De Balkenende-norm bedreigt de kwaliteit van het overheidsapparaat. Door een maximumnorm voor de lonen in te stellen, heeft de overheid onvoldoende mogelijkheden om hooggekwalificeerde werknemers te werven en vast te houden. Dat stelt de Nederlandse Bank-president Nout Wellink.
Wellink laat zich tegenover het Financieele Dagblad niet uit over de hoogte van een nieuwe norm. Volgens het regeerakkoord ligt de maximumnorm voor alle inkomens in de publieke en semipublieke sector rond de euro 170.000. De bankpresident noemt dit sympathiek, maar vindt "de Balkenende-norm niet geschikt als spil van het hele salarisgebouw in de publieke sector. De Balkenende-norm is een willekeurige norm, die losstaat van de eisen die de arbeidsmarkt stelt."
Verlaten
De globalisering en de technologische ontwikkeling leiden tot toenemende inkomensverschillen tussen hoog- en laagopgeleiden in de private sector, stelt Wellink in het jaarverslag. Dat heeft ook gevolgen voor de publieke sector. "De private sector trekt aan de 'best and the brightest', maar het is ook belangrijk dat er goede mensen werken in de gezondheidszorg of bij het ministerie van Financiën. Uit Amerikaanse studies blijkt dat als de salarissen in de publieke sector te gelijk verdeeld blijven, steeds meer goed opgeleide werknemers de overheid verlaten."
Ervaringen
Wellink bedoelt zijn opmerkingen niet in politieke zin. "Ik zeg als econoom: als je een goede publieke sector wilt hebben, let dan op je zaak en zorg voor de juiste incentivestructuur." Hij verwijst naar de ervaringen in Groot-Brittannië in de jaren tachtig van de vorige eeuw, waar de Conservatieve premier Margareth Thatcher tegen haar eigen ideologische opvattingen in de ambtenarensalarissen opkrikte, in het belang van een betere overheidsdienst.
Lees het hele verhaal op FD.nl



