Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Werkgever zit niet te springen om oud-Kamerlid

Zet het beste beentje voor en help Oud-Kamerleden aan een nieuwe baan. Met hun ziel onder de arm rijgen de ex-volksvertegenwoordigers vooral bijbaan aan bijbaan. Voormalig PvdA-Kamerlid Guus Krähe solliciteerde sinds zijn vertrek in november meerdere keren zonder succes. “Het werkt tegen je dat je kamerlid bent geweest. Mensen denken dat je een individualist bent.”

Vier maanden geleden hield het opeens op voor zeventig Kamerleden. Na de verkiezingen verlieten ze al dan niet vrijwillig de Tweede Kamer, ze waren niet meer welkom bij de fractievergaderingen en de belangstelling van de media droogde op. De oud-parlementariërs moesten, met wachtgeld op zak, op zoek naar een nieuw bestaan. “Een zwart gat,” volgens PvdA’er Peter Meijer.

Vier maanden later leert een rondgang van het Nederlands Dagblad langs ex-parlementariërs en hun fracties dat het merendeel van de oud-Kamerleden moeilijk een vaste stek vindt op de arbeidsmarkt. Zeven keerden terug in de Kamer; zij vervingen partijgenoten die naar het kabinet doorschoven. Ongeveer twintig mensen vonden in de afgelopen maanden een vaste baan, werden starter of gingen met pensioen. De rest slijt de dagen met bijbanen: als commissaris, lid van een raad van toezicht of
anderszins.

Wachtgeld
De oud-politici hoeven voorlopig niet te vrezen dat ze droog brood moeten eten. Ze hebben recht op twee tot zes jaar wachtgeld. Alleen wie korter dan drie maanden in de Kamer heeft gezeten, ontvangt slechts een halfjaar een uitkering. In het eerste jaar is dat 80 procent van het bruto­jaarsalaris van ongeveer 86.000 euro, daarna 70 procent. De duur van de uitkering hangt af van het aantal dienstjaren in de Kamer.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.