Na de discussie in Nederland over bonussen, gouden handdrukken en extraatjes, is ook bij de Britten ophef ontstaan over riante bonussen van topmannen.
Zo krijgt de chief executive van BP een extraatje van 4,5 miljoen euro. Het enige wat hij voor dat dubbele jaarsalaris moet doen is zijn opvolger aanwijzen.
Lord Browne, die drie keer tot meest bewonderde Britse zakenman werd gekozen, kondigde onlangs aan in 2008 met pensioen te gaan. Hij wordt algemeen gezien als de man die BP veranderde van een bedrijf in verval tot een ’super power’ in de oliewereld. Desondanks staan aandeelhouders en vermogensbeheerders op hun achterste benen over de ’opvolgingsbonus’. “Het klaarstomen van een talentvolle opvolger behoort tot de standaardtaak van een topman en zou niet apart beloond mogen worden,” meent Robert Talbut van Royal London Asset Management.
De bestuursvoorzitter van ITV, Charles Allen, hoeft niet onder de indruk te zijn van de 4,5 miljoen van Browne. Hij kan waarschijnlijk vertrekken met 15 miljoen euro, deels in aandelen en deels in cash.
De grootste ophef over topsalarissen is ontstaan rond het bedrijf dat één van de meest gehate in het Verenigd Koninkrijk moet zijn: Thames Water. Deze onderneming die zijn klanten verbiedt om vanwege watergebrek de tuin te sproeien en desondanks de prijs voor hun leveranties met 21 procent verhoogde, maakt een aardige winst. Dat het waterleidingsbedrijf tegenwoordig in Duitse handen is doet de woede nog meer toenemen. ’De Duitsers zuigen 20 miljoen pond op terwijl Engeland droog staat’, kopte de Daily Mail onlangs. Het blad doelde daarbij op het gezamenlijke salaris van 20 miljoen pond voor het managementteam van RWE, het moederbedrijf van Thames Water. Overigens Nederlander Harry Roels, de topman van het Duitse bedrijf.
(De Telegraaf)



