Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Hoe je op goede ideeën komt

Een goed idee komt nooit in je hoofd op als het bekende lampje dat ineens aangaat. Ideeën verzinnen is gewoon hard en gestructureerd werken, aldus ‘idea hunter’ Bill Fischer, die daarvoor de vergelijking trekt met vissers.

Getty
Je leest nu: Hoe je op goede ideeën komt

‘Van vissers heb ik een paar dingen geleerd’, zegt Bill Fisher, professor aan de Zwitserse businessschool IMD. ‘In de eerste plaats is dat: kijk dichtbij in plaats van ver weg. Gooi je je hengel te ver uit, dan mis je de vissen die dicht bij je boot zwemmen. Zo is het ook met ideeën. Door te denken aan iets wat heel ver weg ligt van je dagelijkse bezigheden, veronachtzaam je de meer voor de hand liggende ideeën, die echter minstens zo goed kunnen zijn.’

Catch and release

De tweede les die Fischer van vissers leerde was: ‘Catch and release. Als je een idee gevangen hebt, gooi het dan weer uit, maak het los. Een idee op de plank voegt geen waarde toe. Zorg dat het idee verder kan groeien, zorg dat ook iemand anders het idee kan oppikken en het verder kan brengen.’ Volgens Fischer, auteur van het boek The Idea Hunter, is ideeën verzinnen de belangrijkste taak van managers. ‘Jullie maken niets, dus moet jullie toegevoegde waarde zitten in wat je brein voortbrengt.’ En dat is te leren, zegt hij. ‘Uit ons onderzoek blijkt dat ideeën verzinnen een vaardigheid is, die iedereen kan oppikken. Het gaat meer om habits dan om intellect.’

IDEA

Fischer heeft zijn methodologie uitgewerkt in vier stappen, makkelijk te onthouden met het acroniem IDEA.

1. Interested
‘Ga uit van je interesses en talenten. Waar wil je om bekend staan? Begin niet in het wilde weg, ga ook niet zitten wachten tot ideeën jouw kant op komen. Dat gebeurt namelijk niet. Wees liever nieuwsgierig. Ideeën zijn als radio: de golven zijn overal, maar als je er niet op afstemt, hoor je ze niet. Als je eenmaal zoekt naar ideeën, zijn ze overal. En, heel belangrijk: denk altijd dat het volgende idee het interessantste is. Laat zien dat je continu ideeën wilt ontvangen, stel je ontvankelijk op. Dat is gedrag. Staat je deur werkelijk altijd open, zoals je zelf zegt?’

2. Diversified
‘Wie zit er in je netwerk? Heb je contact met alle generaties, met alle geslachten, mensen van alle continenten? Als je bij een bank werkt, doe je waarschijnlijk hetzelfde werk als iemand bij een andere bank. Ideeën komen dan niet van je collega’s, die ook hetzelfde doen, maar van buiten.’ Fischer haalt de geschiedenis aan van Scott en Amundsen, die beiden koers zetten naar de Zuidpool, zo’n 100 jaar geleden. Hoewel Scott veel meer geld had dan Amundsen, en de pool te lijf ging met paarden en motoren, waar Amundsen het met enkel honden moest doen, keerde Amundsen terug, en Scott niet. Hoe dat kwam? Fischer: ‘Omdat Scott veel meer openstond voor ideeën van anderen en zich veel beter aanpaste aan de omstandigheden.’

3. Exercises
‘Managers zijn idee-atleten,’ zegt Fischer, ‘en goede atleten doen dingen om elke keer weer beter te worden. Ze maken aantekeningen, lezen ze nog eens door aan het eind van de dag, proberen er hun eigen verhaal van te maken.’
Nog een goede oefening, zegt de IMD-hoogleraar, heet ‘suspending disbelief’. ‘Zet de knop eens om: wat als hij of zij wél gelijk heeft? Probeer je eigen blokkades aan de kant te schuiven, probeer bij jezelf te rade te gaan of je dingen bekijkt door een gekleurde bril.’

4. Agile
Wees lenig in je brein, is de laatste aanbeveling van Fischer. Probeer bijvoorbeeld altijd metaforen te zoeken, dat helpt ideeën verbeelden en nieuwe ideeën te verzamelen. ‘Denk aan Jack Hughes. Hij was een schrijver van software en een groot honkbalfan. Op een gegeven moment dacht hij: waarom is er eigenlijk niet net zo’n database van softwareschrijvers als van honkballers? Hij richtte toen topcoder.com op, een snelgroeiend techbedrijf in de Verenigde Staten, waar softwareschrijvers hun talenten kunnen laten meten.’

De les, aldus Fischer: ‘De wereld is níet plat. Je moet de plek opzoeken waar het gebeurt in jouw branche, en anders moet je die plek creëren. Edison zei al: om één goed idee te krijgen, moet je eerst heel veel ideeën krijgen. Zo is het maar net. En dat krijgen van heel veel ideeën, dat kun je zelf faciliteren.’

Dit artikel is een herplaatsing van het artikel dat eerder bij MT verscheen.