Winkelmand

Geen producten in je winkelwagen.

Natuurpositieve gin: zo duurzaam wil Lowlander ook zijn bier gaan brouwen

De botanische bieren waarmee Lowlander de gevestigde orde uitdaagt, gaan na verloren coronajaren weer hard. Opmerkelijk: ondernemer Frederik Kampmans haalt al de helft van zijn omzet uit alcoholvrije biertjes.

Natuurpositieve gin: zo duurzaam wil Lowlander ook zijn bier gaan brouwen
Je leest nu: Natuurpositieve gin: zo duurzaam wil Lowlander ook zijn bier gaan brouwen

Lowlander
Wat:
botanische bieren
Wie: Frederik Kampman
Sinds: 2016
Omzet: ‘Groeit ruim 200 procent’
Werknemers: 15
Daagt uit: Heineken en de rest
Website: lowlander-beer.com

Bier en kruiden. Overal in het kantoor van Lowlander duiken ze op: links een koelkastje met Tropical Ale, Cool Earth Lager en de andere bieren uit het assortiment van de brouwer, rechts potten met kruiden. Achter oprichter Frederik Kampman staat een glazen weckpot met donkergroene drab. ‘Dat is nog wat extract van de naalden van kerstbomen waarmee we vorig seizoen onze Winter IPA hebben gebrouwen.’

Welkom in de botanische wereld van bierbrouwer Lowlander. Dat het merk niet draait om vage kruidenbrouwsels voor een nichemarkt, heeft het inmiddels wel bewezen. Waar het wel om gaat: de wereld duurzamer maken, met een product waar je blij van wordt. En dat slaat aan: de Amsterdamse brouwer stond vorig jaar in de MT/Sprout Challenger50, na jaren waarin de omzet telkens verdubbelde.

Coronajaren waanzinnig slecht

Kampman – hij heeft ‘Chief Botanical Officer’ op zijn naamkaartje gezet – heeft een sterk merk neergezet. In de horeca zijn de flesjes met de vrolijke etiketten vol informatie al vertrouwd, en bij de supermarkten doen de Lowlander 0.00% Wit , de 0.3 % IPA en andere flessen het ook goed in de schappen.

Dit jaar zal de omzet ruimschoots verdubbelen, vergeleken met 2019. Maar daar is Kampman eerlijk over: coronajaren 2020 en 2021 zijn waanzinnig slecht geweest. Het doet hem nog zichtbaar pijn om ze terug te halen. ‘Vooral de horeca had natuurlijk een gruwelijke tijd door de lockdowns, maar wij hebben het ook beroerd gehad als leverancier. Het ging juist voor onze drukste drie maanden mis, dus we hadden flink wat voorraad opgebouwd.’

Gas geven in de retail

Kampman deed in 2020 wat zoveel andere ondernemers ook hebben gedaan: snoeien in de kosten – gelukkig kon hij iedereen binnenboord houden – en en zo snel mogelijk gas geven op de online en retailmarkt. ‘Maar dat ging lang niet snel genoeg om het verlies aan horeca-omzet goed te maken. En fusten kun je niet leveren aan consumenten; we hebben heel veel weg moeten gooien.’

Inmiddels is alles weer redelijk normaal en kachelen de verkopen richting fifty-fifty, verdeeld over retail en horeca. ‘Horeca is voor ons onmisbaar, als relatief nieuw merk met een boodschap. Het zijn de bartenders die het verhaal erachter kunnen vertellen. We bedenken ook samen met hen en met chefs nieuwe smaken.’

Van waste naar taste

En dat verhaal is dus kort samengevat: verbeter de wereld, drink Lowlander. Kampman zet met zijn challenger namelijk stevig in op verantwoord ondernemen. ‘Ik wil niet de grootste brouwer ter wereld worden, maar ik wil ondanks onze omvang wel grote impact maken. Van waste, taste maken.’

De doorbraak voor het merk kwam dankzij zijn frisse Wit 0.0, waarin sinaasappelschillen zijn verwerkt die leverancier  Peel Pioneers – ook een challenger – inzamelt bij de horeca. En als er groene kruiden in het recept gaan, dan liefst afsnijsel van Koppert Cress en de vertical farm van xGrow. Legendarisch zijn inmiddels de afgedankte kerstbomen die Kampman inzamelde om er seizoens-IPA van te brouwen.

Bier met een boodschap

Natuurpositieve gin: zo duurzaam wil Lowlander ook zijn bier gaan brouwenVanwege de duurzaamheid wil Kampman geen eigen ketels maar brouwt hij buiten de deur, waardoor de capaciteit van zijn leveranciers beter wordt benut. ‘Zij brouwen ook op een schaal die significant minder water en energie kost dan als ik in het begin zelf met een keteltje was gaan prutsen.’ Dat uitbesteden maakt Lowlander flexibel en houdt de focus van het team op het product zelf en natuurlijk het merk.

En dat laatste krijgt alle aandacht. Lowlander is bier met een boodschap. En soms is die boodschap er al voordat het biertje bestaat. De nieuwe Cool Earth Lager, een licht pilsje, kwam er omdat Kampman werd gegrepen door een project dat zeegras aanplant in de Waddenzee. Dat geeft de biodiversiteit daar een boost, terwijl het gras veel CO2 vastlegt en zo de klimaatverandering helpt tegengaan.

‘Dat vond ik zo’n gaaf idee, dat ik het met Lowlander wilde ondersteunen door er een bier bij te verzinnen. En als je één zeegrasplantje poot voor elk verkocht biertje, moet je gaan voor het best verkochte type als je impact wilt maken: pils. Onze etiketten zijn vervolgens perfect geschikt om het verhaal van het zeegras te vertellen.’

Alcohol vrij dé trend

Verantwoord brouwen betekent in Kampmans visie ook: niet overdrijven met de alcoholpercentages. Lowlander-bier is lekker, maar je moet het niet drinken om bezopen te raken. Daarom is het 0.0 tot 0.5 procent alcohol wat de klok slaat in zijn koelkast. ‘In Duitsland mag een biertje met 0.5 procent ook alcoholvrij heten; je hebt het dan ook over een hoeveelheid die ook in een oud pak sinaasappelsap kan zitten.’

En hier heeft Kampman de tijd echt mee: alcoholvrij en alcoholarm zijn al jaren dé trend in de brouwerijwereld. Sinds 2010 is het aantal hectoliters 0.0 dat Nederland drinkt vervijfvoudigd, tot tegen de 7 procent van het totaal. De trend geeft Lowlander echt vleugels, lijkt het: maar liefst de helft van het volume dat Kampman afzet, is alcoholvrij.

Natuurpositief in 2030

Dat gaat dus lekker, maar Kampman, die carrière maakte bij drankenconcerns voordat hij voor zichzelf begon, is nog lang niet tevreden. Momenteel laat hij zijn hele bedrijf doorlichten op emissies, inclusief die van zijn leveranciers en het transport. ‘In 2030 wil ik natuurpositief ondernemen, dus meer teruggeven aan de natuur dan dat ik eraan onttrek.’

Een ambitieuze road map, maar het eerste product dat die meetlat haalt, is afgelopen april gelanceerd: de natuurpositieve Lowlander Gin.

Lowlander Frederik Kampman

Gin in kartonnen fles

Gin? ‘Heel eerlijk: covid was nou niet bepaald de allerleukste en meest inspirerende tijd, dus ik zocht een positief afleidingsproject. Ik heb voor een ginfabrikant gewerkt – daar komt ook mijn liefde voor botanische ingrediënten vandaan – en bedacht me dat er eigenlijk nauwelijks Nederlandse gins zijn. En vervolgens: zou het lukken om de meest duurzame gin ter wereld te maken?’

De zoektocht leidde tot gin in een kartonnen fles die in alles de hoeveelheid afval en verbruikte energie beperkt. ‘We compenseren de resterende impact dubbel, door bij te dragen aan een biodiversiteitsbos in Drenthe. Per saldo is de gin dus natuurpositief.’

Liever statiegeld

Op weg naar een compleet natuurpositief bedrijf moedigt Lowlander zijn brouwers aan zonnepanelen te installeren, single-use plastics de deur uit te doen en op herbruikbare pallets over te stappen. Hij verkoopt nu bijvoorbeeld bier in (recyclebaar en licht) blik.

En van de eenmalige flessen waarin Lowlander zit, wil hij af. ‘Alleen als je de volumes draait van de grote brouwers, kun je gaan denken aan statiegeldflessen. Maar we zijn hard bezig om daar samen met collega’s iets op te verzinnen. En ook willen we een pool opzetten voor RVS-fusten, als alternatief voor kunststof.’

Internationale uitbreiding

Commerciële stappen zet Lowlander intussen ook. Het lijkt de hoogste tijd om internationaal actief uit te breiden. ‘Dat deden we eerst min of meer reactief, ik deed het zelf erbij.’ Lowlander verkoopt desondanks inmiddels in twintig landen. ‘In Zwitserland staan we bijvoorbeeld bij vier van de zes retailers dankzij een goede lokale agent, in Italië gaat het ook goed. In Zweden zijn we toegelaten tot de staatsslijterijen, na een competitie met zestig andere merken.’

Droomproject: Lowlander horeca

Kampman heeft net iemand aangenomen voor die internationale sales en denkt ook aan een team in België. De groei aanjagen met extern kapitaal? ‘Ik reageer eigenlijk helemaal niet op mails van investeerders. Gisteren nog iemand uit New York! Wat moet ik daarmee? We hebben een goede relatie met de Rabobank. Die bank snapt wat we doen, dus dat is al supermooi.’

Oké, er is nog wel een droomproject waar misschien geld van partners bij moet. ‘We willen als vierde poot eigen horeca neerzetten. Een concept rond botanicals, met lekker eten, drinken en een educatieve insteek. Dat wil ik heel graag in een paar grote steden openen, en het liefst ook op Schiphol. Dat de hele wereld kennismaakt met ons bier uit de Lage Landen zou fantastisch zijn.’