Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Advertorial – CIBER

‘Ons commitment spreekt boekdelen’
CIBER Nederland groeit tegen de klippen op. Goed nieuws in een tijd dat menig ICT-bedrijf het moede hoofd in de schoot legt. Maar die groei stelt CIBER ook voor een nieuwe uitdaging: personeel. En dan wel: góed personeel!
 


Vorig jaar bereikte CIBER Nederland een omzet van circa 75 miljoen. De target in de nabije toekomst ligt op 100 miljoen. Maar waar in het huidige economische klimaat menig ICT-bedrijf de tering naar de nering moet zetten, heeft CIBER uitdagingen van een heel andere orde, vertelt marketing en communicatie manager Wilco Jacobs. “Het aantal opdrachten en opdrachtgevers groeit gestaag, waardoor we fors in capaciteit moeten uitbreiden. We hebben dus mensen nodig en dat kunnen er anno 2010 niet veel zeggen in onze branche!”
Jacobs kent de stormachtige groei van CIBER uit eerste hand. “Toen ik hier vier jaar geleden kwam werken, hadden we al 250 mensen in dienst. Nu zitten we tegen de 500 mensen en hebben we de ambitie om door te groeien naar 1000. Die wens heeft er vorig jaar al toe geleid dat wij, middels een recruitmentcampagne, naar buiten brachten geïnteresseerd te zijn in nieuwe collega’s.” Maar CIBER is en blijft uiterst kritisch als het gaat om het aannemen van nieuw personeel: slechts een klein percentage van de applicanten wordt ook daadwerkelijk aangenomen. “CIBER levert diensten, niet alleen handjes. We worden op waarde geschat als het gaat om prijs, service en kwaliteit en wij zijn het meest innovatieve IT-servicesbedrijf ter wereld. Noblesse oblige, dus kwaliteit komt boven kwantiteit. We zullen dan ook geen water bij de wijn doen ten aanzien van de kwaliteit van nieuwe medewerkers. Dan maar minder hard groeien.”
Blijft CIBER als vanouds zoeken naar mensen die passen bij het kwaliteitsniveau van het bedrijf, de aanpak verandert wél. “Tot nu toe konden we vaak bouwen op onze eigen mensen, die ons attendeerden op de juiste collega’s in de branche. Maar dat levert gemiddeld tien nieuwe krachten per jaar op; nu hebben we daar een veelvoud van nodig. We gaan er dus nog harder aan trekken om met de juiste mensen in gesprek te komen. Daartoe hebben we een aantal nieuwe collega’s in huis gehaald.”

Lopend vuurtje

Het nieuws dat CIBER meer mensen zoekt, is in de branche als een lopend vuurtje rondgegaan. “Met als gevolg dat we het afgelopen jaar maar liefst driehonderd open sollicitaties toegezonden kregen. Er is wel meer kaf onder het koren, maar er zitten verhoudingsgewijs ook meer goede krachten thuis vanwege de economische malaise. We hebben over de volle breedte extra personeel nodig, zowel specialisten als allrounders.” Echte CIBER-mensen hebben wel bepaalde vereisten, zegt Jacobs. “Zo moet je minstens van medior niveau zijn wil je bij ons binnenkomen, plus softskillcapaciteiten kunnen combineren met harde kennis. Het gaat namelijk niet alleen om je ervaring in ICT, maar ook dat je goede communicatieve vaardigheden hebt – en een CIBER-hart.”
Die vereisten zou ik bij elk ander ICT-bedrijf ook verwachten. “Klopt, het verschil is dat die kwaliteiten zichtbaar zijn bij onze klanten en dat wij van hén te horen krijgen hoe goed ons personeel is. Ik ga met regelmaat naar opdrachtgevers om afgeronde projecten te evalueren, klanten als Philips, Essent en Malmberg. Zij vertellen zelf negen van de tien keer dat ze zo tevreden zijn over onze mensen. En dat zonder dat ik daarnaar vraag. Een mooie uitspraak van een klant: ‘Als er ’s avonds om zes uur nog mensen aan het werk zijn, kun je er donder op zeggen dat die van CIBER zijn.’ Dat commitment spreekt boekdelen, dat verzinnen we niet zelf.”

Cellenstructuur

Een bedrijf dat zo sterk in zijn groei zit, loopt het gevaar zijn bedrijfscultuur en -sfeer kwijt te raken: van een gezellig en betrokken bedrijf verander je dan in een onpersoonlijke moloch. CIBER heeft dat probleem vanaf het begin onderkend, weet Jacobs. “Toen ik bij CIBER kwam werken, maakte directeur Tom van den Berg van CIBER Nederland zich daar al zorgen over. Vaak moeten bedrijven die meer dan 350 mensen in dienst krijgen hun bedrijfsstructuur grondig veranderen, meestal door er een managementlaag aan toe te voegen. Maar Tom koestert de cultuur van ons bedrijf, waarin betrokkenheid en laagdrempeligheid vooropstaan. Dat heeft geleid tot een specifieke bedrijfsorganisatie. CIBER is hiërarchisch opgebouwd uit diverse cellen met hun eigen expertise. Die cellenstructuur kunnen we moeiteloos uitbreiden: zodra een cel te groot wordt, splitsen we hem. Daardoor blijft de organisatie plat en toegankelijk en zorg je ervoor dat iedereen zich onderdeel weet van het grotere geheel dat CIBER heet. Het is daarom dat klanten soms verbaasd tegen ons zeggen: ‘Jullie mensen praten allemaal zo enthousiast over CIBER!’ Inderdaad. En daar ben ik zelf geen uitzondering op.”

CIBER Nederland

Meerkollaan 15, 5613 BS Eindhoven
Postbus 843, 5600 AV Eindhoven
Telefoon: (040) 232 90 90
Fax: (040) 232 90 91
E-mail: [email protected]
www.ciber.nl

 

Victor Muller geeft nooit op: nu helpt een Oekraïense cryptomiljardair Spyker opnieuw tot leven te wekken

Victor Muller weet van geen opgeven. Na een reeks faillissementen, ruzie met schuldeisers, aandeelhouders en curatoren maakt de ondernemer een comeback met Spyker. Dit keer stapt een Oekraïense cryptomiljardair in om de Nederlandse supersportwagen weer tot leven te wekken.

Volodymyr Nosov (l) en Victor Muller.

Een complete horde schuldeisers, voormalige zakenpartners, investeerders én een paar curatoren kunnen zijn bloed waarschijnlijk wel drinken. Maar Victor Muller, de ondernemer achter sportwagenmerk Spyker, is weer helemaal terug in de spotlights, even onverstoorbaar glimlachend als altijd.

Op het prestigieuze autofeest The Quail tijdens de Monterey Car Week onthulde hij vrijdag de C8 Preliator XXV Coupé. Een hypercar van 1,5 miljoen euro waarvan er slechts 25 gebouwd zullen worden (een verwijzing naar het 25-jarige bestaan van het merk). De wagen borduurt voort op een gelijknamig model uit 2016 maar is flink aangepakt, zeggen de makers.

Spyker met goud en doorgestikt leer

De V8 onder de motorkap gaat 800 pk leveren, goed voor een top van 350 kilometer per uur en een 0 naar 100-tijd van 2,7 seconden. Voor een supersportwagen noodzakelijke specificaties, en ook op doorgestikt leer en gouden accenten is niet beknibbeld. Maar of er een markt is voor een merk zonder de stamboom van een Ferrari of McLaren? In een vorig bestaan kostten Spykers nog maar een paar ton.

Muller zegt al kopers te hebben voor de eerste 21 exemplaren, dus dat komt wel goed.

Oekraïense crypto-ondernemer

Interessanter is met welke nieuwe zakenpartner Muller de comeback van Spyker op poten zet. Het is de Oekraïense ondernemer Volodymyr Nosov. Nosov is oprichter van WhiteBit, een cryptobeurs, en heeft een geschat vermogen van zo’n 6 miljard euro.

De Spyker C8 Preliator XXV Coupe

Diepe zakken dus, die de ruimte geven om nog meer auto-ontwerpen van de plank te halen. De D8 Peking-to-Paris, de Spyker-interpretatie van een super-suv, zou er nu eindelijk kunnen komen. Ook de racerij lonkt weer. Muller heeft plannen om weer deel te nemen aan de races in Le Mans met zijn merk.

En zo is Spyker bezig aan het volgende van zijn negen levens. Het tweede begon, toen autofanaat en Leids jurist Muller, die het goed had gedaan bij zeesleper Wijsmuller en met kledingmerk McGregor, besloot de droomauto van ontwerper Maarten de Bruijn tot leven te wekken. Hij bemachtigde de merkrechten van Spyker, een automerk dat al in de jaren twintig van de twintigste eeuw bankroet was gegaan, en ging op zoek naar toeleveranciers en investeerders.

Lees ook: Xpeng-oprichter voorspelt bloedbad auto-industrie: ‘Helft van onze mensen focust volledig op R&D’

John de Mol en Marcel Boekhoorn als investeerders

Een auto ontwikkelen vreet namelijk kapitaal, Muller had in die beginjaren onder anderen John de Mol en Marcel Boekhoorn achter zijn plannen gekregen. Spyker Cars kreeg in 2004 ook een beursnotering om geld aan te kunnen trekken. Arabische investeerders stapten in, maar het bleek niet voldoende. Althans, toeleveranciers klaagden vanaf 2006 steeds luider dat facturen onbetaald bleven. Daarop begonnen de eerste (juridische) gevechten tussen Spyker, zijn leveranciers en later ook met beurstoezichthouder AFM en aandeelhouders.

Het is alsof Muller vanaf de prille start al wist dat Spyker een hobbelige weg te wachten stond. Hij koos de spreuk ‘Nulla tenaci invia est via’ als motto, ofwel ‘Voor de volhouders is geen enkele weg onmogelijk’.

De rode draad daarin was telkens dat Muller alle kritiek van de hand wees als ‘azijnpisserij’. Een jaarrekening die niet klopte? Gedoe over facturen? Een aandelendeal met losse eindjes? De oplossing voor alle financiële, juridische of productieproblemen lag volgens hem steevast om de hoek.

Houdini koos vlucht naar voren

Interieur van de nieuwe Spyker C8 Preliator.

Als een ware Houdini bleef de Spyker-oprichter buiten bereik, en vaak koos hij de vlucht naar voren om door te kunnen met zijn missie. In 2006 bijvoorbeeld, een jaar waarin leveranciers de messen al slepen, werd Spyker eigenaar van een Formule 1-team. Dat moest zorgen voor naamsbekendheid en bracht ook de familie Mol, vader Jan en zoon Michiel, aan boord. Een jaar later werd het team alweer verkocht.

In 2010 ‘redde’ Muller met zijn destijds nog steeds verlieslatende en armlastige Spyker zelfs het veel grotere Zweedse Saab, dat onder General Motors al op weg naar de uitgang was. Een huzarenstukje: met een lening van 400 miljoen euro van de Europese Investeringsbank nam Muller de boedel over en hernoemde zijn imperium tot Swedish Automobile.

Beschuldigd van belastingfraude met Saab

Onder meer een Chinese autogroep zou volgens de Nederlandse redder 150 miljoen willen investeren in de Zweedse autobouwer. Die deal ging niet door, maar vervolgens meldde Muller dat hij een kwart van zijn bedrijf verkocht aan de Chinese miljardair Pang Qinghua.

Die deal blokkeerde GM, eind 2011 ging Saab alsnog failliet. Muller werd later samen met andere directeuren beschuldigd van corruptie en belastingfraude tijdens de Saabjaren, maar in 2017 werd hij daarvan vrijgesproken. Zelf claimde hij miljarden van General Motors, maar die claim werd afgewezen door de Amerikaanse rechter.

In zijn zoektocht naar geldverstrekkers en nieuwe mogelijkheden om Spyker in de lucht te houden, had Muller soms ook gewoon pech. Toen hij in 2007 de Russische bankier Vladimir Antonov had gestrikt, stapte die in via zijn Litouwse bank Snoras en leek het even weer bergop te gaan met zijn automerk. Maar Antonov werd in 2011 verdacht van banden met de maffia en kon alleen op de achtergrond Muller nog steunen.

Spyker fuseert met vliegtuigbouwer

En ook toen Spyker eind 2014 voor het eerst failliet werd verklaard, betoonde Muller zich vasthoudend. In een zeldzame actie kreeg hij gedaan dat het faillissement in hoger beroep werd teruggedraaid. Schuldeisers hadden samen 44 miljoen te vorderen, maar kregen uiteindelijk enkele tienduizenden euro’s aangeboden.

Dit keer nam Muller bijna letterlijk een vlucht: hij zou Spyker fuseren met een Amerikaanse bouwer van elektrische vliegtuigen, Volta Volaré. Samen zouden ze elektrische auto’s en vliegtuigen gaan produceren. In 2016 presenteerde Spyker inderdaad een nieuw model, de Preliator die de basis vormt voor de wagen van vandaag. Maar elektrisch was die niet, en van de samenwerking met de Amerikanen kwam verder weinig.

Russische oligarchen

Nadat in de jaren erna ook een wederopstanding met Russisch geld op niets was uitgelopen, ging Spyker in 2020 opnieuw failliet. Een lang steekspel tussen curator en ondernemer volgde, waarbij Muller herhaaldelijk op de proppen kwam met investeerders die de schulden zou helpen inlossen.

Ook twee Russische oligarchen doken op, Michail Pessis en Boris Rotenberg, de laatste een goede bekende van de Russische president Vladimir Poetin. Eind 2021 kondigt Muller aan met hen via het Italiaanse Milan Morady de Spyker-productie opnieuw op te zetten. Dat nieuws blijft beperkt tot een enkel persbericht.

Schikking met curator

Curator Dennis Steffens dreigde Muller intussen aansprakelijk te stellen wegens wanbeleid. Hij wilde zelfs aangifte doen van faillissementsfraude, omdat Muller aparte terugbetalingsregelingen wilde aanbieden aan verschillende schuldeisers. Vorig jaar, vijf jaar na het faillissement van de eerste Spyker-dochter, besloot hij alsnog tot een schikking om het faillissement af te kunnen ronden: voor 350.000 euro kwamen de merkrechten op Spyker weer in handen van de zakenman.

Die kon zo verder werken aan zijn automerk. Dat bestaat dan alleen nog maar op papier. De sportwagenfabrikant heeft geen productielocatie, personeel, onderdelen en gereedschappen meer. Die zijn in een eerder stadium al ontslagen, verkocht of verdwenen. Er rijden wel nog circa 265 Spykers rond, die ongetwijfeld geserviced moeten worden. Dat gebeurt nu door Jasper den Dopper, die met SpykerEnthusiast het gros van de wagens onderhoudt, aanpast en zelf ook onderdelen produceert.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Startups & Scaleups ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.
Nosov en Muller willen ook weer gaan racen met Spyker.

Misschien in samenwerking met Den Dopper, maar vooral dankzij het geld van de nieuwe zakenpartner gaat nu weer een nieuwe ronde in voor Spyker Cars. Volgens een persbericht nam cryptomiljardair Nosov ‘een aanzienlijk belang’ in Spyker. Dat wordt onderdeel van zijn W Group, die vooral bestaat uit blockchain- en fintechbedrijven. Tegelijk met de investering richten W Group en Spyker het bedrijf Spyker Digital op. Die onderneming gaat zich richten op ‘digitale infrastructuur en nieuwe vormen van eigendom en klantinteractie binnen het premium autosegment’.

Hoeveel geld Nosov wil besteden, is niet bekend, maar volgens The Financial Times gaat het volgens ‘ingewijden’ om honderden miljoenen euro’s. De eerste zes ton zijn alvast verbrand aan de optredens van de Preliator op de exclusieve autoshows The Quail en afgelopen zondag Pebble Beach. Money well spent, want daar kwam Spyker weer op het netvlies van verwende autoliefhebbers te staan. Om Den Dopper te citeren in een interview met Quote: ‘Een Spyker koop je als je die Diablo, F40 en Veyron al hebt staan.’