"Veel lijnmanagers zijn niet geschikt voor werving en selectie. Dat moet je aan specialisten overlaten." Dat vindt Boudewijn van Achter van werving- en selectiebureau LRM Group.
"Het komt regelmatig voor dat men roept om meer mensen, wij krijgen een vacature door, leveren vervolgens een kandidaat aan en dan geeft de lijnmanager niet thuis. Dan blijkt opeens dat het niet meer nodig is", vertelt Van Achter.
Volgens Van Achter komt dit omdat de lijnmanager alleen kijkt naar het momentum en zich blind staart op zijn eigen bonus of persoonlijke doelen. Van Achter: "Vooral in de profit (ict-)sector, waarin LRM Group actief is, zijn de mensen in de lijn zeer resultaatgedreven, puur outputgericht. Op zich goed, maar niet als dat het voeren van goed personeelbeleid in de weg staat, zoals in de praktijk vaak gebeurd."
In de praktijk geldt volgens Van Achter de 20/80-regel. "20 procent van de lijnmanagers besteedt voldoende tijd aan trainingen en coaching van zijn mensen. 80 procent doet dat niet. Voor hen wegen budgetdoelstellingen zwaarder", zegt Van Achter.
Hrm krijgt hierover vaak kritiek van het management. Van Achter: "De directie moet zich goed beseffen dat dit ook iets zegt over de lijnmanagers en niet alleen over hrm. De werving en selectie van veel organisaties ligt te laag in de lijn. Daarom pleit ik voor de functiearchitect. Maak de de hrm-directeur vacature-eigenaar en laat de functiearchitect de lijnen uitzetten. Die kan werving en selectie naar een hoger niveau tillen, wel het organisatiedoel bewaken en het hrm-beleid afstemmen op ontwikkelingen op de afdelingen. Misschien dat de recruitmentafdeling dan weer serieus genomen wordt en niet het afvoerputje van de organisatie is."
Bron: Intermediair PW



