Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Niet alleen Ton Testosteron heeft een ego, jij ook (8 zelfs)

Die opschepper van sales, de collega die alles alleen doet, de stille in vergaderingen. Herkenbaar? Hier zijn ego’s aan het werk. Volgens leiderschapsexpert Bas Blekkingh heeft iedereen er niet één, maar acht. Als krachtig hulpmiddel of als valkuil wanneer angst het overneemt.

Mensen hebben acht verschillende ego's
Maar liefst acht ego's helpen je bij het veilig stellen van je positie. Foto: Getty Images

Je sleept je naar de budgetvergadering. De salesdirector, Ton Testosteron noem je hem tegenwoordig, zal daar weer alle aandacht naar zich toe trekken met zijn overdreven succesverhalen. Wat een ego heeft die man toch.

Erger je er niet aan, is het advies van Bas Blekkingh, mede-eigenaar van de organisatie Authentiek Leiderschap en docent aan de universiteit Nyenrode. Vraag je liever af waarom je zo reageert. Die collega triggert vast iets bij je.

Dertig jaar lang heeft Blekkingh zich al verdiept in ego’s en de duizenden leiders die zich daaraan vastklampen. Daar leven zoveel misverstanden over, dat hij er een boek aan heeft gewijd: het recent verschenen Tuurlijk heb je een ego.

Vermijd ego-battles

Met ego-battles kom je namelijk niet ver, er zijn andere manieren om met ego’s om te gaan. Voor je dat kunt, zul je eerst met jezelf aan de slag moeten. Hou daarbij voor ogen dat je ego geen vijand is, maar een krachtig hulpmiddel. En dat je er niet één hebt, maar acht.

Blekkingh beschrijft hoe je je eigen ego’s en dat van anderen kunt herkennen, begrijpen en sturen. Daarvoor geeft hij ook concrete handvatten en oefeningen. Voor MT/Sprout zoomen we in op vier van de acht ego’s uit zijn boek. Van gezond tot doorschieten.

#1 Spotlights please: de trotse

Ton Testosteron van sales maakt veel gebruik van het ego ‘de trotse’. Je streeft naar bewondering, je zoekt de spotlights op. Je wilt gezien worden als de slimme, de sterke, de geslaagde. Als jij iets oppakt, dan komt het goed. Zo verwerf je aanzien bij de anderen.

Vergaderingen zijn jouw podium, jij bent de koning(in). Als je anderen wil inspireren met wat jij gecreëerd hebt, ben je gezond bezig. Als de angst opkomt, dat je niet gezien wordt, dan komt de angstdrijfveer in beeld. Dan begin je te vertellen over wat je gedaan of bereikt hebt.

‘Niet om te inspireren, maar om je plek veilig te stellen’, schrijft Blekkingh. Jouw collega’s moeten weten dat je nog steeds bij de top behoort. Dat je er nog steeds toe doet. Daarin kun je ook doorslaan.

Je begint met opscheppen, je toon wordt belerend, je zelfverzekerdheid wordt een façade. Je verwacht erkenning, maar je veroorzaakt zo alleen maar meer afstand. Je verliest het contact met je collega’s. Zij nodigen je niet meer uit, voor hen doe je er niet meer toe.

Lees ook: Hufters op het werk, zo pak je ze aan

#2 Alles alleen doen: de zelfstandige

Jij hebt geen spotlights nodig om te schitteren, jij hebt niemand nodig. ‘Het ego van de zelfstandige wil zaken zelf oppakken en tot een goed einde brengen.’ Je vraagt geen hulp of advies, je doet alles op eigen kracht. Sterk, onafhankelijk, zonder enige twijfel.

Zelfstandigheid geeft rust, overzicht en structuur. Je wordt als betrouwbaar gezien. Je doet ertoe, want op jou kun je bouwen. Anderen kunnen op jou bouwen. Met jouw daadkracht creëer je beweging.

Als je alles zelf kunt, krijg je veel op je bordje geladen. Daardoor krijg je het te druk. De angst neemt het over, je zal wel even bewijzen dat je het kunt. Hulp vragen, is een zwakte. Als je anderen toelaat, zullen ze zien dat je het niet onder controle hebt. Dan doe je er niet meer toe, verlies je je plek in het team. Je kracht wordt zo een kramp.

Wanneer je doorschiet, trek je nog meer werk naar je toe. Je ontneemt anderen hun verantwoordelijkheid en sluit ze buiten. Je collega’s vinden je een solist. Iemand met wie niet valt samen te werken. Je raakt geïsoleerd, begint fouten te maken. Je verliest het vertrouwen van je team. En dat na al dat harde werken.

#3 Hakken in het zand: de verdediger

Meer werk bij jou droppen, vergeet het. Jij weet precies waar je wel en niet voor verantwoordelijk bent. Nee zeggen, daar heeft het ego van de verdediger geen moeite mee. Zo voorkom je dat er zaken mislopen. Grenzen stellen is ook gezond.

Wat je zo creëert is helderheid over je rol, je prioriteiten. Je bewaakt zo je energie, en je helpt anderen met verantwoordelijkheid nemen. Delegeren kun je namelijk ook goed. ‘Dat geeft rust, structuur en ruimte en een juiste balans in je leven. Dat doet ertoe’, beschrijft Blekkingh.

Zelfs wanneer je eigenlijk wel verantwoordelijk bent, schuif je werk van je af. Je legt wel goed uit waarom. Jij hebt het beleid niet gemaakt. Jij bent niet verantwoordelijk voor het gedoe dat daardoor ontstaat. Je collega’s geloven je nog. Maar eigenlijk is dat je angst om de schuld te krijgen van fouten en verkeerde keuzes. Dat kan je je positie kosten.

En dat gebeurt, wanneer dit ego met je op de loop gaat. Dan kaats je meteen alles terug. Aan jou ligt het nooit, het zijn altijd de anderen. Je collega’s haken af bij zo weinig betrokkenheid, ze irriteren zich aan je geklaag. Ze verwijten je slachtoffergedrag. Je verliest je geloofwaardigheid en je invloed.

Lees ook: Toxisch of rebels? Die ‘betweter’ is misschien wel je beste medewerker

#4 Zwijgen is goud: de rustige

Bescheidenheid siert de mens, en jij bent daar het beste voorbeeld van. Je bent de stille kracht van de afdeling. De rust zelve, je observeert, je wikt en weegt. ‘Jij denkt: pick your battles. En meestal kies je geen battle. Dan kun jij je ook fijn op je eigen werk concentreren, dat ertoe doet.’

Met dit ego van de rustige creëer je ruimte voor de anderen. Laat ze maar hun ding doen, in alle vertrouwen en vrijheid. Rust in teams met veel dominante figuren is waardevol. Daardoor doe je ertoe. Maar wanneer de angst het overneemt als drijfveer, wordt die rust gebruikt om niet door de mand te vallen.

Je geeft geen mening, je gaat geen confrontaties aan, je beschermt de sfeer en wil niet uit de groep vallen. Wat als je afgezeken wordt, omdat wat je zegt verkeerd valt. Zwijgen dan maar. Je angst om af te gaan is groter dan een bijdrage leveren.

Ondertussen zie je wel de impact die anderen maken. Dat wringt, ook omdat je steeds minder wordt betrokken. Jouw zwijgen belemmert de kwaliteit van je werk. Je hoort niet weg te kijken, maar aan te kaarten. Wat doe je anders in dat team? Je collega’s vinden je een wegduiker. Nu faal je alsnog, omdat je niet voldoende bijdraagt.

Ego’s voor een andere strategie

Deze vier ego’s draaien om je positie: zelfbehoud, zelfbescherming of zelfverheerlijking. Je ego wil jou op een veilige plek houden. De volgende vier ego’s die Blekkingh beschrijft, richten zich op de ander. De strategie is hier: via het positioneren van een ander zorg je voor een betere positie voor jezelf. Door jouw gedrag gaat de ander namelijk iets van jou vinden.

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dit zijn tot slot de vier ego’s die via anderen invloed willen uitoefenen:

  • De aardige zoekt verbinding door de ander op een voetstuk te zetten. Daardoor groei jij ook mee.
  • De relativerende maakt andermans succes kleiner. Het is teamwork. Zo maak en voel je jezelf groter.
  • De adviseur geeft gevraagd en ongevraagd advies. Hulp levert dankbaarheid op. Je bent nodig.
  • De krachtige heeft de regie en hakt knopen door. Met dat respect kom je boven de anderen te staan.

Lees ook: Nederland is een collectieve talkshow geworden waarin niemand luistert