Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

falende manager

Management & Leiderschap

Zo moet het dus niet: leren van falende manager

Monique (38) werd twee jaar geleden aangenomen als marketeer bij een klein IT-bedrijf. In april stopte ze ermee, overwerkt en...

author Jaap Meijers

clock 5 min

Management & Leiderschap

Burn-out: de feiten op een rij

Burn-out lijkt misschien een recent fenomeen, maar de term dook begin jaren zeventig al op in een wetenschappelijk tijdschrift. Wat...

author Jaap Meijers

clock 2 min

Virtual Reality MT

Management & Leiderschap

Dit kunnen we verwachten van Virtual Reality

Er worden de laatste jaren miljarden geïnvesteerd in virtual reality. Maar is het een hype, of breekt de technologie dit...

author Jaap Meijers

clock 3,5 min

Aldi MT

Management & Leiderschap

Aldi: vete in het familiebedrijf

Aldi-weduwe Babette Albrecht schendt met haar uitbundige levensstijl de familiecode van soberheid en geheimzinnigheid – zegt haar schoonfamilie. Die wil...

author Jaap Meijers

clock 3,5 min

Management & Leiderschap

De auto belt zelf de alarmcentrale

Na een auto-ongeluk is de bestuurder niet altijd in staat 112 te bellen. Veel nieuwe auto’s kunnen zélf de alarmcentrale...

author Jaap Meijers

clock 2 min

De route van grondstof naar af product op de keukentafel kan altijd sneller. Efficiënt ketenbeheer is een vorm van topsport.

Management & Leiderschap

De toekomst van logistiek: altijd weten wat, waar en wanneer

De route van grondstof naar af product op de keukentafel kan altijd sneller. Efficiënt ketenbeheer is een vorm van topsport.

author Jaap Meijers

clock 1,5 min

Het was gemakkelijk veel geld verdienen, maar nu moet de verzekeringsbranche aan de bak met nieuwe technologie en verzekeringsvormen.

Management & Leiderschap

Halen de grote verzekeringsmaatschappijen 2030 wel?

Het was gemakkelijk veel geld verdienen, maar nu moet de verzekeringsbranche aan de bak met nieuwe technologie en verzekeringsvormen.

author Jaap Meijers

clock 2,5 min

‘Kunstmatige intelligentie’ is een term die spannend en hightech klinkt, maar het probleem is ook dat het van alles kan betekenen. Roepen dat je bedrijf iets doet met kunstmatige intelligentie – ook wel KI, artificiële intelligentie of AI – is net zoiets als zeggen dat je in de automotive industrie zit: het klinkt lekker, maar het maakt niet duidelijk of je zelfrijdende auto’s ontwikkelt of dat je een modderige sloperij runt. Toch is de opwinding over artificiële intelligentie (AI) en machine learning (ML) zeker niet onterecht. Want wat er allemaal met die technieken mogelijk is, ontwikkelt zich in hoog tempo, zeker als je bedenkt dat er al sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw aan wordt gewerkt. De wetenschap had toen net ontdekt dat ons brein werkt met netwerken van neuronen. Psychologen, linguïsten en informatici begonnen zich af te vragen of het niet mogelijk was de werking van het menselijk brein na te bootsen met machines. Het startpunt was de vraag die wiskundige en computerpionier Alan Turing eind jaren veertig stelde: ‘Kunnen computers denken?’ Het antwoord op die vraag is nog steeds niet gevonden. Wat het lastig maakt, is dat niet duidelijk is wat intelligentie precies is. Mensen met een IQ van 132 kunnen niet per se alles goed, en mensen die ontzettend goed zijn in bijvoorbeeld rekenen, kunnen tegelijkertijd heel slecht zijn in het onthouden van namen. Turings vraag was weliswaar het beginpunt voor de eerste AI-onderzoekers, maar inmiddels is die vraag niet meer zo relevant. ‘De vraag of machines kunnen denken is ongeveer net zo relevant als de vraag of een duikboot kan zwemmen’, aldus de bekende Nederlandse computerwetenschapper Edsger Wybe Dijkstra. Aan hem hebben we onder meer het algoritme te danken waarmee praktisch alle routenavigatiesystemen werken. De vraag is overbodig, vond Dijkstra, omdat we ons gewoon in computers en hun mogelijkheden kunnen verdiepen zonder te weten wat we onder ‘denken’ moeten verstaan. In de zoektocht naar serieuze kunstmatige intelligentie heeft de vergelijking met menselijke intelligentie wel steeds opnieuw voor flinke teleurstellingen gezorgd. Het onderzoek heeft steeds hetzelfde patroon gevolgd: een paar mensen zijn veel te optimistisch over wat er mogelijk zal zijn, investeerders en overheden worden daar wild enthousiast over, vervolgens vallen de resultaten tegen en daardoor drogen de budgetten op, totdat er toch weer nieuwe ontwikkelingen zijn waardoor de cyclus opnieuw begint. Voor de magere tijden is zelfs een woord bedacht: AI-winter, en de Wikipedia-pagina die alle AI-winters opsomt, is indrukwekkend lang. AI-zomer Kunstmatige intelligentie begon met programma’s die voor mensen destijds verbluffend waren. Niemand had ooit verwacht dat computers verder zouden gaan dan simpel rekenwerk, maar in de jaren zestig bleek ineens dat ze meetkundige stellingen konden bewijzen en Engelse zinnen konden leren. In de jaren zeventig en tachtig waren expert systems de eerste succesvolle vorm van AI. De apparaten werden gevuld met een database vol bedrijfsgegevens en beslisregels en konden zo helpen bij van alles, van medische diagnoses tot het monitoren van de veiligheid van waterdammen. Voordat computerbedrijf DEC in 1980 zijn expert system XCON neerzette, moesten klanten elk kabeltje en elk stukje software apart bestellen. In 1986 bespaarde het bedrijf dankzij het nieuwe systeem 40 miljoen dollar per jaar door snellere assemblage, minder foute leveringen en meer tevreden klanten. Maar hoe succesvol en intelligent zulke systemen ook waren, ze moesten nog steeds vooraf voorgeschreven krijgen wat ze moesten denken. De XCON bijvoorbeeld bevatte 2.500 regels. Daar kwam verandering in toen er grote stappen werden gezet in de computerwetenschap en in de productie van hardware. Daardoor is het nu weer hoogzomer in de AI. Iedereen heeft het erover en net als bij alle voorgaande AI-zomers zijn er mensen die zeggen dat we zeer binnenkort computers en robots zullen ontmoeten die slimmer zijn dan mensen. Computers zijn eindelijk krachtig genoeg geworden om de elektrische dromen van de computerwetenschappers te kunnen realiseren. Toegenomen rekenkracht en goedkope opslagruimte zorgen ervoor dat computers grote hoeveelheden data kunnen analyseren. De grote revolutie die zich daardoor nu kan voltrekken, is dat we computers niet langer behandelen als een blinde machine die vooral goed kan optellen en aftrekken, maar als een intelligent apparaat waar we meer algemene vragen aan kunnen stellen – of die zelfs vragen kan beantwoorden die niet per se van tevoren gesteld worden. Het hele artikel over AI, Machine Learning en Deep Learning leest u in het nieuwe nummer van MT, dat in het teken staat van data. 

Management & Leiderschap

Alles wat je wil weten over AI en machine learning

Tot voor kort was artificiële intelligentie nog voorbehouden aan sciencefictionfilms, maar inmiddels tel je als bedrijf bijna niet meer mee...

author Jaap Meijers

clock 3 min

Het schip waar je op staat, deint op en neer op de golven. Voor je doemt een boorplatform op. Je weet dat je zo de oversteek moet maken om daar aan het werk te gaan. Dit klinkt als een doodenge situatie, maar dankzij het Delftse bedrijf Ampelmann is het niet enger dan een straat oversteken in de stad. Ampelmann maakt hightech loopbruggen. Het zijn fascinerende apparaten, die dankzij sensoren en zes hydraulische cilinders volkomen recht blijven, zelfs bij metershoge golven. Mensen die werken op boorplatforms of die onderhoud moeten plegen aan windmolens op zee kunnen dankzij de beweging compenserende bruggen veilig en snel worden overgezet. De werknemers of onderhoudsmonteurs verzamelen zich op het dek boven op de hexapod (het zesbenige platform), waarna de operator het gevaarte omhoog laat komen, de brug uitschuift en tegen het platform duwt. Vervolgens steken ze een voor een de brug over. Een loopbrug die helemaal stil blijft liggen, is allicht minder gevaarlijk Als je op de brug staat, heb je niet eens door hoe vreemd het is, vertelt een ingenieur. ‘Je hebt een hele tijd niks in de gaten. Je ziet de horizon en het boorplatform gewoon voor je. Dan kijk je door het rooster naar beneden en zie je dat het schip onder je vol in beweging is. Dat is een gekke gewaarwording.’ Swing ropes Op de voormalige RDM-werf in Rotterdam, in een fabriekshal waar vroeger onderzeeërs werden gebouwd, assembleert Ampelmann componenten die bijna allemaal uit de Benelux en Duitsland komen tot werkende apparaten. Achter in de hal doet een loopbrug precies het tegenovergestelde van perfect recht blijven: hij beweegt flink heen en weer, alle kanten op. Dat is om hem te testen, legt de productiemanager uit. ‘Wij vertellen de computer met een testprogramma dat hij op een schip staat, in plaats van hier op de vloer. Wat je nu ziet, is hoe hij de golven compenseert.’ Door een obsessie met veiligheid is de offshore sector doorgaans niet zo snel geneigd nieuwe vindingen te omarmen. Toen Ampelmann in 2008 werd opgericht, als spin-off van de TU Delft, moest de sector ook even wennen aan de motion compensated gangways, maar inmiddels heeft de techniek zich bewezen als een veiliger alternatief voor andere manieren van overzetten. Zeker helikopters kennen een hoog risico op dodelijke ongelukken, weet Ampelmann-manager Diederick Nierstrasz. ‘De helikopter is een vervoersmiddel waar veel maatschappijen van afwillen. Ook bij het overstappen vanaf kleine bootjes komen eens in de zoveel tijd mensen tussen wal en schip terecht. En vooral in Azië gebruiken ze nog vaak swing ropes en manden om mensen over te zetten. Elk jaar komt het een paar keer voor dat iemand mis springt en in de schroef terechtkomt.’ Een loopbrug die helemaal stil blijft liggen, is allicht minder gevaarlijk. Tot nu toe is er nog maar één incident geweest met een Ampelmann-loopbrug, vertelt innovatiemanager Oscar Calkoen. ‘Als er iets aan de hand is, bijvoorbeeld als de hydraulische druk wegvalt, dan schuift de telescopische loopbrug zichzelf in. Toen dat een keer gebeurde, stond iemand er net achter en die heeft toen zijn tenen gebroken. Bepaalde risico’s blijven, maar dat is het enige ongeval op 3,3 miljoen mensen die we veilig hebben overgezet.’ Het bedrijf weet zo precies hoeveel mensen het wereldwijd heeft overgezet, omdat de operators (voor elke loopbrug heeft Ampelmann er twee in dienst) van over alle zeven wereldzeeën elke dag een rapport naar het hoofdkantoor in Delft sturen. Daar begon Ampelmann al vroeg mee: de oprichter, de Delftse promovendus Jan van der Tempel, was van mening dat je zo veel mogelijk hoogtepunten moet vieren. Vier jaar na de oprichting vierde het bedrijf de honderdduizendste transfer en na zes jaar kon de miljoenste passagier worden gevierd. In het begin was die teller er dus voor de lol, maar inmiddels zorgen de cijfers voor een indrukwekkend safety record: zou hetzelfde aantal mensen per helikopter vervoerd zijn, dan zou dat waarschijnlijk een aantal fatale ongelukken hebben opgeleverd.

Management & Leiderschap

Ampelmann: Hightech compensatiegedrag

Op volle zee overstappen op een boorplatform of windturbine. Niet met een bootje of aan een touw, maar gewoon via...

author Jaap Meijers

clock 3 min

Religiewetenschapper Claudia Hoekx onderzocht hoe bruikbaar het Enneagram is. Het Enneagram-model onderscheidt negen persoonlijkheidstypen en zou zijn gebaseerd op eeuwenoude soefiwijsheid. Het model is één van de vele methodes die gebruikt worden bij persoonsontwikkeling, coaching en personeelsmanagement. Het promotietraject van Hoekx verliep bepaald niet soepel. Universiteitsblad Vox schreef een paar jaar geleden dat nadat een hoogleraar van de faculteit Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen van de RU zich terugtrok, ook een tweede zijn handen van Hoekx’ onderzoek aftrok. Zij zeiden te zijn “vastgelopen op de alom aanwezige normativiteit van de onderzoekster” en het uitblijven van een “heldere kritisch-afstandelijke vraagstelling”. Daarna vond Hoekx bij de Faculteit Managementwetenschappen toch weer iemand bereid haar naar de eindstreep te begeleiden, namelijk prof. dr. Willem de Nijs, hoogleraar emeritus Strategisch Personeelsmanagement. Prof. dr. Rob Blomme van Nyenrode Business University is betrokken als tweede promotor. In een lange blogpostlegt Pepijn van Erp van de kritische stichting Skepsis uit wat er allemaal mis is met het promotie-onderzoek. Hij verwijt Hoekx dat ze selectief citeert uit bestaande literatuur over het Enneagram en amper ingaat op de grondige kritiek op het model. Ook laat de methodologie veel te wensen over, aldus Van Erp, en is het Engels belabberd. Enneagram populair bij HR-afdeling Hoewel persoonlijkheidstesten zoals het Enneagram en bijvoorbeeld ook de Myers-Briggs-model (MBTI) populair zijn in de HR-branche om inzicht te krijgen in de persoonlijke talenten van werknemers in een bedrijf, zijn ze ook behoorlijk omstreden. Volgens Van Erp is er nauwelijks wetenschappelijk bewijs voor het nut van het Enneagram, ook na dit onderzoek niet. Mensen op een betrouwbare manier indelen naar persoonlijkheidstypen is zo moeilijk, omdat het gedrag van mensen sterk afhangt van omstandigheden. Persoonlijkheden zijn daardoor niet eenvoudig te vangen zijn in één categorie. Lees ook: Kleur bekennen: in welk hokje pas jij? Claudia Hoekx zegt daarover in haar proefschrift dat zulke kritiek voortkomt uit het feit dat het Enneagram op papier wordt beschreven. Mensen moeten volgens haar mondeling over de persoonlijkheidstypen leren, zodat ze “kunnen voelen of ervaren welke innerlijke strategie het meest van toepassing is door direct de gesproken energie te herkennen”. Van Erp vraagt zich af of dat nog veel met wetenschap te maken heeft. Vorig jaar was er ook al ophef over een promotie-onderzoek aan de Radboud Universiteit. In haar studie concludeerde een onderzoekster dat acupunctuur een positief effect heeft op slaap en daardoor op de stemming bij een chronische depressie. De Vereniging tegen de Kwakzalverij schreef een brief aan de rector magnificus en twee hoogleraren in de psychologie en psychiatrie kwalificeerden de studie als zwak en ‘onvoldoende’, maar desondanks behaalde de onderzoekster toch de doctorstitel. Komende dinsdag om half drie zal de promovenda haar proefschrift verdedigen.

Management & Leiderschap

Rel rond promotie over ‘pseudowetenschappelijk’ enneagram

Aan de Radboud Universiteit in Nijmegen promoveert morgen een onderzoekster op het Enneagram-model. Dat die persoonlijkheidstest geen wetenschappelijke basis kent,...

author Jaap Meijers

clock 2 min

De familie Swinkels runt de bierbrouwerij in Lieshout al sinds 1773. Ambrosius Swinkels trouwde in 1764 met de toenmalige eigenaresse van de brouwerij, die op dat moment al zeker tachtig jaar bestond. Nog altijd is de brouwerij volledig in handen van de familie Swinkels. Het is inmiddels een bedrijf met ruim duizend werknemers, die zorgen voor 7 miljoen hectoliter bier en ruim 600 miljoen euro omzet per jaar, maar nog steeds werken er 25 leden van de familie in het bedrijf – onder wie de vijf neven in de directie. In november 2016 werd de slogan ‘Zo, nu eerst een Bavaria’ verruild voor ‘Welcome to the family’. Ter gelegenheid van de overgang van de zesde naar de zevende generatie Swinkels introduceerde Bavaria in 2007 het merk Swinckels', voor een bijzonder pils, als ode aan de vorige generatie. Maar familie is voor Bavaria meer dan alleen leuk voor de marketing. Voor directieleden Frank, Jan-Renier, Peer, Pieter en Stijn Swinkels is Bavaria wie ze zijn, waar ze mee opgroeiden. ‘Toen ik jong was speelde ik met kratten in de tuin in plaats van met blokken,’ vertelt Peer Swinkels, directielid sinds 2003. ‘We zijn allemaal opgegroeid hier in de buurt en kwamen veel op de brouwerij. Toen ik 14 was ging ik al vaak op reis met mijn vader. Hij heeft de export opgezet. Als vijftienjarige zat ik bij onderhandelingen – zo raak je wel met het bedrijf verbonden.’ Tante Corry’s keukentafel Het hoort bij de folklore van Bavaria dat belangrijke beslissingen werden genomen aan de keukentafel van tante Corry. Daar, in het laatste huis op het terrein dat nog niet heeft moeten wijken voor de almaar uitdijende brouwerij, groeide Bavaria uit van kleine dorpsbrouwer tot multinational. CFO Frank Swinkels: ‘In de weekenden zat daar de hele familie bij elkaar. Eerst samen naar de kerk, en daarna naar oma. Je kon altijd horen dat mijn vader en zijn broers het over de brouwerij hadden. Of over politiek.’ Tegenwoordig vergadert de directie gewoon in de bestuurskamer, niet meer aan de keukentafel. Peer: ‘Het is onmogelijk om met de hele familie de zondagochtendborrel van vroeger te houden, dat gaat niet meer. Daarvoor zijn we inmiddels met te veel.’ De familie Swinkels komt nog wel samen, maar dan bij huwelijken en begrafenissen, de familiedag op de brouwerij en de certificatenhoudersvergadering. Peer: ‘We zijn ook een keer met de hele familie naar de Oktoberfesten in München geweest.’ De vaders van de huidige directieleden legden strategische beslissingen nog wel voor aan de andere familieleden die in het bedrijf werkten. De zeventien Swinkels die toen in het bedrijf zaten werden daarom ‘de Heren Zeventien’ genoemd, naar de bewindvoerders van de VOC. Maar Bavaria is voor dat soort tradities te groot en internationaal geworden; het governancemodel laat er geen ruimte voor. Jan-Renier, sinds 2007 directievoorzitter: ‘We hebben een internationale brouwerij te runnen en dat betekent dat we professioneel met elkaar moeten werken. Familieleden die bij de brouwerij werken krijgen dezelfde behandeling als andere medewerkers.’ Bij heel grote beslissingen, zoals de overname van Palm in 2016, wordt wel eerst de familie ingelicht in een buitengewone aandeelhoudersvergadering, dan de ondernemingsraad en daarna het personeel. Peer: ‘De familie heeft een bijzondere rol in dit bedrijf, maar we willen dat iedereen zich hier thuisvoelt. Natuurlijk hebben de certificaathouders een andere rol, maar we houden goed in de gaten dat we niet een al te groot onderscheid maken.’

Management & Leiderschap

Een Brabantse bierfamilie: de vijf neven die Bavaria runnen

De directie van bierbrouwer Bavaria bestaat uit vijf neven. Zij zijn de zevende generatie van de familie Swinkels die het...

author Jaap Meijers

clock 2,5 min

Blockchain, dat was toch iets met de bitcoin? Waarom moeten we daar nu nog over lezen? Nou, omdat toepassing ervan in de financiële wereld slechts het begin is. De bitcoin was misschien het eerste voorbeeld van wat de blockchain-technologie allemaal vermag, maar zeker niet het enige. Sterker nog: als de voortekenen niet bedriegen, gaat blockchain ons leven nog ingrijpend veranderen. In de energiesector, het transport, het notariaat, overal kan de technologie een behoorlijke revolutie veroorzaken. Tijd dus om voorbij de hype te stappen, en eens goed te proberen de impact van de technologie te begrijpen. Gezamenlijk grootboek Eerst maar even terug naar de basis. Blockchain is in 2009 ontstaan als het systeem waarop het elektronische betaalmiddel Bitcoin draait. Simpel gezegd gaat het om een database waarvan heel veel mensen een kopie op hun computer hebben staan. Die database is een grootboek, dus een overzicht van alle transacties. Dat kunnen geldtransacties zijn, maar dat hoeft niet. Ook heel andere informatie kan in het gezamenlijke grootboek opgeslagen worden, zoals patiëntendossiers. Om het systeem betrouwbaar te maken, zijn een paar principes cruciaal. Om te beginnen is de blockchain openbaar. Iedereen kan het hele grootboek downloaden en inzien. Alle informatie wordt decentraal opgeslagen, dus niet op de servers van een bank of een andere instelling die je maar moet vertrouwen. Het vertrouwen komt verder van het netwerk. Computers in het blockchain-netwerk zorgen dat transacties correct in een blok terechtkomen en dat nieuwe blokken zich over het hele netwerk van duizenden computers verspreiden. De computers controleren samen of alle informatie klopt, en dat iedereen steeds dezelfde informatie heeft. De consensus daarover tussen de zogenoemde nodes in het netwerk waarborgt de integriteit van het hele grootboek, en voorkomt dat een bitcoin kan worden ge-copy-paste en twee keer kan worden uitgegeven (het is immers een digitaal betaalmiddel). Het derde principe dat vertrouwen oplevert, is dat niemand informatie kan aanpassen of schrappen. Niemand is eigenaar van de database, dus er is ook niemand die in zijn eentje kan besluiten dat iets wegmoet. Een blok met data dat eenmaal in de blockchain zit, blijft er voor altijd in zitten, onlosmakelijk verbonden met het voorgaande blok in de keten. Geen gerommel achteraf dus. Daardoor weet iedereen zeker dat alles wat in de blockchain zit correct is en correct blijft. Gedeelde digitale waarheid De waarde van de blockchain zit hem in deze principes. Blockchain gaat dus niet zozeer over geld, het gaat over een gedeelde digitale waarheid en over vertrouwen. Mensen kunnen er onderling geld en informatie mee uitwisselen zonder dat een vertrouwde derde partij nodig is. Het benodigde vertrouwen komt niet meer van de autoriteit die het systeem beheert, maar ligt besloten in het systeem zelf. De grote vraag is vervolgens waar je blockchain allemaal voor kunt gebruiken, naast het uitwisselen van ‘cryptografisch geld’. De verwachtingen zijn erg hooggespannen – en spreken elkaar soms zelfs tegen. Sommige enthousiastelingen verwachten bijvoorbeeld dat blockchain zorgt voor een flinke groei van de wereldeconomie, terwijl anderen juist denken dat blockchain een eind maakt aan het huidige kapitalistisch systeem. De blockchain wordt soms zelfs de belangrijkste ontwikkeling sinds het ontstaan van het internet genoemd. Interessante toepassingen zijn te bedenken voor het beheer van productieketens. De Britse start-up Provenance heeft zoiets net uitgeprobeerd. In een pilotproject werd in een blockchain in elk stadium informatie opgeslagen over vis; van de vangst (via sms’jes van vissers) naar verpakking en transport tot aan de consument (QR-codes op de blikjes). Zo wil het bedrijf de transparantie en duurzaamheid van de visserij verbeteren. In een ander project is IBM blockchain-platforms begonnen voor internet of things-toepassingen en voor supply chain management. De eerste klant is Everledger, een bedrijf dat de productieketen van diamanten inzichtelijk maakt voor kopers. Het Rotterdams havenbedrijf werkt op zijn beurt samen met ABN Amro aan een experiment om scheepsladingen die de haven binnenkomen te registreren via een blockchain. De Brits-Amerikaanse expediteur Marine Transport International heeft ook al een blockchain opgezet voor gebruik in het internationale transport. Volgens ceo Jody Cleworth past blockchain hier zo goed vanwege de complexe dataverzamelingen die ontstaan tussen de vele betrokkenen langs de supply chain: havens, verladers, ontvangers, vervoerders en controlerende instanties willen allemaal informatie over de lading opslaan en inzien. Ook de energiesector kan baat hebben bij blockchain. Gas en elektra werden altijd centraal uitgeleverd en afgerekend, maar dat is flink aan het veranderen. Particulieren en bedrijven nemen energie af, maar kunnen met zonnepanelen ook weer energie terugleveren. In New York is al een project gestart, TransActive Grid, waarbij buren de energie die ze opwekken onderling met elkaar afrekenen via blockchain, dus zonder tussenkomst van een netbeheerder. De omvang van de bitcoin-blockchain verdubbelt tot nu toe elk jaar Een beroepsgroep die zich ook zorgen maakt, is het notariaat. Sommige blockchain-voorstanders denken dat het notariaat helemaal overbodig wordt. Waarom zou nog een beëdigd notaris nodig zijn om overeenkomsten te formaliseren? Voor landen zonder betrouwbare kadasters kan dat een uitkomst zijn; de gedistribueerde databases kunnen een goedkope manier zijn om eigendomsgegevens bij te houden. Besparing tot 20 miljard De meeste opwinding over blockchain heerst echter – nog steeds - in de financiële sector. Diverse fintech-bedrijven denken razend slimme, winstgevende toepassingen te kunnen bedenken die werken op de bitcoin-blockchain of met een eigen blockchain. De bank Santander zegt dat de bancaire sector met blockchains tot wel 20 miljard dollar zou kunnen besparen. In Amerika hebben 25 banken zich verenigd in een blockchain-startup, R3 CEV. In Nederland is er ook veel blockchain-enthousiasme. Er zijn al drie bitcoin-congressen georganiseerd en in februari wordt in Groningen de eerste Blockchain Hackathon georganiseerd. Onder de aanwezigen, in elk geval: ING, Exact, provincies, gemeentes, de Kamer van Koophandel, Deloitte, Microsoft en DNB. De Nederlandsche Bank liet tijdens een blockchain-congres in juni weten dat het in de kelder een netwerkje met pc’s heeft opgezet om met cryptocurrencies te experimenteren. Ironisch als banken aan blockchain beginnen Gezien de herkomst van de technologie is het niet zo vreemd dat de financiële sector zoveel interesse heeft. Tegelijk is het ironisch dat juist de banken het hardst rennen om de ontwikkelingen bij te houden, aangezien blockchain en bitcoin juist bedacht zijn om hen overbodig te maken. Critici zeggen dat het onzin is dat banken zich zo storten op blockchain. Banken hébben geen probleem waar blockchain de oplossing voor is, zij zíjn het probleem. Als er iets is dat banken immers niet willen, is een systeem waarover ze geen zeggenschap hebben. Het gevolg is dat er wonderlijke tussenvormen worden bedacht waardoor de financiële sector toch kan meedoen met de hype. Toepassingen bijvoorbeeld die een beetje blockchain zijn, maar niet helemaal. Organisatieadviesbureau Accenture vroeg onlangs een patent aan op een blockchain die wél achteraf aanpasbaar is door een centrale beheerder. Veel mensen reageerden daar online wat lacherig op. Zoals: ‘Een blockchain die je kunt bewerken… is dat niet gewoon een spreadsheet?’ Ook niet alle fintech-bedrijven storten zich even geestdriftig op blockchain. Zoals Newest Industry, een bedrijf dat werkt aan online fintech-oplossingen en momenteel een online marktplaats opzet waar MKB’ers zich kunnen laten financieren door hun equity liquide te maken. ‘Dat is lastig in het huidige financiële systeem’, aldus directeur Kees Haverkamp. ‘Met onze marktplaats moeten ondernemers dat systeem kunnen omzeilen. Het sluit dus naadloos aan bij de gedachte achter blockchain.’ Desondanks gebruikt het bedrijf geen blockchain voor het project. ‘Met de huidige stand van de techniek is het praktischer om gewoon een applicatie te bouwen met bestaande technieken. We hebben wel flink met blockchain geëxperimenteerd, maar de meeste toepassingen die mensen voor zich zien, zijn allemaal ook zeer goed realiseerbaar met meer gangbare technieken zoals relationele databases.’ Nog weinig echte blockchaintoepassingen Wie kritisch kijkt, moet inderdaad toegeven dat er nog maar weinig échte toepassingen zijn. Bitcoin is voorlopig de enige toepassing die het prototype-stadium voorbij is. Sceptici houden blockchain nog steeds voor een oplossing die op zoek is naar een geschikt probleem. Zij wijzen op de hindernissen die een praktische toepassing van het briljante concept in de weg staan. De belangrijkste hindernis is de omvang. De twee belangrijkste blockchains, Bitcoin en Ethereum, groeien namelijk als kool. En dus ook het aantal transacties dat moet worden bijgeschreven. De omvang van de bitcoin-blockchain verdubbelt tot nu toe grofweg elk jaar. Drie jaar geleden was het hele bestand nog 10 gigabyte groot; wie de blockchain nu wil downloaden, heeft ten minste 85 gieg vrije schijfruimte nodig. En over een maand 3,5 GB méér, want dat is hoe snel de hele database groeit, dankzij de 200.000 transacties die gemiddeld elke dag worden toegevoegd. Behalve een flinke harde schijf is ook een serieuze internetverbinding dus een vereiste. Het verkeer met de andere knooppunten in het netwerk kost zo’n 400 gigabyte of meer per maand. Bitcoin portemonnee Lykle de Vries, ‘social enterprise whisperer and bitcoin evangelist’, erkent dat de omvang van de blockchain een probleem begint te worden. ‘Een full node zou je niet op je smartphone kunnen draaien, maar een wallet om iets mee te betalen kan gelukkig wel.’ ‘Als je een kopje koffie wil afrekenen is 10 minuten wachten niet praktisch’ Zulke bitcoin-portemonnees zijn lichtgewicht applicaties die op een vereenvoudigde manier transacties kunnen doen. Ze vertrouwen daarvoor op de betrouwbaarheid van het netwerk. ‘Ik denk dat we uiteindelijk toegaan naar verschillende soorten transacties met verschillende mate van betrouwbaarheid. Nu moet je nog 10 minuten wachten op zekerheid dat je transactie is opgenomen in het blok. Vaak is dat geen probleem, maar als je een kopje koffie wil afrekenen is het niet praktisch.’ De macht aan de super-blockchain-gebruiker De omvang vormt op die manier nog een ander gevaar voor blockchain. Als de meeste nieuwe gebruikers ervoor kiezen alleen een lightweight client te installeren, kunnen ze wel transacties in de blockchain zetten, maar doen ze zelf niet mee aan de controle en het bijwerken ervan. Als heel veel gebruikers dat overlaten aan een kleinere groep super-gebruikers, krijgen die meer macht. De decentrale database is dan ineens niet zo decentraal meer, terwijl dat toch de belangrijkste garantie is voor de betrouwbaarheid. Nog een probleem dat verdere groei van blockchain belemmert, is dat nieuwe informatieblokken niet groter mogen zijn dan 1 MB. Die limiet is in 2010 ingesteld om spam en hackersaanvallen tegen te gaan. Dat betekent dat er een maximumaantal transacties per blok opgeslagen kan worden, wat ook weer zorgt voor een maximum van zeven transacties per seconde. Steeds meer transacties moeten daardoor langer wachten op bevestiging, waardoor het systeem als geheel flink trager wordt. Als bitcoin wil uitgroeien tot serieus betaalmiddel, dan moet het de snelheid benaderen van Visa en Paypal. Die bedrijven kunnen duizenden transacties per seconde verwerken. Stammenstrijd Over de vraag of de block-grootte dan maar weer verhoogd moet worden, woedt al 2 jaar een stammenstrijd die de blockchain-gemeenschap zo splijt dat het wel ‘Bitcoins constitutionele crisis’ wordt genoemd. Inmiddels wordt hard gewerkt aan nieuwe technieken die de impasse kunnen doorbreken. Met al die fundamentele problemen is het verwonderlijk dat er toch zoveel vertrouwen is in blockchain. Paul Bessems bijvoorbeeld, zelfverklaard thought leader, pionier en ‘blockchain consultant’, bepleit een nieuwe organisatiestructuur: blockchain-organiseren. Hij baseerde het concept op de uitgangspunten die de stichters van blockchain hanteerden. ‘Blockchain moet je zien in een breder kader, breder dan alleen technologie’, vindt hij. Bessems geeft toe dat hij graag aansluit bij alle aandacht. ‘Je zou het opportunistisch gedrag kunnen noemen. Het is zoals Victor Hugo zei: ‘Niets is krachtiger dan een idee waarvoor de tijd rijp is.’ De tijd is nu rijp om dingen fundamenteel anders te gaan organiseren.’ Soms is blockchain als 'skiën met een tractor' Volgens Kees Haverkamp is blockchain dan ook een hype die ertoe leidt dat mensen toepassingen gaan bedenken die niet voor de hand liggen. ‘Als je een enorme fan bent van tractoren en je wilt op wintersport met de tractor, dan kan dat. Het is duurder, langzamer en je bent hartstikke moe als je aankomt, maar het kán. Ik zou zelf liever een stationwagen pakken, dat werkt beter. Maar ja, iedereen is nu ineens fan van tractors.’ De verwachtingen zijn hooggespannen – en spreken elkaar soms tegen Volgens Haverkamp zijn het gewoon ‘opportunistische investeringsmaatschappijen en banken die achter een hype aanrennen’. ‘De gedachte achter blockchain vind ik te gek, maar ik ben een nuchtere Brabander. Ik moet 23 mensen salaris betalen en dat gaat niet met luchtfietsen. Daarom wachten wij ermee.’ Lykle de Vries gelooft dat de gouden tijd voor blockchain vanzelf komt. ‘Blockchain en bitcoin volgen gewoon de hype-cycle van Gartner, net als internet en de mobiele telefoon dat deden. Eerst weet niemand ervan, dan komt het in het nieuws en stijgen de verwachtingen immens. Dan valt het tegen, en weer 2 jaar later zie je toepassingen. We zitten nu in het piekjaar van blockchain. Volgend jaar hoor je overal dat het toch te moeilijk is of te duur, en: ‘we krijgen het in onze bedrijfstak niet voor elkaar’. Maar daarna zie je dat het ineens toch overal nuttige toepassingen heeft gekregen.’

Management & Leiderschap

Wat je moet weten over blockchain

Iedereen heeft het over blockchain. Maar hoe werkt het nou eigenlijk? En raakt het straks echt élke sector in de...

author Jaap Meijers

clock 9 min