiwitten (50 procent) ook vezels (30 procent) en bioactieve stoffen bevat (de overige 20 procent).
‘We maken geen ei-vervangers zoals Revyve’, zegt hij. ‘Het is niet zo simpel als: dierlijke eiwitten eruit, Fermotein erin. Die complexiteit is ook de kracht. Fermotein heeft allerlei gezondheidsvoordelen: de stoffen die erin zitten zijn goed voor de spieropbouw en darmgezondheid. Het poeder heeft ook een hoge concentratie spermidine, dat helpt om celveroudering tegen te gaan.’
Myceliumpoeder Fermotein bevat eiwitten, vezels en bioactieve stoffen. ‘Het is een complex product.’ Foto: The Protein Brewery
Voor wie nu direct aan sportvoeding denkt; die link legde Bosch ook. ‘Wims eerste idee was om een duurzaam ingrediënt voor visvoer te maken’, vertelt hij. ‘Daarna verschoof de focus naar vleesvervangers op basis van mycelium. Toen die markt onder druk kwam te staan, kwam er meer nadruk te liggen op gezonde bakkerijproducten: koekjes, repen en tortilla’s waaraan onze eiwitten en vezels waren toegevoegd.’
Alleen was het probleem dat Amerika, op dat moment de grootste markt, daar veel minder van ging eten. Ozempic heeft een revolutie veroorzaakt in de VS, zegt Bosch. ‘Amerikanen die afslankmedicatie gebruiken, en dat zijn er veel, eten per dag gemiddeld 800 calorieën minder.’
‘Holy grail’ in startup-land
Onder zijn leiding is de koers verlegd naar sport- en gezondheidsvoeding en supplementen. Active nutrition en longevity, in Bosch’ woorden. Al is het bedrijf zeker niet van plan om zich tot die sector te beperken.
‘Uiteindelijk willen we de brede voedingsmarkt bedienen. We zien dit als springplank. Klanten in dit segment kunnen vaak sneller nieuwe producten lanceren dan grote voedselbedrijven, waar ontwikkeltrajecten soms jaren duren.’ Hij wijst op het zakje testpoeder van 20 gram. ‘Een grote Amerikaanse klant verkoopt deze zakjes al onder eigen merknaam, om bij te mengen in shakes.’
Die klant meldde zich eind vorig jaar met de mededeling dat hij de volledige productiecapaciteit voor 2026 – ongeveer 100 ton, ofwel 100 duizend kilo – wilde afnemen én bereid was om daarvoor garanties af te geven. ‘De holy grail in startup-land’, zegt Bosch. ‘Dankzij die order verwachten we 2026 met een omzet van 2 miljoen euro af te sluiten. Voor 2026 mikken we op 6 miljoen euro, het drievoudige. De grootste uitdaging die we nu hebben, is zorgen dat we het allemaal kunnen maken.’
Capaciteit opschroeven
Nu het eindelijk mag, start het bedrijf deze zomer met de verkoop in Europa. Dus moet de fabriek worden uitgebreid. Bosch, grijnzend: ‘Daar hadden we die 18 miljoen euro voor nodig.’ In Breda is plaats voor drie extra bioreactoren, naast de drie die er al staan. De eerste wordt volgend jaar geplaatst, waarmee The Protein Brewery de output kan opschroeven naar 600 ton (600.000 kilo) per jaar.
Uiteindelijk moet de productie uitkomen op ruim 2.000 ton (2 miljoen kilo) per jaar, de maximale capaciteit. ‘Dat punt willen we tegen 2030 bereiken, bij een omzet van 25 tot 30 miljoen euro’, zegt Bosch. ‘Daarnaast hopen we tegen die tijd dichtbij de opening van een nieuwe, veel grotere fabriek te zijn.’
Die zal waarschijnlijk niet in ons land komen. ‘Voor echte impact is een schaal nodig die in Nederland moeilijk te realiseren is. Die fabriek zou vijf tot tien keer groter moeten worden dan wat we hier hebben staan. Die ruimte is er niet, de groene stroom is er niet. We kijken naar locaties aan de randen van de EU, zoals Oost-Europa.’
Al is het project volgens geestelijk vader De Laat pas echt geslaagd als The Protein Brewery op elk continent ‘brouwerijen’ heeft, zei de ondernemer in een podcast. Daar heeft hij gelijk in, knikt Bosch. ‘Alle continenten met uitzondering van Antarctica, zou ik zeggen. Wim heeft dit bedrijf opgericht met de filosofie om op schaal impact te maken. Dan moet je groot denken.’
Om onze site goed te laten functioneren, te verbeteren en u de beste ervaring te geven, gebruiken we cookies! Surfen op deze site = akkoord met cookies. OkLees verder
Privacy- & Cookiebeleid
Privacy Overview
This website uses cookies to improve your experience while you navigate through the website. Out of these, the cookies that are categorized as necessary are stored on your browser as they are essential for the working of basic functionalities of the website. We also use third-party cookies that help us analyze and understand how you use this website. These cookies will be stored in your browser only with your consent. You also have the option to opt-out of these cookies. But opting out of some of these cookies may affect your browsing experience.
Necessary cookies are absolutely essential for the website to function properly. This category only includes cookies that ensures basic functionalities and security features of the website. These cookies do not store any personal information.
Any cookies that may not be particularly necessary for the website to function and is used specifically to collect user personal data via analytics, ads, other embedded contents are termed as non-necessary cookies. It is mandatory to procure user consent prior to running these cookies on your website.