Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Waarom werken ze niet zo hard als ik, vraagt Afas-ceo Bas van der Veldt zich af

Het lijkt wel een soort oerdrift van elke directeur of manager: ontevredenheid over medewerkers. Hij heeft er zelf ook last van, erkent Afas-ceo Bas van der Veldt. Toch moet je dat gevoel zo snel mogelijk de kop in drukken, schrijft hij in zijn nieuwe column.

Ik weet niet precies wat het is, maar élke directeur of manager krijgt af en toe zure gedachtes over medewerkers. Het eerlijke verhaal is: ik ook.
We raken gefrustreerd: waarom werken de anderen niet zo hard als wij? Waarom lopen ze de kantjes ervan af? Waar is de passie?

Het gevoel eronder herinneren we ons denk ik allemaal van vroeger op school. Zat je met z’n vieren in een werkgroepje, waren er altijd twee die niks deden. Gekmákend. Ook wonderlijk trouwens, als ik dit vertel op een podium, herkent de hele zaal dit. Er is níémand die zegt: nou, ik was dus diegene die het werk door anderen liet opknappen.

Zure gedachtes zijn gevaarlijk

Zure gedachtes over medewerkers zijn niet fraai. En ze zijn nog gevaarlijk ook. Zéker als je er met andere managers of directeuren over praat. Je bevestigt elkaar in een beeld zonder je even in de situatie te verdiepen.

Voordat je het weet worden in die zurigheid hele generaties in één veeg weggezet. De jongeren van nu dóén maar, ze nemen een tussenjaar of willen drie dagen in de week werken, mét maximaal salaris.

Toen IK zo oud was als jullie, tóén werd er nog hard gewerkt.

Lees ook: Afas-ceo Bas van der Veldt over het verhaal dat 700 collega’s muisstil maakte

Daar krijg je cynisme van. Je weet wel, dat een directeur tegen een medewerker die een keer om half vijf naar huis gaat, zegt: ‘Zoooo….hebben wij een middagje vrij genomen?’

Van cynisme ga je als directeuren bovendien beheersmaatregelen bedenken: ‘Kijk, hier hangt de klok, vanaf nu zijn we allemaal tot vijf uur op kantoor’ (dat zal ze leren).

Eigen plan

Als je het zo aanpakt, hoef je ook niet gek op te kijken als medewerkers hun eigen plan trekken. Dat ze gewoon andere dingen gaan doen onder werktijd. Een vakantie boeken, uitgebreid koffie drinken of gamen.

Voor de vijftigers onder ons: ken je de ‘boss key’ nog? Die had je in de jaren negentig in computerspelletjes. Als je baas eraan kwam, drukte je op een sneltoets (ctrl+B in Leisure Suit Larry bijvoorbeeld) en hóppa, daar opende een nep-Excelscherm met productiviteitscijfers.

Die weg wil je niet in.

Lees ook: Afas-ceo Bas van der Veldt vraagt zich af: hoe word je digitaal soeverein?

Directeur als energiefabriek

In onze organisatie geloven we al sinds onze oprichting in de kracht van het omgekeerde: positief leiderschap. Emoties werken aanstekelijk, dat is het principe. Enthousiaste leiders krijgen enthousiaste medewerkers, die weer zorgen voor enthousiaste klanten. En andersom zorgen mopperende managers voor klagende medewerkers, en ik hoef je niet te vertellen wat dat doet met de klantbeleving.

Als je als directeur klaagt over je medewerkers, zien we dat dus vooral als een waarschuwingslampje. Wat heb jijzelf beter te doen? (voor op het tegeltje: als je met één vinger naar een ander wijst, wijzen er drie vingers naar jezelf).

Wij moeten als directeuren geen klok ophangen, maar functies creëren waarin medewerkers serieus van toegevoegde waarde zijn. En zorgen dat collega’s weten hoe belangrijk ze zijn en vooral welke schakel ze in het geheel vormen. Wat het effect is als ze er niet zijn.

Kiezen voor optimisme

Nog even terug naar m’n eigen directeurendrift. Als ik die voel opkomen, is mijn eerste reflex inmiddels: kijk naar jezelf, en wees het voorbeeld van wat je bij anderen wilt zien.

Lees ook: Afas-ceo: ‘Als iedereen straks zelf kan programmeren, waarom bestaan we dan nog?’

Verreweg de meeste medewerkers deugen. Dat is de realiteit én een bewust gekozen visie. Als je het beste verwacht, en medewerkers ruimte geeft, haal je het beste naar boven.

Dat ervaar ik ook echt in de praktijk.

Bijna alle goede ideeën in ons bedrijf komen niet van mij of andere directeuren, maar van medewerkers. Dát maakt het werk pas echt leuker en beter.