Winkelmand

Geen producten in de winkelwagen.

Financier internationale groei met hulp van overheid

Het Dutch Good Growth Fund helpt mkb’ers die zaken doen in opkomende markten. Hoe haal je geld uit het fonds?

Nederlandse mkb-bedrijven die zaken willen doen in opkomende markten en ontwikkelingslanden, hebben vaak moeite met het vinden van financiering. De banken, sinds 2008 toch al niet scheutig met het verstrekken van krediet, vinden het risico al snel te groot. In zulke gevallen loont het om aan te kloppen bij het Dutch Good Growth Fund (DGGF) van de Nederlandse overheid. Het DGGF is afgelopen juli van start gegaan en is het paradepaardje van het ontwikkelingsbeleid van minister voor Buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking Liliane Ploumen. Maar hoe werkt het fonds precies? Een uitleg in 5 stappen.

#1. Wie komen er in aanmerking?

Mkb-bedrijven die willen exporteren naar opkomende markten en ontwikkelingslanden of in die landen willen investeren, komen in aanmerking voor DGGF-financiering. In totaal gaat het om 66 landen, uiteenlopend van fragiele staten (bijvoorbeeld Afghanistan) tot opkomende landen zoals India. De volledige lijst met landen is te vinden op rvo.nl.

Alleen bedrijven met een duidelijk iMVO-beleid komen in aanmerking. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) kan helpen bij het opstellen van dit beleid. Projecten moeten een bijdrage leveren aan de lokale ontwikkeling. Specifiek wordt getoetst op het aantal banen dat wordt gecreëerd, de kennisoverdracht en de vergroting van de productiekracht. Deze drie voorwaarden mogen in geen geval negatief uitwerken.

Daarnaast wordt speciale aandacht gegeven aan ondernemen in fragiele staten en aan financiering aan jonge en vrouwelijke ondernemers. Bij elk projectvoorstel wordt bijvoorbeeld samen met experts gekeken in hoeverre de positie van vrouwen lokaal versterkt zou kunnen worden. Ook andere vormen van lokale impact worden aangemoedigd, zoals activiteiten die zich richten op duurzaamheid of de gezondheidszorg.

#2. Gratis geld?

Nee, het DGGF is een zogenoemd revolverend fonds. Dat betekent dat de overheid geld beschikbaar stelt dat op een later tijdstip moet worden terugbetaald. Soms verstrekt het DGGF, al dan niet samen met andere financiers, een lening. In andere gevallen gaat het om een participatie of een garantstelling. Samen met Atradius biedt DGGF kreditietverzekeringen voor ‘ontwikkelingsrelevante’ export.

#3. Om wat voor bedragen gaat het?

In totaal is er 750 miljoen euro gereserveerd voor het DGGF, gespreid over vijf jaar en de verschillende onderdelen van het fonds. Aanvragen zijn mogelijk voor projecten tot 10 miljoen euro. Een minimumbedrag wordt niet genoemd.

#4. Zeker een hele papierwinkel, zo’n DDGF-aanvraag?

Een aanvraag voor exportfinanciering bedraagt tussen de 1en 2 maanden. De ondernemer wordt geholpen bij de aanvraagprocedure om het proces te versnellen. De snelheid van afhandeling hangt mede af van de interne procedures van de banken waarmee wordt samengewerkt.

Een aanvraag voor financiering van een investering duurt gemiddeld 2 tot 4 maanden. Een DGGF-adviseur staat de aanvrager bij, zodat niet onnodig veel tijd op gaat aan de voorbereiding. Voordat een officiële aanvraag kan worden ingediend wordt eerst gevraagd om een ‘quickscan’ te doen. De ondernemer licht telefonisch aan de hand van deze quickscan zijn plan toe. Op het moment dat er een goede businesscase is, de ondernemer met zijn eigen bank heeft gesproken en die niet wil financieren, het project ontwikkelingsrelevant is en aan de iMVO-voorwaarden voldoet, wordt een vervolggesprek gepland met de investmentmanagers van RVO. Vervolgens wordt gekeken welke vorm van financieringsondersteuning het beste bij het project past, en welke mogelijkheden er zijn om financiers mee te krijgen voor co-financiering of een garantie.

#5. Loopt het storm bij het DGGF?

Dat is nog niet bekend. Het fonds is nu drie maanden bezig, de evaluatie van de eerste periode wordt begin november verwacht. Er is Ploumen veel aan gelegen dat het DGGF een succes wordt. Het is de meest concrete uitwerking van haar visie dat hulp en handel samen moeten gaan. Vooraf is door de oppositie veel kritiek geuit op het fonds. Verschillende partijen vroegen zich af of het DGGF wel genoeg ontwikkeling gaat brengen in de betrokken landen. Onderzoeksbureau SOMO schreef een rapport, waarin het met name de exportsubsidies aanviel – die zouden de problemen van arme landen juist vergroten. Voor Nederlandse mkb’ers is die kritiek minder relevant. Doe vooral je voordeel met het fonds, want een steuntje in de rug is altijd meegenomen.

Wekelijks de nieuwsbrief van Management & Leiderschap ontvangen?



Door je in te schrijven ga je akkoord met de algemene en privacyvoorwaarden.

Meer lezen?

Beeld via Flickr

Advertisement

mvo