Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Efteling-directeur Fons Jurgens: ‘Wij betekenen net zoveel voor Nederland als ASML’

Directeur Fons Jurgens maakte van de Efteling het derde pretpark van Europa. Om die positie vast te houden moet het bedrijf verder groeien. De topman wacht al vijf jaar op de natuurvergunning die daarvoor nodig is. ‘Ik moet manoeuvreren binnen kaders waar weinig beweging in zit. Dat vind ik echt heel moeilijk.’

Fons Jurgens is de langzittende directeur van Efteling ooit. 'Ik ben hier niet voor de aandeelhouders aan het werk, maar voor het bedrijf.' Foto: Efteling

Hij zal de vraag ongetwijfeld al honderden keren hebben gekregen, maar we moeten ‘m toch stellen: heeft Efteling-directeur Fons Jurgens zelf een favoriete attractie? Ja, zegt hij, en die ligt toevallig op een steenworp afstand van het kasteelachtige hoofdkantoor waar we de topman spreken. ‘De Villa Volta. Dat heeft vooral te maken met het feit dat-ie gebouwd werd toen ik hier begon. Het is ook de spannendste attractie waar ik in durf, want ik ben bang voor achtbanen.’

Net als klassiekers als de Villa Volta en Langnek kun je wel stellen dat ook Jurgens bij het meubilair van Nederlands grootste attractiepark hoort. Hij werkt al meer dan dertig jaar bij de Efteling, waar hij in oktober 1995 als 26-jarige trainee begon. Sinds april 2014 heeft hij er de leiding, ook alweer ruim dertien jaar. Daarmee is hij de langstzittende directeur.

Efteling is van zichzelf

Wat maakt zijn baan na al die jaren nog steeds zo mooi? Volgens Jurgens is dat vooral de langetermijnblik waarmee hij zijn werk kan doen. Het attractiepark en alles wat daarbij hoort – onder meer twee vakantieparken, twee hotels en een theater – zijn onderdeel van een BV die onder een stichting hangt, Stichting Natuurpark de Efteling. Dat is de enige aandeelhouder en daarmee de volledige eigenaar van de Efteling. Het bedrijf is steward-owned of, simpeler gezegd, van zichzelf.

Lees ook: Een ‘kleine hack’ en ook jouw bedrijf is steward-owned

Concreet betekent dat onder meer dat het geld dat wordt verdiend het bedrijf niet verlaat. De Efteling boekte in 2025 een winst van 27,2 miljoen euro. Daarvan is voorgesteld ongeveer 7,9 miljoen euro als dividend uit te keren aan de stichting en de resterende 19,3 miljoen euro toe te voegen aan de reserves van de bv, blijkt uit de jaarcijfers.

Dat eerste bedrag wordt volgens Jurgens direct in het park geïnvesteerd, en het uitgekeerde dividend indirect. ‘De bankrekening van de stichting is wat ik onze “spaarpot” noem. Die kunnen we bijvoorbeeld aanspreken voor grote duurzaamheidsprojecten (zie kader).’

Beste reputatie van Nederland

Kortom, als directeur is hij daadwerkelijk voor zijn bedrijf aan het werk, voor het mooier en beter maken van dat bedrijf, en niet om de zakken van aandeelhouders te vullen. Zou hij ergens kunnen werken met, zeg, meer kapitalistisch ingestelde aandeelhouders? ‘Ik denk dat ik het wel zou kunnen, maar de vraag is of ik dan net zoveel voldoening uit mijn werk zou halen als nu.’

We spreken Jurgens omdat ‘zijn’ Efteling een bijzondere mijlpaal behaalde. Het bedrijf veroverde de koppositie in de MT500, het jaarlijkse reputatieonderzoek van MT/Sprout en het Amsterdam Centre for Business Innovation (Universiteit van Amsterdam). De Efteling stootte ASML van de troon; na jaren waarin de chipmachinemaker er met de eer vandoor ging, mag de Efteling zich nu het bedrijf met de beste reputatie van Nederland noemen.

Lees ook: Efteling onttroont ASML als bedrijf met de beste reputatie van Nederland

Helemaal als een verrassing kwam dat niet: het park was al jaren aan een gestage opmars in de ranking bezig. Maar toch: wat is er het afgelopen jaar veranderd?

‘Niet zo gek veel’, reageert Jurgens. ‘Ik denk dat we de vruchten plukken van een strategie die we een jaar of acht geleden hebben ingezet. Daarbij zijn we meer gaan focussen op gasttevredenheid en vertrouwen, in plaats van puur op groei. Het afgelopen jaar hebben we voor het eerst op meer dan tachtig dagen een waardering van een 9 of hoger gekregen.’ In 2030 moet minstens de helft van de openingsdagen een 9+ scoren.

Bouwen voor de eeuwigheid

Bij zijn aantreden als directievoorzitter kreeg Jurgens de opdracht om de Efteling, destijds een top tien-park, in de top vijf van Europese attractieparken te krijgen. Dat is gelukt: met bijna 5 miljoen unieke bezoekers in 2025 is de Efteling nu het derde attractiepark van Europa, na Disneyland Parijs (ruim 16 miljoen bezoekers) en het Duitse Europa-Park (ruim 7 miljoen bezoekers, inclusief die van waterpark Rulantica).

Om dat te bereiken, werd de afgelopen tien jaar een hele rits nieuwe attracties geopend: Baron 1898 (2015), Symbolica (2017), Max & Moritz (2020, ter vervanging van de Bob) en Danse Macabre (2024, ter vervanging van het Spookslot).

De Efteling investeert miljoenen in nieuwe mega-attracties, zoals het in 2024 geopende Danse Macabre. Foto: Efteling

Daar gaan grote sommen geld naartoe. Symbolica was bij de opening met een prijskaartje van 35 miljoen euro de duurste attractie voor het bedrijf ooit. Datzelfde bedrag werd op tafel gelegd voor spookspektakel Danse Macabre en het themagebied eromheen. De nieuwe attractie Missie Luminar, die in 2029 opent, gaat naar verwachting 50 miljoen euro kosten.

En dan investeerde het bedrijf nog eens 75 miljoen euro in het vorige zomer geopende Efteling Grand Hotel, een luxehotel in de stijl van de grand hotels die aan het begin van de twintigste eeuw oppopten in grote Europese steden.

‘Als wij iets bouwen, is het voor de eeuwigheid’, zegt Jurgens. ‘Kijk maar naar de Python of Fata Morgana, die zijn er nog steeds. Daarom zijn onze investeringen ook zo hoog.’ Hoe betaalt het bedrijf dat allemaal? ‘In principe doen we alle investeringen uit onze eigen cashflow’, zegt Jurgens. ‘En als dat niet helemaal lukt, lenen we een stukje bij. That’s it. We moeten er ook voor sparen, daarom opent Missie Luminar ‘pas’ over drie jaar.’

Lastige balanceeract

Tussendoor lopen er ‘kleinere’ projecten: een nieuw sprookje in het Sprookjesbos, de Prinses op de Erwt (2025), en naast de Baron 1898-achtbaan opende in mei een vrije val-attractie voor kinderen. Het terrein van Ravelijn, waar het hoofdkantoor deel van uitmaakt, wordt opgeknapt en uitgebreid met een nieuwe parkshow en attractie.

Het is bijna te veel om op te noemen en dat is volgens de directeur precies de bedoeling. ‘We willen ervoor zorgen dat de Efteling over vijfentwintig of vijftig jaar nog steeds aantrekkelijk is. Daarom moeten we blijven vernieuwen. Anders kent iedereen het straks wel. De Efteling moet geen museum worden, we willen juist dat innovatieve park zijn dat blijft verrassen.’

Lees ook: Efteling-directeur Fons Jurgens: ‘Ik ben een aanvoerder die ook wil scoren’

Het is een lastige balanceeract, want hij weet tegelijkertijd dondersgoed dat nostalgie een van de kurken is waarop de Efteling drijft. Dat geldt bij uitstek voor de attractie waarmee het in 1952 allemaal begon: het Sprookjesbos. ‘Dat is de ziel van het park. Ook daar vernieuwen we, maar met kleine stapjes. En de oudere sprookjes onderhouden we goed.’

11 procent bebouwen

Met een oppervlakte van zes hectare neemt Sprookjesbos een kleine 10 procent van het voor bezoekers toegankelijke deel van het park in beslag (65 hectare op een totaal van 72 hectare, red.). Kijkt Jurgens niet af en toe verlekkerd naar die ruimte met de gedachte: daar zou de Efteling nog zoveel meer mee kunnen doen? Daarover kan hij kort zijn: nee.

‘We zijn een attractiepark in een natuurpark’, zegt hij. ‘Dat is, denk ik, een van de succesfactoren. Juist die ruimte en natuur bieden de mogelijkheid om met elkaar te ontspannen. Je kunt niet attractie op attractie stapelen, dan worden mensen helemaal hyper. We hebben jaren geleden met de gemeente afgesproken dat we maar 11 procent bebouwen en daar houden we ons aan.’

Feit is dat de kaders waarbinnen het bedrijf opereert knellen. Binnen de parkmuren is de ruimte om nieuwe attracties neer te zetten door de 11-procentnorm op, dus wil de directie de hekken verplaatsen. Aan de oostzijde wordt een smalle, langgerekte strook bij het terrein getrokken. Het is nog niet bekend wanneer dat gaat gebeuren. Aan de westkant wordt een groter gebied toegevoegd – waaronder ook een stuk dat al binnen de hekken ligt, en waar Missie Luminar verrijst. De voorbereidingen zijn al begonnen.

7 miljoen bezoekers

De uitbreidingen zijn onderdeel van het bestemmingsplan ‘De Wereld van de Efteling 2030’. De directie zette de ambities al in 2015 op papier, maar het traject naar goedkeuring verliep niet zonder slag of stoot. Het bestemmingsplan werd drie jaar later vastgesteld door de gemeenteraad van Loon op Zand.

Daarop ging een groep van tachtig buurtbewoners bij de Raad van State in beroep. De hoogste rechter was het met de omwonenden dat sommige plannen te onduidelijk waren geformuleerd en moesten worden aangepast. In de tussentijd mocht de Efteling niet beginnen met bouwen.

De Efteling is een attractiepark in een natuurpark: maximaal 11 procent mag worden bebouwd. Foto: Efteling

In de zomer van 2021 kreeg het bestemmingsplan alsnog groen licht. Onderdeel van de plannen is dat de Efteling de mogelijkheid moet hebben om door te groeien naar 7 miljoen bezoekers, zegt Jurgens.

‘Die 7 miljoen is geen doel op zich’, legt hij uit. ‘Maar we willen in de top vijf blijven en daarvoor zullen we jaarlijks licht moeten groeien. Die groei is ook nodig om toegankelijk te blijven en de toegangsprijzen zo laag mogelijk te houden.’ Afhankelijk van de dag van het bezoek kost een ticket nu tussen de 40 en 57 euro. ‘Dat is veel geld, dat weten we. Maar onze kosten stijgen ook.’

Jaloers op ASML

Probleem is alleen dat de Efteling een natuurvergunning voor 5 miljoen unieke bezoekers heeft – en daar zit het met 4,98 miljoen gasten (2025) al bijna aan. In 2021 diende het bedrijf een aanvraag bij de provincie Noord-Brabant in voor een nieuwe, ruimere natuurvergunning.

De status daarvan? ‘Die is hetzelfde als vorig jaar en het jaar daarvoor’, verzucht Jurgens. ‘De provincie heeft de afgelopen vijf jaar geen nieuwe vergunningen uitgegeven. Alleen ASML kreeg een uitzondering.’ Hij wil op deze plek geen ‘huilverhaal’ gaan ophangen. ‘Maar tuurlijk ben ik hartstikke jaloers op ASML. Tuurlijk. Wij betekenen net zoveel voor Brabant, wat zeg ik, voor Nederland als ASML. Dat durf ik wel te zeggen.’

Lees ook: Recordfunding van 330 miljoen: is Nearfield Instruments straks even onmisbaar als ASML?

Intussen sorteert de Efteling met investeringen als Missie Luminar wél voor op groei. Wat is zonder de nieuwe vergunning het alternatief: een dwangsom van 20 euro betalen voor elke bezoeker die er te veel door de poortjes gaat, zoals het AD schreef? ‘Die 20 euro boete – dat is ook maar iets dat ooit geroepen is’, reageert Jurgens. ‘Waar het ons om gaat, is dat we niet kunnen groeien terwijl dat wel nodig is. Het is echt noodzakelijk dat we een natuurvergunning krijgen die ons die ruimte biedt.’

Ondernemen met de handrem erop

Kan hij plannen maken zolang die vergunning er niet is? ‘We maken plannen. Daarom hebben we bekendgemaakt dat we in 2029 een nieuwe attractie openen, met de kanttekening dat dat passend zou kunnen binnen de huidige kaders. We stoten namelijk minder stikstof uit dan we vergund hebben gekregen.’

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.
De grootste angst van Fons Jurgens is dat de Efteling ‘wegzakt in de middelmaat’. Foto: Efteling

Maar toch, het is ondernemen met de handrem erop. Dat valt hem ook persoonlijk zwaar. ‘Ik ben best een ongeduldig mens. Ik moet nu functioneren, manoeuvreren binnen kaders waar weinig beweging in zit. Dat vind ik echt heel moeilijk.’

Het helpt hem om van zijn hart geen moordkuil te maken en die ‘lichte frustratie’ te delen, intern en extern. ‘Ik probeer met andere bedrijven die hiermee zitten te kijken naar oplossingen en ik spreek veel met raadsleden van de gemeente en de provincie, en ook met de politici in Den Haag. En af en toe loop ik gewoon even het park in. Vandaag lopen hier ook weer 25.000 mensen rond, hartstikke blij. Dan zie je weer waar je het voor doet.’

Maar die bovengrens van 5 miljoen unieke bezoekers móét eraf, vervolgt de directeur, nu licht geagiteerd. ‘We zijn nog steeds positief gestemd dat we op relatief korte termijn een nieuwe natuurvergunning krijgen. Daar is de organisatie op ingericht. Maar mocht dat niet zo zijn – ja, dan hebben we een probleem.’

Wegzakken naar middelmaat

Dat probleem is dat de Efteling de klinkende winstcijfers van de afgelopen jaren dan niet kan vasthouden en de structurele investeringen die het park de afgelopen jaren zoveel verder brachten, niet kan blijven doen. Dan, is Jurgens’ vrees, verliest het sprookjespark op termijn zijn bestaansrecht. ‘Ik denk dat we dan wegzakken in een bepaalde middelmaat.’

Dat is voor hem een grotere angst dan opgeslokt worden door een internationaal conglomeraat, zoals andere Nederlandse pretparken overkwam. Want, zo verzekert de directeur: ‘Een mogelijke verkoop van de Efteling is op aandeelhoudersvergaderingen absoluut geen thema. Onze doelstelling is om over 75 jaar nog steeds te bestaan. Zelfstandig. Onze concurrenten zijn onderdeel van gigantische concerns. Die hebben meerdere parken en overal zie je hetzelfde. Zij trekken óók veel bezoekers, dus ik zeg niet dat het op die manier niet kan. Maar dan word je een van de velen, en wij willen juist uniek blijven.’