In 2005 waren er vijftig procent meer vervroegde uittreders dan in 2004. Ondanks een regeringsbeleid dat er juist op gericht is mensen langer te laten werken, gaan er in de praktijk steeds meer mensen vervroegd met pensioen, zegt Xander den Uyl van Abvakabo FNV vanochtend in het Financieele Dagblad.
Hoewel mensen zelf langer willen doorwerken en de regering hier ook voorstander van is, komt hier in de praktijk niets van terecht. Vooral de werknemers van de overheid zelf blijken massaal voor hun zestigste jaar met pensioen te worden gestuurd, ook in het onderwijs is de vut populair. Het blijkt dat het idee bestaat dat men nu nog snel van bestaande regelingen gebruik moet maken omdat het daarna misschien niet meer kan.
Volgens Den Uyl bestaat dit idee ten onrechte omdat ook nieuwe regelingen voor vroegpensioen en levensloop de mogelijkheid tot eerder stoppen met werken open houden.
Maar ook de bedrijfscultuur zou een belangrijke reden zijn dat mensen door de werkgever gestimuleerd worden eerder te stoppen. Oudere werknemers zouden langer kunnen blijven als er door werkgevers meer ingezet wordt op zaken als functieroulatie, taakverlichting of demotie met behoud van inkomen. De mentaliteit in organisaties is nog steeds gericht op vroegtijdig uittreden en men waardeert de oudere werknemer onvoldoende, aldus Xander Den Uyl. (Financieele Dagblad)
Cijfers vergrijzing
* De ‘grijze druk’ (het aantal 65-plussers afgezet tegen het aantal 20-64 jarigen) stijgt van 22,8 procent in 2005 naar 40 procent in 2030. Na 2030 blijft dit op dat niveau.
* Het aandeel van 50-64 jarigen in de potentiële beroepsbevolking groeit van 27 procent in 2003 naar 33 procent in 2020.
* De potentiële beroepsbevolking daalt van 11 miljoen mensen naar 10 miljoen in 2038.
* De ouderenparticipatie (55-65 jarigen) is nu 40 procent. Volgens Europese afspraken moet dit in 2010 45 procent worden.
* Nu werken 757.000 ouderen tussen de 55 en de 65 jaar. In 2010 zouden dat er 975.000 moeten zijn.
(www.rwi.nl)



