Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Misschien moet Gen Z niet meer werken, maar Ruben Brekelmans zelf wat minder

Daar gaan we weer, dacht Gen Z-expert Laura Bas bij de oproep van VVD-fractievoorzitter Ruben Brekelmans om vijf dagen werken voor jonge mensen de norm te maken. De werkschuwe jongere is een mythe: nergens in Europa werken jongeren zoveel als hier. De discussie zou volgens haar niet moeten gaan over het aantal uren, maar over de waarde per gewerkt uur.

Ruben Brekelmans
VVD-fractievoorzitter Ruben Brekelmans wil dat jongeren meer gaan werken. Drie of vier dagen? 'Daar redden we het niet mee.' Foto: Getty Images

Al in de Griekse oudheid werd geklaagd dat jongeren van luxe hielden, slechte manieren hadden en liever praatten dan werkten. Tweeduizend jaar later heeft Brekelmans zijn eigen variant gevonden. Jongeren zouden na hun studie nog maar drie of vier dagen willen werken. ‘Daar redden we het dus niet mee’, waarschuwde hij vorige week tijdens zijn Binnenhoflezing.

Wat Brekelmans betreft wordt vijf dagen werken weer de norm. Ook – of nee, vooral – voor jonge mensen. Gezonde jongeren zonder gezin kunnen best meer uren maken, vindt hij. ‘Onze bedrijven moeten concurreren met Amerika en China. Bij Chinese techbedrijven werken mensen zes dagen in de week, van 9 tot 9, dus een 72-urige werkweek.’

Gen Z is niet werkschuw

Het is een comfortabele gedachte: als jongeren het probleem zijn, hoeft de rest niets aan zichzelf te veranderen. Alleen mag je van een politicus anno 2026 verwachten dat hij zijn feiten iets beter controleert dan zijn onderbuik. Want er is één probleem met het beeld van de werkschuwe Nederlandse jongere: die bestaat nauwelijks.

Nederlandse jongeren werken juist vaker dan jongeren in welk ander EU-land dan ook. Van de 15- tot 25-jarigen had in 2023 maar liefst 76 procent betaald werk (CBS), tegenover 35 procent gemiddeld in de EU (OESO). En nee, dat zijn niet alleen scholieren die op zaterdag vakken vullen. Van de jongeren die geen onderwijs meer volgden, werkte 85 procent.

Lees ook: Gen Z wil niet werken? Bedrijven weigeren juist om te innoveren

Ook na de studie stort de arbeidsethos niet plotseling in. In het tweede kwartaal van 2026 werkte ruim 63 procent van de werkende 25- tot 35-jarigen voltijd. Tien jaar eerder lag dat aandeel iets lager. Dat was overigens precies de generatie van Brekelmans zelf: hij was toen dertig. Jongvolwassenen zijn dus niet massaal van de voltijdse werkweek weggelopen.

Chinese 996-model zelfs in China illegaal

Maar zelfs als Brekelmans gelijk zou hebben en jongeren massaal vier dagen wilden werken, blijft er nog een fundamenteler probleem met zijn redenering: hij verwart gewerkte uren met economische waarde. Brekelmans haalt Chinese techbedrijven aan waar werknemers volgens hem 72 uur per week maken. Alsof een volle werkweek automatisch een volle productie oplevert.

Daar zit nogal wat ironie in. Het beruchte Chinese 996-model – van negen uur ’s ochtends tot negen uur ’s avonds werken , zes dagen per week – geldt zelfs in China niet als voorbeeldig arbeidsbeleid. In 2021 maakten het Chinese Hooggerechtshof en het ministerie van Arbeid expliciet duidelijk dat zulke structureel lange werkdagen in strijd zijn met de arbeidswetgeving.

Als je Nederlandse jongeren wilt aanspreken op hun arbeidsethos, is een arbeidsmodel dat zelfs in China illegaal is misschien niet het sterkste argument.

Vijf dagen werken was ooit radicaal weinig

Het wrange is: precies die vijfdaagse werkweek die Brekelmans nu als norm verdedigt, gold ooit als radicaal weinig werken.

In 1947 besloot textielbedrijf Van Heek & Co zijn werknemers vijf in plaats van zes dagen per week te laten werken. Midden in de wederopbouw vond de Arbeidsinspectie dat onverantwoord. Nederland moest worden opgebouwd, dus moest er ook op zaterdag worden gewerkt. De inspectie stapte naar de rechter. Van Heek won.

De vijfdaagse werkweek bleef en werd uiteindelijk de norm. Niet omdat Nederlanders ineens minder ambitieus werden, maar omdat we leerden hetzelfde werk slimmer te organiseren. In de decennia daarna gingen we minder uren werken en produceerden we per gewerkt uur steeds meer.

Lees ook: Vierdaagse werkweek is een effectieve en goedkope oplossing tegen burn-out

Natuurlijk kwam dat niet alleen door die vrije zaterdag. We kregen betere machines, computers, internet, automatisering en inmiddels kunstmatige intelligentie. Dat maakt Brekelmans’ redenering juist zo merkwaardig. Sinds 1947 hebben we een technologische revolutie of vijf meegemaakt.

Het zou nogal treurig zijn als de belangrijkste arbeidsmarktinnovatie die daaruit voortkomt, is dat iedereen weer vijf dagen moet werken.

Minder uren, meer productiviteit

De interessantere vraag is dus niet hoe we jongeren weer langer aan het werk krijgen, maar hoe we ervoor zorgen dat mensen in minder tijd minstens zoveel waarde kunnen creëren. Dat klinkt misschien utopisch, totdat je kijkt naar bedrijven die het al proberen.

Bij Afas werken ruim zevenhonderd medewerkers sinds 2025 vier dagen per week. Na een jaar besloot het bedrijf daarmee door te gaan. Medewerkers rapporteerden meer rust en energie, terwijl de productiviteit volgens Afas op peil bleef of steeg. Ook de omzet groeide.

Dat betekent niet dat ieder bedrijf morgen een werkdag kan schrappen. Een ziekenhuis kan patiënten op vrijdag moeilijk vertellen dat de vierdaagse werkweek is ingegaan. Maar Afas laat wel zien dat minder uren niet automatisch minder resultaat betekenen.

Lees ook: Bas van der Veldt (Afas) zet ook in 2026 tradities op de helling

Meer is niet hetzelfde als beter werken

Daar zou de Nederlandse discussie over moeten gaan. Niet over hoeveel dagen iemand zijn laptop openklapt, maar over hoeveel waarde we uit een gewerkt uur halen. In een land met personeelstekorten is arbeid te schaars om trots te zijn op lange werkdagen. We zouden juist geobsedeerd moeten zijn door hoe we ieder gewerkt uur productiever maken, zonder te vergeten dat goed werk soms juist ruimte vraagt om na te denken.

Brekelmans kijkt naar 72 uur werken in China en ziet arbeidsethos. Ik kijk naar bijna tachtig jaar technologische vooruitgang en denk: als we al die innovatie nodig hadden om vervolgens vooral langer te blijven werken, hebben we ergens iets gemist.

Want heel veel werken heeft één vervelende bijwerking: je kunt het zo druk krijgen dat je geen tijd meer hebt om scherp te blijven. En voor je het weet sta je een generatie met een uitzonderlijk hoge arbeidsparticipatie uit te leggen dat ze harder moet werken, met een Chinese werkweek als voorbeeld die zelfs volgens de Chinese autoriteiten in strijd is met de wet.

Dus meneer Brekelmans, misschien hoeft Gen Z niet méér te werken. Misschien kunt u zelf juist iets minder werken, zodat er wat meer tijd overblijft om goed na te denken.