De Scandinavische economieën doen het beter dan de Nederlandse. Dat komt omdat de kinderopvang beter is, er meer vrouwen werken, de arbeidsmarkt er flexibeler is, het onderwijs er op een hoge niveau staat en omdat de overheid spaart. Dat blijkt uit het onderzoek ´lessen uit de Nordics'
Dit onderzoek is uitgevoerd door het ministerie van Financiën. Er is onderzocht waarom de economieën van drie Scandinavische EU-landen de afgelopen vijf jaar sneller zijn gegroeid dan de Nederlandse, en waarom deze landen een begrotingsoverschot hebben.
Het onderzoek toont een aantal verschillen tussen het Scandinavische model en de Nederlandse economie. Ontslag is er makkelijker, minder jongeren verlaten voortijdig hun school en mensen tussen de 25 en 64 hebben een hogere opleiding genoten dan dezelfde leeftijdsgroep in Nederland.
Daarnaast komt ook als verschil naar voren dat het Scandinavische kinderopvangsysteem in zijn geheel is gesubsidieerd, met voorschoolse, tussenschoolse en naschoolse opvang. En een aanzienlijk groter aantal vrouwen heeft een betaalde baan.
Tot slot hebben de Scandinavische landen een begrotingsbeleid dat erop gericht is overschotten te sparen om vergrijzing later op te kunnen vangen.
Zou Nederland dezelfde kwaliteit kinderopvang willen creëren dan zou dit 10,8 miljard euro per jaar kosten. Het Scandinavische model suggereert dat dit geld meer dan terugverdiend wordt als vrouwen meer werken en dus meer belasting betalen.



