Werknemers moeten makkelijker vanaf hun 65e verjaardag kunnen kiezen voor deeltijdpensioen. Nu is het volgens minister Piet Hein Donner (Sociale Zaken) nog te veel 'alles of niets' als je de pensioengerechtigde leeftijd bereikt.
Volgens Donner moeten pensioenfondsen en cao's meer mogelijkheden bieden om in deeltijd door te werken en deels pensioen uitgekeerd te krijgen. Dat concludeert de CDA-bewindsman uit gesprekken met 65-plussers die nog aan het werk zijn en uitzendbureaus voor ouderen. Zijn woordvoerster bevestigt een bericht hierover in het Financieele Dagblad. Donner werkt nog aan een notitie over langer doorwerken, die hij nog voor de zomer naar de Tweede Kamer wil sturen.
Om de gevolgen van de vergrijzing op te vangen en de AOW betaalbaar te houden, moeten volgens het kabinet mensen meer aan de slag. Maar Donner heeft al diverse keren duidelijk gemaakt dat hij niet wil tornen aan de AOW-leeftijd. Volgens hem is het zaak er eerst voor te zorgen dat mensen tot hun 65e doorwerken. Nu stoppen Nederlanders gemiddeld op hun 61e met werken.
Met deeltijdpensioen na de AOW-leeftijd wil Donner volgens zijn woordvoerster ook niet het systeem van het staatspensioen aanpassen. "Als mensen 65 worden, krijgen ze hun AOW. Als ze daarbij drie dagen per week blijven werken, moeten ze daarvoor salaris uitbetaald krijgen en voor de overige twee dagen alvast wat van hun opgebouwde aanvullende pensioen kunnen krijgen."
Het is niet alleen zo dat ouderen vroeger willen stoppen met werken. De beeldvorming zorgt er ook voor dat werkgevers geen oudere werknemers willen hebben. Ouderen zouden duur, inflexibel en vaker ziek zijn. Donner erkent dat, maar toch ziet hij wel verbeteringen. Sinds enkele jaren is er volgens hem een omslag te zien van ouderen die langer doorwerken. En door te kijken naar het deeltijdpensioen, wil Donner deze trend verder bevorderen.



