Het geld blijft binnenstromen bij Leyden Labs, lijkt het wel. Begin dit jaar haalde het Leidse biotechbedrijf, dat antivirale neussprays ontwikkelt, nog 70 miljoen dollar op.
Niet bij de minste overigens: de ronde werd geleid door de Singaporese staatsinvesteerder Temasek, het Amerikaanse Polaris Partners stortte ook geld, net als het Chinees-Amerikaanse Qiming Venture Partners. Terwijl: daarvoor had Leyden Labs al tegen de 200 miljoen dollar opgehaald bij Google Ventures, het Vision Fund van het befaamde Japanse Softbank en nog meer klinkende namen.
Dit keer komen de handtekeningen van dichter bij huis. Het European Innovation Council Fund, een durfkapitaalfonds van de Europese Commissie en de Nederlandse staatsinvesteerder Invest-NL steken samen 30 miljoen euro in Leyden Labs.
Europees geld geen noodgreep
Geweldig nieuws, maar waarom gaat een scaleup die al honderden miljoenen van investeerders van over de hele wereld aan boord heeft, nog in zee met overheidsfondsen? Voor, met alle respect, een beperkt bedrag en belang vergeleken met die eerdere rondes?
‘Dit is geen noodgreep, omdat de bodem van de kas in zicht was’, maakt Leyden Labs-cfo Marieke van der Lans meteen duidelijk. ‘Deze investering past in een langetermijnstrategie.’ Ze zit samen met ceo Koenraad Wiedhaup in de Zoom-call. ‘Zo spreken we ook continu, door alle tijdzones heen, van San Francisco tot Sjanghai, met al onze investeerders en andere partijen. Als cfo en ceo zijn we een sterke tandem en leggen we op zoveel mogelijk plekken ons verhaal uit.’
Wat doet Leyden Labs?
Leyden Labs werd in pandemiejaar 2020 opgezet door Koenraad Wiedhaup, samen met de voormalige top van Crucell (Ronald Brus en Dinko Valerio) en Jaap Goudsmit (de wetenschapper achter dat oranje biotechsucces). In tegenstelling tot traditionele vaccins, die het immuunsysteem trainen om specifieke virussen te herkennen, richt de neusspray zich op een directe neutralisatie in neus en keelholten. Dat zou effectiever moeten werken dan vaccinatie, waarbij virussen al het lichaam zijn binnengedrongen, terwijl vaccins minder goed werken bij mensen met een zwak eigen immuunsysteem. Een derde eigenschap van de neusspray en het zogeheten monoklonale antilichaam dat Leyden Labs ermee toedient, is dat hij werkt tegen een breed scala aan virussen.
De timing van de deal met het EIC Fund en Invest-NL, relatief kort na die vorige ronde, laat vooral zien dat dergelijke transacties zich niet laten plannen. ‘We zijn hier een jaar of anderhalf mee bezig geweest’, vertelt Van der Lans. ‘Het zijn processen die heel lang lopen, je bent lang bezig om stevige relaties op te bouwen met partijen.’
‘Het EIC Fund legt de lat enorm hoog’, legt Wiedhaup uit. ‘Van de 1.200 aanvragen zijn er 74 gehonoreerd. Je gaat door een gestructureerd proces: je dient een voorstel in, je pitcht je bedrijf, er volgt een interview en daarna nog een due diligence-fase. Ze kijken ook: zijn er andere sterke investeerders?’
Lees ook: Due diligence: 7 tips om investeerders te overtuigen
Pandemische paraatheid van Europa
Met commerciële venture capital-bedrijven gaat dat anders. ‘Daar ga je gewoon praten’, zegt hij. ‘En doe je wel of niet zaken.’ Maar een groot verschil met de niet-Europese marktpartijen zit hem in wat er na de investering gebeurt.
‘Bij overheidsfondsen is er een sterke afstemming met alle investeerders. Het is niet: één keer geld inleggen en dat is dit. Ze denken mee: wat kunnen we in Europa nog meer voor jullie doen? En vooral: hoe kunnen we bepaalde technologieën elders toepassen of combineren om bijvoorbeeld de pandemische paraatheid van Europa te versnellen?’
Alles aan Leyden Labs is Nederlands
Deze zomer kreeg Leyden Labs ook nog een lening van 20 miljoen euro van de Europese Investeringsbank, via het HERA-programma voor pandemische paraatheid. ‘Daar zijn we ook ruim twee jaar mee bezig geweest’, zegt Van der Lans. ‘Om op de kaart te komen, goed uit te leggen wat de impact is van wat we doen. En op een gegeven moment ontstaat er momentum. Maar heel eerlijk: die lening had ook vorig jaar kunnen komen, of helemaal niet.’
Het moment waarop je handtekeningen onder een fundingronde krijgt, laat zich niet dwingen. De keuze voor de geldschieters met wie je in zee gaat, is natuurlijk wel aan aan Wiedhaup en Van der Lans. Dit keer maakten ze dus de keuze voor Europese investeerders. Dat is ten dele ook principieel. ‘We zijn een Nederlands bedrijf, het intellectuele eigendom, het lab, alles zit hier.’
Dat blijft zo, zegt ze. ‘Als het aan Koenraad en mij ligt wel’. Het is dan ook een no-brainer om zo hecht mogelijke banden aan te gaan met het Nederlandse en Europese ecosysteem van bedrijven, overheden en academische ziekenhuizen, en dus ook fondsen. ‘Het is belangrijk om als Europees bedrijf een stevig Europees consortium achter je te hebben, ook omdat we de komende jaren nog vaker geld zullen ophalen.’
‘Wat is nodig om jullie in Europa te houden?’
De belangstelling vanuit Europa voor Leyden Labs neemt toe. ‘Er is een enorm groeiende belangstelling voor Europese innovatie, mede naar aanleiding van wat er in Amerika gebeurt. Ik weet niet hoeveel partijen wij langs krijgen’, zegt Van der Lans. ‘Ministeries, Europese instanties en politici: ze komen echt hier langs. En het is altijd de vraag: wat is er nodig om jullie in Europa te houden? Die angst wordt wel gevoeld, want het is ook belangrijk om innovatieve bedrijven hier te houden.’
Geen zorgen, Leyden Labs blijft zelf met 85 medewerkers relatief klein en besteedt veel onderzoek en ook de productie van zijn spray en antilichamen uit aan andere partijen in Europa. ‘Het is enorm belangrijk dat we klaar zijn voor de volgende pandemie, en daarvoor heb je stevige R&D-organisaties in Europa nodig.’
Aandeelhouders die het begrijpen
Met investeerders uit de VS, Azië en Europa heeft het duo geleerd hoe je omgaat met een divers aandeelhoudersbestand. Hun belangrijkste les voor andere ondernemers op zoek naar funding? ‘Zorg dat een investeerder goed begrijpt wat je doet’, zegt Van der Lans. ‘Daar hebben wij echt zóveel profijt van: al onze aandeelhouders hebben sterke teams die zich in de materie verdiepen en mee kunnen denken.’
‘We gaan ook niet verder met investeerders als ze niet goed begrijpen wat we doen’, bevestigt Wiedhaup. Het selectieproces werkt tijdens contacten met investeerders immers twee kanten op. ‘Daarom steken we ook zo veel tijd in het praten met heel veel investeerders.’ Van der Lans: ‘Ik heb liever dat ze moeilijke vragen stellen dan niet relevante. Dat geeft je namelijk het gevoel dat ze begrijpen wat we doen.’
Een tweede les: bedenk wat een investeerder voor je bedrijf kan betekenen buiten die financiële injectie. Wiedhaup: ‘Dan heb je gesprekken vooraf over waar je behoefte aan hebt.’ De partijen die bij Leyden Labs aan boord zijn, denken actief mee, hebben veel ervaring met het opschalen van (biotech)bedrijven en een groot netwerk. Van der Lans: ‘Ze opperen echt actief ideeën. Of ze zeggen: ik ken nog een expert die je echt moet spreken, ik zal je wel linken.’
Trails met resultaten
Met inmiddels bijna 300 miljoen euro aan opgehaald kapitaal kan Leyden Labs de komende jaren vooruit. Van der Lans: ‘We kunnen versnellen op bepaalde gebieden, maar voor het onderzoek dat we uitbesteden, het uitbouwen van de pijplijn met nieuwe antilichamen en vooral de klinische trials is veel geld nodig.’
Die trials leveren steeds betere resultaten op. ‘We hebben er nu een aantal afgesloten’, zegt Wiedhaup. ‘Daarover gaan we binnenkort publiceren.’ Van der Lans: ‘Op basis van alle resultaten zijn we steeds meer vertrouwd en zekerder dat deze aanpak echt zou kunnen werken.’
Amerikaanse beursgang
Voor Van der Lans, die eerder divisiedirecteur in een ziekenhuis was (‘daar heb ik aan den lijve ondervonden hoe belangrijk onze missie is’) en bij een grote zorgverzekeraar de inkoop van ziekenhuiszorg leidde, is dat de grote drijfveer. ‘We doen echt iets nieuws. Er is geen ander bedrijf dat antilichamen in de neus brengt om zo te voorkomen dat mensen een infectie oplopen en daardoor ziek worden. Dit hoort bij biotech: we zijn een heel nieuwe aanpak aan het ontwikkelen en dat is superspannend.’
Gezien die internationale investeerders en de succesvolle biotechbedrijven die in het verleden werden opgeslokt door Big Pharma, rijst de vraag: hoelang blijft Leyden Labs nog Nederlands en zelfstandig? ‘Je kunt als Nederlands bedrijf prima een Amerikaanse beursgang doen’, reageert Van der Lans. Aan de Nasdaq staan inderdaad illustere voorgangers als Galapagos, Pharming en Merus genoteerd (op die laatste werd vorige week nog een bod van 8 miljard dollar uitgebracht).
‘Maar nu bouwen we allereerst een heel stevig Europees bedrijf’, vervolgt ze. ‘We maken gebruik van alle kennis in de hele wereld, alle samenwerkingen die de wereldwijde schaalvergroting mogelijk maken.’
Samenwerken met Big Pharma
Wiedhaup: ‘We zijn echt niet op zoek naar een overname. Samenwerken? Ja. Er zijn veel partijen die in Europa actief zijn in de infectieziekten, Sanofi, GSK, AstraZeneca, MSD. Wij zijn te klein om zelf te gaan verkopen. Dus op het moment dat je commercieel wordt, heb je een salesorganisatie nodig om te zorgen dat ons middel bij zoveel mogelijk mensen komt. Op dat moment is een partnerschap logisch, voor de verschillende middelen die we in de pijplijn hebben.’
Voor nu blijft het hart van Leyden Labs in het Science Park in Leiden, waar het een pand deelt met kweekvleesmaker Meatable en batterijontwikkelaar LeydenJar. Van der Lans: ‘Dat Science Park is een mooi voorbeeld van hoe je een innovatie-ecosysteem versterkt. Er lopen hier ontzettend veel mensen rond die kennis en ervaring telkens van bedrijf naar bedrijf meenemen. Dat wil je: dat je mensen binnen dat ecosysteem houdt. Want in die mensen zit de kracht.’



