Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Microsoft versus Nokia

Nokia en Microsoft zijn de onbetwiste marktleiders in hun markten. Om verder te kunnen groeien, zullen ze nu de strijd met elkaar moeten aangaan. Het gevecht om de mobiele beller is losgebarsten.

 

"Van de pc, inclusief laptop en pda, zijn er zo'n 120 miljoen verkocht en dat aantal groeit nauwelijks meer. Daarentegen zijn er 380 miljoen mobiele telefoons verkocht en de groei zit er nog steeds flink in." Wibe Wagemans, marketing manager bij Nokia, zet de verhoudingen meteen op scherp. Om in één beweging de schuld neer te leggen bij Microsoft: door het monopolie van het bedrijf uit Redmond op het operating system (Windows) kon de pc-markt minder snel groeien dan de mobiele markt, waar de standaarden open zijn, aldus Wagemans.
Toch groeit die mobiele markt naar de mening van de fabrikanten van mobieltjes nog lang niet hard genoeg. Die 380 miljoen hadden er al lang 500 miljoen moeten zijn, zoals de voorspellingen eind 2000 nog luidden. Voor deze tegenvallende verkoopcijfers zijn diverse oorzaken aan te wijzen. Allereerst het wap-debacle: door trage verbindingen en lange wachttijden veranderde wap van een natte droom van de mobieltjesmakers en operators ('mobiel internet') in een nachtmerrie. Daarnaast de vertragingen van de komst van nieuwe generaties telefoons. Gprs wordt door de operators in Nederland momenteel zéér voorzichtig uitgerold, uit angst om opnieuw te hoge verwachtingen te wekken. En de derde generatie, umts, wordt niet eerder dan in 2007 verwacht. Ten slotte en volgens Wagemans de voornaamste oorzaak: er is een groot gebrek aan content, diensten en informatie die iedereen op zijn mobiele telefoon wil hebben en waarvoor zij graag willen betalen en nieuwe telefoons willen aanschaffen. Gonsde het in Stockholm en Helsinki vorig jaar nog van de mobiele startups die leuke toepassingen hadden bedacht voor wap, gprs en umts, nu is ook daar de Arctische winter weer ingetreden.

Mede om die reden lanceerden de belangrijkste mobiele spelers onder aanvoering van Nokia tijdens de Comdex in november van vorig jaar hun open mobile architecture (OMA)-initiatief. Deze open standaard voor het ontwikkelen van mobiele diensten wordt ondersteund door partijen als NTT Docomo, AT&T, Vodafone, Fujitsu, maar ook door concurrenten van Nokia als Sony Ericsson, Siemens en Motorola. "Open technologie heeft internet groot gemaakt en het zal hetzelfde doen voor mobiel internet," aldus de ceo van Nokia, Jorma Ollila, in zijn toespraak. "We wilden de situatie vermijden dat er misschien wel een half dozijn standaarden zou ontstaan. Dan zouden we niet de benodigde schaalgrootte bereiken en zou de consument niet de wereldwijde beschikbaarheid van diensten krijgen die hij wil."

Miljardair

De vergelijking met internet is interessant. De uitvinding van het medium staat op naam van de Brit Tim Berners-Lee. Of eigenlijk is 'uitvinding' een groot woord: internet bestond al en werd vooral door universiteiten en onderzoeksinstellingen gebruikt. Berners-Lee ontwikkelde een standaard voor internetadressen (url's) en een gemeenschappelijke taal (html) waardoor internetpagina's er altijd hetzelfde uitzien. In 1990 maakte hij de cruciale keuze om zijn uitvinding niet te patenteren, maar te schenken aan de mensheid, daarmee zijn kansen voor het miljardairschap om zeep helpend. Dat was voorbehouden aan de uitvinders van de browser (Netscape) en vooral de partij die er uiteindelijk mee vandoor zou gaan (Microsoft).
De marktleider op het gebied van de mobiele browser is het Californische bedrijf Openwave. Naar eigen zeggen draait tweederde van de servers die bij de mobiele operators staan op de software van Openwave en is de wap-software op de helft van de mobiele telefoons afkomstig van het bedrijf. Ceo Don Listwin, een jaar geleden nog de tweede man bij Cisco, moet volgens Wagemans een slechte nacht hebben gehad na de aankondiging van OMA op de Comdex. Enkele maanden later opende hij in de Financial Times een offensief tegen Nokia: het bedrijf zou 'proberen zijn standaard op te leggen op de markt', aldus Listwin.

"Eén groot misverstand," reageert marketing manager Europa Nigel Oakley. "Vrijwel alles wat wij doen, is gedreven door open standaarden. Daarom zijn wij nu ook toegetreden tot OMA." De markt voor mobiele telefonie onderscheidt zich volgens Oakley van de pc-markt doordat de verschillende spelers veroordeeld zijn tot samenwerking. "Nokia bouwt de handsets, wij leveren de software, de operators zorgen voor de verbindingen en dan zijn er nog de vele contentleveranciers. Geen van die partijen kan zonder de ander. En ook moet een Nokia-telefoon sms-berichten kunnen sturen naar een apparaat van Motorola, wil de consument kunnen roamen en moeten diensten het op alle apparaten en netwerken doen en er hetzelfde uitzien. Sms werd ook alleen maar wat toen de verschillende bedrijven gingen samenwerken en je iedereen berichten kon sturen, onafhankelijk van de operator of de handset."
De vuistregel die de sector sinds sms hanteert, is dat 40 procent van de gebruikers met elkaar moeten kunnen communiceren om een dienst tot een succes te maken. Dus willen nieuwe diensten zoals mms, de multimedia-variant van sms, een succes worden, dan moet 40 procent van de mobiele bellers erover kunnen beschikken. Dit verklaart waarom de mobiele sector zo de nadruk legt op standaarden en zo bevreesd is voor een Babylonische spraakverwarring. "Wij hebben liever een kleiner marktaandeel in een grote markt dan een groot in een kleine markt," antwoordt Wagemans van Nokia op de vraag wat het belang van Nokia is in OMA, daar het toch al marktleider is.

Haat

Maar Microsoft zou Microsoft niet zijn als het niet ook een gooi zou doen naar het marktleiderschap op het gebied van mobiele telefonie. In reactie op OMA opende het bedrijf in februari in het hol van de leeuw, de jaarlijkse gsm-show in Cannes, een groot offensief tegen de Finnen. Samen met bondgenoot Intel lanceerde Microsoft de Pocket PC 2002 Phone Edition, een speciaal voor mobiele telefoons ontwikkelde variant van Windows. En voor het ontwikkelen van diensten voor de Pocket PC bracht de Wintel-connectie de Mobile Information Server op de markt.

Nokia reageerde meteen door zijn software ook ter beschikking te stellen aan mobiele telefoniebedrijven, inclusief zijn concurrenten. Het Finse bedrijf is bevreesd dat als Microsoft de mobiele softwaremarkt gaat domineren, het hetzelfde lot beschoren is als de fabrikanten van pc's. Het klampt zich daarom vast aan het verschil tussen het mobiele en vaste internet. "Als mensen mobiel niet binnen 10 seconden een verbinding hebben, stoppen ze ermee," zegt Wagemans.
Microsoft daarentegen ziet het mobiele internet als een verlengstuk van het vaste. Het richt zijn pijlen in eerste instantie op de zakelijke gebruiker, die onderweg met zijn laptop verbonden wil blijven met kantoor en Word-, PowerPoint- of Outlookbestanden wil downloaden en bewerken. "Microsoft heeft een sterke basis met zijn bedrijfssoftware zoals Office en Outlook," zegt Richard Hazenberg van de Nederlandse mobiele dienstverlener Atobe. "Dat is voor de meeste gebruikers herkenbaar, want daar werken ze op kantoor ook mee." Nokia heeft echter een grote voorsprong op Microsoft. En bovendien hebben de Finnen het voordeel dat, zoals een telecombaas in de Financial Times zegt, 'iedereen Microsoft haat'.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Vrije markt

Atobe kiest volgens Hazenberg geen partij. Sterker nog: de strijd tussen Microsoft en Nokia is voor Atobe juist een kans. "Onze rol is om al die technologische ellende voor onze klanten van tafel te vegen. Als je content wilt aanbieden aan de consument, wil je niet met die technische rompslomp opgezadeld worden. Wij zorgen dat hun diensten op beide platformen beschikbaar zijn."
De vergelijking tussen de pc-wereld en de mobiele biedt een interessant inzicht in marktwerking. Het is een vergelijking tussen het extreme vrije marktdenken in de VS, waar juist één partij ontstaat die dominant wordt, en het meer gereguleerde Europa, waar vreemd genoeg meer concurrentie is. Het oude continent liep niet voorop in mobiele technologie, maar had wel snel overeenstemming over een standaard (gsm). Nu zijn er meer mobiele bellers in Europa dan in de VS, een gadgets-land bij uitstek. "Beide markten hebben hun eigen dynamiek," zegt Oakley van Openwave. "Dat begint bij het merk: waar in de VS de operator de merkeigenaar is, daar is dat in Europa de fabrikant van mobieltjes."

Voorlopig lijkt Nokia in het voordeel. Het merk staat, zeker in Europa, als een huis. Bovendien heeft het bedrijf een sterke klantenkring, operators die zich niet graag overleveren aan de gigant uit Redmond. Hun grootste angst is dat Microsoft zelf diensten zoals zijn MSN instant-messaging gaat aanbieden, daarmee een belangrijke inkomstenbron voor hun neus wegkapend. Nokia concurreert met behulp van Club Nokia ook met zijn klanten, maar het heeft meer ervaring met dit gevoelige spel dan Microsoft. Zo heeft Nokia in het verleden al diverse diensten waaronder sms gratis uitgedeeld. "Daardoor hebben we er meer aan verdiend dan als we er bovenop waren blijven zitten," meent Wagemans. "Omdat je het zelf hebt ontwikkeld, heb je nog altijd een voorsprong. Die moet je uitbuiten in deze industrie."