Je hebt jarenlang zorgvuldig aan je reputatie gebouwd. Collega’s bewonderen je om je rake analyses, of je snelle schrijven, of je antwoorden op de vragen die ze je stellen als expert in je vakgebied. Vandaag vragen ze dat allemaal aan AI.
Waar je vroeger met je team weken nodig had om een nieuwe campagne te bedenken, gebeurt dat nu in minuten. Was vroeger het analyseren van patronen jouw specialiteit, nu doet AI dat in luttele seconden. Tot voor kort leverde jouw manier van selecteren de beste kandidaten op. Nu maakt AI die selectie voor je.
Wat doe je hier eigenlijk nog, vraag je je soms af. Wie ben je nog voor je collega’s, voor je bedrijf en voor jezelf? Wat is je toegevoegde waarde nu? En daarmee disrupt AI ook je identiteit op je werk. Professioneel voel je je gewoon achterhaald.
Omkijken naar andere sector
De meeste organisaties zijn nog bezig met het technische en operationele luik van AI. Welke tools, welke processen, welke trainingen zijn er nodig? Ze zijn niet bezig met de stille identiteitscrisis die zich afspeelt op de werkvloer. Zorg dat je zo snel mogelijk AI inzet, zodat je productiever wordt, dat is de boodschap die mensen krijgen.
De impact van het verlies van identiteit blijft dus nog onderbelicht. Maar die is er wel degelijk. Verzet tegen het gebruik van AI, teams die verdeeld raken met voor- en tegenstanders van AI, afnemende betrokkenheid en motivatie, en vertrek van talent dat geen toekomst meer ziet.
Eén op de drie kenniswerkers kijkt daardoor al naar een andere sector, blijkt uit recent internationaal onderzoek. Ook de zo gewenste productiviteitswinst blijft door dat alles steken.
‘Als jij van oudsher wordt gewaardeerd op je expertise en je kennis, dan heb je een probleem’, reageert Gijs Coppens, psycholoog, ceo en oprichter van OpenUp, een digitaal platform gericht op mentaal, sociaal en fysiek welzijn. ‘Die zijn nu een commodity geworden, daarmee kun je je niet meer onderscheiden.’
AI als booster
Toch ziet hij dat verlies van identiteit niet zo somber in. Je kunt ook meebewegen met deze technologie en AI gebruiken als een extra boost. ‘Dat betekent dus dat jouw expertise en kennis ook maal tien gaat. En dan hou je je waarde, maar wel op een heel andere manier. Op een veel hoger intelligentieniveau, of hoger snelheidsniveau dan voorheen. Dan kun je nog veel meer impact maken.’
Analisten, advocaten, copywriters, tolken, vertalers, journalisten, consultants, marketeers en talloze creatievelingen moeten hier dus maar de voordelen van zien? Het ligt wel iets genuanceerder, vindt Coppens. ‘We worden aangesproken op wat echt ons kerntalent is? Waar zijn we extreem goed in als mens? En hoe gaan we dat nog inzetten in de toekomst?’
Als je die kerncompetentie niet vindt, denk bijvoorbeeld aan netwerken, of de vertaalslag maken naar de klanten of business, dan heb je een probleem. Als je daarin wat matiger scoort dan de rest, raak je ook uitgefaseerd. ‘Het zijn de toppers in hun vakgebied die de integratie met AI waarschijnlijk goed zullen doen. De gemiddelde professional krijgt het moeilijk, en dat is wel een harde vaststelling.’
Lees ook: AI zou werk besparen, maar onderzoek laat het tegenovergestelde zien
Mee dealen
Wat doet dat met een mens? Het kan motiverend werken, je zet een tandje bij en duikt er bovenop, omdat je dit niet wil laten gebeuren. Maar een ander coping mechanisme is ontkenning. Zo’n vaart zal het niet lopen, je hebt nog tien jaar tot je pensioen, je ziet het allemaal wel.
Het derde spoor, schetst Coppens, is dat je het probeert met AI, maar dat het je niet lukt. En dan kun je overweldigd raken en zie je de toekomst niet meer zitten. Of je kunt in de weerstand gaan.
‘De impact kan dus positief of negatief zijn, afhankelijk van de mate waarin je bereid bent om bij te leren of een heel ander pad te kiezen. Maar dat is wel heel moeilijk voor mensen.’ Leren als capaciteit is nog nooit zo belangrijk geweest, vindt hij.
Identiteit craften
Corine Boon, hoogleraar hrm en people analytics aan de UvA, heeft ook geen eenduidig antwoord op het verlies van identiteit door AI. Ze verwijst naar de radiologen die als een van de eerste beroepsgroepen ingrijpend zijn geconfronteerd met AI. Niet alleen in de werkprocessen, maar ook bij het interpreteren van beelden en het diagnoses stellen.
Het accepteren daarvan gaat niet zonder slag of stoot, blijkt uit diverse onderzoeken, vanwege de angst voor het verlies van de professionele autonomie en zelfs de eigen baan. Maar naast negeren en in de weerstand gaan, zijn radiologen ook aan de slag gegaan met ‘identity crafting’, vertelt ze.
‘Mensen verbreden of veranderen hun identiteit als er door AI iets essentieels of centraals van hun werk wordt overgenomen. Ze richten zich veel meer op wat hun toegevoegde waarde nu is in combinatie met het gebruik van AI.’
‘Je hebt natuurlijk altijd inhoudelijke expertise nodig om dingen te checken. Je moet weten wanneer je AI moet inzetten. Je blijft je beslissingen zelf nemen. Communicatie en kritisch denken blijven dus heel erg nodig.’
Impact verschilt per persoon
Natuurlijk verschilt de impact per beroepsgroep, en dan ook nog per individu. Advocaten die het leuk vinden om de wet uit te pluizen, worden ingehaald door AI, geeft ze een voorbeeld. ‘Als ze dat voorwerk leuk vinden, dan moeten ze de shift gaan maken. Als ze lol hebben in pleiten voor de rechter dan zitten ze goed.’
Bij de introductie van nieuwe technologie ziet ze telkens hetzelfde patroon ontstaan. Mensen gaan in de weerstand, denken dat ze hun baan verliezen en dat zwakt na verloop van tijd weer af omdat er nieuwe banen bijkomen. Het verschil met AI is dat de impact veel groter en wijdverspreider is. ‘Ook een deel van het hoogopgeleide kenniswerk wordt nu vervangen. ‘
Uit recent onderzoek van OpenUp blijkt 41 procent van de Nederlandse werknemers zich niet gesteund voelt door hun werkgever bij deze AI-transitie. Ze weten dat AI hun werk verandert, ‘maar hebben weinig taal voor wat ze nog wél bijdragen wanneer AI het schrijven, analyseren of brainstormen overneemt’.
Optimistischer bij gebruik
Ook verwacht 27 procent een negatieve invloed op het aantal banen in de eigen organisatie. Coppens zet daar wel een kanttekening bij. ‘Werknemers die met AI experimenteren, zijn best optimistisch over de eigen toekomst.’
‘Naarmate je AI zelf beter leert kennen, begin je wel meer perspectief voor jezelf te ontwikkelen. En begin je ook beter te zien waar jouw toegevoegde waarde nog ligt. Maar je wordt dus wel negatiever over het toekomstperspectief voor de anderen.’
En daar ligt ook het antwoord op het verlies van identiteit. Je moet de tijd en de ruimte krijgen om je in AI te verdiepen. Iedereen op de werkvloer moet ermee kunnen experimenteren, geeft hij aan.
‘Tegelijkertijd wil je als bedrijf ook nadenken over je processen, hoe je die inricht en welke rollen je straks nog zal hebben en wat de kern daarvan is. Dat is de top-down visie die je moet ontwikkelen: dit is ons bedrijf 2.0. Maar die discussie wordt nog niet echt op dat niveau gevoerd.’
Lees ook: Door AI begin je steeds meer op je collega te lijken
Kansen en risico’s
Veel bedrijven zitten heel erg op de korte termijn en kostenreductie, merkt Boon in de praktijk. ‘Maar wat daarbij uit het oog wordt verloren, is dat er op lange termijn ook consequenties zijn. Zoals bijvoorbeeld het gebrek aan verbondenheid of betrokkenheid.’
De hoogleraar vindt dat bedrijven hun mensen de kans moeten geven om met hun identiteit aan de slag te gaan. ‘Als je de vrijheid voelt om te kijken waar je toegevoegde waarde nu ligt, zonder dat het meteen hele grote consequenties heeft, maakt dat heel veel verschil. Daar kun je als organisatie ook heel veel aan hebben.’
Wie zich bedreigd of vervangbaar voelt, is namelijk niet geneigd om bezig te zijn met het oplossen van bottlenecks, met innoveren en experimenteren. Ook informatie wordt veel minder uitgewisseld. Zelfs als je een nieuwe prompt hebt gemaakt, die een klus van drie uur terug kan brengen naar twintig minuten zul je die niet delen. Als je denkt dat je baan op het spel staat, neem je geen enkel risico.
Gesprek voeren
Boon raadt aan om openlijk het gesprek hierover aan te gaan met elkaar, met je collega’s binnen je team en met je leidinggevende. Wat is de impact van AI op jouw werk? En wat werkt nou wel, wat werkt er niet?
‘Dat geeft het idee dat je niet alleen het wiel opnieuw hoeft uit te vinden. En dan kun je de stap maken om met elkaar te gaan kijken waar de shift gemaakt moet worden. Bedrijven moeten hun mensen, net zoals bij elke verandering trouwens, ook hierin meenemen.’
Leidinggevenden moeten mensen ook meer wijzen op de waarde die ze hebben. En welke vaardigheden waardevoller worden, voegt Coppens toe. Welke onderdelen van het werk blijven gebonden aan mensen? Welke unieke menselijke kwaliteiten kun je met AI versterken? ‘Werkgevers zetten nu all in op AI, maar ze moeten ook all in gaan op de mens.’
Lees ook: Niet de technologie, maar leiders maken het verschil bij omschakelen naar AI



