Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Bob en de nieuwe high potential

Bob is divisiedirecteur bij een groot concern. Hij doet zijn best. In deze aflevering heet hij een nieuwe high potential welkom.

AAN Bob
VAN Alissa Spijkers
BETREFT HIPO

Goedemorgen Bob,
Ons HIPO-klasje gaat weer van start. Ditmaal zes personen die tijdens hun studies en stages geweldig uitblonken en van wie wij dan ook zéér hoge verwachtingen hebben. Een van de zes is Robert-Maarten van Ravenstijn, vers van Nyenrode Business School en zes maanden intern geweest bij McKinsey in Chicago. Een beetje kakkig type, oké, en zelfs wat hautain, maar wel erg slim en súperambitieus. Robert-Maarten komt vanaf maandag aanstaande drie weken bij je rondsnuffelen. Maak jij een goed en stevig programma voor deze HIPO? En laat hem even weten dat hij welkom is. Zijn e-mail is: [email protected]. Dank!
Groet, Alissa Spijkers
Human Resources Department

Wekelijks de nieuwsbrief van Werk en Leven ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Beste Robert-Maarten,
Ik hoor van ons hoofdkantoor dat je enkele weken op mijn divisie komt rondsnuffelen. Leuk! Jeugdig elan kunnen wij hier goed gebruiken, zeker zo’n HIPO als jij, met zo’n fantastische Nyenrode- en McKinsey-achtergrond! Je bent hier dan ook zeer welkom om wat rond te snuffelen op onze afdelingen. Ik zal zelf ook wat tijd voor je vrij maken, zodat ik je het een en ander kan vertellen over mijn visie op leidinggeven, strategie, management in het algemeen, financials… nou ja, alles wat een echte praktijkman als ik een studiebol als jij kan bijbrengen. En natuurlijk hoor ik ook graag wat jij ervan vindt, want aan spontane invallen van de jeugd heb ik soms best heel veel, dat merk ik wel als mijn eigen kinderen zeggen: pa, als je ’t nou eens zo zou doen… Dat houdt me zelf ook jong. Nou, Robert-Maarten, ik zie je maandag. Ik zal zorgen dat er een pc en koffie voor je klaarstaan!
Groet,
Bob

Geachte heer,
Dank voor uw e-mail, al lijkt het me goed om meteen mee te delen dat ik niet van tutoyeren hou, want zoals mijn voormalige mentor, de heer Cornelis Schutte van Nyenrode, mij heeft geleerd: hou altijd afstand tot je co-workers, want je vrienden van vandaag zijn doorgaans de hyena’s van morgen. Verder lijkt het me ten behoeve van transparante, heldere verhoudingen goed om u mee te delen dat ik niet stond te trappelen om lid te worden van dit HIPO-klasje. Maar toen ik terugkeerde uit Chicago bleken de HIPO-klasjes van Shell en Philips reeds gevuld. Toch zal ik mij uiteraard volledig inzetten, aangezien dit mijn aard is, al moet ik u wel eerlijk melden niet blij te zijn dat ik door het hoofdkantoor juist naar uw divisie wordt gezonden. Uw divisie is nogal bescheiden van omvang en op het hoofdkantoor wordt het management van uw divisie gezien als weinig doortastend, zelfs zwak, waarbij onder meer gewezen wordt op targets die nu al zes kwartalen op rij niet worden gehaald. Van nature voel ik me meer thuis in een dynamische, internationale, bloeiende omgeving, zoals McKinsey, Shell of Philips. Dus moest ik wel even nadenken of ik deze stap wilde maken. Maar zoals de heer Cornelis Schutte van Nyenrode, mijn voormalige mentor, mij heeft geleerd: een bouwkundige leert uiteindelijk nog het meest van een bouwval. Al moet ik zeggen dat ik ook altijd heel veel leer van McKinsey, Shell en Philips.
Gezien mijn periode bij McKinsey in Chicago en gezien mijn van nature buitengewoon grote intellectuele en analytische vermogens denk ik dat u veel aan mij zult hebben, zeker wat betreft visie op management, zowel voor de korte als langere termijn. Uw divisie is duidelijk toe aan radicale, revolutionaire veranderingen en ik wil dit proces graag in gang zetten. Het lijkt me goed dat u en ik wekelijks uitvoerig overleg hebben over dit proces aan de hand van door mij gemaakte sheets en dat ik vervolgens een en ander dan wekelijks uitvoerig rapporteer richting hoofdkantoor, meer in het bijzonder richting drs. Tom van Dalen, een goede kracht, dunkt me, zelfs een redelijk goede strateeg in de dop, zij het niet van het niveau van McKinsey, Shell en Philips.
Verder rept u over spontane invallen die u kennelijk van mij verwacht. Ook in deze wil ik duidelijkheid scheppen: ik ben niet in het bezit van een spontaan karakter noch van bijbehorende invallen. Gezien de situatie van uw divisie op dit moment lijkt het me overigens ook geen goede zaak om gebruik te maken van spontane invallen. U lijkt me meer gebaat bij een koele, intellectuele, analytische, calculerende benadering en wat dat betreft heeft u met mij de hoofdprijs in huis gehaald. Tot slot: ik behoef geen pc. Ik heb mijn eigen laptop, die ik nooit in de steek laat, vice versa. Uw aanbod betreffende koffie moet ik helaas eveneens afslaan, daar ik een tegenstander ben van cafeïne en andere stimulantia.
Hopend op een intensieve, vruchtbare samenwerking,
Robert-Maarten van Ravenstijn, MBA

Meer Bob de manager?

AI-managers rukken op, en dat is voor werknemers geen goed nieuws

Bij steeds meer bedrijven nemen algoritmes de taken over van managers. Tegelijkertijd groeit de kritiek. Uit onderzoek blijkt dat mensen met AI-bazen zich opgejaagd, uitgebuit en machteloos voelen. Vier schaduwzijden van AI-management.

AI-managers
Foto: Getty Images

Heb jij nu al moeite met je manager, omdat het een micromanagende controlefreak is? Berg je dan maar voor het leger AI-bazen dat eraan komt. Die gaan niet alleen een flinke stap verder, ze zijn ook met geen mogelijkheid te ontslaan.

AI-managementsystemen worden vandaag al uitgebreid toegepast op digitale platforms. Deze AI-managers stellen werkroosters op, delen opdrachten uit, monitoren prestaties en bepalen de vergoedingen. Er komt geen mens meer tussen. Dat is voor de bedrijven achter die platforms lekker efficiënt.

Het zijn niet alleen maar chauffeurs en maaltijdbezorgers die door AI-systemen worden aangestuurd. Ook grafisch ontwerpers, consultants, vertalers, leraren en andere hoogopgeleide kenniswerkers kunnen hierover meepraten.

En binnenkort ben je zelf wellicht aan de beurt. Vergis je niet: deze digitale platformen worden gezien ‘als een proefballon voor de traditionele werkvloer’. AI-managers rukken al op in de logistiek en distributie, in de retail en de zorg. Ze zijn voor heel wat bedrijven de toekomst.

Alleen blijft de schaduwzijde ervan onderbelicht. Voor MT/Sprout zoomen we in op vier riskante kanten van AI-managers.

#1 Besluitvorming is een black box

De stichting Worker Info Exchange International (WIE) bereidt namens de Uber-chauffeurs in Nederland en het Verenigd Koninkrijk een massaclaim voor. Die vordering wordt ingediend bij de rechtbank in Amsterdam. Het is de eerste collectieve actie in Europa die zich richt tegen AI-gestuurde, dynamische en gepersonaliseerde beloningen.

Sinds 2020 past Uber dat toe voor de naar schatting 10.000 chauffeurs in Nederland. Dit AI-systeem is een black box en moet verboden worden. Het gebruikt ondoorzichtige algoritmes om tarieven en commissies in realtime te bepalen, vindt de stichting.

Het resultaat: een hogere winst voor Uber, maar lagere inkomsten voor chauffeurs. WIE geeft ook enkele voorbeelden uit Brits onderzoek. Meer dan tachtig procent van de Uber-chauffeurs verdient daar minder per uur sinds de invoering van het dynamische beloningssysteem. De commissie die chauffeurs aan Uber betalen, bedraagt nu vaak meer dan 50 procent van de ritprijs, tegenover het eerdere vaste tarief van 25 procent.

Lees ook: AI-ceo gaat buiten zijn boekje: experiment loopt spaak

Uitbuiting door algoritmes

Voor James Farrar, directeur van WIE, gaat deze zaak veel verder dan Uber. ‘Het gaat om het waarborgen van transparante, eerlijke en veilige arbeidsomstandigheden voor alle platformwerkers.’

Paul Nowak, algemeen secretaris van de vakbondskoepel Trades Union Congress (TUC), noemt het beestje in The Guardian gewoon bij zijn naam: ‘uitbuiting door het algoritme’. Het gaat niet langer over het belonen van tijd, vaardigheden of inzet, geeft hij aan. Maar wat daarvoor in de plaats komt, blijft grotendeels verborgen.

‘Twee chauffeurs die op hetzelfde moment vrijwel hetzelfde werk doen, kunnen op basis van een algoritme totaal verschillende bedragen krijgen uitbetaald. Dat is ronduit oneerlijk. Dit is een gemanipuleerd systeem dat de machtsverhoudingen overduidelijk in het voordeel van de platformbedrijven doet doorslaan, ten koste van de werknemers.’

#2 AI discrimineert bij matching

TNO en RIVM geven in een rapport van 2025 aan dat platformmedewerkers te maken hebben met ‘scheve arbeidsverhoudingen’. Daardoor hebben ze minder invloed op het uitvoeren van de werkzaamheden en het tarief dat daar tegenover staat.

Platformwerkers lopen een ‘verhoogd risico op algoritmische discriminatie’ bij de matching voor opdrachten. Dat gaat niet alleen over minderheidsgroepen, sekse of leeftijd. Wie een slechte beoordeling – rating of review – krijgt, kan het schudden bij een AI-manager.

Terecht of niet, van de ene op de andere dag kan het dan afgelopen zijn met opdrachten. Waarom dat gebeurt, is vaak onduidelijk. Uitleg geeft de AI-managers niet, en in discussie of beroep gaan is vrijwel onmogelijk. Vaak blijven die slechte ratings ook gewoon staan.

Meer risico’s nemen

Te lage ratings of te weinig waarderingen zorgen ervoor dat de platformmedewerker ‘meer werkonzekerheid ervaart, gedwongen wordt om laagbetaalde klussen op te pakken en meer uren te werken om in zijn levensonderhoud te voorzien’.

Dat brengt extra risico’s mee. ‘Maaltijdbezorgers en chauffeurs kunnen druk voelen om veel ritten te rijden, waardoor ze veel uren aangesloten werken en onder druk onveilige verkeerssituaties veroorzaken.’

#3 Controleren slaat door

Uit nieuw onderzoek van Eurofound en de European Labour Authority blijkt dat de meerderheid van de werknemers op onlineplatforms in Europa ‘in hoge mate’ te maken heeft met algoritmische bewaking en controle.

AI-managers volgen driekwart van de bijna 4.000 deelnemers aan het onderzoek voortdurend op het aantal uren dat ze werken en de tijd die ze aan een taak besteden. Van twee derde wordt de communicatie gemonitord, zoals e-mails, berichtjes en interacties met het platform. Van de helft wordt het scherm bewaakt via opnames van het scherm zelf en het registreren van toetsaanslagen.

Daarnaast zetten AI-bazen ‘gamification’ in. Dat klinkt leuk, maar het is nog altijd een vorm van controle. Voor dik 70 procent van de werknemers hebben deze ranglijsten ook gevolgen. ‘Deze systemen veranderen het werk in een voortdurende competitie, waarin werknemers niet alleen taken uitvoeren, maar ook met elkaar strijden om een plaats op de ranglijst die bepalend is voor toekomstige kansen, toegang tot beter betaald werk en toegang tot het platform.’

Lees ook: Zes redenen om even op de rem te trappen in de AI-race

Straffen volgen onmiddellijk

AI-managers controleren ook de resultaten en straffen mensen als die niet goed genoeg zijn. Voor meer dan veertig procent van de platformwerkers is dat al de gangbare praktijk. AI geeft eerst een waarschuwing wanneer hun taken als ondermaats worden beoordeeld. Of niet, want een op de vijf werkt voor een AI-baas die het contract onmiddellijk beëindigt of accounts opschort als de prestaties onder een bepaalde drempel blijven.

Ook opmerkelijk: hoogopgeleide kenniswerknemers hebben te maken ‘met de meest intensieve algoritmische aansturing’. Meer dan de helft van de softwareontwikkelaars, werknemers in AI-diensten en technologieconsultants werkt onder deze uitgebreide controlemechanismen.

#4 Werkdruk leidt tot psychische klachten

In de distributiecentra van Amazon worden de bewegingen van werknemers continu gevolgd. Algoritmen beoordelen er fouten en dwingen productiviteitsdoelen af, zo staat in de wetenschappelijke analyse over het reguleren van AI op de werkvloer.

Voor werknemers betekent dat afzien, laten de auteurs doorschemeren. ‘Deze doelen worden steeds onhaalbaarder, aangezien algoritmen – gedreven door winstbejag – de productie opvoeren om aan veranderingen in de vraag te voldoen. Deze intensivering leidt tot voortdurende stress en angst.’

AI-management beïnvloedt de mentale gezondheid van werknemers niet op een positieve manier, blijkt ook uit gezamenlijk wetenschappelijk Europees onderzoek waaraan TNO heeft meegewerkt. De risico’s voor het mentale welzijn worden ‘bijzonder zorgwekkend’ genoemd.

Stress verdubbelt

De factoren die worden genoemd zijn toegenomen werkdruk, de onregelmatige en onvoorspelbare werktijden, de onbetaalde wachttijden en minder beslissingsbevoegdheid. Intensief gebruik van AI-managementsystemen ‘verdubbelt het stressniveau’ van werknemers nu al in de praktijk.

De machtsverhoudingen op de werkvloer worden ‘fundamenteel hervormd’ zonder dat werknemers daar actief bij betrokken worden. De besluitvorming op managementniveau verschuift ‘van mensen naar algoritmen’.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Dagelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

De negatieve mentale impact is het grootst wanneer AI-bazen controle inzetten als machtsmiddel. Als mensen constant worden opgejaagd, hebben ze ook minder tijd om met collega’s te praten of andere steun te zoeken. Daardoor raken werknemers in een sociaal isolement, en dat is evenmin gezond.

Autonomie verdwijnt

Ook worden met de gestandaardiseerde processen de mogelijkheden voor eigen initiatief beperkt. AI-managers hebben geen idee hoe belangrijk autonomie is voor het welzijn van werknemers. Het is dus ook geen verrassing dat werknemers het gevoel krijgen ‘uitgebuit’ te worden.

Deze risico’s blijven vaak onder de radar, omdat AI-systemen vanwege hun technische logica als ‘objectief of neutraal’ kunnen worden beschouwd. Toch zijn ze wel degelijk ontwikkeld met een bepaald doel voor ogen. Werkgevers en platformexploitanten ‘geven voorrang aan efficiëntie en winst’.

Kijk je nu al anders naar de controledrang van die micromanager op je werk, de menselijke variant? Die doet dat onbewust, meestal uit onzekerheid, en daar kan aan gewerkt worden. De AI-managers daarentegen zijn zo geprogrammeerd.

Lees ook: Niet de technologie maar leiders maken het verschil bij omschakelen naar AI