Het ministerie van Financiën heeft de termijn waarbinnen werkgevers spaarloon kunnen terugstorten naar de werknemers, verlengd tot eind september. Dit besluit is genomen om het werknemers mogelijk te maken daadwerkelijk tot 1 juli over te stappen van de spaarloonregeling naar de nieuwe levensloopregeling.
Veel werknemers merkten de afgelopen week dat banken hun overstapverzoek niet meer in behandeling willen nemen. De banken wijzen erop dat het ze niet meer lukt het saldo op de spaarloonrekening voor 1 juli terug te storten. De werkgever moet het bedrag vervolgens na aftrek van belastingen en premies uitkeren aan de werknemer.
In alle informatie van het ministerie van Sociale Zaken stond echter dat werknemers tot 1 juli konden kiezen tussen de spaarloonregeling en de levensloopregeling. Werknemers mogen slechts aan een van beide spaarmogelijkheden meedoen.
Bij de populaire spaarloonregeling – circa de helft van de werknemers doet hieraan mee – mag jaarlijks maximaal 613 euro van het brutoloon op een geblokkeerde spaarrekening worden gezet. Na vier jaar valt het bedrag vrij zonder dat er belasting over hoeft te worden betaald.
Wie kiest voor de levensloopregeling, mag tot 12 procent van zijn brutoloon sparen. Als deze spaarders verlof opnemen, krijgen ze het geld na aftrek van belasting en premies uitgekeerd. Uit onderzoek blijkt dat 10 procent van de werknemers voor deze regeling kiest.
(Volkskrant.nl)



