Wat je moet weten:
- Europa is voor kritieke grondstoffen afhankelijk van landen buiten Europa, zoals lithium voor elektrische auto’s.
- De EU wil meer grondstoffen zelf delven, verwerken en recyclen om minder afhankelijk te worden.
- Zelfvoorzienend worden is volgens experts een illusie, maar bedrijven kunnen wel veerkrachtiger worden door voorraden aan te leggen en met meerdere leveranciers te werken.
Neem een doorsnee leasebak, de Volkswagen ID.3. Het belangrijkste onderdeel, het pakket lithium-ionbatterijen, bevat onder meer lithium, koper, mangaan, nikkel en kobalt.
Australië levert meer dan de helft van het wereldwijde lithium, kobalt wordt slechts in enkele landen gewonnen, waaronder het door een burgeroorlog getroffen Congo, Chili is topexporteur van kopererts en China is het land dat het overgrote deel van het lithium raffineert en verwerkt. En er producten van maakt als accu’s – Volkswagen koopt ze voor zijn ID.3 in bij het Chinese CATL.
Europese kwetsbaarheid in vredestijd
Het autootje maakt duidelijk: Europa is voor kritieke grondstoffen afhankelijk van landen buiten Europa, en bovendien maar een handjevol.
In ‘vredestijd’ maakte dat de economie al kwetsbaar. Dat hebben we geleerd van de coronapandemie, maar vooral door de energietransitie met zijn windmolens, zonnepanelen en batterijen. Dergelijke hardware stuwde de vraag naar zeldzame (aard-)metalen en andere mineralen exponentieel op. Voor een duurzame toekomst wil je liever niet afhankelijk zijn van een beperkt aantal dominante leveranciers van grondstoffen.
Re:Europe

Europa wankelt? Tijd voor een nieuw perspectief.
Er wordt veel gesproken over de kwetsbare positie van Europa. Innovatie lijkt elders sneller te gaan. Geopolitieke verschuivingen zorgen voor onzekerheid.
Maar laten we niet vergeten: onze eigen economie heeft alles in zich om te concurreren op wereldschaal. Daarom introduceren we Re:Europe – een dossier over de kracht van Europese innovatie.
Hierin brengen we de verhalen van ondernemers, wetenschappers en denkers die laten zien dat Europa wél vooruitgaat. Dat we hier oplossingen creëren die ertoe doen. En die Europa minder afhankelijk maken van de rest van de wereld met haar economie, (digitale) infrastructuur, energie en industrie.
De inval in Oekraïne en de handelsmaatregelen van Trump maakten nog eens extra duidelijk welke risico’s Europa loopt met grondstoffen. ‘In feite is het naïviteit van Europa om te geloven in eeuwigdurende vrijhandel met een onbeperkte beschikbaarheid van grondstoffen’, zegt grondstoffenexpert Ton Bastein van TNO. ‘Dat politieke besef steekt van tijd tot tijd de kop op. Never waste a good crisis, zou ik zeggen.’
De Europese strategie: CRMA en zelfvoorziening
In de Critical Raw Materials Act (CRMA) heeft de EU vastgelegd dat de lidstaten meer moeten doen om hun grondstoffenvoorziening minder afhankelijk te maken van landen met een ‘ander bestuur’. Daarvoor moeten ze een aantal stappen zetten: de lidstaten moeten meer grondstoffen zelf gaan delven, met als streven dat in 2030 ten minste 10 procent van het jaarlijkse verbruik van de EU uit eigen bodem komt.
Europa moet ook het verwerken van grondstoffen meer naar zich toehalen: 40 procent van alle grondstoffen zou binnen Europa moeten worden omgezet in halffabricaten en eindproducten. In 2030 mag geen enkel materiaal voor meer dan 65 procent afkomstig zijn uit slechts één enkel land (lees: China).
En we kunnen tot slot ook winst boeken door minder grondstoffen te verbruiken. We zouden de recycling moeten opvoeren tot ten minste 25 procent van de grondstoffen die we verwerken uit recycling afkomstig is.
Nederland heeft een grondstoffengezant
Nederland heeft inmiddels een eigen nationale grondstoffenstrategie (NGS) die aansluit bij dit Europese beleid, en een speciaal vertegenwoordiger grondstoffenstrategie, Allard Castelein, voormalig directeur van het Rotterdams Havenbedrijf. Hij is (inter)nationaal aan de slag met de duurzame winning, raffinage en circulariteit van kritieke grondstoffen.

De Europese Unie heeft een lijst opgesteld met 34 kritieke en strategische grondstoffen, materialen die van groot belang zijn voor bedrijven in hernieuwbare energie, maar ook voor de digitalisering van Europa en zijn ruimtevaart- en defensiebedrijven, en waarvan de leveringszekerheid door monopolievorming niet gegarandeerd is. Denk aan het spul in de batterijen, maar ook aan koper en neodymium voor de magneten van windmolens, en exotischer klinkende metalen als bariet, scandium en tantaal.
‘De patiënt is ziek’
Op de lijst staan ook materialen die nu nog ruim voorhanden zijn, maar waarvan wordt verwacht dat de vraag in de toekomst exponentieel zal toenemen. China is voor de EU op dit moment verreweg de grootste leverancier van de meeste kritieke grondstoffen, waaronder bariet, bismut, gallium, germanium, magnesium, natuurlijk grafiet, alle lichte en zware zeldzame aardmetalen, wolfraam en vanadium.
Het is duidelijk: sinds de energietransitie ruilen we onze verslaving aan olie, kolen en gas in voor een groeiende honger naar metalen. ‘De patiënt is ziek’, concludeert industrieel ecoloog René Kleijn, die in Leiden onderzoek doet naar de grondstoffenhuishouding van Europa en de wereld. ‘In feite bestuderen we het metabolisme van de maatschappij. Het is nu nog een lichte verhoging, maar die zou uit de hand kunnen lopen.’
Nieuwe mijnen openen in Europa?
Van alle landen wordt nu verwacht dat zij het potentieel aan grondstoffen in hun bodem in kaart gaan brengen. Voor Nederland zal dit niet veel opleveren, zegt Kleijn. ‘We doen wel aan zoutwinning. Dat klinkt onbelangrijk, maar het bevat een beetje lithium, dat zou je eruit kunnen halen.’
Maar dat is theorie. De mineralenkaart van Europa staat vol stippen met plekken waar metalen in de bodem zitten, van Scandinavië tot Spanje en Griekenland. Kleijn: ‘Maar gaan we ook echt nieuwe mijnen openen? Het duurt vijftien jaar en miljarden aan investeringen voordat een mijn operationeel is. Afgezien van de vraag of dat wel snel genoeg is om aan de stijgende vraag te kunnen voldoen: je moet dus vijftien jaar kunnen vooruitkijken naar hoe de markt op dat moment is. Vind daar maar eens geldschieters bij.’

Raffinage is zwakke plek voor Europa
Het delven van grondstoffen is een stap, maar wie verwerkt ze tot zuivere materialen en halffabricaten? Ook daarin heeft Europa geen sterke positie, vooral door de relatief hoge energieprijzen. En weer is China het land waar de meeste raffinage plaatsvindt. Of, zoals met de nikkel in Indonesië, het land dat de dominante investeerder is in de verwerking ter plaatse.
Kleijn haalt het voorbeeld aan van de Mountain Pass-mijn in Californië, waar zeldzame aardmetalen worden gewonnen. ‘Die was weggeconcurreerd door de Chinezen, tot de overheid voorschreef dat iets als de F35-straaljager voor een groter deel uit binnenlandse stoffen moest bestaan. Sindsdien is de mijn weer operationeel. Maar het erts gaat voor de raffinage naar China, en de VS importeert dan weer de geraffineerde materialen.’
Bedrijven moeten veerkracht inbouwen
Als een dolle gaan graven en raffineren is ook niet de oplossing, wil Kleijn gezegd hebben. ‘Zelfvoorzienend worden is een illusie, daarvoor is alles in de wereldeconomie veel te veel verknoopt. Want naast grondstoffen heb je ook de machines nodig die ze verwerken, en voor die machines heb je ook weer onderdelen nodig.’
We worden dus nooit echt onafhankelijk, maar bedrijven moeten toe naar een grotere strategische autonomie. ‘Je moet zorgen dat je een zekere veerkracht inbouwt. Op het niveau van individuele bedrijven kan dat betekenen dat je voorraden aanlegt met stoffen of onderdelen die kritiek zijn, dat je werkt met meerdere leveranciers, deals sluit in verschillende landen. Dat je fabriek niet stilligt zodra een schip ergens een kanaal blokkeert.’
Nederlands Materialen Observatorium
Onderzoeksinstituut TNO startte met ondersteuning door het ministerie van Economische Zaken in februari 2025 het NMO, het Nederlands Materialen Observatorium, dat onderzoek doet en informatie verzamelt over de materiaalstromen in waardeketens.
TNO-onderzoeker Bastein is er lead scientist. ‘Wij halen de zorgen vanuit het bedrijfsleven naar boven, verzamelen in feite intelligence, zoals in Duitsland het grondstoffenagentschap DERA al sinds 2010 doet.’
‘Maar als wij maakbedrijven vragen: van welke kritieke materialen ben je afhankelijk? Dan denken ze nu nog aan gas of zuurstof. Meestal moet je vijf stappen terug in de toeleveringsketen om erachter te komen dat er wolfraam zit in het staal waaruit een component is gemaakt.’
Grondstoffenrisico is maar één uitdaging
Dat is geen naïviteit of onwil, maar als supply chain manager kun je nu eenmaal niet de complete keten naar je hand zetten. ‘Ze kunnen wel een voorraad aanleggen om de afhankelijkheid te verkleinen, het risico op prijsstijgingen afdekken en al bij het ontwerp van producten zorgen dat die ook met alternatieve materialen kunnen worden geproduceerd.’
En bedenk dat grondstoffenrisico maar één van de vele uitdagingen is voor ondernemingen. ‘Innovatie, gebrek aan personeel, inflatie: er staan wel meer risico’s op de risk map die gemanaged moeten worden. Een individueel bedrijf hoef je ook niet aan te spreken op de strategische autonomie voor de komende generaties, dat is een overheidsvraagstuk.’
Vraag naar lithium gaat keer 40
Op mijnbouwbedrijven na, die een kans zien in de hernieuwde aandacht voor Europese grondstoffen uit eigen bodem, is het bedrijfsleven zelf niet heel druk bezig met het onderwerp. ‘Een tweede uitzondering is de automotive sector. Die maakt de transitie door naar elektrische aandrijving. Een heel andere technologie die afhankelijk is van grondstoffen die tot voor kort helemaal niet zo populair waren’, aldus Bastein.
De opschaling van de staalproductie hield nog gelijke tred met de opkomst van de auto zelf, bij lithium is dat nu een ander verhaal. ‘De vraag naar lithium zal naar verwachting ruimschoots veertig keer zo groot worden de komende jaren. Dat klinkt verschrikkelijk, maar er zit genoeg lithium in de grond, dus de productie moet ernaartoe groeien. Dat we straks anderhalf keer zoveel koper nodig hebben, een van de meest gebruikte metalen, lijkt me een grotere zorg.’
Voorraden met grondstoffen aanleggen
Als de inkopers bij bedrijven geen werkkapitaal willen vastleggen in voorraden, zou de overheid dan geen reserves kunnen aanleggen van kritieke grondstoffen? Grondstoffenadviseur Amrish Ritoe, die bedrijven en overheid adviseert met zijn bureau Number Three, deed een haalbaarheidsstudie die EZ-minister Beljaarts in oktober naar de Kamer stuurde. Zo’n programma heeft heel wat voeten in de aarde, maar het zou Nederland tot een belangrijke rotonde kunnen maken voor grondstoffen, voor het Europese achterland.
‘Stap nul is: breng in kaart waaraan de komende decennia behoefte is bij de sectoren die in de toekomst zullen groeien, daar is nu ook defensie bijgekomen. Vervolgens vergelijk je de huidige aanvoer en waar die vandaan komt met wat je in de toekomst nodig hebt en hoe je de aanvoer wilt diversifiëren. Dat verschil moet je bij elkaar zien te sprokkelen’, aldus Ritoe.
Onderzoek naar dematerialisatie
In zijn rapport nam Ritoe het voorbeeld op van Toyota. Terwijl na de coronapandemie de autoproductie wereldwijd stillag vanwege een wurgend tekort aan chips, bleven de Priussen en Corolla’s van de band rollen. ‘Toyota had al door de kernramp in Fukushima gemerkt hoe kwetsbaar het was voor een verstoring van zijn leveringsketen. Daarop had het afspraken gemaakt met zijn leveranciers: hou niet voor een paar dagen, maar voor enkele maanden voorraad aan.’

Op Europees niveau kan de mijnbouw misschien best wat groeien om te voorzien in de behoefte, maar bedrijven en overheden zullen contracten moeten sluiten met meer verschillende landen, buiten China, om grondstoffendeals mee te sluiten. ‘Je kunt ook gericht investeren in R&D zodat je minder nodig hebt van een bepaald materiaal, zogeheten dematerialisatie, of je gaat op zoek naar alternatieven: substitutie. Het succes zal vaak afhangen van een goede internationale publiek-private samenwerking.’
Financiering van nieuwe mijnen
Neem die dominantie van China. ‘Als je een supply chain buiten China wil opbouwen, draait alles om de financierbaarheid. Banken willen niet zomaar geld inzetten op mijnbouw, terwijl China ervoor zorgt dat de prijzen van sommige grondstoffen zó laag zijn, dat concurrenten elders kapot gaan. Eindgebruikers zouden ook kunnen meedenken over hoe ze zo’n project kunnen helpen door als grote naam garant te staan voor afname. Ik zie dat in de automotive al gebeuren, rond batterijmaterialen.’
‘Er is geen silver bullet, maar in Europa zouden bedrijfsleven en overheid op die manier moeten denken over het van de grond krijgen van mijnen. De Nederlandse overheid kan garant staan voor een lening, op voorwaarde dat Nederlandse bedrijven afnemer zijn, of betrokken zijn bij het project.’
Urban mining werkt voor koper en staal
Het terugwinnen van grondstoffen kan ook veel opleveren, daarover zijn de experts het eens met beleidsmakers. Kleijn: ‘Dan gaat het om het beter beheren van grondstoffen. Want waar je ze ook vandaan haalt, uiteindelijk is het uit de grond halen van stoffen eindig.’
Urban mining, zo heet het delven in de berg afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Kunnen we zo in 2030, zoals de EU wil, een kwart van onze kritieke grondstoffen terugwinnen? Nederland recyclet al best veel koper, ijzer, staal, goud en zilver.
Kleijn: ‘Dat zijn grote, waardevolle stromen. Maar met metalen die in heel kleine hoeveelheden in bijvoorbeeld telefoontjes zitten, gaat het een stuk moeizamer, zeker als er weinig mee te verdienen valt. Een telefoon bevat minder tantaal dan een brok tantaal-erts.’
Recycling wacht op betere businesscase
De overheid kan wel inzetten op een minder afhankelijk Europa, daar moet wel een businesscase achter zitten voor de bedrijven die het moeten doen, zegt Kleijn. ‘Uiteindelijk zal terugwinnen alleen gebeuren als er geld mee te verdienen valt. Of je moet als overheid de eis stellen dat producten voor een bepaald aandeel uit hergebruikte grondstoffen bestaan.’
De urban mine zou erbij gebaat zijn dat meer duidelijk is over de samenstelling van een apparaat, informatie die Frankrijk inmiddels eist van de makers.

Ritoe: ‘De technologie achter recycling is nog sterk in ontwikkeling. We zullen in de toekomst veel meer eruit kunnen halen dan nu. Bovendien moet je begrijpen dat je bij recycling afhankelijk bent van hoeveel er eerst in het systeem rondgaat. Elektrische auto’s zijn nog relatief nieuw, het hergebruik van batterijen bestaat dus nog vooral uit batterijcellen die bij de fabricage worden afgekeurd. De komende decennia zullen we nog grondstoffen in dat systeem moeten pompen voordat er genoeg is om te recyclen.’
Strategische autonomie komt met een prijs
Hoe haalbaar het politieke streven is naar strategische autonomie? Bastein: ‘Dat hangt ervan af wat we ervoor over hebben, want het komt met een prijs. We hebben niet voor niets het basismetaal en de mijnbouw met zijn problemen en lage marges elders laten landen. Strategische autonomie is een ander woord voor de markt anders inrichten. Als je dat wil, moet je genoegen nemen met lagere marges. Wat dat betreft heeft China het slimmer gespeeld: dat is opgeklommen in de keten, maar heeft ondertussen wel de grondstoffen veilig gesteld.’
Terug naar die Volkswagen. Nu nog rijden ze rond met een lithiumbatterij, maar sinds kort rust de maker ze ook uit met een lithium-ijzer-fosfaat-accu, ofwel LFP-accu. Zonder kobalt, zonder mangaan en verder opgebouwd uit grondstoffen die ruim beschikbaar zijn. De leverancier is wel nog steeds CATL, uit China.



