Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Lifehacks

Arko in 60 seconden: wanneer besteed je iets uit?

Arko van Brakel beantwoordt ondernemersvragen in 60 seconden. In deze aflevering: wanneer besteed je iets uit bij een derde partij? 

author Arko van Brakel

clock 0,5 min

Het ingewikkelde van leiderschap is dat de meeste aannames of vanzelfsprekendheden die erover rondgaan niet kloppen. Typisch zo’n gewoon woord dat vaak gedachteloos wordt gebruikt, zonder de betekenis expliciet te maken of na te vragen. Het lijkt een simpele, edoch belangwekkende constatering: ‘Er is hier een gebrek aan leiderschap.’ Of: ‘Dankzij het leiderschap van X heeft onze organisatie het beter gedaan dan de markt.’ Maar leiderschap is typisch zo’n begrip waarbij het tegenovergestelde van een fundamenteel inzicht ook waar is. En waarbij de keuze tussen de ene óf de andere benadering in feite een valse is: je kunt de alternatieve oplossing namelijk niet wegpoetsen. Ik citeer Barack Obama (2009): ‘We reject as false, the choice between our safety and our ideals.’ Fundamenten In fundamenten van leiderschap 1 – zelfreflectie – schrijf ik dat authenticiteit net zo belangrijk is als aanpassing. We kunnen geen leiding geven zonder zowel responsief om te gaan met de behoeften van de ander als trouw te zijn aan onszelf. En in fundamenten 2 – richting geven – blijkt dat de daarvoor zo noodzakelijke doelstellingen alleen effectief zijn als ze tegelijk idealistisch en realistisch zijn: er moet wat te streven zijn en het helpt als we weten wat ons uitgangspunt is. Ook bij fundament 3 werkt een of/of-keuze averechts. Feedback geven is een van de belangrijkste en meest directe manieren om prestaties en ontwikkeling te sturen, maar alleen de rode pen ondermijnt het zelfvertrouwen en uitsluitend complimenteren leidt tot zelfoverschatting. Goede feedback is schaars. Voor het tonen van waardering nemen we vaak de tijd niet en het voeren van corrigerende gesprekken stellen we nogal eens te lang uit. En dat terwijl feedback meer invloed op het gedrag van de ontvanger heeft naarmate die feedback verser is, liefst binnen 30 minuten. Defensieve reactie Angst voor de vaak defensieve reactie is (volgens bijvoorbeeld Manzoni) de hoofdreden waarom leidinggevenden feedback geven uitstellen. Feedback in ontvangst nemen is misschien nog wel moeilijker dan feitelijk onderbouwde, niet veroordelende en oplossingsgerichte feedback geven. Hoe feedbackintensief is uw cultuur, beste lezer? Hoe slaagt u in het vinden van de balans tussen erkenning geven en uitdagen? Ik heb de afgelopen weken bij herhaling te horen gekregen dat ik extreem kritisch ben. Vandaar dat ik mijn twijfels heb over mijn stijl van feedback geven in de volgende casus. Correctie van collega's Tijdens een vergadering met elf collega’s deed zich het volgende voor. De buurman van mijn buurvrouw zat druk op z’n telefoon te tikken – waarop ik hem er op gedempte toon aan herinnerde dat het de bedoeling is op te letten tijdens meetings – terwijl een collega op aarzelende toon een presentatie gaf waarvan onduidelijk bleef wat het doel was, op welke vraag hij een antwoord wilde geven en wat hij van zijn toehoorders verwachtte. De voorzitter noch een van de andere deelnemers sprak hem daarop aan en ik was inmiddels zo geïrriteerd dat ik besloot om verder mijn mond te houden. Tijdens een gesprek kort na de vergadering kreeg ik van een collega terug dat mijn correctie ter plekke wat te heftig was; hij suggereerde om dat voortaan één op één en achteraf te doen. Blijft staan dat ik niet blij ben met de performance van de voorzitter en de presentator. Wat zou u doen?

Carrière

Feedback: fundamenten van leiderschap (3)

MT-columnist Ronald Meijers is partner bij Deloitte en schrijft over de varianten van leiderschap. In deze column bespreekt hij het...

author Ronald Meijers

clock 2,5 min

VAN Martin AAN Bob ONDERWERP Ploetermoederhectiek Hoi Bob, Waar was je nou vanochtend? We hadden volgens mij om 11 uur een afspraak om de begroting van 2016 door te nemen maar ik zag je nergens en je PA was ook nergens te bekennen. Héél lastig, want de aangepaste begroting moet écht morgen naar Hoofdkantoor. Meer uitstel krijgen we echt niet. En waar is je PA eigenlijk? Martin van Hooff Deputy Controller Hoi Karina, Ik ben onderweg naar kantoor en zie op m'n Blackberry een mailtje van Martin. Ik wist niet dat ik een afspraak met hem had, terwijl die afspraak wel heel urgent blijkt te zijn, en jij schijnt er niet te zijn. Ik moet Martin echt spreken, die begroting moet vanavond, desnoods vanavond laat, de deur uit. Je neemt ook niet op, ook niet op je mobiel. Bob Hi Bob, Sorry, ik ben thuis gaan werken. Kon echt niet anders, want onze kleine Lonneke heeft koorts en de oppas ook. Dus werk ik vanuit huis, ja echt wat je noemt zo'n ploetermoedermomentje. Maar geen paniek hoor: ik houd je agenda online in de gaten, ja nu even niet maar zo meteen weer wel. En sorry van die afspraak met Maarten, die was ik in alle ploetermoederhectiek even vergeten door te geven. Ik zal hem even mailen. Die zit toch op Hoofdkantoor? Karina Postma PA to the MD Karina, Ik zit weer achter mijn bureau. Zeg Karina, ik begrijp natuurlijk best dat het een werkende moeder af en toe te veel kan worden, maar je bent nu vier weken in dienst en dit is volgens mij al de derde keer dat dit gebeurt. Zeker een PA hoort toch op kantoor te zijn. En zeker in deze stressvolle begrotingstijden is dat knap lastig. Daar moeten we het toch maar even over hebben als je terug bent. Hij heet trouwens niet Maarten maar Martin en werkt niet op Hoofdkantoor maar gewoon bij ons. Bob Hi Bob, Ik vind dit zó vervelend. Ben ik net in dienst en gebeurt dit met Lonneke en met de oppas en vorige week die kaakchirurg... Maar blij dat je er begrip voor hebt! Ik zag dat al meteen tijdens ons sollicitatiegesprek: eindelijk een leidinggevende vent die snapt wat het is om werkende moeder te zijn en dat we in moderne tijden leven... Maar waarom zit je eigenlijk op kantoor? Volgens mij hoor je nu in Leiden te zitten, voor die lunchafspraak met Arie Hoogeveen. Dat staat ten minste hier op mijn beeldscherm. Karina Postma PA to the MD Karina, Daar weet ik helemaal niets van, dat heb je volgens mij ook helemaal niet doorgegeven. Heel lastig, want die Hoogeveen is een van onze belangrijkste klanten. Kan jij hem even bellen en me verontschuldigen. Zeg maar dat ik ziek ben geworden of zoiets. En heb je al een nieuwe afspraak met Martin? Bob Hi Bob, Dat wordt moeilijk, een nieuwe afspraak met Martin, want die werkt vanmiddag vanuit huis, want ze komen het dak repareren en zijn vrouw kon zich niet vrijmaken. Hij denkt wel dat het online ook te doen is, zij het niet tussen half vier en vier want dan moet hij de kinderen van school halen. Weet je trouwens dat jij om vijf uur je zoontje van hockey moet halen? Dat zei je vrouw gisteren en volgens haar hoefde ik je dat niet door te geven want je vergat dat soort dingen nooit. Ja, wel vreemd eigenlijk, bedenk ik nu: als je dat nooit vergeet, waarom belt ze me daar dan over? Nou ja, dat zijn jullie zaken. Oh ja, die Hoogeveen: die wist van geen afspraak, was ik in alle hectiek zeker vergeten, maar dat komt dus even mooi uit. Karina Postma PA to the MD Karina, Nooit mijn ex te woord staan! Dat ging bij mijn vorige secretaresse ook altijd mis en nou maakt ze er natuurlijk gebruik van dat jij nieuw bent... Vijf uur hockey? Heeft ze me volgens mij niks over verteld. Dat moet dan maar, al heb ik om vier uur volgens mij de OR op bezoek en zou ik niet weten wanneer ik dan nog met Martin online die definitieve begroting voor Hoofdkantoor moet afhandelen. Bob Hi Bob, Die OR gaat niet door, want Willem heeft een extra pappadag en Willemijn kan ook niet vanwege voorbereidingen van de Sinterklaasmiddag, dus dat komt allemaal goed uit. Oh ja, morgen ben ik wat later, ik moet met Lonneke naar de orthodontist, mits ze beter is uiteraard. Zullen we meteen om elf uur de agenda doornemen? Karina Postma PA to the MD

Persoonlijke Groei

Bob’s geduld is even op met zijn personal assistent

Bob is divisiedirecteur bij een groot concern. Hij doet zijn best. Deze keer ergert Bob zich aan de ‘ploetermoedermomenten' van...

author Hans Verstraaten

clock 3 min

Samenwerken draait om complementariteit. Natuurlijk. Ik kan dit en dat niet, en jij kunt dat en dit niet. Op die manier is 1+1 minimaal 2 en het liefst 3. Films zijn een hele krachtige manier om de essentie van samenwerking voelbaar te maken. Samenwerkingsklassiekers zijn bijvoorbeeld The Magnificient Seven, Oceans Eleven of, uit een ander genre, Star Wars. Totaal verschillende mensen (in het laatste geval gaat de diversiteit nog verder) met ieder een eigen specialisme en een gezamenlijk doel kunnen wonderen verrichten. Het dorp wordt beschermd, de onneembare kluis wordt gekraakt, het universum gered van het kwaad… Het recente Hacksaw Ridge heeft ook een geweldige samenwerkingsboodschap. Hoofdpersoon Desmond Doss gaat in militaire dienst maar weigert vanuit zijn geloof om wapens te gebruiken. Hij wil als medic levens redden. Hij weet heel goed wat hem drijft en wat hij wil toevoegen aan zijn compagnie die de Hacksaw Ridge moet veroveren op de Japanners. Hoewel hij aanvankelijk voor een lafaard wordt versleten, blijkt zijn instelling en gedrag net zo vastberaden te zijn als die van de bikkels in zijn eenheid. Heel complementair: samenwerking op leven en dood. Vertrouwen Het soort samenwerking dat nodig is in nieuwe vormen van leiderschap en organiseren, vraagt echter om meer. Dat vraagt ook om vertrouwen in jezelf en in de ander. En om de wil om te delen. Al Pacino verwoordt dit prachtig in de film Any Given Sunday. Pacino is zo’n heerlijk doorleefde American Football coach, met een haperend team vol opgeblazen ego’s. Vlak voor een cruciale wedstrijd vertelt hij zijn team in vijf minuten wat voor hem de essentie is van ‘samen’ en wat het verschil maakt tussen winnen en verliezen. Dat verschil, zo zegt hij, zit in de wil om voor elke inch van dat immens grote veld te knokken. Elke keer weer, op elk moment in de wedstrijd. En ‘samen’ ontstaat als iedereen voortdurend voor die ene inch gaat, vanuit het vertrouwen dat zijn buurman in het veld dat ook doet. Als dat vertrouwen er niet is, heb je niets aan complementariteit alleen. Delen in voor- en tegenspoed Over het belang van delen gaat het prachtige Into the Wild van Sean Penn. Net als Hacksaw Ridge is deze film gebaseerd op een waargebeurd verhaal. Een pas afgestudeerde jongen meent dat hij het geluk en zichzelf kan vinden door alle banden door te snijden en in zijn eentje door de overweldigende natuur van Alaska te trekken. De ongereptheid, de schoonheid en de seizoenen bezorgen hem piekmomenten die aanvankelijk het antwoord lijken op zijn vraag. Bij nader inzien blijkt dat echter – letterlijk- schone schijn. In zijn eentje is hij niet opgewassen tegen de krachten van de natuur en hij wordt uiteindelijk doodziek. Als hij erachter komt dat hij giftige planten heeft gegeten, is hij al zodanig verzwakt dat hij niet in staat is terug te keren naar de bewoonde wereld. Vlak voordat hij in eenzaamheid sterft, schrijft hij in zijn dagboek. “Hapiness is only real when shared.” Wezenlijk geluk Geluk is alleen wezenlijk wanneer het gedeeld wordt. Dat is voor mij, naast vertrouwen, de essentie van ‘samen’ en samenwerking. Samen betekent niet allemaal hetzelfde zijn, of alles samen doen. Echt ‘samen’ kan alleen ontstaan tussen autonome mensen. En het geluk van een autonoom mens bestaat erin dat je ervaringen kan delen. Positieve ervaringen, negatieve ervaringen. En soms zul je elkaar niet begrijpen. Maar delen is cruciaal. Samenwerken op een fundament van complementariteit en vanuit vertrouwen en de wil om te delen. Dat hoort bij de nieuwe manieren van organiseren die we nodig hebben. Ik zie ernaar uit. ​

Persoonlijke Groei

Samenwerken: 1 + 1 = 3

Waar draait samenwerking precies om? En wat is ervoor nodig? Volgens MT-columnist Marcel de Rooij draait het om meer dan...

author Marcel de Rooij

clock 2,5 min

salesforce renzo taal klant klanten mens medewerkers technologie

Management

Hoeveel je ook digitaliseert, succes zit vooral in hoe je met mensen omgaat

Ondanks de sterke digitalisering, draait het in het bedrijfsleven nog steeds om de mens. Pas als je al die technologie...

author Renzo Taal

clock 4,5 min

Als bedrijven massaal robots gaan inzetten lopen overheden heel wat inkomstenbelasting mis, aldus Gates. Daar heeft hij een punt. En ik neem aan dat hij die robotax met terugwerkende kracht ook wil laten heffen op de geldautomaten die kassiers hebben vervangen, op kaartjesautomaten die in de plaats zijn gekomen van loketmedewerkers en op schoenpoetsapparaten in de gangen van obscure hotelletjes. Of je het nou wel of niet eens bent met Gates, het gaat wel ergens over. Hoe gaan we om met de robotisering die we verwachten voor de komende jaren? Gaan veel mensen hun baan kwijtraken? Is dat erg? En zo ja, hoe kunnen we mens en maatschappij beschermen tegen de gevolgen daarvan? Ik weet niet of je je ongemakkelijk voelt bij die vragen, maar toenemende robotisering is nog maar het topje van de ijsberg. De econoom Jeremy Rifkin schetst in zijn boeken een plaatje van wat ons te wachten staat: een heuse industriële revolutie. Aan het begin van elke industriële revolutie vind je een paradigm shift op drie gebieden: communicatie, energie en transport. Internet heeft de laatste 25 jaar zo’n beetje alles veranderd qua communicatie. Zonne-energie is afgelopen jaar op sommige plekken voor het eerst in de geschiedenis goedkoper geworden dan fossiele brandstoffen per KWh. Alleen zelfrijdende auto’s en vrachtwagens hebben waarschijnlijk nog wel even wat tijd nodig. Maar dat dachten we ook over die futuristische apparaten, waarmee je iemand aan de andere kant van de wereld op een schermpje zou kunnen zien, terwijl je met hem of haar aan het praten was. Het idee! En in deze derde of vierde industriële revolutie, afhankelijk van hoe je telt, lijkt het erop alsof we naast die drie mega-veranderingen ook 3D-printing er nog als bonus bij krijgen. Voor zover ik heb gezien, werd in de partijprogramma’s voor de verkiezingen met geen woord gerept over de impact hiervan. En ik kom ook niet veel managers tegen die hier wel actief over nadenken. Het kan soms heel snel gaan. Gisteren heb je nog een stabiele kasstroom van het elke dag mensen van A naar B rijden. Vandaag concurreer je opeens tegen een app met de bescheiden naam ‘Uber’. En wat er morgen gebeurt, weet niemand. Ander voorbeeld. Retail. Hoeveel winkeliers zagen aankomen dat we met z’n allen zoveel online zouden gaan shoppen? En ook als je een Cover MT03 Marketingwebshop start, ben je je brood nog steeds niet zeker. De meeste online winkels sluiten hun deuren in hun eerste jaar. De economie is fundamenteel aan het veranderen. Dat je in 1760 de eerste industriële revolutie niet aan zag komen lijkt me logisch. De tweede industriële revolutie over het hoofd zien? Kan ook gebeuren. Maar kun je als moderne manager werkelijk over 50 jaar terugkijken en met droge ogen zeggen: ‘Ik had echt geen idee’? Deze column staat in de nieuwe MT magazine. Wil je meer columns, artikelen en interviews lezen? Bestel dan een gratis proefnummer.

Management

‘Revolutie? Ik had echt geen idee’

Bill Gates kwam onlangs met een opmerkelijk voorstel. Hij pleitte ervoor bedrijven belasting te laten betalen voor robots. Vooral voor...

author Taco Oosterkamp

clock 2 min

VAN Wouter jansen AAN Bob ONDERWERP Zorgen over Willem-Jan Hoi Bob, Weet jij wat er met Willem-Jan aan de hand is? We waren net de begroting aan het doornemen. Nou, ik ken hem dus al jaren niet anders dan als de man van twee cijfers achter de komma. Jij toch ook? Maar ineens vroeg hij: “Waarom leg jij ­dingen altijd buiten jezelf, Wouter?” Ik dacht eerst dat hij een grapje maakte, ­begon dus ook te lachen. Maar toen zei Willem-Jan: “Dingen weglachen is zó ­makkelijk – en dat is zó evident weer iets buiten jezelf leggen.” Ik maak me, kortom, een beetje zorgen. Wouter Jansen Deputy CFO Hoi Wouter, Ja, ik weet het, ik heb het inmiddels van meerdere mensen gehoord en heb er zelf intussen ook al mee te maken gehad. Ik vroeg hem van de week nogal geïrriteerd waar de cijfers van het derde kwartaal ­bleven en toen zei hij: “Is dat ­werkelijk wat je dwarszit, Bob, of ben je aan het ­verschuiven?” Heel irritant, ja, vooral ­omdat ik die kwartaalcijfers gewoon ook echt nodig heb, Hoofdkantoor zeurt er ook al om. Ik denk dat het aan zijn nieuwe vrouw ligt, die Annejet. Ruim 20 jaar ­jonger, nou ja, je kent het wel: klassiek ­geval van een middelbare manager die in de ban raakt. Het schijnt dat ze samen op donderdagavond naar reiki-managementworkshops gaan om god weet wat te doen. En heb je dat vorige week vrijdag gezien? Had hij ­ineens van die felrode hippe gymschoenen aan. Echt waar – onder zijn pak! Als dat zo doorgaat, vrees ik net als jij voor die ­gezonde twee cijfers achter de ­komma. Bob Bob, Maar dan moet jij toch met hem praten? Jij bent immers zijn direct leidinggevende. Weet je wat hij vanochtend zei tegen ­Verkouteren, toch duidelijk de beste boekhouder die we hier hebben rondlopen? “Jij moet eens heel snel je denkpatronen helemaal loslaten. Kijk eens naar je schouders… laat jezelf los, Johan!” En toen moest die Verkouteren naast zijn bureau gaan staan en denken dat hij een bloem in de lente was, waar je zo’n ­Verkouteren bepaald geen plezier mee doet. Dat zal vast allemaal wel liggen aan die Annejet – overigens zo lelijk als de nacht, ik bedoel, als je dan toch zo’n ­middelbare-managerscrisis hebt, wees dan een beetje kieskeurig met wie je je tweede leg begint, toch? – maar het zorgt wel voor een hoop onrust. En straks moet hij – samen met jou, Bob! – met de ­kwartaalcijfers naar Hoofdkantoor. En als hij dan aan onze bestuursvoorzitter vraagt of die een bloem in de lente wil zijn, denk je dat dit dan goed valt, Bob? Ik bedoel maar: je moet echt wat doen. Wouter Jansen Deputy CFO Wouter, Maar dat heb ik ook geprobéérd. Tijdens het MT-overleg zei hij ineens tegen Agnes: “Jij bent veel zachter dan je denkt…” Nou was Agnes net bezig met de presentatie van haar powerpoint over intrinsieke waardecreatie via digitale cross selling, waar ze altijd helemaal in opgaat, dus dit viel niet goed, zul je begrijpen. Na afloop vraag ik Jan-Willem dan ook: “Wil je dat niet meer doen? Zo raken mensen uit hun concentratie.” Waarop hij me aankijkt, mijn hand vastpakt en zegt: “Wat wil je nou werkelijk zeggen, Bob?” Dus ik leg het hem nog een keer uit, dat hij mensen niet in de rede moet vallen en zo, waarop hij herhaalt: “Ja, maar Bob, wat wil je nou werkelijk kwijt?” Ik heb dan toch nog honderd keer liever een Arthur die ­tijdens meetings altijd ­overdreven geeuwt om iedereen te laten weten dat hij en z’n nieuwe liefde weer de halve nacht bezig zijn geweest. Ook pathetisch, maar herkenbaarder. Toen ik wat had met Jessica heeft toch ook bijna niemand er iets van gemerkt? Nou goed, die ene keer, toen ik per se dat gifgroene jasje van haar aanmoest, maar verder heb ik dat volgens mij allemaal heel professioneel opgepakt, toch? Maar Willem-Jan… dat is toch anders. Ja, ook ik maak me grote zorgen en ben nu zelfs van plan om maar alleen met die ­kwartaalcijfers naar Hoofdkantoor te gaan. Maar dan moet ik die cijfers natuurlijk wel eerst hébben. Bob Bob, Ja, dat gifgroene jasje, dat deed je ­autoriteit geen goed. Maar goed, lessons learned, zullen we maar zeggen. En wie ben ik om er wat van te zeggen – als ik ­terugdenk aan Annemieke en dat lange weekend in CenterParcs De ­Kempervennen, denk ik ook nog steeds: was ík dat? Maar dat is nou juist het punt: bij ons gaat het over, maar bij Willem-Jan niet. Weet je wat hij vandaag draagt? Een roze trui. Wouter Jansen Deputy CFO Willem-Jan, Urgente vraag: kan ik vandaag nog de ­kwartaalcijfers krijgen? Graag snel een helder antwoord. Bob Bob, Helder antwoord: ja. Ik heb er trouwens Annejet even naar laten kijken. Dankzij haar is het nu geen kil, koud cijferoverzicht maar een warm, weelderig verhaal ­geworden. Echt, je zult ­ervan opkijken. Willem-Jan

Persoonlijke Groei

Bob heeft moeite met een ‘reiki-manager’

Bob is divisiedirecteur van een groot concern hij doet zijn best. Deze keer zijn de kwartaalcijfers ineens niet meer kil,...

author Hans Verstraaten

clock 3,5 min

In het weekend mag ik graag een rondje hardlopen. Het is mijn manier om te ontspannen en niet zelden kom ik terug met een idee. Het is het moment dat ik mijn gedachtes de vrije loop laat, geniet van de buitenlucht en schijnbaar is dat ideaal om nieuwe dingen te bedenken. Maar dat is niet waarom dit stuk over hardlopen gaat. Het is mij te doen om de manier waarop ik loop. Stip op de horizon Onlangs bedacht ik mij dat ik onbewust op een bepaalde manier loop. Ik kijk namelijk altijd ver vooruit. Het einde van de straat, het einde van het looppad, of zover je kan kijken in de verte. Ik raak dan in een soort trance, waarbij de focus op het einde ligt. Focus op de volgende halte waar ik naartoe ren. Dit is voor mij de stip op de horizon. Bij rennen is dit het doel waar ik naar toe wil en dit geeft mij houvast om doelen te stellen. Mijzelf te prikkelen om verder te rennen en met wat doorzettingsvermogen kom ik er dan. Vaak pik ik vanaf dat moment weer een volgend doel. Zo ga ik van eindpunt naar eindpunt. Ik deel daarmee het hele traject op in kleinere stukken. Hierdoor heb ik steeds een doel als deel van een groter doel, lees het hele traject. Ik ben niet teveel in mijn hoofd bezig met waar ik nu loop of wat ik nog moet lopen. Focus op waar ik naar toe wil, is dan wat mij in beweging houdt. Dromen In het werk zet ik ook deze stippen op de horizon. Waar willen wij zijn aan het eind van het jaar? Waar willen wij met het bedrijf zijn in 2020? In het werk noem ik het overigens niet doelen, maar dromen. Dit klinkt magischer. Over dromen een andere keer meer. Terug naar het hardlopen. Ik heb ontdekt dat met mijn focus op de verte tijdens het rennen, ik de plassen, kuilen, stoepranden, losliggende takken of andere onregelmatigheden die ik tegenkom al van ver zie aankomen. Schijnbaar zie ik zonder moeite vanuit mijn ooghoeken ook de directe omgeving. Ik heb de tijd om erop te anticiperen. Het kost me dan niet of nauwelijks moeite om op tijd de onregelmatigheden te ontwijken of mijn looppad aan te passen. Hoofd omhoog Het bijkomend voordeel is dat ik ontspannen loop met het hoofd omhoog en de borst vooruit. Ik krijg geen kramp in mijn nek van het direct voor me omlaag naar de grond kijken, waarbij ik constant zou moeten inspelen op alle onregelmatigheden die ineens voor mij opdoemen. Tijdens het werk hebben we dezelfde keuze. Doen we ons ding van alledag en zijn we druk bezig met alles wat er zich voor doet of hebben we een doel in de verte? Hebben we ons blik vooruit en passen we ons gemakkelijk aan de onregelmatigheden van de dag of zijn we krampachtig bezig alle kuilen van elke dag te ontwijken? Horizon In de werkomgeving heeft het stellen van een doel in de verte nog een bijkomend voordeel en dat is het gegeven dat je team, collega’s of medewerkers weten waarvoor ze elke dag aan de slag gaan. Ze werken met een stip op de horizon. Dit maakt dat ze een doel hebben, dat ze weten waarom ze bepaalde beslissingen moeten nemen, de klant moeten helpen of simpelweg een collega de helpende hand te bieden. Tegenslagen, als kuilen of takken op de weg, kunnen makkelijker worden overwonnen, omdat er een stip op de horizon is. Iedereen wil werken waar de stip op de horizon lonkt. Het verschil tussen ontspannen of hard werken. Morgen maar weer een rondje rennen na een lekkere werkdag. Allard Droste is ondernemer en professioneel dromer. De afgelopen tien haar heeft hij een bestaand bedrijf van een bureaucratie omgetoverd tot een zelfsturende en gemotiveerde omgeving die winst maakt. Hierover schreef hij het boek Semco in de polder.

Management

Staat managen gelijk aan hardlopen?

Tijdens het hardlopen kijkt Allard Droste ver vooruit. Obstakels ziet hij al van verre aankomen. Dat principe probeert hij ook...

author Allard Droste

clock 2,5 min

HR & Recruitment

De 5 meest bizarre ontslagzaken van de afgelopen tijd

Een grap uithalen met een leidinggevende op Facebook, een piloot die even een dutje doet en een uit de hand...

author Annelieke Fenstra

clock 5,5 min

Accountantskantoren kennen een zorgvuldig gecultiveerde ‘tegenstelling’ tussen adviseurs en accountants. Vaak wordt geroepen dat deze tegenstellingen uit de persoonlijkheden volgen. Het lijkt echter eerder de regelgeving te zijn waarbinnen beide beroepsgroepen opereren. In relatie tot de klant moet de accountant altijd om zijn onafhankelijkheid denken. Hij moet immers vrij kunnen zeggen dat een jaarrekening niet deugt. Een adviseur kent deze remmingen in mindere mate. Samenwerking Adviseurs werken graag met accountants samen. De accountant ziet een ondernemer jaarlijks en heeft alle informatie rondom de ondernemer en de onderneming in huis. Accountants vinden die samenwerking ook prettig. Immers: twee weten meer dan één. Uiteindelijk is deze samenwerking de sleutel tot een effectieve ‘marktbenadering’. Want hoe je het ook bekijkt, accountants en adviseurs werken in een vrije markt. Als adviseur en accountant onder één dak en onder één naam werken, moet de adviseur zich bewust zijn van zijn speelveld. Door die samenwerking bepalen de beroepsregels van de accountant hoe ver de werkzaamheden van een adviseur reiken. De adviseur zal deze regels dus moeten (her)kennen. Als je de adviseur effectief wil informeren over deze regels en hem wil winnen voor het toepassen daarvan, vergt dat nogal wat. Dan komt het aan op didactiek, de manier waarop kennis en vaardigheden worden overgebracht. Cursus Het lesmateriaal dat wij kregen tijdens de cursus stond bol van de verbodsbepalingen. Het gebruikelijke advieswerk leek linksom of rechtsom niet meer te realiseren bij klanten waar accountantscontrole wordt toegepast. Nergens werd uit de doeken gedaan welke stappen te nemen om alsnog tot passende advisering te komen, zonder de onafhankelijkheid van de accountant te schaden. Ik werk al lang met regelgeving, maar in Nederland wordt zelden iets ongenadig verboden. Er worden altijd wegen geopend om zaken draaiend te houden. Daarbij wordt het hoofddoel, de onafhankelijkheid, niet uit het oog verloren. Het lijkt er hier op dat het gepresenteerde volledig op de inhoud was gericht, zonder rekening te houden met de gedachte dat de stof óók moest overtuigen. Zinloos zonder draagvlak Tegen het einde van de sessie waren de deelnemers volledig gedesillusioneerd. Wat zij gehoord hadden kón wat hun betreft niet juist zijn. Een algehele ontkenning gecombineerd met onbegrip was ingetreden. Een zinlozere combinatie bij kennisoverdracht bestaat niet. Hierdoor was het effect van de cursus verwaarloosbaar. Zo ging tijd verloren die ook aan andere, meer productieve taken, besteed had kunnen worden. Degene die in de cursus ‘voorging’ was teleurgesteld en de organisatie heeft als geheel kosten gemaakt voor een cursus die zijn doel mist. Maar er wás een cursus. Men móest dus iets leren. Wat ik in elk geval weer eens meekreeg is dat overdracht van kennis alleen kan door draagvlak te creëren. En draagvlak komt tot stand door, hoe oubollig ik nu ook klink, een positief en realistisch verhaal.

Management

Waarom draagvlak onmisbaar is bij kennisoverdracht

Ik verdiepte mij onlangs met wat collega-adviseurs in bepaalde in regelgeving. Nuttige regelgeving die kaders schept waarbinnen de samenwerking tussen...

author Gijs Veenhuijsen

clock 2 min

Het kan ook anders. Amy Cuddy, Amerikaans sociaal psycholoog en docent aan de Harvard University heeft onderzocht hoe je het best kunt omgaan met spanning en beter kunt presteren. Je kent haar misschien wel, van haar Ted Talk ‘Your body language shapes who you are’. Cuddy heeft nu haar onderzoeksresultaten uitgewerkt in haar boek ‘Presence. Onverschrokken je grootste uitdagingen aangaan’. Omdat we allemaal wel eens te maken hebben met een situatie waar we tegenop zien, deel ik graag een paar van haar tips. #1 Focus op het moment Wanneer je gespannen bent ga je piekeren over allerlei dingen, zoals het eindresultaat (krijg ik het wel voor elkaar?) of de mening van de ander. Je geeft aan allerlei dingen aandacht - behalve aan hetgeen dat je op dat moment moet doen. Daardoor ben je minder gefocust op dat werkelijk belangrijk is en kom je bovendien onzeker over. In plaats daarvan kun je je veel beter richten op het moment zelf en wat je op dat moment moet doen. Of het nou een pitch voor investeerders is of een lastig gesprek met een medewerker: richt je niet te veel op het resultaat dat je wilt behalen. Houd de focus op je kerntaak van dat moment: dan neem je je publiek vanzelf mee. Zo kom je vol vertrouwen over en voorkom je zogenaamde 'trappenwijsheid': dat je achteraf, na uitgebreid analyseren en piekeren, ineens weet je wat je had moeten zeggen. #2 Gebruik de kracht van lichaamstaal Wanneer je blij bent, ga je lachen. Wanneer je je zelfverzekerd voelt, dan neem je een stevige en brede houding aan: je doet je kin omhoog, draait je schouders open en neemt relatief veel ruimte in. Het werkt ook andersom, zo ontdekte Cuddy. Neem twee minuten een krachthouding aan, en je gaat je als vanzelfsprekend zelfverzekerder voelen. Hetzelfde geldt voor een zogenaamde machteloze houding: voorover gaan zitten, je schouders naar elkaar toe buigen, je kin naar de borst toe brengen. Dat is een houding die je normaal gesproken aanneemt wanneer je je machteloos en kwetsbaar voelt. Wanneer je die houding aanneemt, dan ga je je ook vanzelf machteloos voelen. Even in een krachthouding staan maakt dat de hormonen gaan stromen, je zelfverzekerder voelt en met net iets meer lef naar binnen stapt. Iedere keer dat je dat doet, neemt je zelfvertrouwen toe. Maar dat niet alleen: je krijgt ook mentaal een meer open houding: je bent creatiever, ziet meer mogelijkheden en staat open voor andermans ideeën. Je gesprekspartner merkt dat. Hij vindt je vriendelijker en betrouwbaarder - en zo win je aan invloed. Kortom: niet Red Bull, maar kracht geeft je vleugels. #3 Leg je mobieltje wat vaker weg Wanneer je op je mobieltje kijkt, dan neem je vanzelf een minder brede houding aan. Je gaat voorover zitten, buigt je hoofd naar voren en brengt je schouders bij elkaar. Doe je dit vaak, dan krijg je vaker last van hoofd- en nekpijn. Dit komt omdat je hoofd relatief veel zwaarder wordt. Wat verrassender is: je zelfvertrouwen neemt af, zo ontdekte Cuddy. Dat komt om je vaker in de machteloze houding zit. Hoe langer ineen gekrompen, hoe minder je persoonlijke kracht. Wel een beetje wrang: je gebruikt je smartphone vaak juist om productiever te worden: even nog een paar mailtjes wegwerken. In plaats daarvan ondermijnt het je assertiviteit en daarmee je effectiviteit... #4 Verander in kleine stapjes Denk nu niet gelijk: ‘ik kijk nooit meer op mijn smartphone’ of 'voortaan sta ik de hele dag in een krachthouding'. Want dat is zó ambitieus dat het vast en zeker een keer mislukt. En wanneer iets een keer mislukt, dan denk je al gauw: ‘het lukt me nooit', om de moed vervolgens maar helemaal op te geven. Beter kun je langzaam naar je doel toewerken en kleinere, concrete veranderingen voornemen. Die kun je dan als een gewoonte gaan hanteren. Bijvoorbeeld: 'De komende week leg ik elke dag mijn telefoon een kwartiertje bewust weg.’ De kans is dan groot dat je het meteen de eerste dag doet en de volgende dag denkt 'ach, dat was niet zo veel moeite' en het nog een keer doet. En zo kun je die gewoonte uitbreiden en steeds meer veranderen. #5 Probeer het maar eens In haar boek geeft Cuddy meer praktische tips. Probeer ze maar eens, voor dat je zo naar de volgende vergadering loopt. Even in een krachthouding staan: handen op je heupen, glimlachen en de kin naar voren. Doe het op je kamer, of als het ongemakkelijk voelt, even in een ruimte waar niemand je ziet.

Persoonlijke Groei

5 tips om beter te presteren met een krachthouding

Rode konen van de zenuwen, trillende handen bij een speech, piekeren of het je allemaal wel gaat lukken. Allemaal tekenen...

author Yolanda van Heese

clock 3 min

Management

Waarom Agile een religie is, maar geen bewezen succesformule

Er is niets mis met ‘fan’ zijn van Agile werken, maar er is wel iets mis met de claim dat...

author Richard Engelfriet

clock 3,5 min

Goedemorgen Bob, Ik ben zeer nieuwsgierig: hoe was het Balanced Leadership Workshop Weekend? Saskia de Boer Chief HRM Saskia, Nou, waar zal ik eens beginnen? Op vrijdagavond kwamen we aan, en niet, zoals verwacht, in een net hotel, maar in iets wat leek op een barak. We kregen met z’n achten een zaaltje toegewezen met van die armoedige stalen bedden. Dat was wel een tegenvaller. Het eten was eveneens een tegenvaller: bruinebonensoep – met wel heel veel bruine bonen, zodat het later op dat zaaltje... nou ja, laat ik dat gedeelte maar overslaan. Op zaterdagochtend stonden we in een gymzaal en moesten we om te beginnen op één been naar de andere kant hinkelen terwijl je het andere been vasthield. Moeilijk hoor, vooral voor een directeur van begin zestig. Die viel om. Hij moest verder en wij kregen de opdracht hem aan te moedigen. Dus wij schreeuwen: ‘Kom op, Frank!’ Het was echt pathetisch om te zien. Maar Frank haalde het. Halfdood en met tranen in de ogen, maar hij haalde het. Let wel: dit is een gerespecteerd man die leiding geeft aan zo’n 800 medewerkers. Bob Bob, Djezus zeg. Maar waar was dat eigenlijk voor nodig, dat hinkelen? Saskia de Boer Chief HRM Saskia, Zo moesten we, zei de cursusleider, onze balans zien te vinden. Dat gold weer niet voor het volgende onderdeel, want dat heette: Uit Balans. We moesten op zo’n judomat elkaar uit balans brengen. Waarom? Geen idee eigenlijk. En wie was mijn tegenstander? Jawel: Frank. Ik dacht: dit wordt een makkie. Nou, dat viel tegen, die vent was echt een massief blok. Pas toen ik hem op zijn oog stompte, viel hij eindelijk om. We waren toen al doodop. Bob Bob, Djezus nog aan toe. En werd er ook uitgelegd waar dat allemaal voor nodig was? Saskia de Boer Chief HRM Saskia, Nou, die cursusleider stond voortdurend te schreeuwen: ‘Zoek je balans!’ Maar daar bleef het bij. Toen was het lunchen, en jawel hoor: weer bruinebonensoep. Frank was inmiddels naar het ziekenhuis om naar zijn oog te laten kijken, waar ik me wel voor schaamde. We hebben Frank trouwens niet meer terugzien. Joost idem dito: die ging zogenaamd iets uit zijn auto halen, nou, even later scheurde hij van de parkeerplaats. Toen waren we nog maar met z’n zessen. ’s Middags moesten we door de bossen rennen, weer geen idee waarom. Toen we daar eindelijk mee mochten stoppen, was Floris verdwenen. Die cursusleider was woedend! ‘Gore lafbekken! Elk weekend weer!’ En zo ging het maar door, het ene onzinnige onderdeel na het andere, met als dieptepunt een half uur in stilte op een boomstam zitten in je onderbroek – en die cursusleider ons maar in de gaten houden. Ik heb een hoop nutteloze, totaal onzinnige en o zo bizarre managementworkshops gevolgd, maar deze sloeg echt alles. Hoe heb je die in godsnaam gevonden, Saskia? Bob Bob, Ja, excuses, duizendmaal excuses. En dat voor 3225 euro, exclusief maaltijden, dat ook nog. Maar dit stond er in de brochure: ‘Dit Balanced Leadership Workshop Weekend wordt voor u een once in a lifetime ervaring waar u nog vaak aan zult terugdenken.’ Saskia de Boer Chief HRM Saskia, Ik geef toe: geen woord aan gelogen. Bob

Carrière

Bob gaat op Balanced Leadership Workshop Weekend

Bob is divisiedirecteur bij een groot concern. Hij doet zijn best. In deze aflevering gaat hij op Balanced Leadership Workshop...

author Hans Verstraaten

clock 2 min

Printerfabrikant HP introduceerde een serie korte filmpjes met als uitsmijter: Nothing is safe untill your printers are. De impliciete boodschap: wie niet snel de nieuwste, meest veilige HP-printer koopt, loopt het risico gehackt te worden. De klant bang maken is niet een van de sympathiekste vormen van marketing, maar ongetwijfeld wel effectief. Een andere weinig sympathieke vorm van reclame is het afbranden van je concurrent. Beroemd is het reclamespotje van Apple uit 1983-1984 waarin ‘Big Blue’, oftewel IBM wordt weggezet als Big Brother, de totalitaire tiran uit 1984 van George Orwell. Er is echter maar één bedrijf dat ik ken waar de klant zelf mikpunt is: Ryanair. Topman Michael O’Leary propt te veel stoelen in zijn vliegtuig. Hij laat de klant overal voor betalen en vliegt op vliegvelden kilometers verwijderd van de bestemming: Charleroi heet Brussel-Zuid. Af en toe houdt O’Leary een persconferentie waarin hij aankondigt dat hij het de passagier nog onaangenamer wil maken. Zo zei hij te overwegen mensen te laten betalen voor het vliegtuigtoilet, kondigde hij een vet-taks voor zwaarlijvige mensen aan en stelde hij voor staanplaatsen te creëren. Onzin natuurlijk, maar het helpt O’Leary wel bij het brengen van de boodschap. Als het vliegen met Ryanair zo ongemakkelijk is, dan móet het wel heel goedkoop zijn. En prijs blijkt voor hele grote groepen Europeanen nog altijd het belangrijkste criterium bij het kiezen van een luchtvaartmaatschappij. In dit nummer een portret van de anomalie in de luchtvaart, inmiddels de grootste van Europa gemeten in passagiers. En een hoop andere verhalen over ook vernieuwende maar misschien iets minder controversiële manieren om de klant te beïnvloeden.

Management

Ryanair: groot geworden door klantje pesten

Elk bedrijf zet marketing anders in: sommigen hebben een heel sterke klantenservice, anderen maken steengoede reclames of laten video's viral...

author Thijs Peters

clock 1 min

Management

Wat als je stemassistent reageert op een reclame en een Whopper bestelt?

Ben je als ondernemer in overtreding als je via een reclame de stemassistent van een consument activeert? Jurist Arnoud Engelfriet...

author Arnoud Engelfriet

clock 1,5 min