Werkgevers willen erkenning voor een 'flexibele vakmanschapsroute' in het mbo-onderwijs. Het beroepsonderwijs verplaatst zich steeds meer van de schoolbanken naar de werkvloer.
Het goed opleiden van jonge krachten werpt vrucht af, maar bedrijven klagen over een hoge lastendruk en een sterk wisselende kwaliteit van de begeleiding die ze krijgen van scholen.
Dit vormt een risico voor de “opleidingsbereidheid'' van middelgrote en kleine bedrijven, waarschuwt MKB-Nederland in het rapport 'Naar een flexibele vakmanschapsroute'. Daarom klopt de werkgeversorganisatie samen met partner VNO-NCW woensdag aan bij demissionair staatssecretaris Bruno Bruins van Onderwijs.
Initiatief
Ondernemers willen jongeren graag aan een diploma helpen, omdat er een toenemend tekort is aan goed opgeleid personeel. Leerlingen blijken volgens het MKB-onderzoek ook meer gemotiveerd door praktijkonderwijs en tonen initiatief. Maar de samenwerking met het onderwijs laat nog te wensen over. Regels en de wisselende kwaliteit in de begeleiding van scholen kosten volgens de werkgevers veel tijd en geld.
Stagiairs
Steeds meer leerlingen proberen door vier dagen te werken en één dag te leren per week een diploma te halen. Dat vergt gemiddeld 25 volle werkdagen per jaar in een bedrijf. Daarbij komen de kosten voor de ondernemer neer op 8500 tot 11.000 euro per leerling.
Stagiairs vergen jaarlijks circa zestien werkdagen aan begeleiding en een gemiddelde stage van 34 dagen kost financieel 775 euro.
Erkend
Beroepsopleidingen moeten volgens de werkgevers meer flexibel worden aangeboden. In een 'werkend leren traject' moeten voortijdig schoolverlaters en werkzoekenden bijvoorbeeld op elk gewenst moment van het jaar kunnen instromen om een erkend vakdiploma te halen.
Ook moet daarbij meer rekening worden gehouden met kennis en werkervaring die mensen al in huis hebben.
Onderzoek
Voor het praktijkleren vragen de werkgevers om concrete plannen van mbo-scholen. Daarover willen ze met de koepel MBO-raad en op regionaal niveau afspraken maken. Op jaarlijkse bijeenkomsten zouden de onderwijsinstellingen weer verantwoording moeten afleggen over de resultaten.
Verder vragen de bedrijven om onderzoek naar de kwaliteit van voorlichting bij studie- en beroepskeuze, omdat veel leerlingen door een verkeerde keuze voortijdig het mbo blijken te verlaten.
(ANP)



