Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Nederland verdient meer academische spin-outs: hoe gaan we dat regelen?

Fotonica, quantum computing en andere deeptech: spin-outs van Nederlandse universiteiten maken business van baanbrekende research. Toch loopt tussen kennisinstellingen en ondernemers niet alles altijd even soepel. MT/Sprout stelt ze de vraag: wat kan er beter, om nog meer academische spin-outs te laten bloeien?

universiteit startups spin-out voorwaarden
Foto: Getty Images

Bám, weer een investeringsronde voor een Nederlandse deeptech-startup. Fotonicabedrijf Effect Photonics haalde in maart 35 miljoen euro op bij grote investeerders, waarmee de teller op ruim 110 miljoen is beland. Money well spent: fotonica is superhot, Nederland loopt ermee voorop en de lasertechnologie van Effect Photonics kan de manier waarop de wereld chips fabriceert, voorgoed veranderen.

Lees ook: Zijn fotonische chips het nieuwe goud voor Nederland?

En dan te bedenken dat het maar een haartje had gescheeld of de spin-out van de TU Eindhoven was nooit van de grond gekomen. De oprichters moesten zó lang onderhandelen over de voorwaarden voor hun spin-out dat ze op een gegeven moment dachten: laat ook maar. Goed dat ze daar nog een nachtje over hebben geslapen.

Kennisvalorisatie

Effect Photonics is niet de enige succesvolle spin-out die is ontstaan uit de technische universiteiten van Nederland. En tegenover zijn wat moeizame start staan veel meer verhalen van ondernemers die prima samenwerken met ‘hun’ universiteit – al dan niet als aandeelhouder.

Dat is de academische wereld ook geraden, want het hoort bij de drievoudige opdracht die we de kennisinstellingen meegeven: het doen van onderzoek, het verzorgen van onderwijs en kennisvalorisatie: ‘kennisoverdracht ten behoeve van de maatschappij’. Dat laatste staat voor het benutten van wetenschappelijke kennis in de praktijk, door bijvoorbeeld in een medicijn of technologische oplossing. Kortom: door er business van te maken.

En dat gebeurt volop. Volgens het laatste State of Dutch Tech-rapport van Techleap zijn sinds 1990 op deze manier circa 1.200 deeptech-startups opgezet door researchers en studenten van de universiteiten. Omdat de universiteiten kennis inbrachten, waren de zogeheten Knowledge Transfer Offices (KTO’s) betrokken bij de oprichting. In ruil voor die kennis, in de regel een patent, kregen de universiteiten een belang in de startup. In 500 gevallen sloot de spin-out een licentieovereenkomst met de unie.

Techleap STD academische spin-offs

Indrukwekkende cijfers, waarbij, zo blijkt uit het rapport, twee kanttekeningen zijn te plaatsen: de startups die met onderzoek aan de slag gingen, blijven vaak klein en slechts een kleine minderheid weet binnen vijftien jaar een exit te maken. Dat is een breder probleem onder Nederlandse techstartups met vele oorzaken.

Maar wat vooral opvalt: het enorme potentieel aan kennis dat ongebruikt ‘op de plank’ blijft liggen. Als we even inzoomen op de technische universiteiten: daar hebben de afgelopen twintig jaar meer dan 1.500 ingediende patenten geleid tot 139 spin-offs. Anders gezegd: negen van de tien patenten leidde (nog) niet tot business, aldus het Techleap-rapport. Die blijven dus op de plank liggen.

En daarin schuilt een enorme potentie, of je nu wilt inzetten op de concurrentiekracht van Nederland, oplossingen voor een duurzamere toekomst of het tot bloei krijgen van het deeptech-startupecosysteem. Hoe krijgen we meer kennis van de plank, hoe zorgen we voor meer academische startups?

Werelden met verschillend dna

MT/Sprout maakte een rondgang langs de hoofdrolspelers in de deeptech. Langs de techondernemers die ervaring hebben met het opzetten van een academische spin-out. Langs de mensen die zich bij de KTO’s en op andere plekken bij de technische universiteiten inzetten om van kennis business te maken, de deeptech-investeerders die de startups van financiële brandstof voorzien, de experts en adviseurs met verstand van academische startups.

Wat blijft hangen: iedereen wil zoveel mogelijk succesvolle startups. Want hun succes is ook het succes van de universiteit, die ermee aantoont dat de maatschappij profiteert van de opgebouwde kennis. Maar bij het ontstaan van een academische spin-off komen wel twee werelden bij elkaar met verschillend dna: die van de wetenschap en die van (startup)ondernemers.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Soms creëert dat afstand of zelfs onbegrip. Maar op andere momenten zijn die werelden vereenzelvigd in dezelfde persoon, als een student of onderzoeker zelf die startup begint. En soms botst het gewoon keihard.

In een reeks artikelen laten we zien hoe en waarom het soms misgaat. Maar ook welke stappen zijn gezet om het huwelijk tussen wetenschap en startupondernemen een grotere kans van slagen te geven. En: wat er nog moet veranderen om de potentie te halen uit de schatkamer aan deeptech die nog ligt te wachten binnen de Nederlandse kennisinstituten.

Lees de drie artikelen over universitaire startups:

  1. Startup-founders worstelen met universiteit als aandeelhouder
  2. Met deze ‘deal terms’ geven universiteiten startups een betere kans
  3. Meer universitaire startups? ‘Laat het vaker over aan mensen van buiten’