Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Collectief leiderschap: wat je als leider kunt leren van je lichaam

Het in Den Bosch gevestigde PresenceAtWork maakt een analyse van waar je natuurlijke talenten en voorkeuren liggen. Niet met vragenlijsten, maar door met het lichaam te werken. Fysieke krachtpunten zeggen volgens de analyse veel over je sterke karaktereigenschappen, en hoe je die kunt inzetten voor effectieve(re) samenwerking binnen je team.

Header LBSI MT PresenceAtWork
Je leest nu: Collectief leiderschap: wat je als leider kunt leren van je lichaam

Als Roelien Bokxem het idee van collectief leiderschap uit wil leggen, gebruikt ze graag het beeld van ganzen in V-formatie. ‘Ganzen hebben geen vaste plek in de formatie’, zegt Bokxem. ‘Ze wisselen elkaar voortdurend af, houden elkaar uit de wind en gakken vanuit de achterhoede om de rest aan te moedigen en de troep bij elkaar te houden.’

Het is de kerngedachte van PresenceAtWork, het trainingsbureau dat Bokxem mede oprichtte: ‘Wat als teams en organisaties zich kunnen organiseren en samenwerken als een troep ganzen?’ Het bureau brengt met de door hen ontwikkelde assessment ‘Leader Being Strength Indicator’ in kaart waar de grootste kracht van individuen ligt, en helpt hen om die in teams in te zetten. LBSI is gebaseerd op fysiotherapie, krijgssporten zoals aikido en verschillende empirische onderzoeken.

Waar de meeste persoonlijkheidstesten werken met vragenlijsten en andere cognitieve tests, maakt LBSI gebruik van het lichaam. Het onderscheidt negen punten in het lichaam: drie in het hoofd, drie in de hartstreek en drie in de romp. Die genummerde punten staan symbool voor eigenschappen, voorkeuren en uitdagingen. De vier punten waarin jij het krachtigst bent tijdens het assessment vormen een profiel van je persoonlijkheid.

Negen krachtpunten LBSI MT

 

Bokxem’s eigen profiel is 6378: ze is energiek, weet goed richting te geven en te inspireren, maar is ook gevoelig voor prikkels.

LBSI analyse

Dat klinkt wellicht een beetje zweverig, en je zult niet de enige zijn die sceptisch aan de analyse begint. Toch is het assessment praktisch: je gaat rechtop staan met een been een stapje naar voren en het andere naar achter. Je zorgt dat je stevig staat, zonder dat je knieën op slot zijn. De trainer vraagt om in een specifieke houding je aandacht op één van de negen punten in je lichaam te richten en tegelijkertijd je blik op een bepaalde manier te focussen. Bijvoorbeeld met een gestrekte rug en armen, volledig bewust van het punt in je onderrug (punt 8 – de doener), en tegelijkertijd met een alerte blik gericht in de ruimte achter de trainer (zie foto).

LBSI Assessment MTVervolgens zet de trainer zijn handen op de jouwe en begint druk te zetten, steeds meer, tot je meegeeft of de trainer niet meer kracht kan zetten. Het idee is dat je snel meegeeft als je je aandacht focust op een plek waar je kracht niet ligt, en stevig blijft staan als de eigenschap die hoort bij dat punt je forte is. Concreet: als je sterk bent in het creëren van teamgevoel en sfeer, zul je stevig blijven staan als gefocust wordt op krachtpunt 9 (de integrator), je bovenrug. Ben je niet zo sterk in het bewaren van overzicht, dan zul je snel meegeven wanneer het gaat om punt 5 (de denker), de bovenkant van je hoofd.

Het klinkt misschien nog steeds vrij spiritueel, maar het geeft interessante inzichten. ‘Mensen ervaren het assessment vaak in teamverband, en zien dus elkaars sterke en minder sterke eigenschappen’, zegt Bokxem. ‘Begrip ervan helpt heel erg. Het geeft inzicht in waar je kracht ligt en je valkuilen. Voor iemand die sterk is op punt 8 (de doener) is het bijvoorbeeld een valkuil om te resultaatgericht te zijn, en dominant te worden. Teamgenoten kunnen op hun beurt juist zien waar bepaald gedrag vandaan komt.’

Team constellation LBSI MT

Op deze manier kun je ook de samenstelling van een team aanpassen op een project, om iedereen zijn sterke eigenschappen te laten gebruiken en zo collectief leiderschap echt te laten werken. Werk je aan strategische doelen, dan is het goed om een denker (5), een vernieuwer (7) en een perfectionist (1) in de voorhoede te hebben. Voor verandering of consolidatie werkt het weer goed om andere krachten de leiding te geven (zie afbeelding). Net als ganzen wisselen ze elkaar voortdurend af.

Database

PresenceAtWork heeft in de loop der jaren een grote database opgebouwd met cijfers en profielen van een grote variëteit aan deelnemers, die wordt gebruikt voor verder empirisch onderzoek om de methode te blijven ontwikkelen. In die database is te zien dat mensen in marketing vaak een combinatie hebben van 1-2-7, omdat deze combinatie snel kan schakelen tussen veel verschillende taken, makkelijk contact maakt met mensen en veel ideeën heeft. Mensen die werken in de IT hebben vaak een combinatie van 1-4, omdat dit oog voor detail en hoge standaard combineert met een systematische aanpak en validatie vanuit je (onderbuik)gevoel. Geen must, maar wel opvallend.

‘LBSI is ook een interessante manier van recruiten’, zegt Bokxem. ‘Voor een CFO is het bijvoorbeeld waardevol om een goed ontwikkelde 9 (de integrator) te hebben, omdat hij de tweede man is, dienend, en het grote (financiële) plaatje moet zien en bewaken. Omdat LBSI zonder filter test op eigenschappen kan het ook talent in kaart brengen dat in meer cognitieve assessments wellicht niet naar voren komt.’ Als je je als team en organisatie wilt kunnen organiseren en samenwerken als een troep ganzen, moet je immers wel weten waar je krachten liggen.