Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Zet je medewerkers op een zeepkist, want spreken voor een groep levert veel op

Spreken voor een groep mensen is een nuttige vaardigheid, vindt Afas-ceo Bas van der Veldt. Hij stuurt zijn medewerkers dan ook geregeld het podium op. 'Ik geloof heilig in de waarde van met aandacht vertellen over wat je doet.'

Hoe organiseert Bas van der Veldt zijn tegenspraak?
Afas
Je leest nu: Zet je medewerkers op een zeepkist, want spreken voor een groep levert veel op

Onlangs hadden wij een spannend feestje in ons Clubhuis: de uitreiking van de Edisons. Een geweldig evenement waar we honderden gasten verwelkomden. Artiesten, impresario’s – mensen die qua eten en drinken wel wat gewend zijn, zullen we maar zeggen.

We hebben een prima facilitaire afdeling, maar dit konden we niet zomaar hosten. ‘Huur gewoon horecatijgers in’, denk je misschien. ‘Je wilt niet dat dit misgaat.’ Maar wij houden niet zo van externe inhuur. Dus deden we een oproepje onder onze medewerkers.

Resultaat: ruim honderd collega’s, van programmeurs tot consultants (eigenlijk iedereen die ook maar een beetje een bord kan vasthouden) hebben die avond geholpen.

Dat leverde prachtige momenten op. Kwam collega Casper bij een tafel en zei: ‘Ja, dit is niet wat ik normaal gesproken doe hoor.’ Hij kreeg natuurlijk meteen de vraag: ‘Hoezo dan?.’ ‘Nou, eigenlijk ben ik softwaretester.’ Vervolgens ontstond een leuk gesprek. Collega’s die helpen én nog iets kunnen vertellen over het bedrijf. Dat is goud.

Stáán voor je werk

Ik geloof heilig in de waarde van direct contact tussen onze medewerkers en (nog geen) klanten, en tussen medewerkers onderling. En dan vooral van het met aandacht vertellen over wat je doet. Kunnen spreken in het openbaar is een vaardigheid die zoveel oplevert. Van zelfvertrouwen tot kritisch denken, en van argumenteren tot gewoon plezier.

Ik leid regelmatig gasten rond in ons Clubhuis en dan spreek ik altijd collega’s aan

Nog een voorbeeldje. De collega’s van onze vestiging op Curaçao kijken elke maand online mee met ons Cultuurcafé, waar we goed nieuws en wel en wee van collega’s delen. Aansluitend bespreken zij hun eigen maand. Ze zijn een klein team, dus eerder zaten ze gewoon om een vergadertafel en gingen het rondje af.

Wij in Nederland zeiden: maar dat moeten wij toch eigenlijk ook kunnen zien? Dus kwamen er een beamer, scherm en camera’s. Toen gingen de collega’s ineens presentéren: hun verhaal goed voorbereiden, PowerPoints maken, oefenen. En ik merk echt verschil. Sinds ze dat doen, zijn verhalen beter doordacht en is de inhoud veel meer geïnternaliseerd. Collega’s stáán voor hun werk.

Lees ook: Waarom Afas een kantoor op Curaçao opende: ‘We wilden niet met een tussenpartij werken’

Dat doen medewerkers ook in een-op-eengesprekken. Ik leid regelmatig gasten rond in ons Clubhuis en dan spreek ik altijd collega’s aan: ‘Hé Marloes, vertel eens iets over je werk.’ En dat kan zo’n collega dan. Eerlijk (ook over de dingen die minder goed gaan), coherent en aanstekelijk.

Spreken nog enger dan slangen

Iedereen in ons bedrijf kan een presentatie houden voor een groep of een-op-een iets vertellen aan bezoekers. Dat is niet omdat alle collega’s hun babbeltje wel klaar hebben als ze bij ons komen. Bij ons werken ook introverte mensen. Of mensen met spreekangst.

Spreekangst is echt een fenomeen, wereldwijd heeft dik 70 procent van de mensen er last van. De meeste mensen zijn banger om te spreken in het openbaar dan voor slangen, blijkt uit onderzoek.

We helpen collega’s op allerlei manieren. Allereerst door goede voorbeelden te delen en door onze collega’s veel te laten doen. Er wordt wat af gepresenteerd bij ons: van Cultuurcafés tot Breek in de weeks en teambijeenkomsten. Daar doen collega’s inspiratie op.

Je voelde aan de zaal: we gaan dit makkelijk voor je maken. Dát is sfeer.

Daarnaast zorgen we dat de informatie op orde is. Zo staan er op ons intranet allerlei filmpjes over wat je kunt vertellen als je gasten rondleidt door ons Clubhuis en Theater. En weer: door de mensen die er het meeste van weten.  En ten slotte is er de cultuur. Die moet vertrouwd zijn.

Een van onze topprogrammeurs opereert bijvoorbeeld het liefst achter de schermen. Hij werkt al twintig jaar bij ons en had nog nooit op het podium van een Cultuurcafé gestaan. Tot vorige maand. Wij wilden graag dat hij collega’s zou vertellen over een aantal nieuwe functionaliteiten in onze software, omdat hij de geestelijk vader ervan is. Hij had er niet zo’n zin, in, maar begreep het wel, dus hij deed het.

En hij werd ontvangen met werkelijk een daverend applaus van collega’s. Zij zijn supertrots op zijn werk, en op het feit dat hij zich over zijn weerstand heen had gezet. Je voelde aan de zaal: we gaan dit makkelijk voor je maken. Dát is sfeer. En die presentatie? Die ging ook gewoon hartstikke goed.

Lees meer columns van Bas van der Veldt: