Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Startup-stad Utrecht bestrijdt wet van de remmende voorsprong

Utrecht had al in 2008 een incubator, maar kreeg als een van de laatste Nederlandse regio's een publieke investeerder. Groots investeren in startups leek in de florerende diensteneconomie van Utrecht lange tijd niet nodig, maar de laatste jaren maakte de Domstad toch een ommezwaai. 'Startups wilden niet drie hoog achter op een industrieterrein zitten.'

startups utrecht de clique
Jelmer Luimstra
Je leest nu: Startup-stad Utrecht bestrijdt wet van de remmende voorsprong

Jorg Kop tuurt door een van de vele vergaderzalen van incubator UtrechtInc, gehuisvest in een universiteitsgebouw in de Domstad. Zo’n 35 startups huren hier kantoorruimte, met onder de oud-huurders bedrijven als Gitlab, Closure en Kops oude startup Snappcar.

In 2011 huurde Kop met dit autodeelplatform een kantoortje in UtrechtInc, nu is hij er directeur. ‘Ik kan nu mooi mijn kennis teruggeven aan startups’, zegt Kop.

Startup Hotspots
Dit is de achtste aflevering van de rubriek Startup Hotspots, waarin MT/Sprout de belangrijkste startup-regio’s van Nederland bezoekt. Alle edities zijn hier te vinden.

Kop en zijn Snappcar-compagnons Victor van Tol en Pascal Ontijd wilden in 2011 graag in hetzelfde kantoor werken als andere, gelijkgestemde ondernemers. Barst de zakenwereld dezer dagen van de incubators, elf jaar geleden had je ze nog amper. Wel in de Domstad, want UtrechtInc opende als een van de eerste Nederlandse incubators al in 2008 zijn deuren.

‘Programma’s volgen met ander ondernemers kon je er nog niet in die tijd’, blikt Kop grijnzend terug, ‘maar we waren al wat blij dat we ruimte hadden.’

utrechtinc jorg kop
Jorg Kop van UtrechtInc. Foto: Jelmer Luimstra

Startups Utrecht naar hoger plan trekken

Anderhalf jaar huisde Kop met Snappcar in UtrechtInc, tot hij er in 2013 afzwaaide. Tegenwoordig probeert hij vanuit allerlei functies Utrecht als startup-stad naar een hoger plan te trekken. Zo is Kop naast zijn werk voor UtrechtInc actief geweest bij de lokale Regionale Ontwikkelings Maatschappij (ROM) en managet hij een lokaal startup-fonds.

Startups wilden niet op drie hoog achter op een industrieterrein zitten

‘Ik begon eraan met de gedachte: Utrecht wil heel graag, maar is er nog lang niet’, verklaart Kop zijn missie. ‘Neem UtrechtInc. Daar kun je zitten tot je zo’n acht man personeel hebt. Veel startups die bij ons uitgegroeid waren, bleken lange tijd moeite te hebben elders in de stad onderdak te vinden. Ze wilden niet op drie hoog achter op een industrieterrein zitten, maar in een inspirerende ruimte vol andere startups.’

Volgens Kop was het risico dat de jonge bedrijven naar Amsterdam zouden gaan. ‘Want die stad lag qua begeleiding van startups voor op de onze. We hebben dit geregeld met de gemeente besproken.’

UtrechtInc
UtrechtInc is de startup-incubator van de Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht. Foto: Jelmer Luimstra

Derde startup-stad van Nederland

Het lobbywerk heeft geholpen, want anno 2022 blijkt Utrecht zijn startup-faciliteiten een stuk beter gestroomlijnd te hebben. Startups die bij UtrechtInc uitgegroeid zijn, kunnen tegenwoordig door naar de centraal gelegen Jaarbeurs Innovation Mile of het hippe Dotslash op Kanaleneiland. De ROM is sinds twee jaar een feit in Utrecht.

En ja, dat leidt tot een groei in het aantal startups in Utrecht. Uit Dealroom-cijfers blijkt dat er ruim 1.340 start- en scaleups in de Domstad gevestigd zijn. De stad moet daarmee in Nederland alleen Amsterdam (zo’n 5.350 startups) en Rotterdam (zo’n 1.590 startups) voor zich dulden.

De gehele provincie Utrecht heeft zelfs de op een na hoogste dichtheid startups (88) per 100.000 mensen van het land, meldde de ROM afgelopen jaar in een onderzoek.

Huisvesting blijft uitdaging

Toch blijft het een uitdaging om al die startups in de stad te huisvesten. Ondernemer Jelle Drijver wijst uit het raam van een van de gebouwen van de WeWork-achtige kantoorformule Dotslash, waaraan hij leidinggeeft. ‘Kijk, daar aan de overkant van de straat willen we volgend jaar ons vierde pand openen.’

Dat is nodig ook, zegt Drijver, want de Utrechtse startup-kantoorformule Dotslash groeit uit zijn voegen. Er zetelen liefst 200 startups met zo’n 1.200 medewerkers en voor nieuwe gegadigden is er steevast een wachtlijst. Sinds de opening in 2018 moesten Drijver en zijn mede-ondernemers de formule jaarlijks met 5000 vierkante meter vergroten.

We zeggen weleens: van buiten is het hier net de DDR, maar van binnen is het hartstikke gaaf

Dotslash is gevestigd in de Utrechtse wijk Kanaleneiland, een typische jarenzestigwijk met menig portiekwoning. ‘Een rauw stuk Utrecht’, zegt Drijver. Grappend: ‘We zeggen weleens: van buiten is het hier net de DDR, maar van binnen is het hartstikke gaaf.’

startups utrecht jelle drijver
Jelle Drijver is manager bij Dotslash Utrecht. Foto: Jelmer Luimstra

Stedelijke opwaardering

Dotslash zou je kunnen zien als een verhaal van stedelijke opwaardering, oftewel gentrificatie. Anno 2022 lopen over dit campus-achtige terrein allerhande hipgeklede twintigers en dertigers uit meerdere delen van de wereld rond, maar lang kon je er een stuiver horen vallen. De vijf kolossale betonnen torens waar onder meer Dotslash in gevestigd is, stonden tot 2016 hartstikke leeg.

Het was de Utrechtse ondernemersfamilie Fentener van Vlissingen die het gebied dat jaar opkocht. Aanvankelijk met het idee om er ooit woningen te bouwen, maar verder dan één toren met appartementen is het tot dusver niet gekomen.

Door de startup-hausse van de laatste jaren bleek de kantoorverhuur ook een prima verdienmodel. Bovendien kon John Fentener van Vlissingen er zijn eigen reisbureau BCD Travel vestigen. Pal naast de startups, nooit mis.

Broedplaats voor startups

Drijver verwacht dan ook niet dat de eigenaren het terrein in de nabije toekomst alsnog zullen omtoveren tot woongebied. ‘Er is momenteel geen financiële drijfveer voor herontwikkeling, omdat de huidige opzet ook veel oplevert. De familie Fentener van Vlissingen zit er uiteraard in voor het rendement, maar ze kijken niet alleen naar de spreadsheets. Als ondernemersfamilie vinden ze het ook mooi dat we een broedplaats voor nieuw talent hebben gecreëerd.’ Hij glimlacht: ‘Misschien wel de BCD’s van de toekomst.’

En die ‘broedplaats’, dat trekt nieuwe formules aan. Op de zevende verdieping van een van de Dotslash-panden huist bedrijfsbouwer en investeringsmaatschappij Holland Startup, met onder diens vleugels acht startups. Liefst 70 procent van hun in totaal 43 startup-medewerkers komt van origine uit het buitenland, weet Holland Startup-ceo Robbert Jan Hanse.

utrecht eendrachtlaan kanaleneiland bedrijven
Het bedrijventerrein aan de Eendrachtlaan in de Utrechtse wijk Kanaleneiland. Foto: Jelmer Luimstra

Angst voor Amsterdam

Zijn investeringsmaatschappij koos bewust voor Utrecht, vanwege de universiteit met zijn vele alumni. Toch, voor ‘internationals’ lonkt dikwijls ook buurstad Amsterdam, weet Hanse. ‘Veel internationals starten hier, maar trekken uiteindelijk toch naar de internationale gemeenschap toe. Die woont vooral in Amsterdam. Zo’n startup verhuist dan geregeld mee, zien we.’

Bij de gemeente zei men: hoe kunnen we voorkomen dat startups weggaan naar Amsterdam?

Dotslash-ondernemer Drijver vult aan: ‘Het is ook de angst die je steeds hoort bij de gemeente. Ik hield er laatst een presentatie en toen vroeg men zich af: hoe kunnen we voorkomen dat gave startups weggaan uit Utrecht, naar Amsterdam toe? Ik dacht: wat is dat nou voor ambitie? Laten we het in Utrecht gewoon zo vet maken dat startups uit Amsterdam denken: we moeten naar Utrecht toe, in plaats van andersom.’

Weinig evenementen in Utrecht

De aantrekkingskracht van startup-magneet Amsterdam merkt ook Belén Hein, de Argentijnse mede-oprichter van hr-tech-startup Neurolytics (10 fte), dat bij Holland Startup zetelt.

‘Alle grote techevenementen zijn in Amsterdam’, zegt ze, zittend in een door glazen ruiten omsloten kantoortje bij Holland Startup. ‘In Utrecht heb je die nauwelijks. Als mijn team naar zo’n evenement gaat, moeten ze dus vrijwel altijd naar de hoofdstad. Amsterdam is niet ver, maar ik zou dit soort evenementen liever in mijn eigen stad bezoeken.’

We konden sneller talent vinden, omdat we in het centrale Utrecht gevestigd zijn

Hein zag verschillende startups om zich heen verhuizen, maar geen haar op haar hoofd die eraan denkt Utrecht voor Amsterdam te verruilen. ‘We zouden dan met andere Amsterdamse startups moeten vechten om techtalent. Wij zijn er juist in geslaagd talentvolle mensen te vinden, omdat we in Utrecht gevestigd zijn. Sommige techtalenten willen namelijk liever in Utrecht dan in Amsterdam wonen. Bovendien ligt deze stad heel centraal in het land, waardoor je ook makkelijker mensen uit andere delen van Nederland kunt aantrekken.’

de clique utrecht
Anja Cheriakova van De Clique. Foto: Jelmer Luimstra

Idyllisch plekje vol koffiedik

Nog een startup die bewust voor Utrecht kiest, is De Clique (15 fte), dat een zogenoemde ‘circulaire grondstoffenservice’ levert. Het bedrijf haalt koffiedik en snij- en voedselresten op bij lokale bedrijven, supermarkten en horecazaken. De onderneming van Anja Cheriakova en Bas van Abel gebruikt die vervolgens voor de productie van onder meer brood, zeep en compost.

Cheriakova geeft een rondleiding over haar onalledaagse bedrijfsterrein aan de noordelijk gelegen stadsrand. Buiten liggen verscheidene zakken met koffiedik en composthopen, waar De Clique bomen in heeft gepland. Binnen in een loods wordt het groenafval gesorteerd en verwerkt. Ook is er een kas waar grote paddenstoelen uit zakken met voedselresten groeien.

Oftewel, geen startup die je eenvoudig in Dotslash of UtrechtInc vestigt. Dit idyllische plekje danken ze aan hun eigen speurwerk, vertelt de circulair ondernemer. ‘We zijn zelf met het nabijgelegen tuincentrum in gesprek gegaan. De gemeente heeft ons er niet bij geholpen.’

Weinig plek voor maakbedrijven

Daar zit volgens Cheriakova een van de pijnpunten van startup-stad Utrecht. ‘De stad wil zich groen profileren, maar voor circulaire hardware-startups als de onze is er Utrecht maar beperkt ruimte. Vanuit de gemeente zou er best wat meer locatiehulp kunnen komen. Ons is het gelukt, omdat onze oprichters uit de stad komen en er goede netwerken hebben. Kijk je daarentegen als nieuwe startup rond in Utrecht, dan acht ik de kans klein dat je zoiets als dit vindt. Ik zie om me heen veel startups naar steden als Den Haag en Rotterdam verhuizen, omdat huisvesting daar vanuit de gemeente meer gestimuleerd wordt.’

Zelf speelt De Clique ook met het idee om de stad op termijn te verlaten. Er is weinig ruimte, maar ook de lokale regelgeving levert uitdagingen op, meent Cheriakova.

‘Als we groter worden, moeten we in Utrecht aan de zware regelgeving voor afvalverwerkers voldoen, terwijl ons bedrijf totaal niet lijkt op klassieke afvalverwerkers. We moeten dan bijvoorbeeld een nieuwe kap om ons gebouw heen bouwen, tegen de stank. En dat terwijl we al een kap hebben.’ Iets meer flexibiliteit vanuit de gemeente zou geen overbodige luxe zijn, vindt Cheriakova.

de clique utrecht bas van abel
De Clique. Foto: Jelmer Utrecht

Luiers recyclen mocht niet

De gemeentelijke regelgeving vormde zelfs een belangrijke reden waarom Cheriakova en Van Abel ooit met De Clique begonnen. ‘Met een van de startups die ik hiervoor opzette, zijn wij voor de rechter gedaagd omdat we luiers ophaalden om te recyclen’, zegt Cheriakova.

‘De gemeente wilde dit niet recyclen, dus dachten wij: dan doen we het zelf wel. Maar het eigenaarschap van het bewonersafval ligt kennelijk bij de gemeente en die monopoliepositie voerden ze ook echt uit.’ Voor groenafval, zoals bij De Clique, geldt die regel niet, aldus de ondernemer.

We werden voor de rechter gedaagd, omdat we luiers ophaalden om te recyclen

Bureaucratisch, vindt Cheriakova dit oerwoud aan regels. En dat terwijl de startup het milieu een goede daad wil verrichten. Op het moderne, 23 verdiepingen tellende gemeentekantoor legt MT/Sprout het voor aan startup-adviseur vanuit de gemeente Tim Savenije. Hij valt in voor D66-wethouder economie Klaas Verschuure, die een interviewverzoek afsloeg vanwege een vakantie en aanstaande nieuwe coalitie.

Savenije, een bedachtzame spreker die in het verleden zelf ondernam, erkent de uitdagingen van Cheriakova. ‘Vanuit de huidige normen zou De Clique inderdaad als afvalverwerker worden gezien, terwijl het feitelijk niet zo zwart-wit is.’

Ruimte is schaars

Savenije vindt het belangrijk om bedrijven zoals De Clique in zijn stad te behouden. ‘Tegelijkertijd zijn ze ruimtegebruiker en ruimte is schaars in de stad.’ Techbedrijven kun je nog relatief eenvoudig onderdak bieden in een bedrijfsverzamelgebouw, stelt de startup-adviseur, maar ‘voor dit type makers is het best lastig een plek te vinden’.

De ruimte in de stad is schaars; voor makers is het best lastig een plek te vinden

De gemeente werkt daarom aan de westrand van de stad, in Strijkviertel, aan een zeven kavels tellend bedrijventerrein voor circulaire en duurzame bedrijven. In 2024 moet het eerste deel naar verwachting opgeleverd zijn.

Met duurzaamheid en gezondheid probeert de gemeente zich startup-technisch te onderscheiden. Healthy urban living, noemt men dat hier. De lokale universiteit kent van oudsher een sterke gezondheidsfaculteit met de nodige spin-offs.

Startup-potje van half miljoen

Projecten zoals in Strijkviertel financiert de gemeente – deels – vanuit een startup-potje. Jaarlijks investeert de gemeente 5 ton in het lokale startup-ecosysteem.

Een deel gaat naar incubators, zoals UtrechtInc, dat jaarlijks 260.000 euro van de gemeente en de provincie krijgt. Ook gaat er subsidie naar de kersverse ROM, dat er sinds kort investeringen in startups mee realiseert: ‘tickets’ van 50.000 tot 5 miljoen euro. Dat Utrecht tot 2020 geen ROM had, is dan weer opmerkelijk, aangezien de meeste ROM’s al vele jaren bestaan.

Door het ontbreken van een ROM stonden we bij het Rijk toch minder op de kaart

‘We zagen de economische urgentie nooit zo’, verklaart Savenije. ‘In een regio als Noord-Brabant stond een aantal fabrieken op omvallen en ontstond dus de noodzaak om te investeren. Utrecht telt daarentegen veel dienstverleners en overheidsbedrijven. In tegenstelling tot maakregio’s worden wij bij crises doorgaans minder hard geraakt. Maar door het ontbreken van een ROM stonden we bij het Rijk toch minder op de kaart. Ook konden sommige startups niet groeien, omdat er onvoldoende geld uit de private sector was.’

Wet van de remmende voorsprong

Het toont misschien wel de paradox aan van Utrecht als startup-stad. De stad mag dan van oudsher een van de sterkste economieën van het land hebben, toch maakte de stad kennis met de aloude wet van de remmende voorsprong. En als startups in je eigen stad niet altijd kunnen doorgroeien, dan lonkt voor sommigen toch – komt-ie weer – Amsterdam.

Hoe zat het tot slot met die angst bij de gemeente om startups aan de hoofdstad kwijt te raken? ‘Angst?’ Savenije denkt na. ‘Ach, eigenlijk is die er niet zo, heb ik het idee. Al houden we startups liever in Utrecht. Maar als een ondernemer liever in Amsterdam zit, kun je dat moeilijk tegenhouden. Tuurlijk zien we weleens startups van Utrecht naar Amsterdam verhuizen, maar andersom gebeurt dit ook. Die ondernemers vinden het bijvoorbeeld handig dat je in Utrecht eenvoudiger talent vindt.’

Laatst nog, toen sprak Savenije een startup met een Amsterdamse oprichter die doelbewust voor Utrecht had gekozen. ‘Op zo’n moment denk ik: er zitten écht wel plussen in ons ecosysteem.’

Victor van Tol (Snappcar): ‘Burgemeester hielp ons aan een nieuw kantoor’

‘Utrecht telt niet zoveel bedrijven als Snappcar, dus in deze stad zijn we bijzonder. Het ligt voor de hand om je als startup in Amsterdam te vestigen, want daar zitten de meeste jonge bedrijven. Doordat je in Utrecht echter minder concurrentie hebt, is het makkelijker om hier personeel te vinden. Die kun je ook eenvoudig bij de universiteit vinden. Toch is het soms ook nadelig, want veel mensen wonen in Amsterdam en hebben geen zin om heen en weer te reizen.’

‘De sfeer in Utrecht is totaal anders dan die in Amsterdam. Ik kom zelf uit Rotterdam en die niet-lullen-maar-poetsen-mentaliteit heb je ook in Utrecht. Men blaast hier minder hoog van de toren dan in Amsterdam. Startups uit die stad praten vaak al in no time over een beursgang, om maar wat te noemen. Ik ben niet gek van ambitie, maar het bescheiden karakter van Utrecht kan ik wel waarderen.’

‘Toch hebben we zelf ook eens overwogen om ons kantoor naar Amsterdam te verhuizen. We bestonden vijf jaar, groeiden uit onze ruimte en hadden moeite iets nieuws te vinden. In Amsterdam was die ruimte er wel, beredeneerden we. Toch vonden we het gek. We zijn allen Utrechtse ondernemers, dan ga je toch niet in Amsterdam zitten?’

‘Op een evenement ter ere van ons vijfjarig bestaan hadden we de burgemeester van Utrecht uitgenodigd. Tijdens de borrel sprak hij me aan. Hij zei: jullie blijven toch wel in Utrecht? Hij had het gerucht kennelijk ergens opgevangen. Ik zei: ja, maar het zou wel helpen als we daar een leuke afspraak over kunnen maken. Zo gezegd, zo gedaan. De gemeente regelde dat we ons bedrijf in de Jaarbeurs konden vestigen. Daar zitten we tot op de dag van vandaag.’