Wie binnen neobank Bunq een intern bericht stuurt, moet dat opstellen in ‘robospeak’. Met bovenaan een exacte datering: 1 juli 2016 vijf uur ’s middags is in robospeak 20160701 1700 AMS, waarbij AMS staat voor Amsterdam. Memo’s aan Ali Niknam die niet voldoen aan de robospeak-regels, stuurt hij ongelezen terug: doe het maar opnieuw.
Het is maar een van de vele observaties in Ali Niknam, de eenzame strijd van een techmiljardair die laten zien hoe strak de oprichter van Bunq zijn bedrijf leidt. Als een computer, met medewerkers die zich moeten voegen naar de programma’s die hij draait. Zelf vindt hij dat hij aandacht voor details en efficiency heeft. Mensen die zijn leiderschapsstijl minder waarderen noemen hem een controlfreak met gebrek aan empathisch vermogen.
Maar misschien moet je ook wel ver wegblijven van de vergadercultuur en het dienend leiderschap dat we kennen van corporate Nederland?
Bunq kwam de bankenorde opschudden
Niknam ging in 2015 live met Bunq dat als techbedrijf de gevestigde bankenorde kwam opschudden. Met innovatieve producten die de klant wél centraal stellen. Ruim tien jaar later claimt Bunq 22 miljoen gebruikers, die er samen 8,5 miljard euro hebben gestald, vooral vanwege de stevige rente die Niknam aan ze overmaakt. En het doet als unicorn mee in de race tussen Revolut, N26 en andere neobanken.
Lees ook: Hoe Ali Niknam de banken opjaagt met Bunq
Dergelijke cijfers geven Niknam op het eerste oog gelijk. Eerder zette de serie-ondernemer al domeinnamenbedrijf TransIP op, en The Datacenter Group, bedrijven die inmiddels ook miljarden waard zijn.
Maar al dat succes kent een prijs, weten lezers van het nieuwe boek over Niknam en Bunq van NRC-journalisten Stijn Bronzwaer, Joris Kooiman en Merijn Rengers. Al voordat ze de titelpagina omslaan.
Onthullende NRC-artikelen
NRC heeft de afgelopen jaren Niknam en zijn bank goed gevolgd, en kwam met onthullende artikelen over Bunq. Over de manier waarop Niknam botste met mede-oprichters, medewerkers en ook De Nederlandsche Bank, die Bunq een boete oplegde wegens onvoldoende controle op witwassen.
Over hoe chaotisch het er binnen de bank aan toe kon gaan, en hoe klanten slachtoffer konden worden van oplichters doordat Bunq gebruiksgemak boven fraudepreventie leek te plaatsen. Ook voor die klanten, soms voor meer dan een ton getild na telefonische babbeltrucs, voelde Niknam weinig mededogen. In hun nieuwe boek gaan de journalisten dieper in op deze affaires, maar diepten ook de persoon van Niknam verder uit.
Ali stuurde privédetective achter bronnen aan
Voor zover ze daartoe de kans kregen. Niknam gaf zijn omgeving namelijk de instructie om niet mee te werken aan het boek. Op zich niet ongebruikelijk bij grote ondernemers. Uitgever NRC kreeg al de advocaten van de Bunq-oprichter op haar dak vanwege een eerdere publicatie, maar advocaten van Niknams bank stuurden ook intimiderende brieven naar voormalig medewerkers van wie hij vermoedde dat ze met de auteurs hadden gesproken.
Lees ook: How I did it: 4 lessen van Bunq-oprichter Ali Niknam over winstgevend worden
Bunq zette zelfs een privédetective in en procedeerde tegen ten minste drie van die oud-werknemers. Van een voormalig president-commissaris die aangaf met de journalisten te hebben gesproken eiste de advocaat van bunq dat hij een opname van het gesprek deelde met de bank.
Dat gaat zo ver, dat die modus operandi ook een plek kreeg in het boek. Maar wat dat aangaat: waarom moest dit boek er komen? ‘Drie bedrijven oprichten die zo’n omvang en succes bereiken, is heel uitzonderlijk’, zegt mede-auteur Kooiman. ‘En dan met Bunq ook nog in een sector die extreem moeilijk binnen te komen is.’ Wat volgens Kooiman ontbrak, was een onafhankelijk verhaal naast het narratief dat Niknam zelf schetst. Die liet zelf al twee boeken schrijven over zijn ondernemerschap en Bunq.
Wie betaalt de prijs?
‘Hij brengt zijn eigen verhaal heel sterk naar voren. Maar er was nooit een goede journalistieke zoektocht naar wat er achter dat succes zit. Wie betaalt daarvoor de prijs?’ Dat het boek meer over de ‘vent’ gaat dan de ‘tent’ bleek gaandeweg het tweejarige project de logische keuze, zegt Kooiman. ‘Hij is bepalend voor hoe zijn bedrijven opereren.’
Lees ook: Bunq weer onder vuur: ‘Ali Niknam moet nu echt heel kritisch naar zichzelf gaan kijken’
Die solistische stijl is een patroon vanaf de vroege ondernemersjaren van Niknam, die op zijn zevende met zijn ouders van Iran naar Nederland verhuisde en opgroeide in Gouda. Dat begint al bij TransIP. Kooiman: ‘Hij schrijft er zelf over dat hij is klemgezet door zijn compagnons die hij jarenlang blind vertrouwde.’ In het boek kun je lezen hoe Niknam de twee medeoprichters verweet dat ze niet of onvoldoende presteerden en ze buiten belangrijke beslissingen hield. Uiteindelijk spanden ze een rechtszaak aan die uitliep op een schikking waarbij ze werden uitgekocht.
Ook bij Bunq wordt zijn compagnon ontslagen nadat hij op een zijspoort is beland, vlak voor de lancering van de app. ‘Dat is echt een patroon in zijn carrière.’
Sfeer bij Bunq slaat om na jongensavontuur
De eerste jaren van Bunq omschrijft Kooiman als het geijkte spannende jongensavontuur, maar als na de succesvolle lancering de groei achterblijft slaat de sfeer binnen Bunq om. ‘De interne druk neemt toe, en hij gaat dan in een onverdunde vorm zijn ideale bedrijfscultuur neerzetten.’ Dat leidt tot een groot personeelsverloop – werknemers voor wie bunq hun eerste baan is – 70 procent van het totaal – houden het gemiddeld elf maanden vol.
Mensen met meer ervaring haken soms eerder af. Een succesvolle reclamemaker vertelt in het boek hoe bevlogen en visionair Niknam overkwam. Hij wilde nog een paar dagen meelopen om te zien of hij bij de cultuur van bunq paste. Daar zag hij hoe Niknam zijn marketingmedewerkers afbrandde. Ze waren te dom, ze snapten het niet, hij behandelde hen zonder respect. De man hield het na die paar dagen voor gezien.
Eenzame techmiljardair
Niknam verspeelt veel vriendschappen, al blijft een klein groepje mensen, waaronder oud-collega’s uit zijn TransIP-tijd, hem trouw. ‘Die kunnen zijn manier van werken goed hebben en hebben blijkbaar een manier gevonden om ermee om te gaan.’ Toch is de ondertitel van het boek de eenzame strijd van een techmiljardair. ‘Of hij zich ook eenzaam voelt? We wilden niet gaan psychologiseren over zijn karakter, daarvoor zijn we niet opgeleid en het past ook niet bij een journalistiek boek.’
De eenzaamheid uit de ondertitel van het boek duidt vooral op zijn manier van ondernemen. ‘Samenwerkingen lopen bij hem vaak snel dood, of het nou gaat om medewerkers, oude vrienden of zakenpartners. Daar zit een heel eenzaam element in. Hij benoemt dat trouwens ook zelf, onder meer op een podium.’
Leiden in de stijl van de techbro’s
Een belangrijke vraag die de auteurs stellen, is of de manier van leiden van Niknam, in de stijl van de nietsontziende techbro’s in de VS, een voorwaarde is voor het succes van innovatieve snelgroeiende bedrijven. Het antwoord laten ze over aan hun lezers. ‘We hebben geprobeerd een gebalanceerd boek te schrijven waarin mensen op basis van de feiten hun eigen oordeel kunnen vormen. Dat oordeel is niet aan ons.’
Enerzijds: ‘Zijn drive en energie hebben hem gebracht waar hij nu is. Maar de moeite die hij heeft om samen te werken en echt naar mensen te luisteren kan wel een rem zetten op verdere groei. Zijn wil is wet, en zelfs commissarissen vertelden ons hoe moeilijk het is om aan strategische discussie met hem te voeren.’
Revolut trok wél grote investeerders
Niknam heeft, afgezien van de Britse investeerder Pollen Street Capital, waarmee hij ook al een ruzie voor de rechter uitvocht, Bunq zelf gefinancierd. ‘Hij heeft weleens gezegd: ik zou nog liever een nier verkopen dan een belang in mijn bedrijf.’ De ondernemer heeft ook wel diepe zakken, maar collega Revolut haalde wél grote investeerders aan boord en kon daardoor veel harder op marketing inzetten. Het begon in dezelfde tijd als Bunq en claimt een waardering van 115 miljard dollar.
Lees ook: Amerikaanse afwijzing van Ali Niknams Bunq bevat een les voor elke Nederlandse founder
Revolut kreeg onlangs in de VS een eerste goedkeuring van de autoriteiten om daar als bank actief te worden, terwijl Bunq eerder dit jaar juist nul op het rekest kreeg.
Bunq werd een spaarbank
De manier waarop Bunq tegenwoordig zijn geld verdient is daarbij ook niet wat Niknam aanvankelijk voor ogen had, zegt Kooiman. ‘In het laatste jaarverslag zie je dat de abonnementsinkomsten gelijk blijven of zelfs licht dalen. De groei komt vooral uit de rentemarge die wordt gemaakt op het spaargeld van klanten. Op het moment dat Bunq in 2022 zijn spaarrente flink verhoogde, werd het de facto een spaarbank.’
De missie van Niknam is dus volgens Kooiman nog niet voltooid. ‘Hij is nu op een interessant punt beland. Zijn oorspronkelijke idee was een zuivere bank die simpelweg geld vraagt voor haar dienstverlening, in plaats van te verdienen aan rentemarges en verborgen kosten. Dat businessmodel is moeilijker gebleken dan hij in 2013 had voorzien. Ik denk dat zijn plan pas echt geslaagd is als hij ook echt doorbreekt in Amerika, bij zijn oorspronkelijke doelgroep van digital nomads.’



