Quizvraag: wat hebben Linda Yaccarino, Sue Gove en Stephanie Pope met elkaar gemeen? Alle drie werden ze als ceo aangesteld op het moment dat hun organisatie in zwaar weer zat.
Yaccarino kreeg in juni 2023 de leiding over X, dat toen nog Twitter heette. Dat was kort na de overname door Elon Musk in april 2022. Musk haalde direct de bezem door het bedrijf, een week later was de helft van het personeel al ontslagen. In de nasleep van al die onrust moest Yaccarino de nieuwe naam en koers neerzetten, en ondertussen de exodus van adverteerders stoppen – dezelfde adverteerders aan wie haar nieuwe baas doodleuk vertelde: ‘Go fuck yourself.’
Lees terug: Waarom de nieuwe ceo van Twitter het beter zal doen dan Elon Musk
Sue Gove had waarschijnlijk ook geen leuke tijd bij Bed Bath & Beyond. De winkelketen stevende bij haar komst in juni 2022 – het eerste halfjaar was ze interimmer – af op een faillissement. Ze begon direct met reorganiseren en sloot 150 winkels, maar het mocht niet baten. Nog geen jaar later ging het bedrijf op de fles.
Gove zat ongeveer een jaar op haar post en Yaccarino twee jaar. Stephanie Pope houdt het intussen alweer bijna tweeënhalf jaar vol als ceo van Boeing. Terwijl zij ook niet bepaald op een lekker moment instapte, namelijk twee maanden nadat een deurpaneel van een Boeing-toestel op bijna 5 kilometer hoogte losschoot.
Een ‘classic corporate move’, schreef Business Insider destijds. ‘Boeing stelt een vrouw aan om de rotzooi op te ruimen.’
Van grote hoogte vallen
Het past in een patroon dat de ‘glazen klif’ wordt genoemd. De term doet denken aan het glazen plafond. Dat is geen toeval; beide fenomenen hangen met elkaar samen.
Het glazen plafond gaat over de onzichtbare barrières die mensen uit ondervertegenwoordigde groepen – vrouwen, maar ook mensen van kleur – tegenkomen op weg naar de top. De glazen klif beschrijft wat er gebeurt als ze dat plafond doorbreken: wanneer ze de top bereiken, lopen ze ook een groter risico om van grote hoogte te vallen.
De term werd in 2005 gemunt door de Britse onderzoekers Michelle K. Ryan en S. Alexander Haslam, nadat ze hadden ontdekt dat bedrijven die slecht presteerden op de beurs vaker vrouwelijke bestuurders en commissarissen benoemden. Dat was The Times ook opgevallen, waarop de krant in een vilein stuk suggereerde dat vrouwelijke leiders voor deze bedrijven eerder een ‘hindernis dan hulp’ waren.
Verkeerde conclusie, wierpen Ryan en Haslam tegen. De beurskoers was onder hun mannelijke voorgangers al aan het zakken. Als je al iets uit de cijfers kon afleiden, dan was het dat vrouwen juist vaker werden gepromoveerd wanneer de resultaten onder druk stonden.
Breken met het verleden
Vrouwen worden vaker geselecteerd voor leiderschapsposities in tijden van crisis, concludeerden ook onderzoekers van de University of Exeter en de Rijksuniversiteit Groningen in 2020. In hun studie moesten proefpersonen in verschillende scenario’s kiezen tussen een mannelijke en vrouwelijke leider. Wat bleek: in een crisissituatie was de kans dat zij voor een vrouw kozen ongeveer 45 procent groter dan in een stabiele situatie.
Hoe komt dat? Om te beginnen toetsten de wetenschappers of er in crisistijd meer behoefte is aan feminien leiderschap. Daar horen eigenschappen bij die, hoewel stereotyperend, vaak met vrouwelijke leiders worden geassocieerd: tactvol, zorgzaam, gericht op samenwerking en verbinding.
Lees ook: Zijn we kritischer op vrouwelijke leiders? Nee hoor, vinden veel mannen
Voor die hypothese werd weinig bewijs gevonden. Aannemelijker is dat organisaties in crisis hun aandeelhouders en de buitenwereld willen laten zien dat ze breken met het verleden en het nu echt anders gaan doen – kijk maar, we hebben een vrouw als ceo.
Dat is eerder een onbewust patroon dan een bewuste keuze. Bestuurders en toezichthouders zoeken de ‘beste leider’ voor dat moment. Dat is vaak iemand die (visueel) afwijkt van de voorganger – meestal een witte man – die de organisatie in de problemen heeft gebracht.
Op zoek naar ‘redders’
Een negatievere verklaring is dat mannen deze banen simpelweg niet willen, omdat ze te risicovol zijn en het afbreukrisico te groot is. Daardoor ontstaat er meer ruimte voor vrouwen om door te stromen. Als het vervolgens misgaat – en die kans is in zulke precaire situaties reëel – zien de onderzoekers dat het falen vaak wordt toegeschreven aan de vrouwelijke leider, en niet aan de crisis zelf.
Daarop treedt een volgend mechanisme in werking: het Savior-Effect, waarbij wordt teruggegrepen op een ‘traditionele’ leider (lees: man en wit), de redder.
Al is de glazen klif geen universele wetmatigheid. Het effect is sterk afhankelijk van de context en het sterkst in landen met een grotere genderongelijkheid. Zo kwamen de VS en het VK in het onderzoek slechter uit de bus dan Duitsland en Zwitserland. Nederlandse deelnemers hadden in crisissituaties juist een lichte voorkeur voor mannelijke leiders.
In ons land drukt het glazen plafond een groter stempel dan de glazen klif. Bij de raden van commissarissen van beursgenoteerde ondernemingen was in 2025 44 procent vrouw, blijkt uit de meest recente Female Board Index, mede dankzij het vrouwenquotum. Daarentegen blijft het percentage vrouwelijke bestuurders, hoewel iets gestegen ten opzichte van een jaar eerder, nog altijd steken op 17 procent.
Lees ook: Nee Pierre, cultuur is geen excuus om Sarina Wiegman als bondscoach te passeren



