Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Antoine Ligtvoet (Colt Group)

Hij is de tweede ceo van buiten de familie en ook de tweede Nederlandse topman: Antoine Ligtvoet van het Britse Colt Group. 'We bevallen kennelijk goed'.

 

WERELDMANAGER

Nederlanders. Je komt ze overal in de wereld tegen. Ook in het mondiale bedrijfsleven. Elke donderdag portretteren we zo’n Hollandse manager in het buitenland.

Deze editie:
Antoine Ligtvoet
> ceo van het Britse Colt GroupRuim zeventien jaar geleden begonnen als junior verkoper, vandaag de dag kapitein van het schip. En in de jaren daartussen heeft Antoine Ligtvoet (45) wel zo’n beetje alle afdelingen van het Engelse familiebedrijf Colt Group (in Nederland beter bekend als Colt International) gezien. Hij deed operations management, werkte als marketeer, zat op de ontwikkelingsafdeling, gaf leiding aan de productielijn en stuurde als interim-manager een aantal reorganisaties aan. Acht jaar geleden trad de Nederlander toe tot the board of directors. Sinds juli 2008 is hij de aanvoerder van die club.

Tweede Nederlandse ceo

“Ik ben pas de tweede ceo van buiten de familie”, zegt Ligtvoet. “Mijn voorganger kwam overigens ook uit Nederland. Dat bevalt ze blijkbaar goed. Het klinkt een beetje cliché, maar Nederlanders zijn direct, spreken goed hun talen en kunnen makkelijk omgaan met verschillende culturen.”

En als algemeen directeur van Colt Group is vooral dat laatste aspect geen overbodige luxe. Het bedrijf is in maar liefst 44 landen actief. Daar biedt het een brede lijn producten aan voor de klimaatbeheersing op de werkplek. Van airco tot zonwering, brandbeveiliging en ventilatieoplossingen. De omzet in 2009 bedroeg bijna 170 miljoen Britse pond (205 miljoen euro). Daarvan bleef 7,6 miljoen (9,2 miljoen) over als winst.

3 vragen aan de wereldmanager:

1. Volgende baan
Mijn ambitie is om nog eens aan de slag te gaan voor een nog groter en waarschijnlijk dus beursgenoteerd bedrijf.

2. Voor het laatst iemand ontslagen
Dat was in november vorig jaar. Moeite? Nee. Het betrof een fraudegeval. Daar moet je keihard tegen optreden.

3. Ergernis op het werk
De traagheid die je soms in processen ziet, al weet ik dat dit bij de groei van een bedrijf hoort. Mensen die mij kennen krijgen bij het lezen van dit antwoord waarschijnlijk meteen een glimlach op hun gezicht.
Het hoofdkantoor van Colt Group staat in de Zuid-Engelse stad Havant. Ligtvoet woont echter nog gewoon in Nederland. Drie dagen werkt hij hier, één dag in de week zit hij in Duitsland en dan is er nog het wekelijkse tripje naar Havant. Verder reist de Nederlander zo’n twee keer per jaar naar de vestigingen in Azië, eenmaal naar Zuid-Amerika en bezoekt hij diverse malen het Midden-Oosten.

Onregelmatige werkweek

Een onregelmatig leven dus. Maar daar wen je aan, zegt Ligtvoet. “Het is een enorme verrijking dat je op zoveel verschillende niveaus van zoveel verschillende culturen mag proeven. Natuurlijk, het reizen heeft ook een schaduwzijde. Je bent vaak weg van huis. Het is belangrijk dat je ondanks het onregelmatige karakter van je werk toch de juiste balans weet te vinden met de situatie thuis. Dat gaat goed. Ons gezin is ook al wel aan dit ritme gewend. Mijn eerdere functies bij Colt hadden namelijk ook een internationaal karakter.”

Duitse hiërarchie

Wanneer Ligtvoet over de grenzen aan het managen is, gebeurt dat met name in Duitsland en Groot-Brittannië. Over de verschillen in aanpak hoeft hij niet lang na te denken. “Als Nederlander in Duitsland moet je altijd in de gaten houden dat hiërarchie daar nog een veel belangrijkere rol speelt. Bij ons klopt iemand gewoon op je deur en komt hij binnenlopen. ‘Heb je even?’ Dat zou een Duitser nooit doen. Die loopt eerst keurig netjes naar de secretaresse en maakt dan een afspraak.

Bij Engelsen blijft altijd de vraag: wat wordt er gezegd en wat wordt er bedoeld? Daar ga je als Nederlander in het begin nog wel eens de mist mee in. Ik heb dat lange tijd als excuus kunnen gebruiken, maar dat werkt niet voor eeuwig natuurlijk. Je leert die momenten overigens vanzelf wel herkennen.”

Invloed van crisis

De crisis? Die lijken ze in Duitsland al lang weer vergeten. Natuurlijk kreeg Colt Group wat klapjes te verwerken in 2009. Het bedrijf dat sterk leunt op activiteiten in de bouw zag zich door de economische malaise genoodzaakt om het personeelsbestand terug te schroeven van 1000 naar 850 man. In Duitsland bleef de orderportefeuille echter vrijwel constant op niveau.

In Duitsland gaat het al weer een tijdje crescendo. De huidige jubelstemming bij onze oosterburen is ook Ligtvoet niet ontgaan. “Wanneer ik in Duitsland ben, dan proef ik een zekere trots bij de mensen. Trots dat de economie het zo goed doet, in tegenstelling tot veel andere Europese landen. Het leidt er wel toe dat we steeds meer moeite krijgen om goede mensen te vinden. De vraag naar vakkrachten is al zo groot dat we onze wervingsactiviteiten hebben uitgebreid naar de Nederlandse markt. Daarnaast zetten we de komende jaren nóg meer in op het opleiden van eigen mensen. Zo hebben we in Kleve zelfs een eigen opleidingscentrum.” 

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Aansluiting onderwijs bedrijfsleven

De niveauverschillen tussen jonge medewerkers uit Nederland en Duitsland zijn volgens Ligtvoet overigens niet bijster groot. “Wel kun je zeggen dat de aansluiting tussen onderwijs en bedrijfsleven daar iets beter is geregeld. In Duitsland duren de stageperiodes namelijk veel langer.”

Over de toekomst van Colt Group maakt Ligtvoet zich ook geen zorgen. Ondanks het terugschroeven van het personeelsbestand was 2009 qua omzet het beste jaar ooit. Inmiddels is de aantrekkende wereldeconomie alweer duidelijk te merken in het orderboekje van het bedrijf. Twee maanden geleden sleepte het zelfs de grootste opdracht in de 80-jarige bedrijfsgeschiedenis in de wacht: het nieuwe dak van het Centraal Station van Den Haag. 

> Bekijk alle Wereldmanagers

Week van het Praatje: ook lastige onderwerpen worden steeds minder op de werkvloer besproken

Praten over koetjes en kalfjes wordt steeds meer een uitdaging. Het is nog veel lastiger om op de werkvloer over geld, fouten, macht of risico's te praten. Harvard-docent Christina Wing legt uit hoe managers de angst kunnen verkleinen, fouten bespreekbaar kunnen maken en moeilijke gesprekken goed kunnen voorbereiden en afsluiten.

moeilijke-gesprekken
Foto: Getty Images

Tot en met 16 oktober loopt de Week van het Praatje in Nederland. Daarbij ligt de focus op de kleine praatjes over het weer of over de hond. Dat spontane geklets met onbekenden blijkt al een uitdaging te worden. Scrollen op je smartphone is veel gemakkelijker, en zo weet big tech onze aandacht voortdurend te kapen.

Als we al niet meer kunnen praten over koetjes en kalfjes, hoe staat het dan met het bespreken van de veel gevoeligere onderwerpen op de werkvloer? Bijvoorbeeld geld, macht, risico’s, fouten en falen, of ontslag. De gesprekken die ongemakkelijk voelen, voorbarig, onbeleefd of opdringerig.

Ook die gesprekken worden volgens Christina Wing steeds minder gevoerd. Dat merkt ze bij haar studenten en in de boardrooms van bedrijven die ze begeleidt. Wing is universitair hoofddocent aan Harvard Business School en adviseert via haar eigen bedrijf Wingspan Legacy Partners founders en familiebedrijven. Bovendien is ze een gewild spreker over leiderschap en het aangaan van moeilijke gesprekken.

Onder de oppervlakte

Over dat laatste heeft ze net een praktisch boek geschreven: Unspeakable. Dat komt binnenkort uit. Het aantal onderwerpen dat taboe is, neemt alleen maar toe, signaleert Wing. Zo wordt het steeds stiller op de werkvloer: zwijgen is steeds vaker de veilige optie.

Alleen lost het vermijden van moeilijke gesprekken niks op. Wat onder de oppervlakte blijft, ettert namelijk door. Het beïnvloedt beslissingen en resultaten, ondermijnt vertrouwen en maakt relaties en zelfs bedrijven kapot.

Voor MT/Sprout kijken we wat managers hieraan kunnen doen. Bij het bespreken van lastige onderwerpen spelen zij namelijk een cruciale rol, vindt Wing: bij het managen van angst, het bespreken van fouten en het voorbereiden en het afsluiten van moeilijke gesprekken.

# Bij het managen van angst

Voor Wing is angst de meest onderschatte drijvende kracht achter het gedrag op de werkvloer. De angst om bestraft te worden, om minder capabel over te komen, kleur te moeten bekennen of in conflict te raken.

De signalen voor angst zijn duidelijk: mensen geven geen feedback meer, maar gaan akkoord. Ze zeggen niets over mogelijke risico’s, problemen en fouten worden weggemoffeld, informatie wordt zorgvuldig gefilterd en wat er wordt gezegd, wordt vaag gehouden. Al die zelfbescherming gaat ten koste van inzichten, innovatie, leren, verbeteren en groeien.

‘We omschrijven stilzwijgen vaak als voorzichtigheid, het uit de weg gaan van conflicten als geduld en meegaandheid als professionaliteit. Maar achter deze labels schuilt vaak angst als de werkelijke drijfveer.’

Leiderschap is dan ook niet langer management by fear, het is ‘het managen van angst’, vindt Wing. ‘Leiderschap gaat over manieren vinden om mensen zich meer op hun gemak te laten voelen in omgevingen met conflicten en onzekerheid.’

Lees ook: Fobo op de werkvloer neemt toe, en onder die angst lijdt het hele bedrijf

Stel deze vraag

Hoe help je je mensen om zich uit te spreken over lastige onderwerpen? Wat je kunt doen als leider, is na elke vergadering de vraag stellen: waar hebben we het vandaag niet over gehad, maar zouden we het eigenlijk wel over moeten hebben?

Als iemand daarop reageert, dan luister je. Je vat kort samen wat er is gezegd. Je bedankt hem of haar ten overstaan van de groep. Je reageert ook op de suggestie, bijvoorbeeld met een kleine aanpassing van een proces dat iedereen vervelend vindt.

Blijf die vraag herhalen, voorkom dat je een defensieve houding aanneemt, label die persoon niet als ‘moeilijk’ en laat je niet verleiden tot subtiele represailles, zoals iemand niet meer uitnodigen voor een vergadering.

Het kost tijd om dat vertrouwen op te bouwen, weet Wing. Maar wanneer je de persoonlijke risico’s van het uitspreken van eigen meningen vermindert, ontsluit je de collectieve intelligentie, moed en energie die je organisatie nodig heeft om te groeien.

# Bij het bespreken van fouten

Wing vraagt elke maandag aan haar medewerkers wat ze de afgelopen week fout hebben gedaan en wat ze ervan geleerd hebben. En of er iets veranderd moet worden in de processen of organisatie om te voorkomen dat het opnieuw gebeurt. Zelf probeert ze ervoor te zorgen dat ze meer fouten toegeeft dan de anderen.

Fouten veeg je het liefst onder het tapijt, en dat is menselijk. Iedereen maakt fouten, dat is het probleem niet. Het gaat erom wat je daarna doet. De grootste fout die je kunt maken, geeft Wing aan, is uitstellen.

Je geeft je fouten niet toe uit schaamte, uit angst voor barstjes in je ego. Je denkt misschien dat je niet betrapt zult worden, of dat je door je fout toe te geven je positie verzwakt. Dat is niet zo, geeft ze aan, maar je hebt wel wat moed nodig voor toegeven en excuses maken.

Het is het waard, want daarvoor word je ook beloond. ‘Met authentieke momenten die vertrouwen opbouwen en de band tussen mensen versterken.’

Zo zeg je echt sorry

Hoe langer je wacht met je verontschuldiging, hoe minder waarde je woorden zullen hebben. Doe je het snel en uit eigen beweging, dan wordt dat als veel oprechter beschouwd. ‘Dat is het moment waarop mensen geloven dat het je iets kan schelen.’ Blijf je het maar uitstellen, dan ondermijn je het vertrouwen en wordt het alleen maar moeilijker om dat weer op te bouwen.

Sorry zeggen is niet genoeg. Een oprecht excuus bestaat uit drie onderdelen: benoemen wat je verkeerd hebt gedaan, erkennen dat je de ander schade hebt toegebracht en uitleggen hoe je de fout rechtzet en herhaling voorkomt. ‘Als je een van deze onderdelen overslaat, ben je je niet aan het verontschuldigen, dan ben je behendig aan het schipperen.’

Lees ook: Leiders falen niet door weerstand, maar door bevestiging

# Bij de voorbereiding

Je kunt niet alles in de groep gooien. Je zult individueel ook lastige gesprekken moeten voeren. Je kunt niet iedereen promotie geven, je zult mensen moeten ontslaan, je krijgt te maken met conflicten, verslavingen, discriminatie, grensoverschrijdend gedrag, noem maar op.

Vergis je niet: een gesprek met iemand voeren over een gevoelig onderwerp is een vaardigheid op zich. Je kunt dat wel degelijk leren.

Eén van de eerste stappen die Wing aanraadt, is een goede voorbereiding. Je moet weten wat voor gesprek je wilt voeren. Wil je in dialoog gaan, of wordt het een monoloog waarin een al genomen beslissing wordt meegedeeld. Zoek je overeenstemming, een compromis of een gezamenlijke oplossing?

Oefen scenario’s

Als je weet wat het doel is, overval mensen dan niet met zo’n gesprek. Begin er niet over bij de koffieautomaat of op de gang. Maak een afspraak, laat de ander weten waar het over zal gaan, zonder al te veel in details te gaan. Dat vastleggen heeft nog een ander voordeel: je wordt gedwongen om dit gesprek door te zetten.

Oefen het gesprek van tevoren met een rollenspel. Je loopt er vast al een tijdje mee rond, geeft Wing aan. Je hebt ongetwijfeld het script in je hoofd en allerlei aannames gemaakt over hoe de ander zal reageren. Als het gesprek toch heel anders verloopt, sta je zo met je mond vol tanden.

Dankzij dat oefenen krijg je meer reacties en scenario’s aangereikt. Bovendien kom je erachter hoe en wanneer je eigen emoties naar boven komen. Ook daar kun je je dan op voorbereiden. Zo maak je het uiteindelijke gesprek gemakkelijker voor jezelf.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

# Bij het afsluiten

Lastige onderwerpen verdwijnen meestal niet na één gesprek. Als leider zorg je ook voor een vervolg. ‘Het zal je verbazen hoe vaak de meningen over wat er besproken is achteraf verschillen’, schrijft Wing. Daarom raadt ze aan om toch het een en ander op papier te zetten: een korte samenvatting en de volgende stappen.

Het onderwerp waarover jullie praten is per definitie voor een van jullie of voor jullie beiden ongemakkelijk. ‘Zelfs als het openlijk bespreken de situatie heeft verbeterd, is het menselijk om te willen dat de bron van dat ongemak op magische wijze verdwijnt.’ Geen vervolgafspraken maken, is ook een manier om dat te doen.

Lukt dat allemaal niet omdat de emoties te hoog op zijn gelopen, probeer dan in ieder geval samen een nieuwe datum te prikken. Zijn de gesprekken afgerond, bekijk dan toch na een maand hoe het gaat. Welke afspraken lopen goed, wat is er nog niet opgelost?

Genoeg over de theorie nu. Knoop dat gesprek aan, want ‘als je niets zegt, verandert er niets’.

Lees ook: AI verandert meer dan de manier van werken: ook de relaties met collega’s gaan eraan