Tussen de 35 en 40 zijn ze inmiddels, een bepalende levensfase. In plaats van karten of paintballen brengt de jaarclub daarom dit jaar een bezinningsweekend door in een klooster. “Hebben we genoeg losgelaten?”
Als je vanaf de dijk in Huissen naar beneden kijkt, heeft het Dominicanenklooster wel iets van een kazerne. Achter een grachtje en veel groen rijst een sober gebouw van vier verdiepingen op, met donkere dakpannen en ramen in rechte rijen. “Welkom in het Dominicaans Activiteiten Centrum,” zegt een oudere kloosterling. Hij draagt een hoornen bril en heeft zijn haar glad achterover gekamd.
Marjan van Lier, autodidactisch zingeefster klimt op elegante pumps vier kloostertrappen op naar een wat benauwd zoldervertrek. Vanuit de deuropening ziet ze tien mannen en een vrouw zitten aan wat volgens het programma een eenvoudige broodmaaltijd is. “Ze hebben elkaar een tijd niet gezien,” zegt Marjan zacht. “Ik wil stapje voor stapje met ze naar binnen, de diepte in.”
Een oude jaarclub, is haar verteld. Opgericht op de hts bedrijfskunde in Leeuwarden. Inmiddels wonen de studievrienden verspreid en leiden ze levens met wisselend succes. De meesten zijn ergens manager geworden. Elk jaar doen ze een weekend iets leuks; meestal zeilen, karten of paintballen. Maar nu zijn ze tussen de 35 en 40. Een belangrijke, bepalende levensfase. Keuzen hebben iets definitiefs gekregen. De behoefte aan bezinning komt op.
Bezinnen hoeft niet duur te zijn. Wie bij aanvang om twee uur ongelukkig is, is dat na afloop om half negen misschien nog wel een beetje. Sommigen zullen nog een beetje sceptisch zijn. Maar Marjan weet dat ze hoe dan ook om gaan.Want managers praten heel graag over hun gevoelens, in weerwil van hun imago. Binnen de kortste keren doen ze de meest persoonlijke ontboezemingen aan een wildvreemde, zeker als die zo charmant kan glimlachen als Marjan.
Beerenburg
Het is twee uur. De tafels gaan eruit, de stoelen worden in een kring langs de wanden van de workshopruimte gezet. Er gaat een fles Beerenburg rond met de jaarclubnaam 'Divergentia' op het etiket. Harm Jensma zegt dat hij eerder zoiets heeft meegemaakt, met zingeving en innerlijke krachten. Hij wijst op een plek op zijn onderarm. “Als je je hierop heel erg concentreert, kan er iemand aan hangen.”
Misschien is het goed als we eerst even vertellen wie we zijn, zegt Marjan. Misschien kunnen we er dan meteen bij vertellen wat we onder zingeving verstaan. Dat gaat Marc Wit te snel. Hij wil eerst van Marjan horen wat zij met zingeving bedoelt. De coach glimlacht: “Dat wil ik graag van jou horen.”
Goed. Marc Wit dus, 37 jaar oud, werkzaam als accountmanager, gelukkig getrouwd, sinds een jaar vader. Sinds de geboorte van zijn kind is zijn bewustzijn gegroeid, zegt hij. Van wat, is zo een, twee, drie moeilijk te zeggen. Ja, misschien iets met nú leven en gelukkig zijn met vrouw en kind. “Zullen we bij jou dan 'hier en nu' opschrijven?,”stelt Marjan voor. Marc vindt het goed.
Bij elk levensverhaal past een woord, of je nu directeur bij een groot bedrijf bent of in de wao zit. 'Balans' staat op de lijst, net als 'genieten', 'passie' en 'jezelf zijn'. Een van de mannen is net van zijn vrouw en zijn werk af en gaat binnenkort op wereldreis. “Zin,” zegt hij, is “misschien wel het zijn zelf.” Marjan knikt. “Da's een hele belangrijke.” En zegt: “Vandaag laten we de ander in zijn waarde. We oordelen niet.”
Opblaasbaar
Ze zijn ouder geworden en misschien ook wat wijzer. Een jaar na hun studie, in 1990, lieten ze elkaar vooral zien hoe goed het ging. Ze kwamen in hun eigen lease-auto en werden vaak mobiel gebeld, want zo waren ze toen nog. Twaalf jaar verder zijn de onderlinge verschillen alleen maar groter geworden. Maar inmiddels kunnen ze beter relativeren. De studievrienden van jaarclub Divergentia gunnen elkaar hun succesvolle carrières en hun mislukkingen.
Ze hebben de leeftijd waarop je over dingen gaat nadenken. Hoe dan ook, zegt Marc Wit, er komt een moment dat je je afvraagt: “Waar staan we nu? Wat doen we en waarvoor?” Eerst wilden ze met een kloosterorde meelopen. Maar om niet te hard van stapel te lopen, gingen ze op zoek naar een klooster waar je ook iets kon drinken. In het gastenverblijf van het Dominicanenklooster in Huissen staan overal karretjes met drank.
Vanochtend leek alles nog op een gewoon uitstapje van de jaarclub. In partycentrum Plok in Didam kon je sumoworstelen in opblaasbare pakken. Er was koffie met een koekje. Even later rolde accountmanager Marc Wit business consultant Henk Meijer als een skippybal door de kelderbar. Het was zaterdagochtend kwart over elf en op de buitenkant van Plok stond 'the sky is the limit'. Marc zei: “Eerst wat lichamelijks, zodat de bezinning straks goed tot zijn recht komt.”
Met de auto ging het naar Huissen, bij Arnhem. Harm Jensma en Alex Travaillé waren op de motor en financieel manager Stephan Brinkman reed in een rode Renault Clio. Stephan vertelde dat hij met 41 jaar de oudste is. Zodoende had hij zicht op fases waarin de clubgenoten uit elkaar of juist naar elkaar toe groeiden. Nu zaten ze in fase drie en groeiden ze weer naar elkaar toe, zei hij, en stuurde de Clio geroutineerd de ringweg bij Arnhem op. Buiten het klooster in Huissen bleef hij even staan toen clubgenoot Bauke Zeinstra geruisloos de parkeerplaats opreed. Waar deed Stephan het voor? Hij keek de auto na en lachte: “Sommigen voor een nieuwe Saab.”
Ego
Als je je over geld geen zorgen hoeft te maken, heb je de handen vrij voor innerlijk welzijn. Marjan praatte al veel met mensen toen ze nog een kapperszaak in Amsterdam had. Een tópzaak was het, met Adriaan van Dis, Hanneke Groenteman en de rest van de Amsterdamse fine fleur als clientèle. Haar klanten waren soms even beroemd als ongelukkig. Maar na een bezoekje aan Marjan liepen ze fluitend de zaak uit. Het begon haar te dagen dat ze misschien meer voor mensen kon betekenen.
Ze liep tegen de veertig toen de wending in haar leven kwam. Ze verkocht haar zaak en haar woning en kocht ereen leegstaand klooster aan de Amsterdamse Bloemgracht voor terug. Daar richtte ze Carnac op, zingevingscentrum voor hoogopgeleide professionals. Ze schreef het boek Nooit meer werken en stond ermee boven aan de bestsellerlijst van Intermediair. Ze zit lekker in haar vel en in haar designkleding. Bij Carnac geeft ze workshops en trainingen aan mensen die het verdienen, omringd door mensen waarvan ze houdt. Haar broer René van Lier kan het ook, zingeven.
Soms komen de dingen vanzelf op hun plek terecht. Het loopt tegen drieën, de regen valt met dikke druppels op het kloosterdak en Marjan tekent een rechte lijn. Dat is de ordening in iemands leven. De slingerlijn eromheen symboliseert de hoogte- en dieptepunten. Als je op een dieptepunt zit, heb je het nog niet in de gaten, maar uiteindelijk komt alles weer bij de ordening terecht. Het leven loopt zoals het loopt, zegt Marjan. Ook toeval valt binnen de ordening. Aan de muur achter Marjan heeft iemand een poster van Fair Trade koffie opgehangen. 'Geluk heb je soms in eigen hand', staat erop.
Ze heeft het allemaal zelf moeten leren. Ze maakte studie van psychologie en Oosterse levenswijsheden. Maar zingeving is toch vooral een kwestie van luisteren en praten, over anderen en over jezelf. Volgens Marjan leven we in een complexe wereld waarin het soms fijn is om met ongecompliceerde dingen bezig te zijn. Wat dat betreft hebben managers het niet gemakkelijk. Haar toehoorders gaan recht op hun stoel zitten als Marjan zegt: “Manager zijn is oneindig gecompliceerd.”
Ga maar na. Als je wordt geboren, ben je alleen nog 'ziel'. Maar met het opgroeien moet je je steeds meer aanpassen. Vooral in je werk. Er komt er een dikke laag 'ego' op je ziel te liggen. Daarmee is het uitkijken. Want het ego heeft met verwachtingen van anderen te maken. Je raakt steeds verder van je binnenste af, met alle narigheid van dien. Marjan legt haar viltstift neer. “Oké? Dan is het nu een goed moment voor een pauze.”
Coniferen
Er is reden voor tevredenheid, constateert Henk Meijer. Er wordt wat afgecoacht tegenwoordig, en niet altijd met even veel kennis van zaken. Gestreste managers kunnen tegenwoordig wandelen met een wandelcoach, dansen met een danscoach en zelfs naar de bokscoach, voor een therapeutische dreun op je hoofd.
Maar wat Marjan zegt, is heel herkenbaar. Iedereen vindt er wel iets in dat van toepassing is op zijn situatie. Paul van Leusden bijvoorbeeld kreeg drie jaar geleden een burn-out. Hij werkte als productiemanager in een matrassenfabriek. Of het nu kwam door de overplaatsing naar de hoofdvestiging of door de politieke spelletjes, in ieder geval voelde hij zich niet lekker. Op vergaderingen hield hij zich vast aan zijn stoel in de angst eraf te vallen. Hij meldde zich ziek en ging thuis tv kijken. Nu komt hij er langzaam weer bovenop. Maar van bemoedigende woorden krijg je niet gauw te veel.
Een burn-out, zegt Marjan als iedereen weer binnen is, is behalve niet leuk ook een hele mooie kans. “Het waardevolle van dieptepunten is dat je er als een ander mens weer uitkomt.” Geert van Ittersum informeert of dieptepunten perse noodzakelijk zijn om een ander mens te worden. Gelukkig zegt Marjan van niet. “Niet iedereen hoeft erdoorheen. Iedereen doet het op zijn manier. Het maakt niet uit hoe.”
Bij bezinning is het van belang dat je eerlijk bent tegenover jezelf. Belemmeringen zijn dingen waar je maar beter vanaf kunt zijn, wil het nog wat worden tussen jou en een leuk leven. We gaan er in de tweede helft van de middagsessie in groepjes van twee aan werken. In de kloostertuin staan plastic tuinstoelen die je tegenover elkaar kunt zetten. Daarna kijk je je gesprekspartner onbevangen aan. Tien minuten lang stel je hem de vraag: “Wat weerhoudt jou ervan om volledig vrij te zijn?”
Tja, daar vraag je wat. Harm Jensma zit achter een rij coniferen en rolt een sigaret. Op het kennismakingslijstje stond bij hem 'harmonie'. Harm is interim-controller in zijn bedrijfje Harmoney, waarin 'Harm' en 'money' samenkomen. Dus daar kan het niet aan liggen. Wat weerhoudt Harm ervan om volledig vrij te zijn? Hè, fris nog, zo buiten in de tuin.
Liever nog dan volledig vrij te zijn bij Harmoney zou Harm voor een baas willen werken, met collega's en elke maand salaris. Maar daarvoor moet je eerst op sollicitatiegesprek en daar is hij niet goed in. Hij kan veel, zegt hij, maar hij wordt niet gauw aangenomen. Dus eigenlijk weerhouden mensen die sollicitatiegesprekken met hem voeren hem ervan om te doen wat hij wil. Is dat een antwoord?
Onafgemaakte propjes
Vandaag werken we toe naar dingen die er werkelijk toe doen. Voor wie er na vanmiddag nog niet helemaal uit is, blijft de meditatie van de avondsessie over. Na een nieuwe eenvoudige broodmaaltijd, nu met soep, gaat het naar wat 'de binnenkamer' van het klooster heet. Het is een ruim en leeg vertrek met in het midden krukjes in een kringetje. De lichtinval is geschikt voor meditatie en de schoenen gaan uit.
Het begint met diep inademen en uitademen met de ogen dicht. Je moet het voelen in je buik. Dan beeld je je in, stelt Marjan voor, dat collega's en geliefden een film over jouw leven maken. Daarna maak je zelf een film. Wie goed heeft gemediteerd, kan na een stilte-ervaring een door Marjan uitgedeeld formulier invullen. 'Unfinished things' staat er boven tien lege vakjes. Het zijn dingen die in de weg staat van wat je werkelijk wilt. Het is niet erg als je er geen tien van hebt.
Bauke Zeinstra moet zijn sigaar even wegleggen. De studievrienden van jaarclub Divergentia staan in de kloostertuin rond een korf met vuur. Voor het vuurritueel hebben ze propjes gemaakt van hun formulieren met unfinished things. Op een teken van Marjan verdwijnen de propjes in de vlammen en gaan de ogen weer dicht. Voorzichtig zegt ze na een tijdje: “Ja, hebben we genoeg losgelaten? Kunnen we weer verder? Dan is het misschien een goed idee om in stilte terug te lopen.”
Er is iets gebeurd vandaag, daarnet, de hele dag eigenlijk. Noem het een omslag. De vrienden hebben een stapje gezet, van aandacht voor aardse zaken naar aandacht voor zichzelf en voor elkaar. Dan is de bezinning afgelopen en staan ze op. In een aangrenzende zolderruimte, veel groter en met zwarte dwarsbalken, staat een koelkast met koude flesjes.
Als Marjan na twee wijntjes terug is naar Amsterdam, zijn de mannen weer onder elkaar. Ze beleggen een aangeschoten vergadering over de contributie en zijn net klaar als het na elf uur stil moet zijn in het klooster. Op weg naar de kroeg blijft een van de jongens even staan bij een Mariabeeld om de aardappels af te gieten.
Van belemmeringen hebben ze weinig last meer. In café De Zon kijken Huissense jongeren verschrikt op van hun fluitjes als Geert de cafébel een harde slinger geeft. Bauke, directeur inkoop van een mobiel belbedrijf, praat over waanzinnige zakelijke mogelijkheden. Er zijn nieuwe rondjes in café De Bruiloft en in Het Moment vertelt Henk welke clubgenoten er aan de honderdduizend euro schoon per jaar zitten en welke niet.
Wie weet, vallen de katers mee en zijn ze morgenochtend op tijd voor de mis in de kloosterkapel. Bauke en Henk gaan kijken of ze in een ander café nog wat onder de kurk hebben. Marc loopt met Alex een andere kant op. Ze hebben zin in shoarma.
Voor meer informatie over burnout: Burnout naar Burnin
Onafhankelijk informatie en communicatieplatform stress & burnout.




