Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Vrouwen zijn dol op tech

Je moet ze met een lantaarntje zoeken op bèta-studies en in technische beroepen. Toch gaan vrouwen en techniek prima samen. Ze gaan er alleen anders mee om.


De grootste techbedrijven ter wereld studeren ijverig op de behoeften van vrouwen. Soms komen daar bijna ­beledigende producten uit voort. Nog steeds denken veel fabrikanten vrouwen wel over de streep te krijgen door hen ­dezelfde elektronica als de man aan te bieden, maar dan in een kleinere, rondere, roze en gebloemde variant.
Soms wordt er ook echt doorgedacht over de functionaliteit van elektronica. Vaak met hilarisch resultaat, zoals de ­minieme Samsung Ladyphone met menstruatie­kalender én BMI-berekening. Later ­revancheerden de Koreanen zich met ­ladyphones die wél strak waren vorm­gegeven en voorzien waren van nuttiger functies. Wat bijvoorbeeld te denken van de Fake Call-knop: jezelf laten bellen om snel een gesprek of vergadering te ­kunnen onderbreken?

Valkuilen

Ook navigatie-apparatuur is zo’n ­categorie consumentenelektronica vol valkuilen. Een paar knappe koppen bij VDO Dayton bedachten bijvoorbeeld een paar jaar geleden dat vrouwen anders kaartlezen; ze draaien de kaart mee met de rijrichting. Daarom voorzag hun ­navigatiekastje in een man/vrouwknop; het noorden boven voor de heren, de ­rijrichting voor de dames. Een succes werd het niet.
Toch valt het niet te ontkennen: vrouwen gaan anders om met technologie dan mannen. Dat ziet ook antropologe ­Genevieve Bell, die bij techgigant Intel al 10 jaar lang een dagtaak heeft als ­Director of User Experience, waar ze een team leidt dat onderzoekt hoe consumenten met technologie omgaan. Vrouwen zijn een belangrijk onderzoeksobject, zei Bell ­recent in het zakenblad Fortune. “Ze stellen andere eisen aan technologie. Maar dat betekent niet dat we alles ­kleiner en rozer maken. We zitten niet te wachten op een girlification of ­technologies.”
Waar het dan wel om draait? Wereldwijd worden vrouwen overladen met taken: het huishouden, de (emotionele) zorg voor de hele familie en een baan: dan blijft er weinig tijd over om te spelen met technologie. Bell zegt er nog net niet bij dat mannen dat wél ­hebben, maar we voelen hem wel: technologie is gereedschap, geen speelgoed. “Technologie moet gewoon werken, ­zodra het uit de doos komt. Het moet bruikbaar zijn, en liefst bijdragen aan een druk leven vol multitasking.”

Allergisch

Vrouwen zijn allergisch voor techniek die niet ­voldoet, zegt ze. Maar dat betekent niet dat vrouwen een afkeer hebben van moderne technologie. Zo blijkt uit onderzoek van Facebook dat 64 vrouwen van hun gebruikers vrouw is. En Bell heeft nog meer opmerkelijke cijfers: zo blijken ­vrouwen in Korea vaker draadloos te internetten dan mannen, volgens Bell omdat vrouwen hun aandacht vaak van de ene taak naar de andere moeten verleggen. Andere voorbeelden: vrouwen in de VS vormen ruim 75 procent van de internetters als het gaat om religieuze en spirituele zaken, van het checken van kerkaanvangsttijden tot (delen van) de ­zondagse preek via sms. In Singapore en ­Maleisië zijn huishoudsters erg in trek, als ze verstand hebben van draadloos netwerken. Vaak ­worden ze daarvoor naar ­speciale trainingen gestuurd. In ­India is bovendien 80 procent van de internetcafés in ­handen van vrouwen, veelal micro-gefinancierd.

Hoera-cijfers

Maar dergelijke hoera-cijfers betekenen natuurlijk nog niet dat vrouwen en de technologiesector elkaars beste vrienden zijn. Afgezien van toppers als Xerox-ceo Ursula Burns, ­Facebook-coo ­Sheryl Sandberg, Meg Whitman (eBay) en ­Carly Fiorina (HP) zijn vrouwelijke bestuurders in de ­techbranche nog zeldzamer dan elders. Ook aan het ondernemersfront is de spoeling zó dun, dat onze eigen Claire Boonstra van ­Layar al meteen doorstootte tot de Most ­Influential Women in ­Technology-lijst van Fast Company.

Eigen bestwil

De VN Commission on the Status of Women maakt er volgend jaar dan ook werk van: de toegang van vrouwen in techniek en wetenschap moet omhoog. En voor fabrikanten is daarbij een belangrijke rol weggelegd. Zo participeerde onder meer Bang & Olufsen in Denemarken al in een project om productontwerp beter aan te sluiten op vrouwelijke behoeften. ­Anderen moeten volgen, ook voor hun eigen bestwil. ­“Mannen ontwerpen over het algemeen ­producten vanuit mannelijke vooroordelen. Ze benaderen de markt naar ­beste kunnen, maar als ze meer rekening ­zouden houden met hoe vrouwen met technologie omgaan, kunnen ze een gigantisch marktpotentieel ­ontsluiten”, sluit Bell hoopvol af.

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

In MT19 was sprake van Exendis. Bedoeld was: Enexis.

Dit artikel is afkomstig uit MT magazine. Bestel de nieuwste editie online

De stille identiteitscrisis op de werkvloer: één op de drie kenniswerkers wil sector ontvluchten

Wat ben je nog waard als AI in luttele seconden evenaart waarin jij vroeger de uitblinker was? Dat knaagt niet alleen. Het verlies aan identiteit heeft ook impact op de business. Eén op de drie kenniswerkers denkt al aan omschakelen naar een andere sector, blijkt uit onderzoek.

identiteit-AI
Foto: Getty Images

Je hebt jarenlang zorgvuldig aan je reputatie gebouwd. Collega’s bewonderen je om je rake analyses, of je snelle schrijven, of je antwoorden op de vragen die ze je stellen als expert in je vakgebied. Vandaag vragen ze dat allemaal aan AI.

Waar je vroeger met je team weken nodig had om een nieuwe campagne te bedenken, gebeurt dat nu in minuten. Was vroeger het analyseren van patronen jouw specialiteit, nu doet AI dat in luttele seconden. Tot voor kort leverde jouw manier van selecteren de beste kandidaten op. Nu maakt AI die selectie voor je.

Wat doe je hier eigenlijk nog, vraag je je soms af. Wie ben je nog voor je collega’s, voor je bedrijf en voor jezelf? Wat is je toegevoegde waarde nu? En daarmee disrupt AI ook je identiteit op je werk. Professioneel voel je je gewoon achterhaald.

Omkijken naar andere sector

De meeste organisaties zijn nog bezig met het technische en operationele luik van AI. Welke tools, welke processen, welke trainingen zijn er nodig? Ze zijn niet bezig met de stille identiteitscrisis die zich afspeelt op de werkvloer. Zorg dat je zo snel mogelijk AI inzet, zodat je productiever wordt, dat is de boodschap die mensen krijgen.

De impact van het verlies van identiteit blijft dus nog onderbelicht. Maar die is er wel degelijk. Verzet tegen het gebruik van AI, teams die verdeeld raken met voor- en tegenstanders van AI, afnemende betrokkenheid en motivatie, en vertrek van talent dat geen toekomst meer ziet.

Eén op de drie kenniswerkers kijkt daardoor al naar een andere sector, blijkt uit recent internationaal onderzoek. Ook de zo gewenste productiviteitswinst blijft door dat alles steken.

‘Als jij van oudsher wordt gewaardeerd op je expertise en je kennis, dan heb je een probleem’, reageert Gijs Coppens, psycholoog, ceo en oprichter van OpenUp, een digitaal platform gericht op mentaal, sociaal en fysiek welzijn. ‘Die zijn nu een commodity geworden, daarmee kun je je niet meer onderscheiden.’

AI als booster

Toch ziet hij dat verlies van identiteit niet zo somber in. Je kunt ook meebewegen met deze technologie en AI gebruiken als een extra boost. ‘Dat betekent dus dat jouw expertise en kennis ook maal tien gaat. En dan hou je je waarde, maar wel op een heel andere manier. Op een veel hoger intelligentieniveau, of hoger snelheidsniveau dan voorheen. Dan kun je nog veel meer impact maken.’

Analisten, advocaten, copywriters, tolken, vertalers, journalisten, consultants, marketeers en talloze creatievelingen moeten hier dus maar de voordelen van zien? Het ligt wel iets genuanceerder, vindt Coppens. ‘We worden aangesproken op wat echt ons kerntalent is? Waar zijn we extreem goed in als mens? En hoe gaan we dat nog inzetten in de toekomst?’

Als je die kerncompetentie niet vindt, denk bijvoorbeeld aan netwerken, of de vertaalslag maken naar de klanten of business, dan heb je een probleem. Als je daarin wat matiger scoort dan de rest, raak je ook uitgefaseerd. ‘Het zijn de toppers in hun vakgebied die de integratie met AI waarschijnlijk goed zullen doen. De gemiddelde professional krijgt het moeilijk, en dat is wel een harde vaststelling.’

Lees ook: AI zou werk besparen, maar onderzoek laat het tegenovergestelde zien

Mee dealen

Wat doet dat met een mens? Het kan motiverend werken, je zet een tandje bij en duikt er bovenop, omdat je dit niet wil laten gebeuren. Maar een ander coping mechanisme is ontkenning. Zo’n vaart zal het niet lopen, je hebt nog tien jaar tot je pensioen, je ziet het allemaal wel.

Het derde spoor, schetst Coppens, is dat je het probeert met AI, maar dat het je niet lukt. En dan kun je overweldigd raken en zie je de toekomst niet meer zitten. Of je kunt in de weerstand gaan.

‘De impact kan dus positief of negatief zijn, afhankelijk van de mate waarin je bereid bent om bij te leren of een heel ander pad te kiezen. Maar dat is wel heel moeilijk voor mensen.’ Leren als capaciteit is nog nooit zo belangrijk geweest, vindt hij.

Identiteit craften

Corine Boon, hoogleraar hrm en people analytics aan de UvA, heeft ook geen eenduidig antwoord op het verlies van identiteit door AI. Ze verwijst naar de radiologen die als een van de eerste beroepsgroepen ingrijpend zijn geconfronteerd met AI. Niet alleen in de werkprocessen, maar ook bij het interpreteren van beelden en het diagnoses stellen.

Het accepteren daarvan gaat niet zonder slag of stoot, blijkt uit diverse onderzoeken, vanwege de angst voor het verlies van de professionele autonomie en zelfs de eigen baan. Maar naast negeren en in de weerstand gaan, zijn radiologen ook aan de slag gegaan met ‘identity crafting’, vertelt ze.

‘Mensen verbreden of veranderen hun identiteit als er door AI iets essentieels of centraals van hun werk wordt overgenomen. Ze richten zich veel meer op wat hun toegevoegde waarde nu is in combinatie met het gebruik van AI.’

‘Je hebt natuurlijk altijd inhoudelijke expertise nodig om dingen te checken. Je moet weten wanneer je AI moet inzetten. Je blijft je beslissingen zelf nemen. Communicatie en kritisch denken blijven dus heel erg nodig.’

Impact verschilt per persoon

Natuurlijk verschilt de impact per beroepsgroep, en dan ook nog per individu. Advocaten die het leuk vinden om de wet uit te pluizen, worden ingehaald door AI, geeft ze een voorbeeld. ‘Als ze dat voorwerk leuk vinden, dan moeten ze de shift gaan maken. Als ze lol hebben in pleiten voor de rechter dan zitten ze goed.’

Bij de introductie van nieuwe technologie ziet ze telkens hetzelfde patroon ontstaan. Mensen gaan in de weerstand, denken dat ze hun baan verliezen en dat zwakt na verloop van tijd weer af omdat er nieuwe banen bijkomen. Het verschil met AI is dat de impact veel groter en wijdverspreider is. ‘Ook een deel van het hoogopgeleide kenniswerk wordt nu vervangen. ‘

Uit recent onderzoek van OpenUp blijkt 41 procent van de Nederlandse werknemers zich niet gesteund voelt door hun werkgever bij deze AI-transitie. Ze weten dat AI hun werk verandert, ‘maar hebben weinig taal voor wat ze nog wél bijdragen wanneer AI het schrijven, analyseren of brainstormen overneemt’.

Optimistischer bij gebruik

Ook verwacht 27 procent een negatieve invloed op het aantal banen in de eigen organisatie. Coppens zet daar wel een kanttekening bij. ‘Werknemers die met AI experimenteren, zijn best optimistisch over de eigen toekomst.’

‘Naarmate je AI zelf beter leert kennen, begin je wel meer perspectief voor jezelf te ontwikkelen. En begin je ook beter te zien waar jouw toegevoegde waarde nog ligt. Maar je wordt dus wel negatiever over het toekomstperspectief voor de anderen.’

En daar ligt ook het antwoord op het verlies van identiteit. Je moet de tijd en de ruimte krijgen om je in AI te verdiepen. Iedereen op de werkvloer moet ermee kunnen experimenteren, geeft hij aan.

‘Tegelijkertijd wil je als bedrijf ook nadenken over je processen, hoe je die inricht en welke rollen je straks nog zal hebben en wat de kern daarvan is. Dat is de top-down visie die je moet ontwikkelen: dit is ons bedrijf 2.0. Maar die discussie wordt nog niet echt op dat niveau gevoerd.’

Lees ook: Door AI begin je steeds meer op je collega te lijken

Kansen en risico’s

Veel bedrijven zitten heel erg op de korte termijn en kostenreductie, merkt Boon in de praktijk. ‘Maar wat daarbij uit het oog wordt verloren, is dat er op lange termijn ook consequenties zijn. Zoals bijvoorbeeld het gebrek aan verbondenheid of betrokkenheid.’

De hoogleraar vindt dat bedrijven hun mensen de kans moeten geven om met hun identiteit aan de slag te gaan. ‘Als je de vrijheid voelt om te kijken waar je toegevoegde waarde nu ligt, zonder dat het meteen hele grote consequenties heeft, maakt dat heel veel verschil. Daar kun je als organisatie ook heel veel aan hebben.’

Wie zich bedreigd of vervangbaar voelt, is namelijk niet geneigd om bezig te zijn met het oplossen van bottlenecks, met innoveren en experimenteren. Ook informatie wordt veel minder uitgewisseld. Zelfs als je een nieuwe prompt hebt gemaakt, die een klus van drie uur terug kan brengen naar twintig minuten zul je die niet delen. Als je denkt dat je baan op het spel staat, neem je geen enkel risico.

Gesprek voeren

Boon raadt aan om openlijk het gesprek hierover aan te gaan met elkaar, met je collega’s binnen je team en met je leidinggevende.  Wat is de impact van AI op jouw werk? En wat werkt nou wel, wat werkt er niet?

‘Dat geeft het idee dat je niet alleen het wiel opnieuw hoeft uit te vinden. En dan kun je de stap maken om met elkaar te gaan kijken waar de shift gemaakt moet worden. Bedrijven moeten hun mensen, net zoals bij elke verandering trouwens, ook hierin meenemen.’

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Leidinggevenden moeten mensen ook meer wijzen op de waarde die ze hebben. En welke vaardigheden waardevoller worden, voegt Coppens toe. Welke onderdelen van het werk blijven gebonden aan mensen? Welke unieke menselijke kwaliteiten kun je met AI versterken? ‘Werkgevers zetten nu all in op AI, maar ze moeten ook all in gaan op de mens.’

Lees ook: Niet de technologie, maar leiders maken het verschil bij omschakelen naar AI