Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Groningse startups genieten van ‘splendid isolation’

Groningen is de ultieme Noord-Nederlandse hofleverancier van succesvolle groeibedrijven, zoals Chordify, Voys en Bencom. De stad mag dan ver van de Randstad liggen, in Groningen zien ze dat alleen maar als voordeel. Immers: je hoeft niet om talent te strijden met duizenden andere bedrijven.

Jelmer Luimstra
Je leest nu: Groningse startups genieten van ‘splendid isolation’

Het bedrijfsgebouw Het Kwadraat, dat zich op een kwartier lopen van het Groningse centrum bevindt, is een mooi voorbeeld van oude en nieuwe industrie. Ooit fungeerde het als drukkerij van het Dagblad van het Noorden, maar omdat moederbedrijf NDC Mediagroep zijn drukactiviteiten elders besloot onder te brengen, kwam er in 2017 ruimte vrij. Het krantenbedrijf bleef er zitten met een kleinere dependance, maar de rest van de 15.000 vierkante meter wordt tegenwoordig verhuurd aan start- en scaleups, veelal actief in de it en telecom, sectoren waar Groningen sterk in is. Op de begane grond dreunen luide beats, afkomstig van de inbegrepen sportschool. 

Startup Hotspots
Dit is de derde aflevering van de rubriek Startup Hotspots, waarin MT/Sprout de belangrijkste startup-regio’s van Nederland bezoekt. Alle edities zijn hier te vinden.

Een van de huurders is de extraverte telecom-ondernemer Mark Vletter (41), die er kantoorhoudt namens telefoniebedrijf Voys en software-startup Spindle. Toen die bedrijven hier een paar jaar geleden neerstreken, zo vertelt hij, wilde de verhuurder een ingericht kantoor leveren. ‘Wij zeiden: geef ons het geld voor de inrichting, dan doen wij dat beter.’ Zo gezegd, zo gedaan. Het ruim opgezette kantoor bij Voys wordt opgeleukt door allerhande exotische planten, Star Wars-figuren, kunst en hier en een speelse wand met oude telefoons, ‘om toch even aan ons product, zakelijke telefonie, te herinneren’. 

Mark Vletter, tussen een hangplant en het logo van zijn bedrijf Voys.

Grote pool aan studenten

Vletter zelf loopt er, des startups, rond in korte broek en slippers. Momenteel werken er 160 mensen bij zijn bedrijven, veelal hip geklede twintigers en dertigers. Die plukt hij hier zo van de Hanzehogeschool Groningen en de Rijksuniversiteit Groningen (RUG), vertelt de ondernemer. Groningen is de jongste stad van het land, benadrukt de ondernemer. De gemiddelde leeftijd is 36 jaar en de stad telt 60.000 studenten. ‘Er is hier sprake van splendid isolation. Groningen ligt ver van de Randstad en de beste studenten blijven hier vaak hangen, blijkt uit onderzoek. Ze gaan hier bij startups aan de slag of beginnen zelf iets. We hebben dus een hele poule om uit te kiezen.’

We hebben een hele pool aan studenten om uit te kiezen

Door deze ‘splendid isolation’ telt de Groningse regio meer dan 600 start- en scaleups, blijkt uit gegevens van dataplatform Dealroom. Gezamenlijk zijn zij goed voor 4.700 arbeidsplaatsen, een groei van liefst 1.800 posities sinds 2019. Veel van de Groninger groeibedrijven doen iets in de it- en internetbusiness. Succesvolle bedrijven als parkeerdienst Parkos en clouddienst Payt (fintech) komen er vandaan. Maar waar de stad volgens Vletter traditioneel gezien het sterkst in is, is het leveren van webshops en websitebouwers, zoals Belsimpel, Cookinglife en theFactor.e.

Ben Woldring poseert voor zijn pittoresk gelegen Groningse hoofdkantoor van zijn Bencom. ‘Groningers komen uit heel stevige klei.’

Imperium aan vergelijkingssites

Een van deze slimme websitebouwers is de Groningse ondernemer Ben Woldring. Sinds de late jaren ’90 bouwde hij aan een trits vergelijkingssites, zoals Gaslicht.com en Poliswijzer.nl. Zijn activiteiten, geclusterd in het 50 fte tellende moederbedrijf Bencom, maakten hem multimiljonair. Quote schat Woldrings vermogen op 40 miljoen euro. 

Vanuit zijn kantoor aan de verlengde hereweg in Groningen-Zuid vertelt Woldring over zijn aanvankelijk hobbelige weg naar de top. Al op zijn dertiende begon de ondernemer met zijn eerste vergelijkingssite. Hij mocht zich indertijd niet bij de Groningse Kamer van Koophandel inschrijven, omdat hij nog geen achttien was. Na lang onderhandelen, gaf de mevrouw aan de balie de 13-jarige wizkid een handreiking: vooruit, Woldring mocht zich inschrijven zodra hij zeventien zou worden. De ondernemer glimlacht: ‘Daar had ik nog niks aan! De volgende dag ben ik met mijn moeder teruggekomen en hebben we het bedrijf op haar naam ingeschreven.’

Groningse nuchterheid

Doordat hij al zo jong succesvol was, werd de ondernemer met zijn kenmerkende rode krulhaar al snel een landelijke bekendheid. Hierdoor kreeg hij geregeld ‘snelle jongens’ aan de deur. Die wilden dan bijvoorbeeld een belang in zijn bedrijf, terwijl hij er later meer voor had kunnen krijgen, of ze boden hem een licentiecontract aan om te internationaliseren, met als gevolg dat Woldring dat nooit meer op eigen initiatief zou kunnen doen. Zijn Groningse nuchterheid heeft hem geholpen dit gespuis op afstand te houden, stelt Woldring: ‘Groningers komen uit heel stevige klei, denk ik. Het is fijn dat je niet meteen in de ban raakt van dit soort jongens. Dat je kunt zeggen: ik kom er later op terug.’

Randstedelingen reizen niet zomaar naar Groningen. Dat is handig, want je ontvangt daardoor altijd serieus bezoek

Dat zijn bedrijf zo ver van de Randstad af ligt, ziet Woldring niet als een groot nadeel. Integendeel, stelt hij: ‘Het werkt als een natuurlijke buffer. Een afspraak moet écht de moeite waard zijn. Je gaat niet voor de flauwekul twee uur reizen naar Amsterdam, en vice versa. Als je bezoek ontvangt, zijn het dus altijd mensen die het serieus menen.’ 

Wel pleit Woldring voor sneller ov-vervoer tussen de Nederlandse steden. ‘Ik was eens in Shanghai. Als je daar landt, zweef je met een magneetzweeftrein van 420 kilometer per uur naar de binnenstad. Bijna hadden we zo’n magneetzweeftrein tussen Amsterdam en Groningen gehad. Minister Camiel Eurlings heeft dat toen afgeschoten. Als hij een noorderling was geweest, was het vast beter afgelopen.’ Het doet Woldring dan ook goed dat de Delftse startup Hardt Hyperloop het testcentrum voor zijn supersnelle vacuümtrein in de provincie Groningen heeft geplaatst. ‘Laat dat alsjeblieft een eyeopener voor Nederland zijn.’

Dion ten Heggeler van Chordify zetelt zich op een stapel verkeerd bezorgde doezen. ‘Die hadden bij ons kantoor in Utrecht bezorgd moeten worden.’

Groningen én Utrecht

Het Groningse bedrijf Chordify, dat een algoritme ontwikkelde die akkoorden bij muziekbestanden vindt, pakt het locatie-technisch anders aan. De in 2013 opgerichte scaleup van Dion ten Heggeler en Gijs Bekenkamp heeft een kantoor in zowel Groningen als Utrecht. Omdat een deel van de directie uit Utrecht komt is dit zo gegroeid, verklaart Ten Heggeler (43). Het hebben van twee locaties is daarbij wel een voordeel, zegt de ondernemer: ‘Als we in een van de twee steden een developer kunnen aannemen, doen we dat.’

Ten Heggeler loopt door zijn kantoor in het Groningse centrum, waar allerhande gitaren en yukulele’s staan opgesteld. Nee, zelf kan hij helemaal niet gitaar spelen, zegt Ten Heggeler, die zodra hij er een in handen krijgt doodleuk het tegendeel bewijst. Lacht: ‘Dat waren maar een paar simpele akkoorden!’

Internationaal muziekfestival

Voor een muziekbedrijf als Chordify is het handig om in een stad te zitten die jaarlijks het internationale showcase-popfestival Eurosonic/Noorderslag huisvest. ‘Je hebt daar ook een conferentie, voor mensen uit de muziekindustrie. We hebben daar vaak aan panels deelgenomen. Twee jaar geleden organiseerden we er bovendien zelf eentje, over machine learning.’

Groningen is met zijn ruim 200.000 inwoners een overzichtelijke stad en de meeste Groningse ondernemers kennen elkaar wel. Zo vertelt Ten Heggeler dat hij laatst met Voys-man Vletter koffie ging drinken, om meer te leren over hoe je als bedrijf met zelfsturende teams kunt werken. ‘Mark is een van de grootste kenners uit ons land van holacracy (managementstijl met zelfsturende teams, red.).’ 

Groningse ondernemers verenigen zich grofweg in twee clubs: de Noordelijke Online Ondernemers (NOO), voor de grotere, opschalende bedrijven en de YES!, door Ten Heggeler omschreven als ‘het startupkluppie’. Af en toe komen ze bij elkaar, om van elkaars ervaringen te leren, en in de tussentijd is er altijd de appgroep. Ten Heggeler: ‘Mensen stellen elkaar dan vragen over de prijsstelling, juridische structuren of huisvesting. Best handig.’

Lusanne Tehupuring van Founded in Groningen in, juist ja, Groningen. ‘Veel startups willen zich ergens bij aansluiten.’

Startups in de skybox

Dat Groningse ondernemers elkaar goed weten te vinden, onderschrijft Lusanne Tehupuring (37) van de publiek gefinancierde startup-organisatie Founded in Groningen. Zittend in de kantoortuin van het Groningse gemeentegebouw voor Economische Zaken – de deuren van Founded zijn nog altijd gesloten vanwege corona – vertelt ze over de goed bezochte evenementen die haar organisatie doorgaans organiseert: allerhande meet-ups ‘met pizza en bier’, waar ondernemers van elkaars lessen kunnen leren. Corona gooide lange tijd roet in het eten, maar sinds deze maand pakken ze de draad weer voorzichtig op. Dat is nodig ook, zegt Tehupuring: ‘Ik heb nu veel beginnende startups aan de lijn, die zeggen: waar kan ik me bij aansluiten?’

Om verschillende werelden met elkaar kennis te laten maken, moet Tehupuring soms origineel zijn. Zo wist ze onlangs een samenwerking met de lokale voetbalclub FC Groningen klaar te spelen, waarbij Founded in Groningen startup-ondernemers in een skybox plaatst, waar ze kunnen praten met al gevestigde businessclubleden. ‘Dat levert hele leuke zakengesprekken op. Je koppelt er gevestigde bedrijven aan jonge startups.’

We willen lokale startups nog beter in the picture zetten

Tehupuring groeide op in Friesland en verhuisde op haar achttiende naar Groningen voor een studie bedrijfskunde. Zelf bleef ze hangen in de Groningse hoofdstad, maar ze ziet getalenteerde studenten toch ook vaak de gang richting de Randstad maken. ‘Vaak gaan ze dan naar de Zuidas-bedrijven. Wij moeten er daarom voor zorgen dat lokale startups nog meer in de aandacht komen.’ Tehupuring wijst erop dat de Hanzehogeschool goed bezig is. ‘Ze willen iedere student met ondernemerschap in aanraking brengen, bijvoorbeeld door ze een case study van een familiebedrijf uit te laten werken of door ze een jaar stage te laten lopen bij een startup.’ Om tegelijkertijd de aanwas van groeibedrijven te bevorderen, wil haar organisatie via een visa-programma veertig buitenlandse startups naar Noord- en Oost-Nederland brengen. Dit moet al vóór augustus 2022 afgerond zijn, dus werk genoeg voor Tehupurings organisatie.

Weinig investeerders

Een probleem voor Groningen is volgens Tehupuring wel dat er weinig private investeerders in de regio zitten. Haar organisatie probeert startups nu met durfinvesteerders uit de rest van de wereld te koppelen, via een speciaal matching-programma van de Amsterdamse investeerder Ton van ’t Noordende. Het liefst zou ze zien dat er ook meer durfinvesteerders in het noorden opstaan. ‘Er wordt vooral publiek geld geïnvesteerd, terwijl dat niet altijd tot de beste commerciële resultaten leidt. De spoeling van private investeerders en angels is dun, terwijl die vaak een deskundige blik en relevante ervaring kunnen toevoegen aan het proces.’

Bij het lokale Investeringsfonds Groningen (IFG), goed voor 60 miljoen euro, zijn ze in de tussentijd creatief. Tot dusver realiseerde het fonds 34 deelnemingen in Groninger bedrijven. IFG investeert niet direct in startups, maar geeft liever een zak geld aan durfinvesteerders uit de Randstad. Daarmee kunnen vc’s zoals Borski Fund, Nextgen Ventures en TIIN Capital instappen bij Groningse groeibedrijven. ‘Zij investeren vanuit een marktperspectief en brengen een netwerk en sectorkennis mee’, legt fondsmanager Jan Martin Timmer aan de telefoon uit. ‘Voor ons is het belangrijk dat de regio ontsluiting krijgt naar partijen van buiten. Groningen zien wij als een onderdeel van het Nederlandse ecosysteem.’

Niek Huizenga vond de inspiratie voor het Groningse Launch Café in Silicon Valley.

Naar Silicon Valley

Het zijn dit soort initiatieven die van belang kunnen zijn voor de beginnende startups die zetelen in het Groningse co-working-kantoor Launch Café. Het ‘café’ zetelt in een oud pand aan de centraal gelegen Herestraat en heeft een kenmerkende startup-raket als logo. Niek Huizenga (40) was in 2013 één van de oprichters. Al in 2005 huurde hij met een groep van zo’n twintig jonge ondernemers kantoorruimte in een oude, omgebouwde energiecentrale in Groningen. Na een tijdje groeiden ze eruit en in 2012 besloot Huizenga enige tijd naar Silicon Valley te trekken om er onderzoek te doen naar een indertijd nieuw fenomeen: incubators. Daar raakte hij geïnspireerd door het initiatief RocketSpace, waar startups zij aan zij werkten aan hun innovaties.

Eenmaal terug in Groningen begon hij samen met compagnon Koen Atema het Launch Café, een hip, oranje geverfd kantoorpand waar zzp’ers en beginnende it-bedrijven kantoorruimte huren. Jaren ging het op rolletjes, totdat vorig jaar corona voor een leegloop zorgde. De eigenaar van het pand heeft toen de exploitatie overgenomen zodat het Launch Café door kon blijven gaan.

Trots gevoel

Huizenga zit in de lobby van zijn oude kantoorbedrijf. Om hem heen lopen tal van jonge ondernemers, sommigen nog niet eens afgestudeerd. Het offer was het waard, vertelt hij. Waar het hem uiteindelijk om gaat, is dat trotse gevoel dat je krijgt als één van de bedrijven die ooit bij jou huurde groot wordt. Hij zag het gebeuren met startup Smartlocker, een bedrijf voor het veilig versturen van online bestanden. ‘Vier ondernemers zijn dat ooit hier begonnen. Ze hebben uiteindelijk een startup-programma in Berlijn gevolg en zijn nu een scaleup in Amsterdam.’ 

Als Groningse startups uiteindelijk naar de Randstad gaan, vind ik dat alleen maar goed

Dat Groningse bedrijven de stad op termijn voor de Randstad verruilen, vindt Huizenga geen enkel probleem. ‘Sterker nog, ik vind het alleen maar goed. Het noorden is een mooie plek om te starten, er is voldoende vroegefasefinanciering en talent aanwezig. Wil je daarna verder groeien, dan is het belangrijk om dicht bij je klanten te zitten. Vaak zitten die in de Randstad.’ 

Veelzeggend wijst hij uit het raam, naar een pand verderop. ‘Zie je dat gebouw? Daar is startup HackerOne ooit begonnen. Die hebben momenteel hun hoofdkantoor in Silicon Valley.’