Winkelmand

Geen producten in je winkelmand.

Doorbraak: overheid wil startups vanaf 2022 eenvoudiger laten betalen in aandelen

Medewerkers deels betalen in aandelen. In andere landen is het al jaren de gewoonste zaak van de wereld, maar voor Nederlandse startups levert het fiscale problemen op. Een nieuw wetsvoorstel moet deze problemen voor eens en altijd oplossen.

Startup Getty Images
Je leest nu: Doorbraak: overheid wil startups vanaf 2022 eenvoudiger laten betalen in aandelen

Leek het er begin dit jaar nog op dat we moesten wachten op een nieuwe regering om de regels voor aandelenparticipatie te versoepelen, nu blijkt dat dit niet nodig is. Er zit namelijk schot in de zaak: het Financieele Dagblad berichtte dit weekend over een tot dusver onderbelicht wetsvoorstel dat het ministerie van Financiën al op 31 mei publiceerde.

Deze wet moet het al vanaf volgend jaar eenvoudiger maken voor startups om medewerkers deels in aandelenopties te betalen. Zo kunnen startups in hun beginfase, wanneer de investeringen vaak nog groter zijn dan de inkomsten, medewerkers aantrekken zonder meteen topsalarissen te moeten betalen. Het wetsvoorstel is het gevolg van een in 2019 ingesteld overheidsonderzoek naar gunstigere regelingen voor aandelenparticipatie, schrijft het ministerie.

Krijg je als medewerker aandelenopties, dan betekent dit dat je bij een investering of beursgang serieus vermogen kunt opbouwen. Hiermee kunnen werknemers bijvoorbeeld zelf in andere startups investeren, waardoor het ecosysteem van start- en scaleups vleugels krijgt. Tevens zorgt het voor een betere kapitaalspreiding binnen bedrijven, zodat niet alleen de oprichters en het managementteam, maar ook het personeel financieel garen spint van een beursgang of investering. In landen als de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk is aandelenparticipatie een heel gangbare manier van zakendoen.

Sociale druk

Diverse groeibedrijven kozen in Nederland al voor het betalen in aandelen. Fintech-bedrijf Adyen gaf al zijn medewerkers aandelen voordat het bedrijf naar de beurs ging. Coolblue, dat later dit najaar naar de beurs wil, liet onlangs weten diens medewerkers ook te voorzien van certificaten voor aandelen.

Er lijkt onder scaleups zelfs enige vorm van sociale druk te ontstaan om aan aandelenparticipatie te doen. Toen online bank Bunq afgelopen week 160 miljoen euro bij investeerders ophaalde, gaf ondernemer Ali Niknam geen aandelen weg aan medewerkers. Dat kwam het bedrijf op kritiek te staan van de Amsterdamse oud-Uber-manager Gergely Orosz. In een LinkedIn-bericht dat liefst 2.000 likes kreeg, schreef hij: ‘Bunq had op papier tientallen miljonairs kunnen hebben, die het bedrijf hebben opgebouwd. In plaats daarvan heeft het op papier één miljonair.’

Fiscale regels

Toch is het allemaal niet zo eenvoudig als Orosz het doet overkomen. De fiscale regels maken het startende Nederlandse bedrijven behoorlijk ingewikkeld om op de bandwagon van aandelenparticipatie stappen. Krijg je als werknemer aandelenopties, dan moet je daar in ons land jaarlijks grote belastingsommen voor neertellen, omdat de Belastingdienst opties als salaris ziet.

Dat maakt het een hoogst onaantrekkelijke manier van salariëren. Immers: de kans is groot dat de startup waar je voor werkt nooit naar de beurs zal gaan, amper investeringskrediet op zal halen of zelfs over de kop zal gaan. Gebeurt dat, dan zijn je aandelenopties niets waard, terwijl je er jaren belasting over betaald hebt.

Verhandelbaar

Het nieuwe wetsvoorstel regelt dat een startup er straks voor kan kiezen om de belastingheffing door te schuiven naar het moment dat aandelenopties verhandelbaar worden door een investeringsronde, een verkoop of een beursgang.

Lees ook: Startupverblijfsvergunning twee jaar na aankondiging live, dit zijn de eisen

‘Voordeel voor talent aantrekken’

De reacties op het wetsvoorstel zijn overwegend positief. Zo schrijft Cooper-ondernemer Robert Gaal op de betreffende overheidspagina: ‘Het goedkeuren van dit wetsvoorstel betekend (sic) voor ons direct een voordeel voor het aantrekken van het nodige talent, een betere positie ten opzichte van investeerders, en een verlaging van zowel de administratieve last als de kosten.’

Een anonieme medewerker van het Amerikaans-Nederlandse bedrijf HackerOne schrijft: ‘Ik werk binnen een bedrijf met dergelijke regelingen en maar een klein deel van mijn collega’s hebben hun opties uitgevoerd doordat het erg duur is om deze uit te voeren. Het zou een enorm verschil maken als deze collega’s belasting kunnen betalen op het moment dat de aandelen verhandelbaar zijn.’

Aandelen duurder

Over hoe de regel precies ingestoken zal worden, is nog discussie. Het FD ontdekte dat het bezit van aandelen duurder wordt door het voorstel, omdat bezitters bij een latere waardestijging van de aandelen tot 49,5 procent loonbelasting betalen in box 1, in plaats van een jaarlijks maximum van 1,76 procent van het vermogen en minder voor iedereen met een vermogen van minder dan 950.000 euro in box 3.

Het ministerie reageert in de krant dat het wetsvoorstel nog in consultatie is. Werknemers kunnen volgens het ministerie ook in 2022 voor de huidige belastingwijze kiezen, om een later sterk toenemende belastingdruk te voorkomen. Meer mensen toegang geven tot aandelen, maar die later sterker belasten: het is in feite een staaltje klassiek Rijnlandse nivellering, waarmee we onze startups desondanks internationaal concurrerender maken.

Amsterdam loopt achter

Dat is nodig ook, zo bleek vanochtend nog maar eens uit een Dealroom-onderzoek. Amsterdamse startups blijken minder kans te maken om een unicorn te worden dan startups uit Londen, Parijs, Berlijn, München, Madrid, Kopenhagen, Stockholm, Helsinki en Tel Aviv. Bedrijven uit onze hoofdstad halen gemiddeld een bedrag van 264.000 euro op; de helft van wat startups uit deze andere steden en Barcelona gemiddeld ophalen.

Het mag wat dat betreft een wonder heten dat onze hoofdstad zo hoog prijkt op lijstjes van beste Europese startup-steden. In onderzoek van EU-startups prijkt onze hoofdstad op nummer 4 en onderzoeker Startup Heatmap Europe plaatst Amsterdam op nummer 5.

Kamerbrede animo

Uit de verkiezingsprogramma’s van politieke partijen bleek afgelopen voorjaar al dat er Kamerbreed animo is voor meer mogelijkheden voor aandelenparticipatie. Zowel de VVD, D66, PvdA, GroenLinks al de SP deden er in hun verkiezingsprogramma’s voorstellen voor. Samen zijn zij goed voor een meerderheid van 84 zetels in de Tweede Kamer. In de Eerste Kamer vertegenwoordigen zij gezamenlijk 37 zetels.