Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Technologieën

Wat speelt er op het gebied van nieuwe technologie? De nieuwste trends en toepassingen.

Recente artikelen

robots angst

Waarom je niet hoeft te vrezen voor steeds slimmere robots

Ook als de schaakcomputer alle potjes wint, is de mens nog altijd eerst aan zet. Tijd dus om geen angst...

clock 5 min

robots in industrie robot

Medewerkers in de industrie: ‘Laat de robots maar komen!’

Als ergens de robotisering banen zou kunnen verdringen, dan is het wel in de technologische industrie. Toch zien medewerkers hier...

clock 2 min

De 5 smart industry-trends waar je wat mee moet

Aan het begin van het jaarevent benadrukt FME-voorzitter Ineke Dezentjé Hamming de flinke stappen die de Nederlandse (maak)industrie al zet...

clock 4 min

De tijd heeft stilgestaan als het gaat om mobiliteit

De auto van de zaak zal plaatsmaken voor een mobility concept en zo gaat alles rond mobiliteit schuiven, schrijft MT-hoofdredacteur...

clock 2,5 min

hardt hyperloop

‘De hyperloop moet je binnen een half uur overal in Nederland brengen’

De oplossing van de toenemende drukte op de weg en in de lucht is niet méér asfalt leggen of meer...

clock 3,5 min

alipay george orwell

Betaalsysteem Alipay lijkt op de nachtmerrie van George Orwell

Drie cijfers die bepalen wat jouw status in de maatschappij is: hoe kredietwaardig je bent, maar ook welke hotels je...

clock 3 min

Ondernemer Kristel Groenenboom vraagt zich af waarom ze eigenlijk niks met bitcoins doet, want iedereen doet dat nu toch? Ze besluit zich te verdiepen in de digitale munten, want hoe gevaarlijk kan het zijn?

Bitcoins: niemand won ooit de loterij zonder een lot te kopen

Ondernemer Kristel Groenenboom vraagt zich af waarom ze eigenlijk niks met bitcoins doet, want iedereen doet dat nu toch? Ze...

clock 2 min

9 tech-trends die je in 2018 in de gaten moet houden

5G mobiel internet, augmented reality, robots en spraaktechnologie: slechts een greep uit de technologische ontwikkelingen die ondernemers het komende jaar...

clock 4,5 min

Nee, we gaan niet zweverig doen over de deel-economie. Maar autodelen is goed voor jou persoonlijk, je bedrijf en ja… ook goed voor het milieu. Zakelijke auto’s zijn vooral duur omdat ze stom worden ingezet. Veel leaseauto’s staan 60 tot 80 procent van de dag stil. Leaseauto’s schrappen levert een besparing op, maar flexibiliseren van je wagenpark is veel effectiever. Autodelen is een middel om dat doel te bereiken. Als kleding Je zou bij autodelen grofweg een indeling kunnen maken tussen privé en zakelijk gebruik, maar dat is te eenvoudig. Daarom gebruikt men begrippen uit de ICT: peer2peer (gebruikers onderling) en client-server (centrale distributie) systemen. De naam is onbelangrijk: het gaat erom dat jij en jouw medewerkers de beste mobiliteit kiezen die op dat moment nodig is. Net als kleding, dus. # Peer to peer Hier bied jij jouw privéauto aan of maak je gebruik van een privéauto van een ander. Jullie maken rechtstreeks of via een app contact, spreken een prijs af en rijden maar. De apps en diensten worden geleverd door providers als SnappCar of Mywheels. Een mooie VW Golf doet al snel € 50,- per dag, waarvan de verhuurder zo’n 35 euro overhoudt. Jij zet jouw auto online of je kiest zelf voor zakelijke of privé ritten uit het type auto dat daarvoor geschikt is: een Clio voor de stad en een stationcar om een kast op te halen. De sleuteloverdracht gaat rechtstreeks of via de buren, maar de apps waarmee de betalende huurder jouw auto kan openen en starten komen er aan. Toch zijn er ook nadelen: gebruikers van deze P2P autodeeldiensten ergeren zich geregeld aan verhuurders die laat of niet op een reservering reageren of er is onenigheid over meer of minder kilometers. # Client-server benadering In dit gat springen professionele providers zoals Car2Go, Greenwheels of Witkar en Private Share. Achter deze bedrijven schuilen in meer of mindere mate respectievelijk de autofabrikanten Daimler (Smart), Volkswagen en verhuurgigant KAV. Zij koppelen niet eens zozeer hun automerken, maar veel meer hun marketingkracht en kennis van mobiliteit aan grote autoverhuurders. De autoconcerns willen geen ‘Kodakje doen’ en verzetten op tijd hun bakens van autoproducenten naar mobiele dienstverleners. Grote steden Car2Go (Daimler) is een voorbeeld van hoe het werkt: je zoekt en reserveert een vol-elektrische 2-persoons Smart via een eigen app, die het gebruik van de auto later afrekent. Dit kan alleen nog in Amsterdam. Daar pioniert automerk Hyundai sinds kort ook met zijn elektrische model Ioniq. Hier zijn de belangrijkste assets een ruime 5-persoons auto én een gereserveerde parkeer/laadplaats. Wie zakelijk in Amsterdam moet zijn, pakt dus (liefst buiten de spits) de trein, de OV-fiets of de Felyxc e-scooter voor het centrum of een Smart of Hyundai als hij in Noord of West moet zijn. Witkar van KAV rolt een vergelijkbaar concept uit in steden zoals Rotterdam en Groningen. Bedrijvenparken Het Nederlandse bedrijf Greenwheels was en is de eerste autodeler die landelijk werkt. Nou ja, in Veendam of Valkenburg zul je de rode auto’s met het groene logo op de deuren vergeefs zoeken. In de Randstad struikel je bijna over de vaste parkeerplaatsen in woonwijken, bij NS stations en op bedrijvenparken. Daar haal je ze op en daar moet je ze ook weer terugbrengen. Leasebedrijf Athlon zet deelauto’s bij bedrijvenparken neer en andere lease- en verhuurbedrijven zullen waarschijnlijk snel volgen. Kietelen Het is dus hoog tijd om jouw leasebedrijf eens te kietelen met de vraag wat zij aan autodelen (gaan) doen. De meesten hebben inmiddels een app of systeem om binnen jouw leasewagenpark deelauto’s toe te wijzen. In dat geval gebruiken geautoriseerde medewerkers een stilstaande leaseauto voor zakelijke ritten. Waak ervoor dat de auto’s niet privé worden gebruikt, want dat kan gedonder geven met de Belastingdienst (bijtelling). Bovendien: je wilt toch juist dat de zakenauto’s meer zakelijk worden gebruikt? Carpoolen Carpooling is een ‘eeuwenoude’ vorm van autodelen, die -naarmate de deeltrend zich versterkt- zeker zal opleven. Een dienst als Blablacar is populair bij liftende vakantiereizigers en festivalgangers, maar wordt steeds meer ingezet voor woon-werk en zakelijk verkeer. Alle P2P autodeel-providers verkopen zich graag als een sociaal contact medium (“Fijn om de buren eens te spreken als zij jouw autosleutels aan de huurder overdragen”) en dat is natuurlijk best zo, maar uiteindelijk besparen alle gebruikers van autodelen gewoon flink op hun mobiliteitskosten.

Autodelen: mobiliteit anno 2030

Mobiliteit is als kleding: je trekt aan wat je voor vandaag passend vindt of wat lekker zit. Daartoe heb je...

clock 3 min

digitalisering, Wim de Ridder, futuroloog, toekomst, 2025, technologie

Vooruitblik 2025: Brein in de cloud, driedaagse werkweek normaal

Van de digitalisering van het menselijke brein tot een werkweek van drie dagen: futuroloog Wim de Ridder geeft tijdens de...

clock 2,5 min

peter hinssen optimistisch leiderschap

Peter Hinssen: ‘Disruptie gaat níet over technologie, maar over anders kijken’

Disruptie heeft niet met technologie te maken, maar met netwerken en open staan voor vernieuwing. Dat stelt de Belgische serie-ondernemer...

clock 5 min

Beveiliging en vertrouwelijke data Als het gaat om vertrouwelijkheid zijn er 2 zaken die goed in het achterhoofd moeten worden gehouden, stelt Erik Remmelzwaal, oprichter van IT-security specialist DearBytes, tegenwoordig onderdeel van KPN. ‘Veel cloudleveranciers hebben hun beveiliging goed op orde, beter dan de gemiddelde organisatie zelf kan regelen. Tegelijkertijd is de wet- en regelgeving op dit gebied nog in ontwikkeling.’ Voordat een organisatie (persoons)gegevens in de cloud plaatst, is het verstandig om de data te classificeren. ‘Het kan verstandig zijn om vertrouwelijke en privacygevoelige informatie nog niet in een publieke cloud te plaatsen, totdat je zeker weet dat de cloudleverancier op de juiste manier omgaat met de vereisten uit wet- en regelgeving.’ Hij doelt op de nieuwe Europese wetgeving (General Data Protection Regulation, red.) die in mei volgend jaar van kracht wordt. Datalek is grootste risico Die wetgeving schrijft voor dat je als organisatie moet kunnen aantonen dat je alles in het werk hebt gesteld om privacygevoelige informatie op een voor jouw bedrijf acceptabele manier te beschermen. Patrick de Goede van Eijk, cyber security architect bij T-Systems: ‘Het grootste risico dat je als organisatie loopt – en dat geldt niet alleen voor de cloud – is dat er data gelekt wordt. Als data geld waard is, op welke manier dan ook, dan kun je ervan uitgaan dat een bedrijf dat veilig had moeten stellen.’ Als een organisatie toch gebruik wil maken van de cloud, breng dan eerst de wensen en eisen van het bedrijf in kaart. Al deze factoren wegen mee in de keuze voor een private of publieke cloud. Beide cloudsoorten kennen het risico op datalekken en daarom zul je moeten oppassen: bij private clouds komt het veel voor dat het beheer en de aanpassingen door minder deskundige personen wordt gedaan, met alle risico’s van dien. Bij een publieke cloud houdt een team van specialisten de risico’s in de gaten en kan sneller ingrijpen. De keuze tussen private cloud of publieke cloud hangt van veel factoren af, weeg die allemaal mee! Versleuteling op bestandsniveau Het gebruik van de cloud brengt altijd risico’s met zich mee, stelt Remmelzwaal. ‘Zeker als je met externe partijen in de cloud samenwerkt. De vraag is hoe zeker je ervan bent dat degene die het gedeelde bestand of document opent, ook degene is die je dacht dat het zou zijn. Dat heeft alles te maken met toegangsrechten. Stel dat je een anonieme link naar een document stuurt naar iemand en diegene stuurt de link weer door, dan heb je daar geen zicht meer op. Het slimste is dan ook om zaken die echt vertrouwelijk zijn, in ieder geval als persoonlijke link te sturen, en indien nodig op bestandsniveau te versleutelen.’ Het is bij leveranciers van publieke clouds zelfs mogelijk om links niet buiten je organisatie te delen of te voorzien van extra beveiliging met een wachtwoord. Zaken die privacygevoelig zijn, moeten sowieso versleuteld worden, vindt De Goede van Eijk. ‘Zorg in die gevallen ervoor dat de encryptiesoftware door jou zelf wordt gekozen en dat jij de enige bent met de sleutel.’ Europese wet- en regelgeving Ook in Nederland hebben we wet- en regelgeving op dit gebied. Die stelt bijvoorbeeld dat sommige privacygevoelige gegevens – zoals medische gegevens – niet buiten de Nederlandse handelsgrenzen mogen worden opgeslagen. Andere gegevens hoeven niet per se in een Nederlandse cloud te staan. Toch adviseert De Goede van Eijk om niet te ver over de grens te kijken. ‘Kies bij voorkeur een Europese cloudprovider als je bedrijf in Europa is gevestigd en daar ook zijn hoofdkantoor heeft. Dan voldoet de provider in ieder geval aan de minimale eisen van de Europese wet op de Bescherming van Persoonsgegevens.’ Data portabiliteit Maar wat nu als de samenwerking met externe partijen stopt en de clouddienst niet langer nodig is? Of als een organisatie van leverancier wil veranderen? Hoe eenvoudig is het om als bedrijf je eigen data uit de cloud te halen of te verhuizen? Remmelzwaal: ‘Technisch gezien is het niet zo moeilijk om data van de ene opslag naar de andere te zetten.’ Deze ‘data portabiliteit’ is iets dat straks in de Europese wetgeving geregeld moet worden, want op dit moment is dat nog niet zo eenvoudig. Veel data wordt in publieke clouddiensten gesynchroniseerd, dus er is vaak wel een lokale kopie aanwezig in het bedrijf, maar als er gebruik wordt gemaakt van een cloud applicatie, kan het zijn dat data veel lastiger te verhuizen zijn. Soms kan het helemaal niet en soms krijg je exportbestanden waar je vervolgens weinig mee kunt, of het is heel complex of duur om data terug te halen. ‘Daarom is het goed dat die data portabiliteit goed geregeld wordt en dat je hier op voorhand afspraken over maakt met je cloudleverancier. Het is ook nog zo dat als je data weghaalt, je er vanuit moet kunnen gaan dat het ook daadwerkelijk verwijderd wordt bij de oude leverancier. Dat is het recht om vergeten te worden.’ Wat mag wel en wat niet gedeeld worden? De security-specialisten geven Nederlandse organisaties die willen samenwerken in de cloud nog een advies mee. ‘Denk goed na over data classificatie. Welke data is gevoelig en welke data is minder gevoelig? Door data te classificeren kun je bepalen welke data mag worden gedeeld in de cloud en welke data echt vertrouwelijk is’, stelt Remmelzwaal. De Goede van Eijk sluit af met een eenvoudige stelregel: ‘Als informatie naar een persoon te herleiden is, denk dan goed na waar je het neerzet, en check altijd de beveiligingsopties van de cloudprovider die je kiest. Zo simpel is het.’

Bedrijfsdata opslaan: hoe veilig is de cloud?

Samenwerken in netwerktijden vraagt om het delen van documenten en data. De cloud is de aangewezen manier om dat te...

clock 4 min

Steven van Belleghem, Artificial intelligence, AI, klanten, klantenservice

Hoe win je klanten met artificial intelligence? 4 tips van Steven van Belleghem

We betreden een nieuwe fase van digitalisering; een periode van artificial intelligence en vergaande automatisering. ‘Bedrijven moeten daarom naar een...

clock 1,5 min

WoningNet is een publiek-private organisatie die in handen is van achrt grote woningcorporaties en optreedt als IT Serivce Center voor 150 corporaties in vijftien regio’s in Nederland. Algemeen directeur Tom van Noort: ‘Om succesvol te zijn, móeten we wel samenwerken.’ Waar een woningzoekende zich vroeger bij alle woningcorporaties apart moest inschrijven, hoeft hij dat met de komst van Woningnet.nl nog maar op één platform te doen. Daarmee staat hij ingeschreven voor alle woningen in de stad of regio van zijn wens. ‘Maar iedere gemeente heeft weer andere verordeningen en regels waaraan een woningzoekende moet voldoen om in aanmerking te komen voor een huis.’ Het lijkt op het eerste oog een eenvoudig systeem, maar het matchen van die 1,3 miljoen woningzoekenden aan de 850.000 sociale huurwoningen in het bestand, volgens alle geldende wetten en regels, is geen sinecure. Voor de markt en mét de markt Waar WoningNet momenteel 15 verschillende systemen in de lucht houdt voor iedere regio met zijn specifieke eisen, werkt de organisatie momenteel hard aan een nieuw systeem. ‘Dat systeem wordt een cloud-gebaseerd, generiek systeem, dat door middel van configuratie aan te passen is aan de regionale wetten en eisen.’ Het systeem is kostenefficiënter, eenvoudiger te onderhouden en sneller te ontwikkelen. Het meest bijzondere is de co-creatie waarmee het nieuwe systeem wordt gebouwd. Van Noort: ‘Het huidige systeem is door ons ontworpen, ontwikkeld en naar de markt gebracht. Het nieuwe systeem wordt niet alleen voor de markt, maar ook mét de markt gemaakt. We werken nauw samen met afgevaardigden uit de regio’s, om zo alle wensen en eisen in kaart te brengen en een generiek systeem te bouwen dat uiteindelijk alle regio’s past.’ Flexibel, schaalbaar en wendbaar Deze co-creatie is een hele nieuwe manier van werken voor WoningNet, vertelt Van Noort. ‘We worden de spil in het ecosysteem van de woningcorporaties. Dat vraagt veel flexibiliteit om met iedereen de juiste richting te bewandelen. Maar het is tegelijkertijd een heel krachtige manier om gezamenlijk tot innovatie te komen.’ Waar de huidige systemen in het eigen datacenter van WoningNet draaien, wordt de nieuwe applicatie een volledig cloud gebaseerde omgeving. Deze stap sluit naadloos aan bij de strategie van WoningNet: ‘cloud, tenzij’. ‘Ik verwacht dat we over anderhalf jaar volledig in de cloud werken’, zegt Van Noort. ‘De cloud geeft ons flexibiliteit, schaalbaarheid en zorgt dat we ons heel snel aan veranderingen in de markt kunnen aanpassen.’ Cloud heeft de toekomst Voor Van Noort ligt de toekomst in de cloud. ‘Linksom of rechtsom, iedereen gaat naar de cloud. Het tempo van de huidige digitale ontwikkelingen is ongekend. Als je niet snel en eenvoudig kunt meebewegen met de markt, kun je niet bijblijven. Bedrijven moeten continu gericht zijn op functionaliteit en waarde voor de klant. Het beheren van datacenters is niet onze corebusiness. Datacenterleveranciers hebben daar veel meer kaas van gegeten dan wij; zij hebben de omvang en het budget om de beveiliging op een niveau te krijgen dat we zelf nooit zouden kunnen. Als wij straks alles in de cloud hebben, kunnen we onze aandacht volledig richten op het bieden van toegevoegde waarde aan de klant.’ Netwerken is het nieuwe werken De belangrijkste uitdaging van de co-creatie met de 150 woningcorporaties is de klanten zich ook daadwerkelijk klant laten voelen. ‘We willen dat ieder van onze klanten zich ook echt door ons bediend voelt. Kleine woningcorporaties met vierduizend huizen zijn net zo belangrijk als de grote corporaties met zeventigduizend woningen. De grote uitdaging is om dat ook in al je daden te laten zien.’ Netwerken is de nieuwe manier van werken, volgens Van Noort. ‘De wereld is nooit meer alleen dat ene bedrijf. Alles is aan het veranderen. Je kunt als organisatie blijven proberen om alles zelf te doen, maar de wereld verandert zo snel dat ik er liever voor kies om in samenwerkingsverband met partners op te trekken. Dan wordt je een stuk krachtiger.’ Adaptieve bedrijven hebben de toekomst Van Noort heeft een belangrijk advies voor organisaties die naar co-creatie kijken of er al mee bezig zijn. ‘Leer leven met onzekerheid.’ De tijd van blauwdrukken, Prince II-aanpakken is voorbij, volgens de directeur van WoningNet. ‘Het oude denken met een plan, een strategie en de uitvoer, werkt niet meer. Het is belangrijk om als bedrijf continu mee te meanderen met de veranderingen en ontwikkelingen die je tegenkomt. Kijk maar naar de natuur. Niet altijd de sterkste of slimste overleeft, maar het dier of organisme dat zich het beste aan veranderende omstandigheden weet aan te passen. Dat geldt ook voor het bedrijfsleven.’

WoningNet: ‘Samenwerking cruciaal voor succes’

WoningNet ís samenwerken. Met acht woningcorporaties als aandeelhouder en 150 corporaties verdeeld over vijftien regio’s als klant, is samenwerken de...

clock 3 min

Beveiliging en vertrouwelijke data Als het gaat om vertrouwelijkheid zijn er 2 zaken die goed in het achterhoofd moeten worden gehouden, stelt Erik Remmelzwaal, oprichter van IT-security specialist DearBytes, tegenwoordig onderdeel van KPN. ‘Veel cloudleveranciers hebben hun beveiliging goed op orde, beter dan de gemiddelde organisatie zelf kan regelen. Tegelijkertijd is de wet- en regelgeving op dit gebied nog in ontwikkeling.’ Voordat een organisatie (persoons)gegevens in de cloud plaatst, is het verstandig om de data te classificeren. ‘Het kan verstandig zijn om vertrouwelijke en privacygevoelige informatie nog niet in een publieke cloud te plaatsen, totdat je zeker weet dat de cloudleverancier op de juiste manier omgaat met de vereisten uit wet- en regelgeving.’ Hij doelt op de nieuwe Europese wetgeving (General Data Protection Regulation, red.) die in mei volgend jaar van kracht wordt. Datalek is grootste risico Die wetgeving schrijft voor dat je als organisatie moet kunnen aantonen dat je alles in het werk hebt gesteld om privacygevoelige informatie op een voor jouw bedrijf acceptabele manier te beschermen. Patrick de Goede van Eijk, cyber security architect bij T-Systems: ‘Het grootste risico dat je als organisatie loopt – en dat geldt niet alleen voor de cloud – is dat er data gelekt wordt. Als data geld waard is, op welke manier dan ook, dan kun je ervan uitgaan dat een bedrijf dat veilig had moeten stellen.’ Als een organisatie toch gebruik wil maken van de cloud, breng dan eerst de wensen en eisen van het bedrijf in kaart. Al deze factoren wegen mee in de keuze voor een private of publieke cloud. Beide cloudsoorten kennen het risico op datalekken en daarom zul je moeten oppassen: bij private clouds komt het veel voor dat het beheer en de aanpassingen door minder deskundige personen wordt gedaan, met alle risico’s van dien. Bij een publieke cloud houdt een team van specialisten de risico’s in de gaten en kan sneller ingrijpen. De keuze tussen private cloud of publieke cloud hangt van veel factoren af, weeg die allemaal mee! Versleuteling op bestandsniveau Het gebruik van de cloud brengt altijd risico’s met zich mee, stelt Remmelzwaal. ‘Zeker als je met externe partijen in de cloud samenwerkt. De vraag is hoe zeker je ervan bent dat degene die het gedeelde bestand of document opent, ook degene is die je dacht dat het zou zijn. Dat heeft alles te maken met toegangsrechten. Stel dat je een anonieme link naar een document stuurt naar iemand en diegene stuurt de link weer door, dan heb je daar geen zicht meer op. Het slimste is dan ook om zaken die echt vertrouwelijk zijn, in ieder geval als persoonlijke link te sturen, en indien nodig op bestandsniveau te versleutelen.’ Het is bij leveranciers van publieke clouds zelfs mogelijk om links niet buiten je organisatie te delen of te voorzien van extra beveiliging met een wachtwoord. Zaken die privacygevoelig zijn, moeten sowieso versleuteld worden, vindt De Goede van Eijk. ‘Zorg in die gevallen ervoor dat de encryptiesoftware door jou zelf wordt gekozen en dat jij de enige bent met de sleutel.’ Europese wet- en regelgeving Ook in Nederland hebben we wet- en regelgeving op dit gebied. Die stelt bijvoorbeeld dat sommige privacygevoelige gegevens – zoals medische gegevens – niet buiten de Nederlandse handelsgrenzen mogen worden opgeslagen. Andere gegevens hoeven niet per se in een Nederlandse cloud te staan. Toch adviseert De Goede van Eijk om niet te ver over de grens te kijken. ‘Kies bij voorkeur een Europese cloudprovider als je bedrijf in Europa is gevestigd en daar ook zijn hoofdkantoor heeft. Dan voldoet de provider in ieder geval aan de minimale eisen van de Europese wet op de Bescherming van Persoonsgegevens.’ Data portabiliteit Maar wat nu als de samenwerking met externe partijen stopt en de clouddienst niet langer nodig is? Of als een organisatie van leverancier wil veranderen? Hoe eenvoudig is het om als bedrijf je eigen data uit de cloud te halen of te verhuizen? Remmelzwaal: ‘Technisch gezien is het niet zo moeilijk om data van de ene opslag naar de andere te zetten.’ Deze ‘data portabiliteit’ is iets dat straks in de Europese wetgeving geregeld moet worden, want op dit moment is dat nog niet zo eenvoudig. Veel data wordt in publieke clouddiensten gesynchroniseerd, dus er is vaak wel een lokale kopie aanwezig in het bedrijf, maar als er gebruik wordt gemaakt van een cloud applicatie, kan het zijn dat data veel lastiger te verhuizen zijn. Soms kan het helemaal niet en soms krijg je exportbestanden waar je vervolgens weinig mee kunt, of het is heel complex of duur om data terug te halen. ‘Daarom is het goed dat die data portabiliteit goed geregeld wordt en dat je hier op voorhand afspraken over maakt met je cloudleverancier. Het is ook nog zo dat als je data weghaalt, je er vanuit moet kunnen gaan dat het ook daadwerkelijk verwijderd wordt bij de oude leverancier. Dat is het recht om vergeten te worden.’ Wat mag wel en wat niet gedeeld worden? De security-specialisten geven Nederlandse organisaties die willen samenwerken in de cloud nog een advies mee. ‘Denk goed na over data classificatie. Welke data is gevoelig en welke data is minder gevoelig? Door data te classificeren kun je bepalen welke data mag worden gedeeld in de cloud en welke data echt vertrouwelijk is’, stelt Remmelzwaal. De Goede van Eijk sluit af met een eenvoudige stelregel: ‘Als informatie naar een persoon te herleiden is, denk dan goed na waar je het neerzet, en check altijd de beveiligingsopties van de cloudprovider die je kiest. Zo simpel is het.’

Cloud biedt netwerkorganisaties flexibiliteit en veiligheid

Veiligheid, flexibiliteit en toegankelijkheid. Dat zijn de voornaamste redenen voor netwerkorganisaties om te kiezen voor opslag van hun data in...

clock 2 min

Was er een directe aanleiding om iemand in deze functie aan te stellen? ‘Dat niet zozeer. Noem het meer een intrinsieke motivatie van de organisatie zelf. De belangstelling voor maatschappelijk verantwoord ondernemen is de laatste jaren natuurlijk sterk toegenomen, ook in onze branche. Dan kun je er als bedrijf voor kiezen om dit takenpakket bij Communicatie of Marketing neer te leggen. Maar wil je MVO-beleid echt integraal onderdeel laten zijn van je dagelijks doen en laten, dan is het beter om daar iemand verantwoordelijk voor te maken.’ Welke doelstellingen heb je destijds meegekregen? ‘Er zijn niet direct harde targets op tafel neergelegd. Wij zien maatschappelijk verantwoord ondernemen meer als een zoektocht die je samen aangaat. Ik richt me in mijn rol op twee specifieke gebieden: milieu en mens & maatschappij. Als ik even mag inzoomen op het milieu-aspect, dan begin je zo’n ontdekkingsreis met de vraag waar nu eigenlijk de bottlenecks in je organisatie zitten. Waar zit het laaghangend fruit en kunnen we dus snel winst behalen? De grootste uitstoot van CO2 zit bij ons met name op het gebied van mobiliteit. Van de 2400 medewerkers zitten er ongeveer 1900 dagelijks op de weg. Die reizen van huis naar kantoor, van kantoor naar klanten en volgen ook nog eens regelmatig trainingen op locatie.’ Wat heb je op het gebied van mobiliteit kunnen bereiken de afgelopen jaren? ‘Een aantal dingen. Eén daarvan is ervoor zorgen dat mensen in aanraking komen met elektrisch rijden, want wij geloven echt dat het die kant op gaat. Zo hebben we heel snel een elektrische auto voor de deur gezet die door alle medewerkers met een rijbewijs gebruikt mag worden. Je kunt die wagen boeken alsof je een vergaderzaal reserveert. ‘Ervaar nou eens hoe het is om in een auto te zitten met een beperkte actieradius’, zeggen we tegen onze mensen. De reacties zijn bijna allemaal positief trouwens. Daarnaast rijdt een deel van onze mensen op de weg inmiddels in een hybride lease-auto. Nu de fiscale voordelen voor die wagens zijn weggevallen, moeten we de mensen wel blijven stimuleren om hiervoor te kiezen.’ Die medewerker kan ook gebruik maken van een NS-Businesscard toch? ‘Klopt, als manager duurzaam ondernemen richt ik me vooral op bewustwording. Mensen laten zien dat ze een bijdrage kunnen leveren, dat het ook anders kan. Elke medewerker krijgt van ons dus ook zo’n NS-Businesscard. Ze rijden dan met de auto naar het station en pakken daarna de trein. Je moet elkaar daar in de organisatie wel op blijven attenderen.’ Meten jullie ook of dit soort interventies effect hebben? ‘Absoluut, we werken met de CO2-prestatieladder waarmee je je eigen CO2-footprint in kaart brengt. Zes jaar geleden zaten we op 15.000 ton uitstoot en inmiddels zijn we gedaald naar iets minder dan 11.000 ton. We zien bijvoorbeeld dat er duidelijk meer OV-kilometers gemaakt worden dan destijds. Daar tegenover staat wel een economische groei. We hebben om die reden meer opdrachten en dus ook meer mensen aan het werk, waardoor je footprint weer iets toeneemt.’ Het andere aspect in jullie duurzame beleid gaat over mens & maatschappij. Kun je dat concreet maken, wat bedoelen jullie daarmee? ‘Je wilt met elkaar werken aan een duurzame onderneming. Dat heeft enerzijds effect op het milieu, maar anderzijds ook op de vraag wat je als organisatie nu eigenlijk wilt betekenen in de maatschappij. We hebben ervoor gekozen om medewerkers daar bewust bij te betrekken. Zo kunnen zij op ons intranet bijvoorbeeld suggesties doen voor het ondersteunen van goede doelen, mits ze daar zelf bij betrokken zijn. We reserveren ook tijd en geld om die ideeën te omarmen. We stellen medewerkers die een poosje ziek zijn geweest bovendien in de gelegenheid om te re-integreren bij een goed doel. Denk aan stichting De Opkikker bijvoorbeeld. Dat werkt enorm motiverend, zo is gebleken.’ Educatie speelt in deze pijler ook een rol van betekenis. In welke zin precies? ‘Als IT-dienstverlener vinden we het heel belangrijk dat er op scholen voldoende aandacht wordt besteed aan computerkennis en technologie. Zo leiden we leerkrachten in het basisonderwijs op om les te geven in de basisbeginselen van het programmeren. Daarnaast hebben we op hogescholen al vier jaar lang Project B lopen waarbij studenten een IT-innovatie bedenken én prototypen voor mensen met een beperking.’ Hoe belangrijk is het dat ook de directie dit soort initiatieven omarmt? ‘Dat is essentieel. Ik vergelijk het wel eens met leren autorijden. De eerste lessen zijn zwaar en staat het zweet in je oksel. Ook bij Sogeti hebben we in het begin moeten zoeken naar het juiste format, maar nu we op stoom zijn is maatschappelijk verantwoord ondernemen niet meer weg te denken in de organisatie. Iedereen, en zeker ook de directie, beseft dat we niet meer zonder kunnen.’ Maar is dat ook echt zo? Het doet toch niet zoveel met je omzet? ‘De reden waarom je dit als organisatie doet heeft in beginsel te maken met de vraag welke rol je wilt spelen in onze samenleving. Uiteraard heeft dat ook een positieve uitstraling naar klanten en je collega’s. Verder vraagt de markt om de juiste certificeringen. Als wij bijvoorbeeld meedoen aan overheidstenders, dan moeten we aan allerlei MVO-doelstellingen voldoen. Geloof me, duurzaam ondernemen is enorm belangrijk.’

Hoe de consultants van Sogeti hun CO2 uitstoot met ruim 30 procent omlaag kregen

Zes jaar geleden kreeg IT-consultancy Sogeti Nederland met René Speelman haar eerste manager duurzaam ondernemen. Aan hem de taak om...

clock 3,5 min

Artificial Intelligence (AI) kan de kosten van marktonderzoek enorm reduceren. Computers verwerken data en doen geautomatiseerde voorspellingen. ‘We hebben bij Insites Consulting het experiment gedaan en in een community bots de vragen laten stellen. De efficiëntie nam met 80 procent toe! Onder meer omdat we minder tijd in moderatie hoefden te stoppen. Computers kunnen op basis van woordkeuze ook voorspellen of mensen nog verder zullen deelnemen. Daardoor is er minder verloop en dus meer participatie’, zegt Niels Schillewaert, managing partner en co-founder bij InSites Consulting. ‘Maar om bijvoorbeeld humor of ironie te interpreteren, om gedrag te verklaren en te begrijpen, hebben we mensen nodig. Mens en machine samen kunnen enorm efficiënt zijn: machines nemen de repetitieve taken over en de mens krijgt ruimte om creatief bezig te zijn. Het repetitieve, descriptieve onderzoek in marketing staat onder zware druk, maar verklarend onderzoek zal belangrijker worden’, aldus Schillewaert. Data rich, insight poor Door de digitalisering wordt marketing steeds meer data driven. Facebook, Spotify etc. zitten op een constante en omvangrijke datastroom. ‘Als ze een nieuwe feature willen introduceren kunnen ze die heel snel gericht testen op een klein publiek en zien ze ook instant wat werkt en niet werkt. Die evolutie zal marktonderzoek en marketing zoals we het kenden definitief veranderen.’ Organisaties hebben massa’s interessante data voorhanden via hun eigen Facebook-pagina, Twitter stream, Google Analytics… Keerzijde van de medaille: marketeers en brand owners hebben het idee dat ze alles weten en denken minder research nodig te hebben. Dat is een vals gevoel, waarschuwt Niels. ‘De data die we online binnen krijgen is niet altijd even betrouwbaar én social is niet de hele wereld. Door de massa gegevens zijn we data rich, maar insight poor. De challenge zal zijn om de online en offline datastromen samen te brengen én daarmee de brug naar sales te slaan, door die data te koppelen aan koopgedrag, wanneer dat tenminste mag van Europa.’ Validiteit van data monitoren Een andere uitdaging is de kwaliteit van data. Er is veel data beschikbaar, maar ze is niet altijd even kwalitatief. Vorige week nog kwam uit dat Facebook het bereik van hun adds stelselmatig overdrijft om adverteerders te lokken. In de VS bleken ze in een bepaalde leeftijdscategorie meer Amerikanen te bereiken dan dat er in werkelijkheid zijn. ‘Zijn we tevreden met data die 60% correct is, maar die we op de helft van de tijd en aan de helft van de kost kunnen bemachtigen?’ Dat terwijl het amper een jaar geleden is dat uitkwam dat Facebook de tijd die een gemiddelde gebruiker spendeert aan het bekijken van advertenties opblaast. Facebook telde elke video-advertentie die gedurende minstens drie seconden bekeken werd, mee als een ‘view’ waarvoor het de adverteerder een vergoeding kon aanrekenen. Facebook gaat voor gegevens als de locatie, leeftijd etc. van zijn leden trouwens enkel af op de informatie de leden zelf opgeven en controleert die data niet. ‘Wie een marktonderzoek leidt, moet ook aan risk management doen: zijn we tevreden met data die 60% van de realiteit dekt, misschien minder correct is, maar die we op de helft van de tijd en aan de helft van de kost kunnen bemachtigen?’, zegt Schillewaert. Hoe kunnen we waken over de correctheid van onze data als we er volledig afhankelijk voor zijn van Facebook of Google? ‘Er zal met de tijd een zekere openheid moeten komen en nieuwe spelers zullen kwaliteitsstrandaarden opgelegd krijgen door de markt’, weet Schillewaert. ‘Het is een zelfregulerend mechanisme en daarnaast zorgen organisaties als Esomar, dat wereldwijd marktonderzoek en data-analyse promoot, voor guidelines en educatie.’ Dergelijke instanties zullen overal opduiken om de bereikcijfers die bedrijven voorhouden, door een onafhankelijke instantie te laten controleren.

Het einde van klassiek marktonderzoek

Klassiek marktonderzoek staat onder zware druk, omdat het met AI efficiënter kan, aldus Niels Schillewaert, managing-partner van InSites Consulting.

clock 2,5 min

Ik schrijf dit stukje onderweg naar San Francisco. Samen met een kleine groep geprivilegieerde enthousiastelingen zal ik daar de toekomst van de automobielsector en mobiliteit te verkennen en in het verlengde daarvan de impact op de samenleving en businessmodellen. The Future of Automotive hebben we deze trip gedoopt. Spontaan bracht iemand de iconische DeLorean in herinnering uit de film Back to the Future. In die film uit 1985 vliegt Marty McFly dertig jaar de toekomst in. Een toekomst zonder… internet. Dat kwam immers pas in 1993 en werd in de film nog niet voorspeld. In de jaren negentig konden we ons amper voorstellen hoe een wereld mét internet eruit zou kunnen zien. Nu kunnen we ons geen wereld meer zonder voorstellen. Neem het internet weg en onze samenleving klapt in elkaar. Dat is in amper twintig jaar tijd gebeurd. In die twee decennia zijn onze auto’s nauwelijks veranderd, net zomin als de wegen en de infrastructuur… Uiterlijk zien we minder nieuwigheden dan we hadden voorspeld. Zelfs een Tesla is geen futuristisch uitziend vervoermiddel, maar gewoon een auto. Onder dat uiterlijk is die Tesla wel ongelooflijk nieuw, vooral omdat het een internetauto is geworden. Zo is ook de wereld onderhuids compleet gedigitaliseerd. Businessmodellen gaan op de schop en nieuwe modellen veroveren met schijnbaar vanzelfsprekend gemak de oude wereld, die onmachtig toekijkt. De automotive sector wordt helemaal herschreven. En snel ook. Neem het internet weg en onze samenleving klapt in elkaar De gouden driehoek artificiële intelligentie, big data en robotisering is na internet het volgende ‘nieuwe ding’ en de impact ervan zal nog ingrijpender zijn dan we nu vermoeden. Binnen twintig jaar kunnen we ons geen wereld zonder die drie meer voorstellen. Echt niet. Neem autonome auto's. Het kloppend hart daarvan is artificiële intelligentie, dat gigantisch veel data kan verwerken en waardoor de auto’s constant leren en slimmer worden. Die data worden gegenereerd door de talloze sensoren in de auto zelf, maar ook door andere connected voertuigen en allerlei databronnen die met auto's, infrastructuur en rijomstandigheden te maken hebben. Een zelfrijdende auto is… een robot. Een elektrische. De verbrandingsmotor is dood. Binnenkort hebben we het trouwens niet meer over zelfrijdende auto’s of autonome voertuigen, maar over auto’s. En over voertuigen. Die andere, verdwijnende soort, zullen we mensbestuurde voertuigen noemen. Gevaarlijke objecten. En wanneer auto’s eenmaal autonoom rijden en wij gewoon vervoerd worden van A naar B, kopen we geen auto’s meer, maar gebruiken we mobility as a service. Binnen twintig jaar is dat even gewoon als WhatsApp, Netflix, Spotify... Technologie vreet de oude wereld weg en de nieuwe... is heerlijk. AI, big data en robotisering zijn binnenkort niet meer weg te denken en maken onze steden weer leefbaar. Weg files. Weg vervuiling. Weg infrastructuur gebouwd rond auto’s, met grote parkeerplaatsen. Weg duizenden verkeersdoden. Nieuwe businessmodellen gaan de oude vervangen. Niet alleen in de wereld van de mobiliteit. Dit is pas dag twee van de nieuwe wereld en dat betekent dat iedereen nog de mogelijkheid heeft om mee te surfen op deze nieuwe technologische ontwikkelingen. Dat vraagt lef. Dat vraagt ondernemerschap. Dat vraagt om een open, onderzoekende geest, die niet naar morgen kijkt vanuit het heden, maar vanuit de toekomst en die met die wetenschap de eerste stappen zet om klaar te zijn voor de Day After Tomorrow.

Technologie vreet de oude wereld op, en dat is prima

De gouden driehoek artificiële intelligentie, big data en robotisering is na internet het volgende ‘nieuwe ding’ en de impact ervan...

clock 2,5 min

Columnisten

Aaron Mirck

Aaron Mirck is schrijver en keynote spreker over AI. Hij schreef drie boeken over technologie en is op het moment bezig met een boek over AI en Leider..

Lees de columns van Aaron Mirck